beheer:archimil:qms:werkinstructies:waterbodemonderzoek
Verschillen
Dit geeft de verschillen weer tussen de geselecteerde revisie en de huidige revisie van de pagina.
| Beide kanten vorige revisieVorige revisie | |||
| beheer:archimil:qms:werkinstructies:waterbodemonderzoek [2026/06/01 10:55] – verwijderd - Externe bewerking (Ongeldige datum) 127.0.0.1 | beheer:archimil:qms:werkinstructies:waterbodemonderzoek [2026/06/01 10:55] (huidige) – ↷ Pagina verplaatst van archimil:qms:werkinstructies:waterbodemonderzoek naar beheer:archimil:qms:werkinstructies:waterbodemonderzoek admin_sasteren | ||
|---|---|---|---|
| Regel 1: | Regel 1: | ||
| + | ====== Waterbodemonderzoek ====== | ||
| + | Uitvoer van waterbodemonderzoek vindt plaats | ||
| + | |||
| + | **1. Voorbereiding** | ||
| + | Voor aanvang van het onderzoek dient altijd een historisch onderzoek uitgevoerd te zijn (ingevuld formulier B& | ||
| + | |||
| + | Voor de uitvoer van het onderzoek wordt het standaard monsternamemateriaal (conform protocol 2001) gebruikt. Voor waterbodemonderzoek is aanvullend materiaal over het algemeen noodzakelijk (boot, waadpak etc). Voor aanvang van het onderzoek wordt door de projectleider een lijst opgesteld waarin de belangrijke gegevens en te gebruiken materialen vermeld staan (formulier B& | ||
| + | |||
| + | |||
| + | **2. Uitvoer veldwerk:** | ||
| + | Wanneer de projectleider beoordeeld heeft dat geen KLIC-melding nodig is dan wordt dit gecontroleerd door de veldwerker op locatie. Indien monsterneming op locatie niet mogelijk blijkt te zijn of wanneer de gewenste nauwkeurigheid niet gehaald kan worden wordt contact opgenomen met de projectleider. | ||
| + | |||
| + | Bij de uitvoering van het veldwerk registreerd de veldwerker de gegevens in de boorcomputer danwel op papier. De minimale eisen aan de registratie staan vermeld op pagina 13 van protocol 2003. Bij het vastleggen van de boorprofielen geldt water niet als bodemlaag, de waterstand dient wel te worden vastgelegd in bijvoorbeeld de opmerkingen. De waterstand wordt per afgescheiden terreindeel iedere dag bij start en einde van het onderzoek ingemeten. | ||
| + | |||
| + | Wanneer het grotere waterpartijen betreft waarbij inmeting met een meetwiel niet mogelijk is dan wordt voor de inmeting gebruik gemaakt van een (d)GPS methode volgens de instructies van de projectleider. Op het formulier voor waterbodemonderzoek wordt vastgelegd hoe inmeting heeft plaatsgevonden. | ||
| + | |||
| + | Monsterneming vindt plaats conform de eisen met schone materialen, tevens wordt vastgelegd hoe hoogtebepaling en peilmetingen hebben plaatsgevonden. Het doen van actieve geurwaarneming is niet toegestaan, wanneer passieve waarneming plaatsvindt dan wordt de geur geregistreerd. De geur wordt niet in de laag vermeld maar bij de boring. Wanneer asbestverdachte materialen worden aangetroffen wordt direct contact opgenomen met de projectleider. | ||
| + | |||
| + | De monsters worden gekoeld opgeslagen en zonodig gekoeld vervoerd. | ||
