Gebruikershulpmiddelen

Site-hulpmiddelen


beheer:nipa:web-links:den_bosch

Verschillen

Dit geeft de verschillen weer tussen de geselecteerde revisie en de huidige revisie van de pagina.

Link naar deze vergelijking

Beide kanten vorige revisieVorige revisie
beheer:nipa:web-links:den_bosch [2026/06/01 10:54] – verwijderd - Externe bewerking (Ongeldige datum) 127.0.0.1beheer:nipa:web-links:den_bosch [2026/06/01 10:54] (huidige) – ↷ Pagina verplaatst van nipa:web-links:den_bosch naar beheer:nipa:web-links:den_bosch admin_sasteren
Regel 1: Regel 1:
 +====== Historie Den Bosch ======
 + 
 +
 +
 +====== Buurt Binnenstad Centrum ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een delta gebied van de rivier de Aa en de Dommel. In de 12e eeuw ontstond ter plaatse van de huidige markt op een pleistocene zanddonk een nederzetting. Met de aanleg van de eerste omwalling van ’s-Hertogenbosch is vermoedelijk kort na het verlenen van de stadsrechten aan het einde van de twaalfde eeuw begonnen. De oorspronkelijke maaiveldhoogte in de 12e eeuw was op de Markt al circa 7,00 meter + NAP. De huidige maaiveldhoogte van de markt en directe omgeving bedraagt heden circa 7,30 meter +NAP. De maaiveldhoogten in de buurt in de 12e eeuw varieerde sterk tussen de 1,50 meter + NAP tot 7,00 meter +NAP.  
 +
 +De eerste stadsmuur omvatte het gebied direct rond de Markt en was omstreeks 1225 voltooid. 
 +Buiten de stadsmuur werd een gracht aangelegd welke gedeeltelijk ter plaatse het profiel van bestaande waterlopen van de Binnendieze werd geprojecteerd. Rond 1400 werd de Vughterdijk e.o. aan de vesting toegevoegd. Rond 1500 werd de omwalling uitgebreid met het Hinthamereinde. Na die periode kreeg de omwalling na diverse versterkingen de huidige omvang. De vestingmuur langs De Dommel (Westwal ) werd omstreeks 1906 afgebroken. Een klein gedeelte van de stadsmuur ter hoogte van de Mariënburg werd na 1920 gesloopt. Met de aanname van de vestingwet in 1874, viel het doek voor de vesting ’s-Hertogenbosch. De wallen binnen de muur bracht men terug van 11 meter + NAP tot circa 7,00 meter + NAP.
 +
 +Al in het begin van de 13e eeuw groeven de Bosschenaren gronden af bij Orthen en Vught, om straten en erven op te hogen. In het begin van de 16e eeuw begon men de aarden wallen van de stadsmuren te versterken en op te hogen. Dit gebeurde met modder uit de uitgediepte grachten en de Binnendieze en met straatvuil. Later werden hiervoor gronden afgegraven bij Orthen. Ten gevolge van het stijgen van het winterpeil in en rondom ’s-Hertogenbosch werd vanaf de 16e eeuw regelmatig grond aange-voerd vanaf Orthen en Hintham. Ook werden in de 16e eeuw gronden te Orthenpoort verlaagd en afgegraven en gebruikt voor ophogingen binnen de stadsmuren. Tevens werden in de 16e eeuw dijken te Orthen geslecht, zodat het water in de polders de Vliert en de Muntel konden stromen. Ten gevolge van ruimtegebrek binnen de stadsmuren werden vanaf de 13e  eeuw lager gelegen gedeelten opgehoogd met stadsvuil en bagger uit de grachten en de Binnendieze. Ook is bekend dat zand werd aangevoerd vanuit Orthen en Vught. De oude grachten rondom de Markt werden grotendeels reeds in de 13e eeuw gedempt met stadsvuil. Op de lagere gedeelten werd rechtstreeks gestort op en in de oude veenbeddingen van de rivieren De Dommel en De Aa. Dit ophogen binnen de stad geschiedden tot ver in de 19e eeuw.
 +
 +Middeleeuwse industrieën zoals pottenbakkers, glasindustrie, lood- en tinsmelterijen, lakenververs en leerlooierijen werden zoveel mogelijk in de buitenranden van de stad geprojecteerd. Deze waren onder ander terug te vinden, aan het einde van de Orthenstraat, Vughterdijk, Hinthamereinde en de Hofstad. Het huis- en bedrijfsafval werd dan ook meestal op de achterzijde van de percelen langs deze wegen gedumpt. Tevens had de stad reeds in de Middeleeuwen te kampen met vuilstortingen in de Binnendieze, op de restanten van lager gelegen percelen en juist buiten de stadsmuren op de voorlanden van de stadsgracht. Op veel plaatsen trad vermenging op van stadsvuil en de onder-liggende veenlagen.
 +
 +De vrijkomende zogenaamde “binnenstadsgrond” zoals bij aanleg en renovatie rioleringen en bouw-putten, bestaat over het overgrote deel uit niet toepasbare grond. Het bovenste pakket binnenstads-grond maaiveld tot 2 meter min maaiveld bestaat meestal uit categorie-1 grond, behalve op die plaatsen waar de historische bovenlaag verontreinigd is ten gevolge van industriële activiteiten.
 +
 +
 +====== Buurt Binnenstad Oost ======
 +
 +Ten gevolge van hoge waterstanden en ruimtegebrek binnen de omwalling werden vanaf de 13e eeuw lager gelegen gedeelten opgehoogd met stadsvuil, bagger uit de grachten en slib uit de Binnendieze.
 +Ook werd er zand aangevoerd vanuit Orthen, Hintham en Vught. Er werd rechtstreeks gestort op en in de oude beddingen van de rivieren De Aa en De Dommel. Op veel plaatsen trad vermenging op van het stadsvuil en de onderliggende veenlagen.
 +Dit ophogen binnen de stad geschiedden tot ver in de 19e eeuw. De maaiveldhoogte in de 12e eeuw varieerde sterk tussen de 1,50 meter +NAP en de 7,00 meter +NAP.
 +
 +De kruinhoogte van de Hekellaan varieert heden van 6,82 meter +NAP tot 7,29 meter +NAP.
 +De huidige maaiveldhoogte van de Hinthamerstraat varieert van 5,92 meter +NAP tot 7,22 meter +NAP. 
 +
 +
 +====== De Hofstad ======
 + 
 +De Hofstad is gelegen binnen de 17e eeuwse stadsmuur en de gemiddelde maaiveldhoogte in de 14e eeuw varieerde sterk (van 1,50 meter + tot 3,00 meter + N.A.P.). Omdat dit gebied in de 14e eeuw niet geschikt was voor woningbouw werd hier begonnen met het ophogen met o.a. beer, huisvuil en puin. Dit ophogen geschiedde tot in de 19e eeuw. De huidige maaiveldhoogte van het Hinthamereinde bedraagt circa 6,50 meter + N.A.P. De kruinhoogte van de straat genaamd de “Oude Hofstad” bedraagt 5,50 meter + N.A.P. 
 +
 +In 1975 werd ter plaatse van de lager gelegen percelen in de oude Hofstad woningen gebouwd. 
 +De afgewerkte maaiveldhoogtes in dit lage gedeelte varieerde van 4,10 meter tot 5,60 meter + N.A.P. De kruinhoogte van het Hinthamereinde varieert van 5,50 meter + tot 6,20 meter + N.A.P.
 +
 +
 +====== Buurt Binnenstad Noord ======
 + 
 +In de 15e eeuw is men in deze buurt begonnen met het ophogen van deze laaggelegen poldergronden. Dit ophogen geschiedde met beer, stadsvuil en puin afkomstig uit de binnenstad van ’s-Hertogenbosch. Tijdens de aanleg in 1822 van de Zuid-Willemsvaart werden de gronden verder opgehoogd tot het huidige peil. De gemiddelde maaiveldhoogte in de 15e eeuw varieerde sterk, van 1,50 meter +NAP tot 3,00 meter +NAP. Dit gebied werd doorsneden door enkele sterk verveende rivierbeddingen van de Binnendieze en de rivier De Aa. Een oude rivierbedding van de Binnendieze bevindt zich ter plaatse van de Krommeweg en een rivierbedding van de Binnendieze bevond zich ter plaatse van de Van Berckelstraat en een rivierbedding (gracht) bevindt zich rondom het 17e eeuwse Kruithuis.
 +Deze gracht stond in de 16e eeuw in verbinding met een waterloop welke evenwijdig liep met de rivier De Aa, richting Kruithuis naar de Van Berckelstraat. In de 16e eeuw bevond zich een oude rivierbedding van de rivier de Aa met enkele zijtakken welke evenwijdig liep met de huidige rivier de Aa vanaf de Gervenstraat tot aan de Krommenweg.
 +
 +Rond 1637 werd begonnen met het bouwen van een blokhuis en versterkingen van gronden en muren ter plaatse van de Citadel, ook wel Fort Willem Maria, of Papenbril genoemd. De grachten rondom het fort en de beddingen van de rivieren de Aa en Dieze werden regelmatig verbreed en uitgediept en vele huizen en de voormalige St. Pieterskerk, (ter plaatse van de huidige van Tuldenstraat e.o.) werden ten behoeve van de verbetering van het schootsveld aan het einde van de 17e eeuw gesloopt. Rondom de Citadel bevindt zich een gracht welke gevoed wordt door de rivier De Aa, die aan de noordzijde langs de stadsmuur loopt. 
 +
 +In de Citadel zijn tijdens verbouwingswerkzaamheden omstreeks 1980 delen van de 14e eeuwse stadsmuur met bijbehorende halfronde muurtoren. Ook werd de 14e eeuwse stadspoort genaamd Orthenpoort waargenomen. Bij de aanleg van de Zuid –Willemsvaart in 1822 werd een van de bastions van het fort afgebroken. Aan de oostzijde van de Citadel bevond zich aan het eind van de 19e eeuw en de eerste helft van de 20e eeuw een voorland onder de kademuur een scheepswerf. In het einde van de 19e eeuw en de eerste helft van de 20e eeuw bevond er zich langs de Kasterenwal ter plaatse van het kruithuis een scheepswerf. De ondergrond van de huidige Citadellaan bestaat grotendeels uit stadsvuil en beer afkomstig uit de binnenstad van ’s-Hertogenbosch. Dit werd in 1994 geconstateerd tijdens de vervanging van riolering. In de omgeving van de Citadellaan hoek Vaaltweg werd 6 ton grond afgevoerd welke verontreinigd was met cyanide.
 +De driehoek begrensd door de Vaaltweg, Citadellaan en de rivier de Aa bestaat uit een vuilnisbelt anno 1893, welke bestaat uit stadsvuil, beer en industrieafval. Ten noorden van de huidige Vaaltweg bevindt zich op een parkeerterrein in de ondergrond een kerkhof uit het begin van de 19e eeuw.
 +In de rivier de Aa bevond zich een overstort van de riolering van de Noordwal. Op deze riolering werd tot omstreeks 1965 veel afval en proceswater van het gemeentelijke slachthuis geloosd. Ook het proceswater van de wasserij langs de Noordwal loosde in de rivier de Aa. Het slib in de rivier de Aa bestaat uit klasse 4 slib.
 +
 +Ter plaatse van Krommeweg hoek Zuid Willemsvaart werd in 1992 een grootschalige grondsanering uitgevoerd. Juist het westen van deze sanering werd omstreek 1990 een grote grondsanering uitgevoerd ter plaatse van het voormalige metallurgisch bedrijf L.H. Rouppe van der Voort (vestiging van 1843 tot 1978). 
 +
 +De grondwaterstand is hier sterk afhankelijk van de waterstand in de rivier De Aa en de waterstand in de Zuid-Willemsvaart. De waterstand in de rivier De Aa en de Zuid-Willemsvaart bedraagt 2,20 meter +NAP. Deze waterstand kan echter bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,50 meter +NAP.
 +De huidige kruinhoogte van de wegen langs de Zuid-Willemsvaart varieert van 6,20 meter +NAP tot 6,73 meter +NAP. De huidige kruinhoogte van de Kasterenwal en Noordwal varieert van 6,56 meter +NAP tot 7,13 meter +NAP.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel en loost op het gemaal Citadelllaan.
 +
 +
 +====== Het Zand ======
 + 
 +De onderzoekslocatie is gelegen in de wijk ’t Zand. Geologisch behoort dit gebied tot de jongere holocene rivierafzettingen, met plaatselijk veen- en leemafzettingen op pleistoceen zand.
 +
 +We bevinden ons hier in een deltagebied van de rivier De Dommel met oude stroomruggronden. In detail bevindt dit gebied zich op de westelijke oever van een oude rivierbedding in de rivier De Dommel. In het noordelijke gedeelte van deze wijk zijn de afzettingen van de rivier De Dommel vermengd met afzettingen van de rivier De Aa.
 +
 +Dit laaggelegen gebied stond voor de 19e eeuw grotendeels onder water en behoorde tot ± 1874 bij de verdedigingswerken en fortificaties van de stad. Vanaf de 16e eeuw tot de 19e eeuw werden hier veel gronddammen en waterlopen vergraven om de verdedigingswerken te verbeteren. Deze grond-dammen zijn grotendeels nog aanwezig in de ondergrond. De oude gegraven waterlopen werden soms gedempt. De nog in de eind 19e eeuw aanwezige waterlopen werden in 1890 gedempt met zand en aanwezige gronddammen werden gedeeltelijk geslecht. In 1868 werd het eerste station en spoorbanen aangelegd. De gronden werden t.b.v. van dit station en de spoorbanen reeds gedeeltelijk opgehoogd. Omstreeks 1901 verscheen het tramemplacement aan de Spoorweghaven (Tramkade). 
 +
 +In 1890 werd door de gemeente ’s-Hertogenbosch aan aannemer Van Seters en Van Haaren opdracht gegeven tot het ophogen van dit gebied. Aan het hiervoor gebruikte zand, dat gewonnen werd uit de Vughtse hei, dankt deze wijk zijn naam. Het oude maaiveld omstreeks 1900 varieerde ten gevolge van oude verdedigingswerken sterk. Het aangevoerde zand werd veelal rechtstreeks gestort op het oude maaiveld en in de nog aanwezige waterlopen. In 1899 werd gestart met de aanleg van wegen en rioleringen. (Bestek 14-1899 en bestek 10-1900). Na ophogen was de gemiddelde maaiveldhoogte ± 6,20 meter +NAP.
 +
 +In 1944 werd ten gevolge van oorlogshandelingen het oude monumentale station (architect Ed Cuijpers) grotendeels verwoest. De gehele voorbebouwing werd in 1946 gesloopt en vervangen door een nieuw stationsgebouw. 
 +
 +Ten behoeve van de herbouw omgeving station werd door de gemeente in 1948-1949 een wijksanering uitgevoerd. Tevens werd een schadekaart 14643, onteigeningskaart 14620 en een bestemmingskaart 14629 opgesteld.
 +
 +In de directe omgeving van het station werden divers panden verwoest en gesloopt. De oude kelders en funderingen werden niet ontgraven en veel oorlogspuin werd verwerkt in de ondergrond.
 +De grondwaterstand hier is sterk afhankelijk van de waterstand in de rivier De Dommel, deze waterstand is gemiddeld 2,20 meter +NAP. en kan echter, bij extreme regenval en dooi, oplopen tot ± 5,00 meter +NAP.
 +
 +In deze wijk werden rond 1900 veel grote beerkelders aangelegd en deze zijn nog gedeeltelijk aanwezig in de ondergrond. De hoofdriolering in deze wijk bestond grotendeels uit gresbuizen met slechte verbindingen. In alle straten van deze wijk bevinden zich nog oude beerputten in het trottoir.
 +Het zuidelijk gedeelte van de wijk was tot 1945 Lombok genaamd.
 +
 +Ten gevolge van oorloghandelingen werd de wijk Lombok grotendeels verwoest en werd hier het nieuwe PNEM-gebouw gebouwd. In de ondergrond van de voormalige wijk Lombok bevindt zich hier veel puin.
 +
 +De haven aan de Dieze (De Tramhaven), werd in 1948 gedeeltelijk gedempt en het overige gedeelte werd in de zestiger jaren gedempt. De oude kademuren zijn nog aanwezig in de ondergrond. De directe omgeving rondom deze oude spoorweghaven werd industrieterrein.(onder andere Verkade, Koudijs, Goulmy en Baar-complex). Ook werd de Leonarduskerk uit 1905 gesloopt en op de vrijkomende plaats is het hoofdkantoor van het Brabants Dagblad verrezen. Op het huidige stationscomplex werden in 1997 diverse grondsaneringen uitgevoerd.
 +
 +
 +====== Vughterpoort ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke beheerd werd door het waterschap de Maaskant.
 +
 +De buurt wordt gegrensd aan de westzijde door de gemeente Vught en aan de oostzijde door de rivier de Dommel. Waterhuishoudkundig wordt de buurt beheerd door het waterschap de Dommel.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere Holoceen rivierafzettingen van de rivier de Dommel.
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze zandgronden, (gooreerdgronden) en bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand en uit beekeerdgronden met lemig fijn zand.
 +
 +De huidige maaiveldhoogte van de Vughterweg varieert van 6,20 meter +NAP tot 7,00 meter +NAP. 
 +Ter plaatse van de Vughterweg werd omstreeks 1900 een marechaussee complex gebouwd.
 +Dit complex werd ten behoeve van de nieuwbouw van een kantorencomplex in het jaar 2000 grotendeels gesloopt.
 +
 +Na de aanname van de vestingwet 1874 ontstonden er plannen om hier woningen en een gasfabriek te bouwen. In 1890 werd begonnen met het ophogen en aanhogen van de Vughterweg.
 +Dit ophogen geschieden met grond en stadsvuil. Er werd op twee plaatsen een woning bebouwd ten behoeve van de beheerder van het stort. (Putbaas). Het pand Isabellaan nr. 5 is een van deze beheerswoningen.
 +Nabij de putbaaswoningen bevonden zich betonnen kelders om beer uit beerputten van de stad in op te slaan. 
 +Aan de zuidzijde van de buurt ontstond er in de in het tweede kwart van de zestiende eeuw het fort st. Antoni en het zuidelijker gelegen fort Isabella.
 +Heden zijn nog delen van het fort St. Antoni aanwezig. Op dit fort werd begin 20e eeuw een villa gebouwd. Deze villa, (Vughterweg nr. 74), staat gedeeltelijk op de muurwerken van het fort.
 +Vanaf de Vughterpoort, die in de 19e eeuw gesloopt werd liep de Vughtersteenweg (huidige Vughterweg), via het fort st. Antoni naar het fort Isabelle.
 +Grote delen van de buurt werden vanaf 1860 ten behoeve van de bouw van een gasfabriek opgehoogd met klei, puin, en grond. Deze gasfabriek functioneerde van ca. 1860 tot ca. 1932.
 +De gasfabriek werd omstreeks 1935 gesloopt en er werden tot na de tweede wereldoorlog woningen gebouwd.
 +Omstreeks 1920 werd veel afval van deze fabriek gestort op een strook grond aan de westzijde van de buurt en wel tussen de spoorlijn 's-Hertogenbosch - Eindhoven en het Drongelense kanaal.
 +Na klachten van de Nederlandse Spoorwegen werd dit stort omstreeks 1930 gesloten.
 +Op dit stort werd in 2000 door de Nederlandse Spoorwegen ten behoeve van een spoorbaan verbreding een grondlichaam op het stort aangebracht.
 +
 +Tijdens de sloop van de gasfabriek werd het vrijkomende puin en bouw en sloopafval, incl. productieafval, kolenresten, sintels, teerresten van de fabriek in de ondergrond verwerkt,
 +De funderingsresten incl. leidingen en opslagputten zijn nog aanwezig in de ondergrond.
 +Grote delen van de voormalige gasfabriek en de directe omgeving is ook verontreinigd met cyanide en PAK’s.
 +In 1987 werden grote delen van de locatie van de gasfabriek, incl. rioolsleuven gesaneerd.
 +Tijdens een uitbreiding van de riolering in de Willem van Oranjelaan werd in 1992 vervuilde grond met cyanide afgevoerd naar een reiniger. Overal in de buurt werden tijdens deze rioolwerkzaamheden veel klei, puin, en stadsvuil waargenomen. Het rioolstelsel bestaat in deze buurt uit een gemengd stelsel met een overstort op de rivier de Dommel.
 +Naar aanleiding van klachten van bewoners van deze buurt werd er in 2001 een grootschalige sanering in de buurt uitgevoerd. 
 +
 +Het grondwater in de buurt wordt sterk beïnvloed door de waterstanden in de rivier de Dommel en in de waterstand in het Drongelense kanaal. Het waterpeil in de Dommel is meestal 2,75 meter +NAP en de waterstand in het Drongelense kanaal is meestal 2,00 meter +NAP. Deze waterstanden kunnen bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 meter +NAP.
 +
 +Het grondwater onder de voormalige gasfabriek en de rest van de buurt stroomt gedeeltelijk richting het Drongelense kanaal.
 + 
 +Aan de noordzijde van de buurt ontstond er in 1860 een kleine insteekhaven ten behoeve van de aanvoer van steenkolen en Cokes ten behoeve van de gasfabriek. In dit haventje en op het omliggende terrein achter pand Willem van Oranjelaan 17-19 werd vanaf 1945 tot 1948 veel huisafval, bedrijfsafval en oorlogspuin gestort.
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelslel en loost op het gemaal Molenberg. Het rioolstelsle heeft een overstort op de rivier de Dommel. Het zuidelijke gedeelte van de Vughterweg heeft een regenwaterriool.
 +
 +====== Het Bossche Broek ======
 +
 +Deze buurt is gelegen in een poldergebied dat waterhuishoudkundig beheerd wordt door het waterschap De Dommel.
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de rivier de Dommel, aan de zuidzijde door de Rijksweg A2, aan de noordzijde door de Singelgracht en aan de oostzijde door de Pettelaarse vaartgraaf en de Zuiderplas. 
 +
 +Het Bossche Broek ligt in een overgang tussen het rivierengebied en het dekzandgebied van De Lage Kempen. 
 +Het bovenste pakket van Het Bossche Broek wordt gevormd door de Formatie van Nuenen.
 +Deze laag bestaat uit laat pleistocene afzettingen van zeer slecht doorlatend leem en zand. In de flanken van de hogere en ter plaatse van de lagere gedeelten zijn in het Holoceen dichtgeslibde oude rivierbeddingen aanwezig. 
 +Het gebied kenmerkt zich door een lage ligging ten opzichte van de omgeving, die voor een groot gedeelte bestaat uit stedelijk gebied. Dit rivierenlandschap wordt gedomineerd door relicten van vroegere stroomgeulen. In het zuidelijk gedeelte van Het Bossche Broek komen tevens dekzandruggen voor tot aan het maaiveld.
 +Het noordelijke gedeelte bestaat uit een vlakte van dekzanden, doorsneden en verspoeld door De Dommel.
 +De gemiddelde maaiveldhoogte van Het Bossche Broek noordelijke gedeelte is gemiddeld 2,25 m tot circa 3,30 meter +NAP.
 +In Het Bossche Broek zuidelijke gedeelte is de hoogteligging van het maaiveld grilliger.
 + 
 +Bodemkundig noemen we gronden beekeerdgronden, die gedeeltelijk een moerig(venig) karakter hebben. In het noordelijke gedeelte vinden we deze beekeerdgronden en moerige eerdgronden. Ter plaatse van de lage gedeelten vinden we waardeerdgronden. Deze gronden zijn ontstaan doordat Het Bossche Broek eeuwen lang een overstromingsgebied van De Dommel is geweest.
 +In het zuidelijke gedeelte komen op de hogere delen overwegend enk- en gooreerdgronden voor, terwijl in de lage gedeelten van het zuidelijke gedeelte eveneens beekeerdgronden, moerige eerdgronden en waardveengronden voorkomen.
 +
 +De ondergrond bestaat uit afzettingen van slechtdoorlatende leem en zand uit de Nuenengroep en bevat afwisselend watervoerende en waterscheidende lagen. Het grondwater in dit poldergebied stroomt overwegend van zuid naar noord, in de richting van het dal van de rivier De Maas.
 +Binnen de polder is vanwege het hogere peil van de rivier De Dommel sprake van kwel vanuit deze Dommel naar de randen van het poldergebied.
 +In de polder zijn de Zuiderplas en de zogenaamd PTT-plas aanwezig. Deze zijn ontstaan tengevolge van zandwinning.
 +De afwatering van de polder vindt plaats in noordwestelijke richting door middel van een gemaal naar de rivier De Dommel. De rivier De Dommel vormt de westelijke begrenzing van dit gebied. Het gemaal Bossche Broek bemaalt deze polder op een peil van 2,20 meter +NAP. Het peil in de rivier De Dommel bedraagt circa 2,85 meter +NAP en wordt geregeld door de Vughterstuw. Het waterpeil van de Dommel kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 meter +NAP. De primaire watergangen in dit gebied worden beheerd door het waterschap De Dommel. Vanuit de dorpskernen Den Dungen en Maaskantje komen overstorten uit in het landbouwgebied van de Kloosterstraat en dit gebied watert ook via de Zuiderplas af naar het gemaal Bossche Broek. Op de Zuiderplas komt daarnaast ook bemalingswater vanuit de plas rondom het provinciehuis. Dit gebied wordt beheerd door het waterschap “De Maaskant”. Op deze plas is naast een regenwaterafvoer van het industrieterrein De Pettelaar ook een overstort van de wijk Zuid. 
 +Deze gronden, alsmede enkele stedelijke gebieden, wateren af via deze polder.
 +
 +De Zuiderplas en de Pettelaarsevaartgraaf vormen eveneens een onderdeel van het afwateringssysteem. In het kader van een ruilverkaveling omstreeks 1970 is het bemalingspeil met ca. 30 cm verlaagd.
 +De aanwezige PTT-plas en enkele restanten van oude Dommelbeddingen staan niet in verbinding met het afwateringssysteem. 
 +
 +Voor een deel zijn de gronden reeds in (verpacht ) eigendom bij Staatsbosbeheer en Het Brabants Landschap. De gemeente ’s-Hertogenbosch heeft een groot gedeelte van het noordelijke gedeelte van Het Bossche Broek in bezit en weer agrarisch verpacht.
 +Vanaf omstreeks 1900 werd de Dommeldijk langs de Singelgracht diverse malen opgehoogd. Dit ophogen geschiedde van 1906 tot 1958 met baggerspecie uit De Dommel en de Singelgracht. De oude kern van de dijk bestaat behalve uit deze baggerspecie, uit stadsvuil en baggerspecie uit de Binnendieze.
 +
 +In 1930 werden na stank overlast en illegale vuildempingen de voorlanden van de Kademuren langs de Zuidwal, Spinhuiswal en Parklaan grotendeels weggebaggerd en verwerkt in de Bossche Broek in een dijk en op laaggelegen percelen.
 +In 1940 werd er een plan door de Nederlandse Heidemij opgesteld voor het verbeteren van 54 ha landerijen in de Bossche broek. De werkzaamheden werden gedeeltelijk in het kader van de werkverruiming in 1941 en 1942 uitgevoerd.
 +Er werd een dommeltak gedempt en een nieuwe dommeltak gegraven. De laag gelegen landerijen en oude kavelsloten werden gedempt met slib dat aanwezig was ter plaatse van de zogenaamd Zwarte zandje. De grotere geplande baggerwerkzaamheden in de Dommel en de Singelgracht werden ten gevolge van het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog niet uitgevoerd. Langs de nieuw gegraven dommeltak werd een laag dijkje met een wandelpad aangelegd.
 +
 +Aan het einde van de tweede wereld oorlog werd door de Duitsers de Vughterstuw en de Vughterbrug door middel van springstof opgeblazen. Ten gevolge van deze explosie werd de doorstroming van het dommelwater geheel gestremd. De gehele Binnendieze liep leeg en de lozingen in de Binnendieze en de vuilstortingen op de voorlanden veroorzaakte een enorme stand en een uitbarstingen van de hoeveelheid ratten. De geallieerde eisten in 1945 een acute maatregelen om de doorstroming van de Binnendieze en de Dommel het herstellen. De geallieerde dreigende de gehele stad te evacueren m.b.t. de volksgezondheid van de bevolking. Terstond werd er juist voor de Vughterstuw door een aannemer een dam gestort met provisorische schotbalken. Tevens werd er een noodbrug ter plaatse van de vernielde Vugterbrug gelegd.
 +Ten gevolge van het slecht op peil kunnen houden van het streefpeil van de Dommel werd kort nadien gestart met het herstel van de Vughterstuw en de Vughterbrug.
 + 
 +Ter plaatse van het zogenoemde “Zwarte Zandje “, werden omstreeks 1946 en 1968 een dik pakket baggerspecie en in 1945 tot 1948 werd op het terrein van de voormalige Open Manege werd veel stadsvuil en oorlogspuin aangebracht.
 +Tijdens baggerwerkzaamheden in 1946 werd het werk stilgelegd tengevolge van het aantreffen van een 100-tal brisantgranaten. De vrijgekomen baggerspecie werd ook verwerkt op het Zwarte Zandje.
 +Tevens werden in deze polder vanaf 1906 tot 1946 veel baggerspecie en stadsvuil aangebracht op enkele laaggelegen percelen genaamd “Het Meerke” en werden oude kavelsloten gedempt.
 +Op een perceel juist ten zuiden van de Singelgrachtweg is rond 1940 jarenlang een slibdepot aanwezig geweest. Op dit perceel komen archeologische vondsten voor van de 14e tot de 20e eeuw. 
 +In 1961 werd er in het kader van een ruilverkaveling een oude dommeltak gedempt en er werd een nieuwe ontwateringsloot gegraven vanaf de Pettelaarsevaartgraaf naar het gemaal Bossche Broek. De ruilverkavelingwerkzaamheden werden na protest van derden stilgelegd en niet meer uitgevoerd. 
 +
 +Omstreeks 1968 werd de Singelgracht uitgebaggerd door de baggermaatschappij Prins van Wijngaarden. De baggermolen genaamd De Vecht verwerkte de specie op het perceel genaamd het Zwarte zandje.
 +
 +Tijdens een archeologische verkenning werd in 1996 tijdens dijkverzwaringswerkzaamheden van de dijk langs de Singelgracht, ter hoogte van de Parklaan een stortplaats van 14e-eeuwse leerlooierijen waargenomen. 
 +Tijdens de hoogwaterperiode van 1995 liep de waterstand van De Dommel op naar 5,00 meter +NAP.  Tengevolge van een dijkdoorbraak ter plaatse van de Dommeldijk nabij Bastion Vught ontstond juist achter de dijk een waterkolk. Deze waterkolk is nog aanwezig in de polder.
 +Tijdens een archeologische verkenning op 6 februari 1995 werd door een aannemer bij de Singelgracht ten behoeve van een pompinstallatie een gat gegraven van 5 meter. Uit dit gat werd tot op een diepte van 5 meter 18e- tot 20e-eeuws huis- en stadsvuil waargenomen.
 +
 +Tengevolge van de hoge waterstand werden grote delen van de dijk tussen Het Bossche Broek en de Singelgracht aangetast en afgekalfd.(vooral aan de zijde van de polder).Tijdens de inspectie werd geconstateerd dat juist op die plaatsen waar de dijk het meest aangetast was, zeer veel afval, humus en slib uitgespoeld waren.
 +Het afval bestond uit slib, sintels, houtskool, batterijen, apothekersflesjes, gesmolten glas en verbrand huisvuil, slachtafval, aardewerk, koper en ijzer. Ter plaatse van de doorbraak werd hetzelfde geconstateerd. Op 11 februari 1995 werden geen slibafzettingen ter plaatse van de reeds droogvallende percelen waargenomen. Ook werden ter plaatse van het strandbad van de Zuiderplas geen slibafzettingen waargenomen.
 +In 1997 werd ter plaatse van de zwakke plek in de dijk door het waterschap “De Dommel” een overlaat aangebracht. Deze dijk werd ook in 1997 verder opgehoogd met klei die van elders werd aangevoerd en met gerijpte baggerspecie vanuit Tilburg. Tevens werd baggerspecie van de kwelsloot achter de dijk verwerkt in het talud van de nieuwe dijk.
 +De aanleghoogte van de dijk bedraagt 5,20 meter +NAP.
 +In 1996 werd langs de rijksweg A2 een dijk aangebracht. De aanleghoogte van deze dijk werd 6,00 meter +NAP. De benodigde grond hiervoor werd grotendeels uit het gebied van Het Bossche Broek gewonnen.
 +Tijdens de werkzaamheden werd een huisvuilstort (rond 1900) waargenomen langs de Zuiderplas. Dit stortje werd gedeeltelijk vergraven en ter plaatse verwerkt.
 +In de polder zijn de restanten van een verdedigingswerk uit de 17e eeuw aanwezig namelijk “De Pettelaarse Schans”. De maaiveldhoogte van de schans bedraagt 5,50 meter +NAP.
 +
 +Op een luchtfoto van de RAF. d.d,1944 zien we in de noordoosthoek van het Bossche Broek een grote waterpartij. Deze waterpartij was reeds in 1948 gedempt. Vermoedeiljk werd in deze plas huisvuil, baggerspecie en oorlogspuin gestort.
 +
 +In het zuidelijke gedeelte van de polder werden in 1994 en 1997 tijdens grondwerkzaamheden enkele bewoningsresten uit de IJzertijd waargenomen. Tijdens de aanleg van de A2 omstreeks 1974 werden diverse sporen uit de IJzertijd , Romeinse tijd en het Neolithicum waargenomen.
 +Uit vondstmeldingen van het ROB (Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek) blijkt dat door het gebied een zandweggetje langs een oude rivierbedding van De Dommel aanwezig is dat vermoedelijk stamt uit de Romeinse tijd.  
 +Tevens is bekend dat in de Middeleeuwen pestkuilen aangebracht werden. In grote delen van Het Bossche Broek zijn archeologische voorwerpen bekend van het beleg van 1629 van
 +‘s-Hertogenbosch.
 +
 +In de Singelgracht werd in 1946 tijdens baggerwerkzaamheden veel ijzeroer opgebaggerd.
 +Deze ijzeroerlaag is nog op grote delen van de Singelgracht aanwezig
 +
 +De accommodaties ter plaatse van het zwembad van de Zuiderplas hebben een septictank.
 +
 +
 +====== Buurt Zuid ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied genaamd “De Bossche Broek” behorende onder de Polder de Beneden Dommel met een gemiddelde maaiveldhoogte van 2,60 m tot 2,70 m + N.A.P.
 +De grondwaterstand in dit poldergebied was 2,30 m + N.A.P. Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Maas en Aa.
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de Pettelaarsevaartgraaf, aan de zuidzijde door de Rijksweg A2, aan de noordzijde door de Zuiderparkweg en de Croonhertstraat en aan de oostzijde door Gestelseweg.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van de rivieren De Aa en De Dommel, hier met plaatselijk veel veen en leemafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden moerige eerdgronden met kleidek en moerige tussenlaag op zand en beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met kleidek van 15 tot 40 cm.
 +In 1946 lag ten westen van de Pettelaarseweg een sportterrein op een perceel genaamd Het Groote Begijnenveld.
 +
 +Tot 1948 zijn deze laag gelegen gronden door de eeuwen heen in gebruik geweest als weidegronden.
 +Het is bekend dat op grote delen van deze polder tussen 1900 en 1949 huisvuil, komende uit de binnenstad van ’s-Hertogenbosch en baggerspecie komende uit de Singelgracht en uit de Binnendieze gestort werd in sloten, greppels en op laaggelegen delen van de polder.
 +Deze stortlaag varieert in dikte van 0,50 m tot 1,50 m.
 +Verder zijn er vier locaties in deze voormalige polder bekend waar huisvuil, fabrieksafval en puin (oorlogsschade 2e w.o.) gestort werd. Voor de situatie van deze vuilnisbelten verwijs ik u naar het bestek 6-1948 van de dienst gemeentewerken. Twee plaatsen van twee van deze vuilnisbelten zijn exact bekend.
 +Een vuilnisbelt bevindt zich ter plaatse van het Zuiderpark en een ter plaatse van de voormalige kunstacademie langs de Gregoriussingel. In het ophogingsbestek staat dat de in het terrein aanwezige vuilnisbelten worden afgegraven en worden verspreid in het terrein. De vrijkomende teelaarde en klei werd in depots gezet en verwerkt in groenstroken en bermen. 
 +De aanwezige Pettelaarsevaartgraaf werd gedeeltelijk aangepast en gedeeltelijk gedempt met vrijkomende klei.
 +In 1947 werd er aan weerzijde van de Pettelaarseweg op een afstand van 1 kilometer van de brug Oude Dieze veel oorlogpuin en huisvuil en bedrijfsafval gestort.
 +
 +De overige vuilnisbelten bevinden zich in de Bossche Broek ( zogenaamde Zwarte Zandje) en een in de buurt Bazeldonk nabij bastion Sint Antonie.
 +De overige ophogings- en grondwerken staan uitvoerig beschreven in bestek 6 dienst 1948.
 +In 1950 werd door de gemeente begonnen met het ophogen van deze polder met zand. Dit ophogen geschiedden met zand dat voor een klein deel door Aannemersbedrijf G.A.Koning uit Voorschoten werd opgezogen uit de Pettelaarsevaartgraaf en grotendeels door N.V. Baggermaatschappij Bos en Kalis uit Sliedrecht werd opgezogen uit de toen ontstane Zuiderplas.
 +Het is bekend dat na opspuiten van dit plan Zuid er meer inklinking van dit gebied optrad dan verwacht werd. Na ophogen werden 410 boringen gemaakt. Ten gevolge van deze inklinking besloot men ter plaatse van de toekomstige wegcunets de aanwezige veenputten af te graven.
 +Na ophogen varieerde de maaiveldhoogte van 4,10 m + N.A.P. tot 5,25 m + N.A.P.
 +In 1951 werd gestart met de aanleg van wegen en rioleringen. De huidige grondwaterstand varieert van 2,50 m + N.A.P tot 2,90 m + N.A.P.
 +In 1956 werd begonnen met het afwerken van de dit uitbreidingsplan Zuid I en Zuid II.
 +De huidige kruinhoogten van de wegen is gemiddeld 5,40 m + N.A.P.
 +
 +De waterstand in de waterlopen in deze buurt is 2,60 m + N.A.P. en wordt door middel van een gemaaltje gelegen langs de Pettelaarseweg nabij de Hekellaan op peil gehouden.
 +De waterstand in de westelijk grenzende Pettelaarsevaartgraaf varieert van 1,80 m tot 2,10 m + N.A.P.
 +Het officiële zomerpeil is 1,80 m + N.A.P. en officiële winterpeil is 2,00 m+ N.A.P.
 +De werkelijke peilen zijn z.p. 1,90 m tot 2,10 m + N.A.P. en w.p. 2,15 m tot 2,20 m + N.A.P.
 +Tijdens de werkzaamheden in 1950 bedroeg het zomerpeil 2,30 m + N.A.P.
 +De regionale stromingsrichting van het freatische grondwater is globaal noordwestelijk gericht.
 +Tot 1950 liep deze polder ten gevolge van de hoge waterstanden van de rivier De Dommel regelmatig onder water. Tussen 1938 en 1948 varieerde de waterstanden in deze polder regelmatig van 3,30 m + N.A.P. tot 4,51 m + N.A.P.   
 +In 1950 werden ten behoeve van de bouw van de kunstacademie aan de Gregoriussingel zes grondboringen verricht. In alle boringen werden veen en puinhoudende stortlagen waargenomen op een diepte van 1,40 m tot 2,00 m min maaiveld. De dikte van de veen- en puinlagen bedroeg 0,80 m tot 1,80 m.
 +In 1988 werd de kustacademie gesloopt ten behoeve van de nieuwbouw van drie flats.
 +Tijdens de bouw van deze flats werd ter plaatse van de drie bouwputten veel veen en puin met stortvuil uit 1945 waargenomen. De dikte van de stortlagen varieerde sterk en komen globaal overeen met de in 1950 uitgevoerde grondboringen.
 +In 1993 werd door het Stadsgewest een onderzoek ingesteld om de vervuiling en de omvang van deze stortplaats vast te leggen. Zie rapport nummer 260-914 d.d. april 1993. Dit rapport geeft aan dat buiten de nieuwbouw van de drie flats ten noorden hiervan nog een stortplaats van puin en stadsvuil aanwezig is.
 +In 1993 werd door Heijmans Milieutechniek een onderzoek ingesteld ten behoeve van de reconstructie Zuiderpark, projectnummer 317940-0202. In 1994 werd het centrale gedeelte van dit park opgehoogd en hergeprofileerd. Het vervuilde slib uit de waterloop rondom het park werd na indroging afgevoerd naar de stortplaats de Vlagheide in Schijndel. 
 +Het doel van het onderzoek was om de omvang en vervuiling te traceren van een voormalige stortplaats van stadsvuil en oorlogspuin uit het eind van de 2e w.o.
 +In het gehele park en vooral in het centrale gedeelte werd deze stortplaats getraceerd.
 +De vervuiling werd aangetroffen vanaf het maaiveld tot plaatselijk op een diepte van 1,50 meter.
 +Ten behoeve van de aanleg van een tennispaviljoen ter plaatse van het huidige hertenkamp werd in 1996 en 1999 een onderzoek uitgevoerd door Fugro ingenieursbureau b.v.  
 +Uit dit onderzoek blijkt dat ter plaatse van het hertenkamp een stortplaats van puin en stadsvuil aanwezig is.
 +
 +Het noordelijke gedeelte van de buurt wordt begrensd door de vestingmuur welke werd aangelegd in circa 1318 –1348 met deels zestiende eeuwse onderdelen (uitbreiding Bastion Baselaar circa 1609- 1621).
 +Tussen de wal en de gracht bevond zich een oorspronkelijk voorlandje. De vestinggracht werd in 1909 gedempt, waarbij gebruik werd gemaakt van grond, afkomstig van de ontgraving van het Drongelense Kanaal en uit de nabij gelegen rivier de Aa.
 +Tijdens een archeologisch onderzoek uitgevoerd door de afdeling Bouwhistorie, Archeologie en Monumenten (BAM) bleek de demping echter te bestaan uit stadsafval en puin, dat uit het begin van de 20e eeuw dateert.
 +Het huidige maaiveld buiten de stadsmuur is gelegen op 4,75 m tot 5,25 meter +NAP. De bovenzijde van de huidige muur bedraagt 7,15 meter +NAP.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met enkele overstorten op de aanwezige waterlopen en loost op het gemaal Limietlaan.
 +
 +
 +====== De Bazeldonk ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied genaamd “De Bossche Broek” behorende onder de Polder de Beneden Dommel met een gemiddelde maaiveldhoogte van 2,60 m tot 2,70 m + N.A.P.
 +De waterstand in dit poldergebied was 2,30 m + N.A.P. Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Maas en Aa.
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de Hekellaan, aan de zuidzijde door de Coornhertstraat en Zuiderparkweg, aan de noordzijde door de Zuid Willemsvaart en aan de oostzijde door Gestelseweg, Jacob van Maerlantstraat en Melis Stokesstraat.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van de rivieren De Aa en De Dommel, hier met plaatselijk veel veen en leemafzettingen.
 +Bodemkundig noemen we deze gronden moerige eerdgronden met kleidek en moerige tussenlaag op zand en beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met kleidek van 15 tot 40 cm.
 +
 +Tot 1948 zijn deze laag gelegen gronden door de eeuwen heen in gebruik geweest als weidegronden.
 +Aanvullend moet vermeld worden dat grenzend aan deze buurt het 17e eeuwse bastion Sint Antonie bevindt. De stadsgracht buiten de stadsmuur werd in 1909 gedempt met slib dat vrijkwam uit de nabij gelegen rivier de Aa. Omstreeks 1910 bevond zich een woonwagenkamp ter plaatse van de huidige van Veldekekade. Dit woonwagenkampje ontstond hier omdat ter plaatse van de oude stadsgracht een vuilnisbelt aanwezig was.
 +De vuilnisbelt bestaande uit stadsvuil, huisvuil, industrieafval en slib en werd in het kader van het uitbreidingsplan Zuid uitgelaagd en verspreid in oostelijke richting. Deze uitgelaagde vuilnisbelt is nog aanwezig onder het huidige plantsoen. Tijdens een bodemonderzoek in november 2003 werd een gedeelte van deze stortplaats getraceerd. (rap. CSO adviesbureau L 527,2003/BH)
 + 
 +De buurt werd in het kader van het uitbreidingsplan Zuid opgehoogd tot 6,10 meter +NAP tussen de Zuid Willemsvaart en de Hadewijchstraat. De strook grond tussen de Hadewijchstraat en de Jac. Van Maerlantstraat werd opgehoogd tot 5,20 meter +NAP. De van Ruusbroecstraat werd afgewekt tot 4,20 meter +NAP. Het benodigde zand werd opgespoten vanuit de Zuiderplas.
 +De kanaaldijk heeft een kruinhoogte van 6,70 meter +NAP.
 +
 +De grondwaterstand wordt hier sterk beïnvloed door kwel vanuit de Zuid-Willemsvaart.
 +De waterstand in de Zuid- Willemsvaart bedraagt 4,50 meter +NAP. 
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met enkele overstorten op de aanwezige waterlopen en loost op het gemaal Limietlaan.
 +
 +
 +====== bedrijventerrein Zuid ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied genaamd “De Bossche Broek” behorende onder de Polder de Beneden Dommel met een gemiddelde maaiveldhoogte van 2,60 meter tot 2,70 meter + N.A.P. De waterstand in dit poldergebied was 2,30 meter + N.A.P. Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Maas en Aa.
 +
 +De buurt is aan de westzijde begrensd door de Melis Stokesstraat, aan de zuid- oostzijde door de Jacob van Maerlantstraat en de Pieter Langendijksingel, aan de noordzijde door de Zuid-Willemsvaart.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van de rivieren De Aa en De Dommel, met plaatselijk veel veen en leemafzettingen. Bodemkundig noemen we deze gronden moerige eerdgronden met kleidek en moerige tussenlaag op zand en beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met kleidek van 15 tot 40 centimeter.
 +
 +Tot 1948 zijn deze laag gelegen gronden door de eeuwen heen in gebruik geweest als weidegronden.
 +
 +Na ophoging van de buurt in 1950 ontstond hier een industrieterrein. De buurt werd opgehoogd met zand dat vrijkwam uit de Zuiderplas. De afwerkhoogte na ophogen was 6,10 meter +NAP. Het aan-grenzende zuidelijke gedeelte van plan Zuid werd opgehoogd tot 4,70 meter + N.A.P. De waterstand in de waterloop langs de Pieter Langendijksingel bedraagt 2,60 meter +NAP. In deze waterloop bevindt zich een lozing van koelwater van Campina bv. De Campina onttrekt grondwater ten behoeve van koelwater. Het is bekend dat tussen 1950 en 1960 ten oosten van de huidige betoncentrale een slibdepot aanwezig was van baggerspecie, dat was vrijgekomen uit de Zuid-Willemsvaart. De grondwaterstand van de buurt wordt sterk beïnvloed door kwel vanuit de Zuid-Willemsvaart. De waterstand in de Zuid-Willemsvaart bedraagt 4,50 meter +NAP. 
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel en loost op het gemaal Limietlaan.
 +
 +
 +====== Gestelse buurt ======
 +
 +De buurt Gestelsebuurt maakt deel uit van het stadsdeel Zuid.
 +De buurt wordt aan de westzijde begrenst door de Gestelseweg, aan de noordzijde door de Pieter Langendijksingel, aan de oostzijde door een waterloop vallende onder de buurt de Meerendonk en aan de zuidzijde door de Brabantlaan. 
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied genaamd “De Bossche Broek” behorende onder het Waterschap “De Polder “De Beneden Dommel” met een gemiddelde maaiveldhoogte van 2,60 m + tot 2,70 m. + N.A.P. Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Maas en Aa
 +
 +Het waterpeil in deze polder bedroeg 2,30 m. + N.A.P.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van de rivieren De Aa en De Dommel. Hier plaatselijk veel veen- en leemafzettingen. De dikte van dit plaatselijke veenpakket varieert van 0,50 m. tot 4,00 m.
 +
 +We noemen deze gronden:
 +a. Moerige eerdgronden en bestaan uit kleidek en moerige tussenlaag op zand. 
 +b. beekeerdgronden, leemarm en zwak lemig fijn zand met kleidek 15 tot 40 cm dik.
 +
 +De grondwaterstand in dit voormalige poldergebied was ± 2,40 m. + N.A.P.
 +
 +Tot 1948 zijn deze laaggelegen gronden door de eeuwen heen in gebruik geweest als weidegronden.
 +In 1950 werd hier begonnen met het ophogen van dit gebied met zand. Dit ophogen geschiedde met zand dat voor een klein deel door Aannemersbedrijf G.A.Koning uit Voorschoten werd opgezogen uit de huidige Pettelaarsevaartgraaf en grotendeels door N.V. Bos Kalis werd opgezogen uit de huidige Zuiderplas. (Bestek 6-1948 en bestek 12-1948).
 +Alvorens met de ophogingwerkzaamheden werd begonnen, werd de bestaande teelaardelaag afgeroofd en in spuitkades verwerkt en in depot gezet.
 +Na ophoging was de maaiveldhoogte ± 4,00 m. + N.A.P. tot 4,50 m. + N.A.P..
 +Het is bekend dat na opspuiting van dit plan Zuid er meer inklinking optrad dan verwacht werd. Na ophoging werden er 410 boringen verricht en in 1951 besloot men ter plaatse van de toekomstige wegcunetten de aanwezige veenputten af te graven en af te voeren. De huidige grondwaterstand varieert van ± 2,50 m. + tot 2,90 m. + N.A.P.
 +De waterstand in de huidige waterlopen bedraagt 2,60 m. tot 2,70 m. + N.A.P.
 +De grondwaterstroming van het freatische en het eerste watervoerende pakket is regionaal noordwestelijk gericht, waarbij moet worden aangetekend dat de stroming van het freatische water in sterke mate beïnvloed wordt door aanwezige waterlopen.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de aanwezige waterlopen en loost op het gemaal Limietlaan.
 +
 +
 +====== Pettelaarpark ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied genaamd “Het Bossche Broek” dat werd beheerd door “De polder de Beneden Dommel”.
 +Heden wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap de Maaskant. Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Maas en Aa
 +
 + 
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de Gestelseweg, aan de noordzijde door de Brabantlaan, aan de oostzijde door de buurt De Meerendonk en aan de zuidzijde door de Rijksweg A2.
 +
 +De gemiddelde maaiveldhoogte van de polder was 2,70 meter +NAP. Door de eeuwen heen zijn deze laaggelegen gronden in gebruik geweest als weidegronden.
 +De grondwaterstand in dit poldergebied was en is heden circa 2,20 meter +NAP.
 +De grondwaterstroming van het freatische en het eerste watervoerende pakket is regionaal noordwestelijk gericht, waarbij moet worden aangetekend dat de stroming van het freatische water in sterke mate beïnvloed wordt door aanwezige waterlopen.
 + 
 +Dit laaggelegen, drassige terrein ligt in de centrale slenk met sedimenten van het afdekkende pakket behorende tot de Nuenengroep en het Holoceen. Deze bestaan uit een pakket fijne tot matig grove zanden met plaatselijk klei en veen. We noemen bodemkundig deze gronden moerige eerdgronden, hier met een kleidek en een moerige tussenlaag op zand. Deze moerige laag bestaat uit bruinzwart amorf min of meer veraard broekveen. Verder bevinden zich hier kalkloze beekeerdgronden ( kleidek van 15-40 cm op leemarm en zwak lemig fijn zand).
 +Onder beekeerdgronden verstaan we gronden met een humeuze bovenlaag van tenminste 50 cm. Deze komen voor langs beken.
 +De aanwezige veenlaag is voor het merendeel 40-80 cm dik en bestaat voornamelijk uit zeggebroekveen met een bijmengsel van riet. Het 40 cm dikke kleipakket bestaat in de regel uit matig humeuze tot humusarme, kalkloze, lichte klei.
 +Plaatselijk komt hier een veenpakket voor van 4 meter dik.
 +
 +Van omstreeks 1970 tot 1975 werd op een gedeelte van de buurt, juist ten noorden van de Brabantlaan en juist ten oosten van de huidige straat, genaamd Pettelaarpark, clandestien puin en vuil gestort. Tevens is hier veel grond gestort uit diverse rioolsleuven en uit de bouwput van het Grootziekengasthuis (bouw nieuwe apotheek).
 +In 1981 werd dit stortje opgeschoond, geëgaliseerd en ingericht als een kleidepot voor klei uit de Noorderplas (circa 40,000 m3). Deze klei is omstreeks 1988 en 1996 als afdichting op het puinstort De Meerendonk verwerkt. 
 +
 +In 1967 werd gestart met de bouw van het provinciehuis. Aan de zuidzijde van het provinciehuis werd een vijver aangelegd. De waterstand in deze vijver wordt op een peil gehouden van 1,80 meter +NAP.
 +De waterstand in de juist westelijk van dit gebied gelegen Zuiderplas bedraagt 1,90 meter +NAP.
 +Ten behoeve van de uitbreiding van het kantorencomplex is in 1988 een gedeelte van het in 1967 aangelegde sportcomplex bouwrijp gemaakt. Dit gedeelte werd circa 1 m opgehoogd met zand.
 +Het benodigde zand is in 1988 aangevoerd vanaf het Engelermeer.
 +De huidige maaiveldhoogte in dit gebied varieert van 5,00 m tot 3,30 meter +NAP.
 +
 +De buurt heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met regenwateruitmondingen. Het vuilwaterriool loost op de buurt Zuid en heeft geen overstorten.
 +
 +
 +====== De Meerendonk ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied genaamd “Het Bossche Broek”, behorende onder de Polder De beneden Dommel. Heden wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap de Maaskant. Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Maas en Aa.
 +
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Zuid Willemsvaart, aan de westzijde door de buurt de Gestelsebuurt en de buurt Pettelaarpark en aan de zuid-oostzijde door de Rijksweg A2.
 +De gemiddelde maaiveldhoogte was 2,60 m tot 2,70 meter +NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van de rivieren De Aa en De Dommel, met plaatselijk veel veen- en leemafzettingen op Pleistoceen zand. We noemen deze gronden moerige eerdgronden met een kleidek en een moerige tussenlaag op zand.
 +De dikte van het plaatselijk aanwezige veenpakket varieert van 0,50 m tot 4,00 m.
 +In het poldergebied zijn nog restanten aanwezig van enkele middeleeuwse zandweggetjes.
 +In het zuidoostelijke gedeelte van het gebied bevindt zich een zandopduiking met leemarm en zwak- lemig fijn zand. Op het zuidelijke gedeelte bevond zich in de Middeleeuwen op de donk het Baselaarsklooster. Deze zanddonk (hoogte 4,80 meter +NAP) is nog gedeeltelijk aanwezig.
 +Door de buurt liep in het begin van de 20e eeuw nog de Dungense Vaartgraaf. 
 +De waterstand in de polder was circa 2,30 meter +NAP.
 +
 +Tot 1948 zijn deze laaggelegen gronden in gebruik geweest als weidegronden.
 +
 +Op een laag en moerassig gedeelte van de buurt is omstreeks 1965 een ijsbaanvijver aangelegd.
 +De waterstand in de nog gedeeltelijk aanwezige, voormalige ijsbaanvijver bedraagt circa 2,40 + NAP.
 +Een gedeelte van de vijver is ten behoeve van de aanleg van het wijkonderkomen De Poeldonk in 1993 gedeeltelijk gedempt met puin dat vrijkwam uit enkele sloopwerken uit de binnenstad van 
 +’s-Hertogenbosch.
 +
 +De waterstand in de noordelijk gelegen Zuid-Willemsvaart bedraagt 4,50 meter +NAP.
 +
 +De vijver is aangelegd op een winterpeil van 2,10 m tot 2,50 meter +NAP. De waterstand wordt door middel van drie stuwtjes op een peil gehouden van 2,40 meter +NAP. De waterstand in de overige aanwezige waterlopen is circa 1,80 meter +NAP.
 +De stuwtjes zijn aangelegd om de wisselende kwel vanuit de Zuid-Willemsvaart te kunnen regelen.
 +
 +De eerste bebouwing in dit poldergebied was de munitiefabriek De Kruithoorn. Ten behoeve van dit complex werd een gedeelte opgehoogd met zand tot een hoogte van circa 6,20 meter +NAP.
 +Het complex is gebouwd in 1958. Het benodigde zand werd ontgraven uit de nabijgelegen zanddonk “Het Baselaarsklooster”. 
 +Ter plaatse van de onbebouwde gedeelten van dit complex zijn tengevolge van bedrijfsactiviteiten diverse vervuilingen in de bodem terechtgekomen.
 +Het is bekend dat ter plaatse van het huidige parkeerterrein op het oude maaiveld omstreeks 1985 veel vervuilde grond werd gestort, (cyanide).
 +In 1968 werd de Rijksweg A2 aangelegd. Het benodigde zand werd opgezogen uit de toen ontstane Meerseplas.
 +In 1982 werd in de omgeving van het huidige subcentrum De Meerendonk veel zwerfvuil, puin en slib waargenomen. Tevens bestaat het vermoeden dat juist grenzend aan en ten noorden van dit subcentrum een slibdepot werd aangelegd. Dit slib is hier tussen 1950 en 1960 gestort en kwam grotendeels vrij uit baggerwerkzaamheden van de Zuid-Willemsvaart (uit verzande riooluitmondingen). In 1993 is door het Stadsgewest een onderzoek ingesteld naar de omvang en de aard van de verontreinigingen. Uit dit onderzoek bleek dat hier inderdaad een puin- en slibstort aanwezig is.
 +In 1977 en 1980 is een hinderwetvergunning ten name van Heijmans b.v. afgegeven voor het oprichten van een stortplaats van puin e.d. genaamd De Meerendonk.
 +
 +Het storten geschiedde met o.a. veel puin, slib en binnenstadsgrond uit bouwputten en rioolsleuven, bedrijfsafval van grootschalige en kleinschalige industrieën, huisvuil en BSA-afval. De stortplaats is in 1981 overgenomen door de gemeentelijke reinigingdienst.
 + 
 +De stortplaats is met enkele uitbreidingen nog aanwezig in de buurt.
 +De stortactiviteiten zijn in 3 fases aangebracht.
 +Ter plaatse van de 1e fase is in 1996 een bovenafdichting aangebracht. In deze fase is na afdichting een golfbaan aangelegd.
 +Ten plaatse van de 2e fase is in 1997 een bovenafdichting aangebracht.
 +Ter plaatse van de 3e fase is in 1996 een onder- en bovenafdichting en drainage aangebracht.
 +In de 3e fase zijn in 1997 een composteringsinrichting en een milieustation van de gemeentelijke afvalstoffendienst aangebracht.
 + 
 +In het gebied is tevens vanaf 1995 grond, afkomstig van de bouwput Arena/Stoa, gestort. Deze opslag is heden nog grotendeels aanwezig en daarnaast is sinds 1995 een gronddepot (genaamd depot De Kloosterdonk) voor schone en Cat. 1 grond in gebruik. 
 +In het zuidwestelijke gedeelte van de buurt is in 1995 veel veengrond en schoon zand, afkomstig uit de bouwput Arena, gestort. De veengrond is in 1996 verwerkt op de stortplaats De Meerendonk en het schone zand is in 1996 afgevoerd naar een werk in Tilburg.
 +
 +In het zuidelijke gebied van deze buurt is in 1976 het sportcomplex De Meerendonk aangelegd.
 +Het bestaande maaiveld werd circa 60 cm doorgespit en de zandondergrond werd opgespit.
 +De aanleghoogte van dit sportcomplex varieert van 2,80 meter +NAP. tot 3,55 meter +NAP.
 +Er is hier in 1976 een drainagesysteem aangelegd.
 +
 +Ten westen van het parkeerterrein van dit sportcomplex was enkele jaren een woonwagenlocatie in gebruik met bedrijfsactiviteiten, zoals autohandel en autosloop. Het bestaande waterlopenstelsel van dit sportpark is verbonden met de vijver bij het Provinciehuis. Ter plaatse van de vijver is een poldergemaal aanwezig dat de waterstand in deze waterlopen nagenoeg op een constant peil van 1,80 meter +NAP houdt. Het sportpark “De Meerendonk” behoort waterhuishoudkundig tot het poldergebied stadsdeel Zuid.
 +
 +De grondwaterstroming van het freatische en het eerste watervoerende pakket is regionaal noordwestelijk gericht, waarbij moet worden aangetekend dat de stroming van het freatische water in sterke mate beïnvloed wordt door aanwezige waterlopen en kwel vanuit de Zuid –Willemsvaart.
 +
 +In de buurt ligt een gemeentelijk gronddepot genaamd de kloosterdonk. In 2003 werd door de provincie Noord Brabant voor dit gronddepot een WM vergunning verleend. Op dit gronddepot wordt schone grond, MVR-grond en Cat,1 grond ingenomen.
 +
 +De buurt heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel. Het bedrijvencomplex de Kruithoorn heeft een vuilwaterriool welke loost door middel van een gemaaltje op de buurt Bedrijventerrein Zuid.
 +Het sportcomplex de Meerendonk heeft een vuilwaterriool welke loost op de buurt Pettelaarpark. 
 +
 +  
 +====== Kloosterstraat ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke beheerd wordt door het waterschap de Dommel.
 +Het gebied wordt begrensd door de Bossche Weg, het kanaal de Zuid - Willemsvaart aan de noordoostzijde, de A2 aan de noordwest zijde, de Bosschebaan aan de zuidwest kant en de Keerdijk aan de oostzijde. De nog aanwezige restanten van de Keerdijk heeft een kruinhoogte van 5,00 m+NAP.
 +
 +De Poeldonksedijk en de Keerdijk zijn restanten van een 14e eeuwse ringdijk rondom het dorp Den Dungen. Deze ringdijk werd aangelegd om het water van de Beerse Overlaat te keren. Tot de aanleg van de Zuid-Willemsvaart en tot het opheffen van de Beerse Overlaat in 1942 liepen de polders aan de noord/westzijde van Den Dungen frequent onder water. 
 +De Kloosterstraat is een dekzandgebied met een gering reliëf, er komen beekdalen en beekoverstromingsvlakten voor met daartussen lage dekzandgronden oude bouwlanden. Er komen ook ten dele verspoelde dekzanden voor. Er is sprake van kwel van lokale en regionale aard.
 +
 +De zanderige afzettingen zijn ontstaan tijdens het Boven-Pleniglaciaal na gedeeltelijke opruiming van oudere, lemige afzettingen door de hier naar het noorden stromende riviertjes en door de rivier de Maas. Ze bestaan uit leemarm tot zwak lemige eolische sedimenten en de wat lager gelegen, lemige, fijnzandige, ten dele verspoelde afzettingen langs de beekdalen. Later hebben riviertjes zich in het gebied weer ingesneden. Hierdoor ontstonden er hoogteverschillen van 2 tot 3 meter. 
 +Op de ten dele verspoelde, lemige afzettingen komen eerdgronden van de oude bouwlanden voor. Door ophogingen in het verleden zijn de oorspronkelijke reliëfverschillen genivelleerd.
 +De lage en vlakke ligging is het gevolg van verspoeling van de uit het zuidelijke zandgebied komende riviertjes.
 +De deklaag circa 30 cm dik bestaat uit middel fijn tot matig fijn zand.
 +De zanderige ondergrond bestaat uit leemarm en zwak lemige dekzandafzettingen.
 +Rond de Gestelseweg en de Keerdijk zijn op de aanwezige dakzandruggen podzolgronden aanwezig. (oud bouwlanddek). In de lage delen bevinden zich beekeerdgronden tussen de dekzandruggen en bestaan uit lemig zand. Het noordwestelijke deel van het plangebied bestaat in de bovengrond uit moerige eerdgronden. (zanddek en moerige tussenlaag op zand.)
 +De humuspodzolen worden op de hogere gronden tussen de beekdalen aangetroffen.
 +Op de lage, slecht doorlatende percelen kan in de ondergrond veengroei ontstaan.Omdat het gebied niet direct aan de Dommel of Aa grenst, is alleen indirecte waterinlaat mogelijk. Dit vanuit de Dommel via een verbinding met de Bossche Broek of vanuit de Aa via een inlaat in de Zuid - Willemsvaart.
 +
 +De gemeten grondwaterstanden in 1971 in het freatische pakket varieerden in augustus van 2,70 meter +NAP nabij de A2 tot 3,60 meter +NAP nabij de Keerdijk. Er is hier sprake van regionale diepe kwel(Schijndel –Mierlo) en vanuit de Zuid-Willemsvaart treed wegzijging van water in dit gebied. 
 +De grondwaterstroming is noordnoordwestelijk gericht. In het plangebied is een peilbuis nr. 300 van TNO, Delft aanwezig.
 +Het gebied watert af via watergangen langs de Zuid- Willemsvaart en twee watergangen welke die afwateren op een sloot langs de A2. Het water uit de polder loost via een duiker onder de A2 in de noordwestelijk van de A2 gelegen polder de Bossche Broek. Op de waterlopen komende van de gemeente Den Dungen bevinden zich nog riooloverstorten van een gemengd stelsel. 
 +
 +De maaiveldhoogten variëren van 2,80 meter +NAP tot 4,50 meter +NAP.
 +De waterstand van de huidige waterlopen bedraagt 2,20 meter +NAP.
 +De waterstand in de noordwestelijke gelegen Zuiderplas varieert tussen de 1,80meter +NAP en 2,00meter +NAP.
 +
 +Het gebied is tot op heden ingebruik als agrarisch gebied met grasland en akkerbouw. Ten gevolge van landbouw en tuinderijen kent dit gebied een intensieve antropogene bodembelasting van de aanwezige toplaag. De antropogene belasting bestaat hier uit overbemesting, bodemverbetering en het gebruik van bestrijdingsmiddelen. 
 +Tijdens een verkenning van het plangebied op 25-2-2003 werd door de opsteller van dit rapport op enkele plaatsen drijfmest in de waterlopen waargenomen. 
 +In het plangebied bevinden zich een achttal agrarische bedrijven en een 12 tal kleine boerderijen boerderijen. Het merendeel van deze boerderijen zijn gesitueerd op de relatief hoger delen van oude zandruggen.
 +
 +In het plangebied ligt langs de rijksweg A2 de restanten van het klooster Sint Barbara op de Eikendonk.
 +Tijdens ruilverkavelingwerkzaamheden en de aanleg van de rijksweg A2 in 1968 werd het overgrote deel van de zanddonk met funderingsresten afgevoerd. Een gedeelte van het vrijgekomen zand werd omstreek 1950 afgevoerd naar het bedrijventerrein van de Kruithoorn.
 +
 +De rijksweg A2 heeft een kruinhoogte van circa 6,00 meter +NAP ter plaatse van de kruising van de Gestelseweg, Ter plaatse van het viaduct over de Zuid- Willemsvaart heeft de rijksweg een kruinhoogte van minimaal 7,50 meter +NAP. Grenzend aan het plan gebied bevindt zich de Meerseplas. Naast de Meerseplas is een crossterrein aanwezig. De maaiveldhoogte rondom de plas varieert van 2,80 meter +NAP tot 3,10 meter +NAP. De Zuid- Willemsvaart heeft een waterstand van 4,75 meter +NAP.
 +
 +In het plangebied bevinden zich terreinen van hoge archeologische waarden. De Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB) heeft een indicatieve kaart archeologische waarden (IKAW) samengesteld.
 +In de buurt bevinden zich bewoningssporen uit de IJzertijd (800 -12 v. Chr.) en de resten van een middeleeuwsklooster op de zanddonk de Eikendonk. Verder zijn er vondsten bekend die duiden op bewoningen uit het Mesolithicum (8800-4900 v. Chr.) tot de late Middeleeuwen. De polder is vooral vanaf de Bronstijd, IJzertijd, Romeinsetijd en Middeleeuwen intensief bewoond geweest.
 +In het plangebied werden in 1983, 1984 en 1993 voorafgaand aan een grootschalig ontgronden door de Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek te Amersfoort een opgraving uitgevoerd.
 +In 1983 werd er een proefsleuf door de ROB gegraven.
 +In 1984 werd een terrein van 2,80 Ha volledig onderzocht. (coördinaten 151,920/409,680)
 +Het opgravingsvlak was nogal verstoord door greppels en kuilen waarin enkele boeren uit de omgeving enige tientallen jaren geleden zand gewonnen hadden.
 +De greppels behoren gedeeltelijk bij een oudere, mogelijke Laat- Middeleeuwse verkaveling of zijn en dele afkomstig van verdedigingswerken uit de Tachtig Jarige Oorlog. Er werden in 1984 in totaal 9 boerderijplattegronden en spiekers herkend uit de Bronstijd.
 +Op bedoeld perceel is er bewoning vanaf de Bronstijd, ( weliswaar met onderbrekingen) tot in de Romeinsetijd geweest. Voorafgaand aan de bewoning van de Bronstijd was er een grafmonument aangelegd.
 +Dit monument bestond uit een kringgreppel (diameter 12,8- 13,6 meter), waarbinnen vier kuiltjes. In drie ervan stond een urn waarin crematieresten bevonden. Een urn behoort tot het Drakenstein- type.
 +In 1993 werd er door de ROB voorafgaand aan een ontgronding een proefsleuf aangelegd. Het doel van deze proefsleuf was de noordelijke grens van de nederzettingen vast te stellen. Vanwege het ontbreken van grondsporen bleek de grens met zekerheid bereikt was.
 +Tijdens de bovengenoemde ontgrondingen werd de bovengrond in depot gezet en circa 80 cm zand afgevoerd. De bovengrond werd weer op de percelen aangebracht. Tijdens de ontgronding werd een solitaire lindeboom gespaard.
 +
 +De nog aanwezige resten van de zanddonk ter plaatse van het voormalige klooster Sint Barbara bevinden zich op een pleistocene zanddonk genaamd de Eikendonk en heeft een kruinhoogte van circa 4,50 meter +NAP. Juist grenzend aan de rijksweg A2 bevinden zich nog enige resten met enkele bomen.
 +Het klooster Sint Barbara werd gesticht in 1475.
 +Toen Sint Barbara op de Eikendonk tot stand kwam, stonden daar reeds enige kloostergebouwen. Ze waren er neergezet door kartuizers. Het complex bestond uit een kerk, een boerderij, een cellencomplex en een kerkhof. Rond 1650 werden de gebouwen gesloopt.
 +In 1967 – 1971 werd voorafgaand aan de aanleg van de rijksweg A2 er een opgraving ter plaatse van het kloostercomplex uitgevoerd.  
 +
 +In 1999 werd tijdens verbredingswerkzaamheden langs de rijksweg A2 werden de flanken van de resten van de zanddonk genaamd de Eikendonk vergraven. Tijdens deze werkzaamheden werd er door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel een IJzertijd niveau waargenomen en gemeld aan de archeologische dienst van de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +De meest noordwestelijke percelen zijn door het ROB aangemerkt als potentiële vindplaatsen.
 +
 +In dit onderzoek zijn de potentieel verdachte percelen op en rondom de bestaande boerderijen niet meegenomen.
 +Door stichting Raap werd 1998 in het kader van de verbreding A2 een archeologisch waarden onderzoek uitgevoerd. Ter plaatse van een reeds bekent vindplaats Eikendonk. Rapport 404. 
 +
 +De bestaande boerderijen in de buurt lozen hun fecaliën in een septictank.
 +
 +
 +====== De Bosschepad ======
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door De Bossche Pad, aan de zuidzijde door de Zuid Willemsvaart en aan de westzijde door de Oostwal.
 +
 +Dit voormalige poldergebied viel onder het Waterschap “Het Stroomgebied van de Aa”. Heden wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap de Maaskant. Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Maas en Aa.
 +
 +De huidige grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de Zuid Willemsvaart (4,50 m.+ N.A.P.) en door de waterstand van de rivier De Aa.
 +
 +De buurt werd in 1920 opgehoogd met zand dat vrijkwam uit de toen ontstane plas “De IJzeren Vrouw”. De bestaande maaiveldhoogte bedroeg hier gemiddeld 2,50 m.+ N.A.P.
 +Na ophoging bedroeg de maaiveld hoogte circa 5,50 m. + N.A.P.
 +
 +De waterstand van de rivier De Aa bedraagt 2,20 m. + N.A.P., maar deze kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 m. + N.A.P.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivier- afzettingen, hier met veen- en leemafzettingen op Pleistoceen zand.
 +
 +De westzijde van dit gebied wordt begrensd door de Oostwal, waar de 17e eeuwse stadsmuur nog in de ondergrond nog aanwezig is. De voormalige stadsgracht werd in het kader van de aanleg van de Zuid- Willemsvaart omstreeks 1825 gedempt met zand, grond en slib dat vrijkwam uit de directe omgeving.
 +De voormalige Kleine Hekel nabij de huidige sluis 0 werd omstreeks 1890 ontmanteld.
 +Tussen 1890 en 1899 werden t.b.v. de ontmanteling van de Vestingwerken de nog gedeeltelijk aanwezige stadsgracht en oude rivierbeddingen van de rivier de Aa vergraven en gedempt. De driehoekige spievorm van deze wijk is een gevolg van de toenmalige plannen om de Zuid- Willemsvaart juist noordelijk van deze wijk te plannen.
 +
 +De vuilwaterriolering in dit gebied bestond uit het zogenaamd Shonesysteem en bestond uit gresleidingen. Ten gevolge van de slechte verbindingen en het wegrotten van de afsluitdeksels van deze gresleidingen verdween in de loop der jaren veel rioolwater in de ondergrond.
 +De huidige Maastrichtseweg werd al vlak na de aanleg van de Zuid Willemsvaart aangelegd. Ten plaatse van de huidige straten Bosschepad hoek Oostwal bevond zich in het einde van de 19e  eeuw en in het begin 20e eeuw een grote loods voor opslag van petroleum.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het gemaal Acaciasingel en heeft een overstort op de rivier de Aa.
 +
 +
 +====== Grevelingen ======
 + 
 +De buurt is een onderdeel van Stadsdeel Oost en is gelegen in een voormalig poldergebied van het Waterschap Het Stroomgebied van de Aa. Heden wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap de Maaskant. Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Maas en Aa.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrenst door rivier de Aa, aan de oostzijde door de Merwedelaan en aan de zuidzijde door de Bosschepad.
 +
 +De gemiddelde maaiveldhoogte in de polder was 2,40 m.+ N.A.P.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van de rivier de Aa, hier plaatselijk met veel veen- en leemafzettingen op Pleistoceen zand. De dikte van het plaatselijke aanwezige veenpakket varieert van 0,50 m. tot 1,50 m.
 +
 +De grondwaterstand was in dit poldergebied 2,20 m. + N.A.P.
 +De waterstand in de zuidelijk gelegen Zuid Willemsvaart bedraagt 4,50 m.+ N.A.P. De waterstand in de rivier De Aa bedraagt 2,20 m. + N.A.P. en kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 m. + N.A.P.
 +De huidige grondwaterstand in dit gebied is gemiddeld 3,30 m. + N.A.P. en wordt door bovengenoemde waterstanden van de rivier De Aa en door de kwel van de Zuid- Willemsvaart sterk beïnvloed.
 +
 +Bodemkundig noemen wij deze vlak en laaggelegen delen van het zandlandschap “Beekeerdgronden” met kleidek (dunne rivierklei vermengd met en op Pleistoceen zandgrond). (z.g. gebroken gronden) en bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +In 1958 werd hier begonnen met het ophogen met zand. Dit ophogen geschiedde met zand dat werd opgezogen uit de toen ontstane Oosterplas door N.V. Baggermaatschappij Bos en Kalis. (bestek 10 – dienst 1956).
 +Het was bekend dat voor opspuiting van dit plan Oost er meer veen in dit gebied aanwezig was dan verwacht. Er werden nieuwe boringen verricht voor het bepalen van de veendikten. Hierdoor besloot men ter plaatse van de toekomstige wegcunets de aanwezige veenputten af te graven. Na ophoging was de maaiveldhoogte ± 5,70 m.+ N.A.P.
 +De aanwezige waterlopen en een gedeelte van de voormalige Dungense Vaartgraaf werd opgeschoond en de vrijgekomen baggerspecie werd op de naast gelegen percelen uitgespreid. Een gedeelte van de bestaande humuslaag werd afgegraven en verwerkt in een kade langs de rivier De Aa en langs het afleidingskanaal.
 +Perceel 422 met boerderij, (Gelegen in de driehoek tussen de rivier de Aa en het Afleidingkanaal), viel buiten de ophoging omdat er geen overeenstemming kon worden gesloten met de eigenaar. Dit perceel werd later omstreeks 1970 opgehoogd. Per plaatse van deze boerderij werd van 1945 tot 1949 veel huisvuil, bedrijfsafval gestort.
 +
 +De huidige grondwaterstand in dit gebied is gemiddeld 3,30 m. + N.A.P. De waterstand in de juist noordelijke gelegen rivier de Aa is gemiddeld 2,20 m. + N.A.P. en kan echter bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 m. + N.A.P.
 +
 +Het is bekend dat omstreeks 1960 de rivier de Aa sterk vervuild was met o.a. rioolslik en slibhoudend zand. Dit vervuilde slib werd door het Waterschap “Het Stroomgebied van de Aa” opgebaggerd. 
 +Er werd tussen Berlicum en de uitmonding van de Aa en de Dieze totaal ± 25,000 m3 slib gestort in de Ertveldplas en nabij de Stenenkamerplas.
 +
 +De huidige kruinhoogte van de Rijnstraat is heden ± 5,97 m. + N.A.P.
 +Door dit gebied lag het voormalige afleidingkanaal van de Zuid- Willemsvaart naar de rivier De Aa.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het gemaal Acaciasingel en heeft een overstort op de rivier de Aa.
 +
 +
 +====== Aawijk zuid ======
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de rivier de Aa, aan de westzijde door Merwedelaan, aan de oostzijde door de Rijksweg A2 en aan de zuidzijde door de Zuid Willemsvaart.
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied dat beheerd werd door het waterschap “Het Stroomgebied van De Aa”. Heden wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap de Maaskant. Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Maas en Aa.
 +
 +De gemiddelde maaiveldhoogte van dit poldergebied was vóór het ophogen gemiddeld 2,55 meter +NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van de rivier De Aa, plaatselijk met veel veen- en leemafzettingen op Pleistoceen zand.
 +
 +In 1954 werden enkele grondboringen verricht ten behoeve van het uitbreidingsplan
 +’s-Hertogenbosch-Oost. Rapport Stiboka Wageningen, d.d. 3 dec. 1954 (onderzoek bodemgesteldheid).
 +De dikte van de plaatselijk aanwezige veen- en kleilaag varieert van 0,50 m tot 1,50 m.
 +De grondwaterstand was circa 2,20 meter +NAP. De waterstand in de zuidelijk van dit gebied gelegen Zuid-Willemsvaart is circa 4,50 meter +NAP.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze vlak- en laaggelegen delen van het zandlandschap, beekeerdgronden met kleidek (dun rivierkleidek, vermengd met en op Pleistoceen zand (zogenoemde gebroken gronden), die bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand met een kleidek van 15-40 cm dik.
 +
 +Tengevolge van de plaatselijk aanwezige veenlagen werd in 1956 een aanvullend onderzoek uitgevoerd om deze te traceren. (zie tekening nr. 17381 van gemeentewerken). Voorafgaande aan de uitvoering van de ophoging werden de veenpakketten ter plaatse van de toekomstige wegcunetten afgegraven, dit om zettingen te voorkomen.
 +
 +In 1959 werd begonnen met het ophogen van het poldergebied met zand.
 +Dit zand werd opgezogen uit de toen ontstane Oosterplas door N.V. Baggermaatschappij Bos en Kalis, Sliedrecht, bestek 10 dienst 1956. 
 +Na ophoging was de gemiddelde maaiveldhoogte 5,70 meter +NAP.
 +De afwerkhoogte in het gebied bedraagt gemiddeld 5,85 meter +NAP.
 +
 +De huidige grondwaterstand is gemiddeld 3,30 meter +NAP.
 +Deze grondwaterstand wordt beïnvloed door kwel uit de Zuid-Willemsvaart en door de waterstand van de rivier De Aa. Deze waterstand kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 meter +NAP.
 +
 +Het gedeelte van de buurt rondom De Oosterplas is niet opgehoogd. Hier werd alleen grondverbetering toegepast. De huidige maaiveldhoogte rond de Oosterplas bedraagt gemiddeld 3,00 meter +NAP.
 +De waterstand van de Oosterplas bedraagt 2,10 meter +NAP.
 +De kruinhoogte van de noordelijke dijk langs de Zuid-Willemsvaart (Maastrichtseweg) varieert van 6,30 m + tot 7,00 meter +NAP.
 +
 +Het gedeelte van de wijk genaamd De Putten langs Maastrichtseweg werd reeds in 1933 opgehoogd. Vanaf de aanwezige rechterkanaaldijk werd 70 m1 vanaf deze dijk opgehoogd.
 +De riolering van de woningen langs de Maastrichtseweg werd aangesloten op een afvoerkanaaltje nabij Sluis 1 van de Zuid- Willemsvaart.
 +Het benodigde zand werd opgezogen uit de rivier De Aa.
 +Na het gereedkomen van de woningen van de wijk De Putten is door bewoners en een plaatselijke aannemer veel huisvuil en bouw- en sloopafval gestort op een perceel gelegen in de directe omgeving van de Javastraat. 
 +Deze vuilnisbelt werd, voorafgaande aan de ophoging van 1956, niet afgevoerd maar slechts geëgaliseerd. Voor het onderzoek van deze stortplaats, zie rapport GEO survey, Cuijk 1993 nr. 93,695/P93111.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel en loost op het gemaal Acaciasingel en heeft een overstort op de rivier de Aa.
 +
 +
 +====== Bedrijvenpark De Brand ======
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de rijksweg A2, aan de noordoostzijde door de rivier de Aa en aan de zuidzijde door de Zuid Willemsvaart.
 +
 +De voormalige polder werd waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap “Het stroomgebied van de Aa, met een gemiddelde maaiveldhoogte van circa 3,40 meter +NAP. Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt was grotendeels gelegen binnen de gemeente grenzen van de gemeente Den Dungen. 
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van de rivier de Aa. Hier plaatselijk met veel veen en leemafzettingen op Pleistoceen zand. De dikte van dit plaatselijk aanwezige veen- en leempakket varieert van 0,50 tot 1,50 meter dik. Bodemkundig noemen we deze vlak en laag gelegen delen van het zandlandschap beekeerdgronden met een kleidek van dunne rivierklei vermengd met en op Pleistoceen zand zogenaamde gebroken gronden en bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +In dit poldergebied werden in 1954 enkele grondboringen verricht ten behoeve van het uitbreidings-plan ’s-Hertogenbosch –Oost. Rapport 385 van Stiboka Wageningen d.d. 3 dec. 1954, (onderzoek bodemgesteldheid).
 +
 +De grondwaterstand in dit voormalige poldergebied was circa 2,20 meter +NAP. De waterstand in de zuidelijk gelegen Zuid Willemsvaart bedraagt 4,50 meter +NAP. De waterstand in de noordoostelijk gelegen rivier de Aa is meestal 2,20 meter +NAP. Deze waterstand kan echter bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,50 meter +NAP.
 +
 +Volgens de bodemkaart komt ter plaatse van de buurt grondwatertrap III voor. Dit wil zeggen, dat de gemiddelde hoogste grondwaterstand op minder dan 40 centimeter beneden het maaiveld wordt aangetroffen en de gemiddeld laagste grondwaterstand op 80 -120 centimeter beneden het maaiveld.
 +De laatste ruilverkaveling heeft een verbetering van het waterlopenstelsel en de ontwatering enigszins gunstig beïnvloed.
 +
 +Zowel het freatische water als het grondwater in het eerste watervoerende pakket stroomt in het algemeen in noordwestelijke richting. Het waterpeil in de westelijk gelegen Oosterplas heeft een streefpeil van 2,10 meter +NAP. De maaiveldhoogte in de buurt varieerde in 1964 van 3,00 tot 4,50 meter +NAP.
 +
 +In 1971 werd de rijksweg A2 gelegen ten westen van de buurt aangelegd (inclusief afwaterings-kanaal).
 +
 +In 1975 bestonden plannen om een afvalverwerkingsplaats in de buurt aan te leggen. Zie rapport stichting Vuilbank, rapport nr. 75,1. De plannen werden niet uitgevoerd. Aanvullend op dit onderzoek bleek dat de polder een zomerpeil heeft van 2,70 meter +NAP en een winterpeil van 2,20 meter + NAP. In de noordwest hoek van de buurt bevindt zich een syfon onder de rivier de Aa, die de Stenenkamerplas verbindt met het waterlopenstelsel van de buurt. Door de Rijks Geologische Dienst gevestigd in Nuenen, werd in 1984 in opdracht van de R.W.S een geologisch onderzoek verricht ten behoeve van het geohydrologische onderzoek bij de verbetering van de Zuid Willemsvaart. Rapport BP 19403 d.d. 1984.
 +
 +In opdracht van het Stadsgewest heeft Bureau Maas in januari 1989 een rapport uitgebracht genaamd “Landschappelijke inpasbaarheid van een bedrijventerrein “De Brand” in de stadsregionale structuur.
 +In 1990 werd door de gemeente Den Dungen en de gemeente ’s-Hertogenbosch aan adviesbureau voor ruimtelijk beleid, ontwikkeling en inrichting (RBOI- Rotterdam b.v.), opdracht gegeven een ontwerp voor het bestemmingsplan voor te bereiden (Plan nr. 591700 januari 1990).
 +
 +Langs de Beunsingsedijk op perceel F 254 heeft tot omstreeks 1975 een boerderijtje gestaan. Deze boerderij stond er al voor WOII. Perceel F254 werd tussen 1975 en 1981 grotendeels twee meter opgehoogd.
 +
 +In de noordwest hoek van de buurt is sinds 1979 een werkplaats van de dienstkring Crevecoeur (RWS), met opslag zout en dergelijke. Dit perceel is omstreeks 1979 opgehoogd tot circa 6,50 meter +NAP met grond van onduidelijke herkomst. Het huishoudelijke water en fecaliën lozen via een septic-tank naar open water.
 +
 +In 1995 werd gestart met het bouwrijp maken van de buurt. Voor de ophoging werd tot 3,70 meter +NAP zand opgebracht (gemiddeld ophoging circa 0,40 meter). Het winterpeil werd gehandhaafd op 2,20 meter +NAP. en het zomerpeil werd gehandhaafd op 2,70 meter +NAP. Het vrijkomende zand uit weg en rioolcunetten werd gebruikt voor het ophogen van het terrein.
 +
 +In 1997 werd een depot grond vermengd met ijzeroerbrokken na overleg met bevoegd gezag verwerkt binnen het plangebied op een perceel S 729 gelegen in de zuidoosthoek van de buurt en wel tussen de waterloop langs De Tweeling en de Zuid Willemsvaart.
 +
 +Het perceel S 726 is in het verleden opgehoogd met grond van onduidelijke herkomst. In de zuidoosthoek stonden tot 1996 enkele arbeiderswoningen. In het kader van het bouwrijp maken werden deze woningen gesloopt.
 +
 +Op een perceel gelegen aan De Boogschutter werd in 1999 een gronddepot bemonsterd door Sialtec B.V. Het betrof een depot met een volume van circa 13.000 m³ grond die was vrijgekomen bij het bouwrijp maken van het industrieterrein. Uit het onderzoek bleek dat het depot grotendeel schone grond was. Enkele deelpartijen waren categorie 1 grond. In één deelpartij werden ijzeroerbrokken aangetroffen, deze partij was sterke verontreinigd met arseen. 
 +
 +Op een perceel gelegen aan het Sterrenbeeld kadastraal bekend onder nr. S637 ged. werd in oktober van het jaar 2000 circa 550 m³ categorie-1 grond gemeld aan bevoegd gezag en verwerkt op het oude maaiveld (2,85 meter +NAP . Ter plaatse werd 0,62 meter categorie-1 grond aangebracht.
 +
 +In mei 2000 werd tevens op perceel S 637 ged. 3600 m³ categorie-1 grond gemeld aan bevoegd gezag en verwerkt. Langs de straat genaamd Sterrenbeeld en De Boogschutter werd (en wordt) regelmatig illegaal bouw en sloopafval, asbest en grond door derden gestort.
 +
 +De buurt heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel welke loost op gemaal Vinkel en heeft regenwateruitmondingen op de waterlopen.
 +
 +
 +====== Hinthamerpoort ======
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Westenburgerweg, aan de oostzijde door de Lagelandstraat, aan de zuid – en westzijde door de rivier de Aa.
 +
 +Deze buurt werd in 1920 opgehoogd en voor een klein gedeelte in 1930 opgehoogd.
 +
 +De buurt is te wordt ook wel “Oranjebuurt” genoemd.
 +De bestaande maaiveldhoogte was gemiddeld 2,90 m. + N.A.P.
 +Na ophogen was de gemiddelde maaiveldhoogte 5,90 m.+ N.A.P.
 +Dit voormalige poldergebied werd beheerd door het Waterschap de Ertveld en Vliert en door het waterschap Het Stroomgebeid van de Aa.
 +
 +Vanaf januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen, hier met veen- en leemafzettingen op Pleistoceen zand.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden beekeerdgronden en enkeerdgronden en bestaan in de bovengrond uit leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +De huidige grondwaterstand in deze gebieden wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de IJzeren Vrouw ( 2,10 m. + N.A.P.) en de waterstand in de rivier De Aa. De waterstand van de rivier de Aa bedraagt meestal 2,20 m. + N.A.P. en kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 m. + N.A.P.
 +
 +De zogenaamd Oranjebuurt werd omstreeks 1920 opgehoogd met zand dat vrijkwam uit de IJzeren Vrouw.
 +De huidige Graafseweg was voor ophoging al aanwezig en had een profielbreedte van circa 25 meter.
 +Langs deze weg ontstond al in de 17e eeuw lintbebouwing met kleinschalige industriebedrijven.
 +
 +De vuilwaterriolering van de Oranjebuurt bestond uit het zogenaamd Shonesysteem en bestond uit gresleidingen. Ten gevolge van slechte verbindingen en het wegrotten van de afsluitdeksel kwam er in de loop der jaren veel vervuild rioolwater in de ondergrond.
 +
 +In de Oranjebuurt bevinden zich onder diverse asfaltwegen en de klinkerbestratingen nog funderingslagen van grof puin.
 +
 +Het is bekend dat er langs de Westenburgerweg aan de zijde van het talud van de IJzeren Vrouw in het verleden veel illegaal afval werd gestort.
 +Ter plaatse van de huidige meander langs het Hinthamerbolwerk in de rivier de Aa bevond zich omsteek 1918 een militaire zweminrichting in de een verbreed gedeelte van de rivier.
 +
 +In een strook grond ter plaatse van de straten genaamd, het Muntelbolwerk en het Hinthamerbolwerk bevinden zijn nog restanten van raveelwerken met muren en grondophogingen in de ondergrond. Deze behoorde tot de 17e eeuwse verdedigingswerken van de stad. In de rivier De Aa is slib klasse 4 aanwezig en de taluds van deze rivier zijn hierdoor mogelijk ook vervuild. 
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op gemaal Westenburgerweg ent een overstort op de rivier de Aa.
 +
 +
 +====== Graafsewijk Zuid ======
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Graafseweg, aan de oostzijde door de Pater van de Elzenstraat en de Dr. Poelstraat, aan de zuidzijde door de rivier de Aa en aan de westzijde door de Lagelandstraat.
 +
 +Dit voormalige poldergebied werd beheerd door het Waterschap de Ertveld en Vliert en door het waterschap Het Stroomgebied van de Aa. Sinds 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De bestaande maaiveldhoogte van de polder was gemiddeld 2,90 meter + N.A.P. Na ophogen was de gemiddelde maaiveldhoogte 5,90 meter + N.A.P.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen, hier met veen- en leemafzettingen op Pleistoceen zand. Bodemkundig noemen we de gronden beekeerdgronden en enkeerdgronden en bestaan in de bovengrond uit leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +De huidige grondwaterstand in deze gebieden wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de IJzeren Vrouw (2,10 meter + N.A.P.) en de waterstand in de rivier De Aa. Deze waterstand bedraagt 2,20 meter + N.A.P. en kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 meter + N.A.P.
 +
 +De buurt wordt ook wel “Dageraadseweg” genoemd en werd omstreeks 1930 opgehoogd met zand dat vrijkwam uit de “Verbeteringswerken van de Maas” (omgeving Lith). Dit zogenaamd ballastzand was vervuild met leemballen en veenafzettingen en werd door middel van een persleiding vanaf de Dieze (Vogelwijk) opgespoten. Dit zand werd aangebracht door N.V. Aannemingsbedrijf voorheen Firma T. den Breejen van den Bout.
 +
 +De vuilwaterriolering van de buurt bestond uit het zogenaamd Shonesysteem en bestond uit gresleidingen. Ten gevolge van slechte verbindingen en het wegrotten van de afsluitdeksel kwam er in de loop der jaren veel vervuild rioolwater in de ondergrond.
 +
 +In de buurt “Dageraadseweg” bevinden zich onder diverse asfaltwegen en de klinkerbestratingen nog funderingslagen van grof puin. Het speelterrein gelegen aan de Cederstraat werd omstreeks 1990 opgehoogd met grond afkomstig van diverse werken.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het gemaal Acacialsingel en heeft twee overstorten op de rivier de Aa.
 +
 +
 +====== Aawijk noord ======
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de van Broeckhovenlaan, aan de westzijde door de Dr. Poelsstraat en de oostzijde door de de plas genaamd Het IJzeren Kind en aan de zuidzijde door de rivier de Aa. 
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied dat werd beheerd door het waterschap “Het Stroomgebied van de Aa”, met een gemiddelde maaiveldhoogte van 2,55 meter +NAP.
 +Vanaf 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap de Aa en Maas.
 + 
 +Geologisch behoren de gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van rivier De Aa, plaatselijk met veel veen– en leemafzettingen op Pleistoceen zand.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze kalkloze zandgronden beekeerdgronden. Ze bestaan uit een kleidek (dunne rivierafzettingen vermengd met en op Pleistoceen zand). Tevens zijn hier zogenoemde “gebroken gronden” aanwezig, die bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +In het gebied was plaatselijk in de bovengrond een veenpakket van 70 cm aanwezig. In enkele oude geulen zijn deze veenpakketten dikker dan 70 cm.
 +
 +De grondwaterstand in het poldergebied was vóór de ophoging 2,20 meter +NAP.
 +De waterstand in de zuidelijk aangrenzende rivier De Aa bedraagt 2,20 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 meter +NAP.
 +In 1958 is begonnen met het ophogen van de wijk, genaamd Aawijk Noord.
 +Het benodigde zand werd opgezogen uit de toen ontstane Oosterplas (bestek 10 dienst 1956).
 +Na ophoging was de maaiveldhoogte circa 5,70 meter +NAP.
 +De waterstand in de oostelijk van dit gebied gelegen plas Het IJzeren Kind bedraagt 2,00 meter +NAP.
 +De huidige grondwaterstand is gemiddeld 2,40 meter +NAP.
 +Het freatische grondwater stroomt globaal in noordwestelijke richting. 
 +Alleen nabij de rivier De Aa en Het IJzeren Kind is de grondwaterstroming complexer.
 +
 +Het huidige sportcomplex OVH is omstreeks 1964 opgehoogd tot 3,60 meter +NAP. 
 +De waterstand in de waterloop rondom dit complex bedraagt 2,00 meter +NAP.
 +Tijdens de aanleg van het sportpark werden hier circa 12 cm sintels aangebracht.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het gemaal Acaciasingel en heeft bij het bergbezinkbassin Dr. Poelstraat een overstort op de rivier de Aa.
 +Buurt Graafsebuurt noord 0304.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Nijmegen, aan de westzijde door de van Grobbendoncklaan, aan de oostzijde door Jasmijnstraat, aan de zuidzijde door de Graafseweg, Pater van de Elzenstraat en de van Broeckhovenlaan.
 +Genoemde buurt is historisch in vier kleinere deelwijken onder te verdelen.
 +
 +Wijk 1a: behoort bij het voormalige uitbreidingsplan Graafseweg-Oost, lag in een voormalig poldergebied en behoort geologisch tot de jongere pleistocene en holocene rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden beekeerdgronden en enkeerdgronden.
 +Dit zandlandschap bestaat hier uit kalkloze zandgronden met in de bovengrond leemarm en zwaklemig fijn zand en plaatselijk een humushoudende zandlaag. Deze humushoudende bovengrond is ontstaan door eeuwenlange bemesting.
 +Dit poldergebied was genaamd “De Koekamp”.
 +Het poldergebied werd tot 1946 waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap “De Polders Vliert en Ertveld”. Vanaf 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De maaiveldhoogte in dit gebied was hier tot 1946 gemiddeld 3,25 m + N.A.P.
 +In 1946 werd gestart met het ophogen van het gebied. Dit ophogen geschiedde met sterk verontreinigd zand, dat door middel van kipkarren circa 3 meter dik werd aangebracht. Deze “verontreiniging” bestond uit veen, klei en teelaarde.
 +Het zand werd per schip aangevoerd vanaf de Maas en in de Industriehaven overgeladen in kipkarren.
 +De huidige kruinhoogte varieert hier van 5,66 m + N.A.P tot 5,81 m + N.A.P.
 +In dit gebied zijn t.g.v. de ophogingswerken twee grondwaterstanden aanwezig, namelijk een grondwaterstand boven het oude poldermaaiveld, ( gemiddeld 3,30 m + N.A.P.) en een onder het oude poldermaaiveld (gemiddeld 2,00 m + N.A.P.).
 +De waterstand in de oostelijk gelegen plas “De IJzeren Vrouw” bedraagt 2,10 m. + NAP.
 +
 +Wijk: 1b: Voormalige tuinderij (gelegen tussen de Graafseweg en de Aartshertogenlaan).
 +
 +Deze wijk is grotendeels niet opgehoogd en er bevindt zich nog een oude vijver. De waterstand in deze vijver was omstreeks 1946 gemiddeld 2,43 meter +NAP. De huidige waterstand van deze vijver is niet bekend. De oppervlakte van de vijver was in 1946 circa 5,000 m2.
 +Tussen 1946 en heden is deze een aantal malen gedeeltelijk gedempt en gedeeltelijk uitgebreid.
 +De huidige oppervlakte van de vijver bedraagt heden circa 1,200 m2.
 +
 +Aan de zijde van de Rogier van der Weydenstraat, Graafseweg en de Aartshertogenlaan zijn in het verleden diverse kavels opgehoogd tot gemiddeld 5,80 meter +NAP.
 +
 +De wijken 1a en 1b hebben een gemengd rioolstelsel en lozen op het gemaal Acaciasingel en hebben een overstort op de rivier de Aa.
 +
 +**Wijk 1c. Sportpark De Vliert.**
 +
 +Bedoelde wijk ligt in een voormalig poldergebied genaamd “De Bossche Hoven” en werd beheerd door het waterschap “De Polders Vliert en Ertveld”. Vanaf 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere pleistocene rivierafzettingen en ze bestaan in de bovengrond uit leemarm en zwaklemig fijn zand. We noemen deze hier gebroken gronden, die bestaan uit zanderige kleigronden op een ondergrond van zand. De structuur is ongunstig omdat de gronden zeer snel dichtslempen. De bovengrond is tijdens droge perioden steenhard tengevolge van uitdroging. Ook is bekend dat zich in dit gebied veel ijzeroerbanken bevinden op een diepte van 1,50 tot 2,00 meter min maaiveld.
 +Tengevolge van oorlogshandelingen in oktober 1944 zijn in dit gebied veel blindgangers terechtgekomen. Tevens waren er vier zogenoemde Flak-stellingen van de Duiters aanwezig ter plaatse van het huidige hoofdveld van het stadion.
 +
 +Tot 1948 waren de gronden eeuwen in gebruik als weide– en akkergronden.
 +In 1948 werd begonnen met de aanleg van het sportpark Oost.
 +De maaiveldhoogte in dit poldergebied was gemiddeld 3,00 meter +NAP. 
 +
 +Tijdens de uitvoering ontstond onenigheid met betrekking tot de uitvoering van de grondwerkzaamheden, dit mede in verband met de slechte waterdoorlatendheid van de aangelegde speelvelden. Door de Heidemij is een aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd om de ondoorlaatbare grondlagen te traceren. Uit dit onderzoek bleek dat zich vlak onder de aangebrachte teelaardelaag (dikte 30 cm) een ondoorlaatbare laag van gemiddeld 30 cm bevond.
 +Dit was een grotendeels dichtgeslempte oude teelaarde- en zodelaag. Naar aanleiding van het rapport werd besloten een herbewerking van de bovenste 60 cm uit te voeren.
 +
 +De waterstand in de waterlopen rondom het sportpark varieerde van 1,80 meter +NAP tot 2,00 meter +NAP. 
 +De waterstand in deze waterloop is tengevolge van reconstructiewerken in het verleden gemiddeld opgelopen tot 2,10 meter +NAP. Heden worden plannen ontwikkeld om deze waterstand terug te brengen tot 1,80 meter +NAP. Tot 1979 loosden de vuilwaterriolen van het sportpark door middel van overstorten rechtstreeks in deze waterlopen.
 +Op het sportterrein is in de periode 1953 tot 1993 diverse malen het onkruidbestrijdingsmiddel Lirogazon gebruikt. Dit middel bevat 2,4 – D MCPA, mecoprop en dicamba- triethanolaminezout, respectievelijk 200 G/L (als 2,4 D) en 150 G/L (als MPCA), 100 G/L (als mecoprop) en 40 G/L als dicamba.
 +Het oude poldermaaiveld varieerde hier van 2,75 m + tot 3,40 meter +NAP.
 +
 +Ten behoeve van het bouwrijpmaken van het dijklichaam rondom het hoofdterrein werd circa 39,000 m3 zand en 17,700 m3 teelaarde aangevoerd vanaf de hoogliggende gronden langs de zogenoemde Tweeberg te Rosmalen.
 + 
 +De huidige maaiveldhoogte in dit gebied varieert van 2,70 meter +NAP tot 3,20 meter +NAP.
 +De oude sintelbaan is in 1996 ontgraven en verwerkt in een gronddam die is gelegen aan de noordzijde van het hoofdveld.
 +Tijdens een onderzoek ter plaatse van de oude ijsbaan werd in 1993 een ijsmassa van 17,000 m3 met een diepte van 10 meter waargenomen. 
 +
 +Het plaatselijke, freatische grondwater stroomt in noordelijke richting.
 +
 +De wijk 1c heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel en loost op het gemaal Acaciasingel. Het regenwaterriool heeft uitmondingen op de waterlopen.
 +
 +**Wijk: 1 d. Het Hinthamerpark.**
 +
 +Dit gebiedje valt geologisch onder de holocene rivierafzettingen met daaronder pleistocene grofzandige, grindhoudende rivierafzettingen. Deze holocene afzettingen bestaan uit een dik pakket fijne zanden, waarin leemlagen voorkomen. In verticale zin wordt dit pakket beschouwd als slecht doorlatend, gezien de aanwezige horizontale leemlagen. De freatische grondwaterspiegel bevindt zich op gemiddeld 2,00 meter +NAP. De regionale grondwaterstroming in het eerste watervoerend pakket is overwegend noordwestelijk gericht.
 +
 +De woonwijk het Hinthamerpark is omstreeks 1923 opgehoogd met zand dat vrijkwam uit de toen ontstane plas “Het IJzeren Kind”. Dit perceel van ontgronding werd St. Antoniuskampke genoemd.
 +Een klein gedeelte van deze wijk ten westen van het noordelijke gedeelte van de Seringenstraat is omstreeks 1933 opgehoogd met vrijkomend zand uit enkele uitlaagpercelen uit Rosmalen en Hintham-Noord. 
 +De maaiveldhoogte na ophoging bedroeg 5,85 meter +NAP. De woningen werden gefaseerd aangelegd vanaf 1920 tot 1954. Tengevolge van oorlogsschade in 1944 zijn veel huizen in deze wijk totaal vernield en na 1950 weer herbouwd.
 +Ter plaatse van de woningen Boterweg 13 t/m 59 zijn de achtertuinen door diverse bewoners gedeeltelijk opgehoogd. 
 +Het gedeelte van de wijk ten zuiden van de Boterweg met als grens de Van Broeckhovenlaan is tot omstreeks 1950 braak blijven liggen en is gedeeltelijk in enkele fases opgehoogd tot 5,85 meter +NAP.
 +In het gebiedje bevindt zich nog een laagliggend gedeelte met een waterpoel. De gemiddelde maaiveldhoogte is heden 4,00 meter +NAP. Het oude polderpeil in dit gebied was omstreeks 1920 ongeveer 2,50 meter +NAP. De waterloop in het gebied heeft een waterstand van 1,80 meter +NAP.
 +
 +De wijk 1d heeft een gemengd rioolstelsel en loost op het gemaal Acaciasingel.
 +
 +
 +====== Hintham Zuid ======
 + 
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de straat genaamd Hintham, aan de oostzijde door de Rijksweg A2, aan de zuidzijde door de rivier de Aa en aan de westzijde door Vincent van Goghlaan, een wandelpad langs de plas het IJzeren Kind en de Jasmijnstraat.
 +
 +Deze wijk is gelegen in een voormalig poldergebied dat werd beheerd door het waterschap “Het Stroomgebied van De Aa”. Vanaf 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +De gemiddelde maaiveldhoogte in dit poldergebied was 2,90 meter +NAP.
 +
 +Juist ten oosten van het oude gehucht Hintham, en dwars over de Graafseweg, (heden de straat genaamd Hintham), lag in de 17e eeuw het Fort Willem. Dit fort had een oppervlakte van circa 3 ha en bestond uit grachten en borstweringen van grondwallen. In de 19e eeuw raakte dit fort sterk in verval.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen en ze bestaan in de deklaag uit matig doorlatend en uiterst tot middelgrof zand afgewisseld met middel- tot uiterst fijn zand met sliblaagjes. Sporadisch komen juist onder de deklaag veen - en leemlagen voor.
 +Bodemkundig noemen we deze kalkloze zandgronden beekeerdgronden die bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand met een kleidek van 15-40 cm dik en een gedeelte van deze wijk heeft hoge zwarte enkeerdgronden die bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +De huidige stijghoogte van het freatische grondwater bedraagt ca. 3,00 meter +NAP.
 +De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de rivier De Aa. De waterstand van rivier De Aa is meestal 2,20 meter +NAP en kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 meter +NAP. 
 +De grondwaterstroming van het eerste watervoerende pakket is noordelijk.
 +
 +De waterstand in Het IJzeren Kind bedraagt 2,00 meter +NAP. Het IJzeren Kind bestond oorspronkelijk uit drie kleinere ontgrondingplassen. De plas het IJzeren Kind bestond in 1944 uit twee kleine plassen. De noordwestelijke plas was in 1944 nog niet aanwezig. Deze plas was tot 1964 groter dan heden. Het noordoostelijke deel, (omgeving huidige De Biechten), van deze plas werd na 1960 gedempt met grond en slib. Het opgebrachte slib werd door de baggermaatschappij Prins van Wijngaarden met de baggermolen genaamd Sliedrecht opgebaggerd vanuit de rivier de Aa, en wel vanaf de Muntelbrug tot de Dungensebrug, geladen in onderlossers en verwerkt nabij de Stenenkamerplas. Dit slib werd door de Fa. Heijmans met een zuiger opgezogen en gespoten naar Hintham Zuid, nabij de huidige Biechten. 
 +Omstreeks 1960 is begonnen met het ophogen van dit gebied. Het benodigde zand werd mede gewonnen uit de toen ontstane Stenenkamerplas. 
 +Na ophoging was de gemiddelde maaiveldhoogte 4,50 meter +NAP.
 +
 +De lintbebouwing langs de straat genaamd Hintham, is reeds ontstaan in de 17e eeuw en de kruinhoogte van deze weg varieert van 5,70 m + tot 6,70 meter +NAP. Vanaf de 17e eeuw zijn langs deze weg incidenteel aanhogingen aan de achterzijde van de percelen aangebracht. In de lintbebouwing bevonden en bevinden zich diverse kleinschalige bedrijfsindustrieën.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op de buurt Rosmalen centrum en heeft een bergbezinkbassin bij de Vincent van Goghlaan met een overstort op het IJzeren Kind.
 +
 +
 +====== Hintham-Noord ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied dat beheerd werd door het waterschap 
 +“De polders van Vliert en Ertveld”. Vanaf 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +Het zomerpeil in deze polders was 2,00 meter +NAP.
 +De grondwaterstand was gemiddeld 2,10 meter +NAP. 
 +De grondwaterstroming van de deklaag en het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk gericht.
 +
 +Geologisch bevinden we ons hier in een overgangsgebied tussen zand- en rivierlandschap. De bovengrond bestaat hoofdzakelijk uit humeuze klei. In de ondergrond is humusarm zand aanwezig. Plaatselijk werden in dit gebied puin, slakken, hout, as- en veenresten in de bovengrond aangetroffen.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze kalkloze zandgronden gooreerdgronden, die bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand met een kleidek van 15-40 cm dik.
 +  
 +Het is bekend dat hier in het verleden (vanaf de 17e eeuw tot de 20e eeuw) grootschalige uitlaag-en ontgrondingwerkzaamheden hebben plaatsgevonden.
 +Tijdens het bouwrijpmaken zijn de uitlagingen waargenomen, (vergraven zandlagen en vergraven teelaardelagen).
 +
 +Juist ten oosten van het oude gehucht Hintham, en dwars over de Graafseweg, (heden de straat genaamd Hintham), lag in de 17e eeuw het Fort Willem. Dit fort had een oppervlakte van circa 3 ha en bestond uit grachten en borstweringen van grondwallen. In de 19e eeuw raakte dit fort sterk in verval.
 +Op de dijk genaamd de Tweeberg lag in de 18e eeuw een lunette. Er stond een geschutsopstelling. Een verhoogd stuk terrein langs de Tweeberg, waarop heden enkele woningen staan, geeft de plaats van deze lunette nog aan.
 +
 +Langs de Vliertsesteeg is tijdens de aanleg van een tennispaviljoen een met huisvuil dichtgestorte vijver waargenomen. Tijdens het bouwrijpmaken van dit paviljoen werden diverse 11e- eeuwse nederzettingen waargenomen.
 +De gemiddelde maaiveldhoogte bedroeg vóór het bouwrijpmaken 3,00 meter +NAP.
 +De waterstand in de nieuwe waterlopen bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +De huidige grondwaterstand in het gebied is gemiddeld 2,00 meter +NAP.
 +Tengevolge van regionale kwel kan de grondwaterstand plaatselijk oplopen.
 +In 1995 is begonnen met het bouwrijpmaken van het gebied ten noorden van de Wilhelminastraat.
 +De afwerkhoogte werd 3,30 meter +NAP. Tijdens het bouwrijpmaken zijn in de bovengrond veel stoorlagen met veenhoudende laagjes en hout waargenomen. Uit alle bouwputten werden deze stoorlagen afgegraven en aangevuld met schoon zand.
 +De kruinhoogte van de Wilhelminastraat bedraagt circa 4,20 meter +NAP.
 +
 +Het gebied van de wijk ten zuiden van de Wilhelminastraat is reeds omstreeks 1935 bebouwd. Door dit zuidelijke gebiedje loopt een oude dijk genaamd De Tweeberg. De dijk is grotendeels aangelegd in de 17e eeuw. Langs en op de dijk bevinden zich 18e tot 20e- eeuwse bebouwingen.
 +Enkele van deze bebouwingen zijn kleinschalige bedrijven. Plaatselijk worden in dit gebied veel puin en kooldeeltjes in de bovengrond waargenomen.
 +De kruinhoogte van de dijk is gemiddeld 6,70 meter +NAP.
 +Ten zuiden van de Tweeberg werden door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel op enkele akkergronden neolithische werktuigen ontdekt.
 +In 1992 werd een perceel grond gelegen aan de westzijde van de buurt ontgrond. Er werd eerst de bovengrond dik 30 cm ontgraven en in depot gezet en vervolgens werd er circa 1 meter zand ontgraven en afgevoerd. De teelaarde werd vanuit het depot weer verwerkt op het perceel. Tijdens deze ontgronding werd door de archeologische werkgroep Cro Magnon een bewoning uit de IJzertijd en de Vroege Middeleeuwen ontdekt.
 +
 +De buurt heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel welke loost op de buurt Rosmalen Centrum.
 +Het regenwaterriool heeft uitmondingen in de waterlopen.
 +
 +
 +====== De Muntel ======
 + 
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door Willem van Nassaulaan en de Geldersedam, aan de oost – en zuidzijde door de rivier de Aa en aan de westzijde door de Citadellaan.
 +
 +De buurt was gelegen in een poldergebied dat tot 1970 werd beheerd door het waterschap “De Polders Vliert en Ertveld”.
 +Vanaf 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De gemiddelde maaiveldhoogte in dit gebied was vóór ophoging 2,50 
 ++ NAP. De grondwaterstand in de polder was 1,70 meter +NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand en ze bestaan uit zware klei op Pleistoceen zand en leemarm en zwak lemig fijn zand op Pleistoceen zand. Bodemkundig noemen we deze kalkloze zandgronden beekeerdgronden.
 +
 +De Muntel dankt zijn naam aan een oude zijtak van de rivier de Oude Dieze genaamd de Muntel.
 +Van oorsprong stam de naam de Muntel van het woord Munt, o.t.w. Muntelo, een ruig en begroeide drooggelegde moerassige plaats.
 +Enkele geschiedschrijvers menen dat de naam de Muntel of Munt de betekenis van een begraafplaats inhoud. Het is bekend dat er rond 1837 op de Munt gelegen in het huidige Orthen, diverse grafurnen uit de IJzertijd werden opgegraven.
 + 
 +Aan de zuidzijde van de buurt bevindt zich de huidige stadsgracht, genaamd de rivier De Aa.
 +Deze meanderende rivier heeft zijn sporen achtergelaten in de ondergrond van deze wijk. In dit gebied bevinden zich verzande en verveende oude rivierbeddingen van de rivier De Aa. Tussen de 14e en de 19e eeuw liep dit gebied ieder jaar enkele keren onder water. Hierdoor werd slib van de rivier De Aa afgezet op het oude maaiveld. Op een 19e eeuwse kaart staat ten noorden van de huidige rivier de Aa een oude rivier bedding aangegeven met de benaming Oude Aa.( Ter plaatse van de huidige straat van Noremborghstraat).
 +In 1993 werd tijdens het plaatsen van een peilbuis op het Taxandriaplein moerasgas opgeboord. Toen werd besloten om de peilbuis onmiddellijk met bentoniet te dichten.
 +
 +De waterstand in de rivier de Aa is meestal 2,20 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 meter +NAP.
 + 
 +Voor het ophogen van de buurt bevond er zich langs de rivier de Aa een laag dijkje. Bij hoge waterstanden van de rivier de Aa liep de polder ieder jaar onder water. 
 +
 +In 1922 is begonnen met het ophogen van de buurt. Het benodigde zand werd gewonnen uit de noordoostelijk van deze buurt ontstane plas genaamd De IJzeren Vrouw. Opgehoogd werd van 5,10 meter +NAP tot 5,80 meter +NAP. De waterstand in De IJzeren vrouw bedraagt 2,10 meter +NAP.
 +Het vrijgekomen zand uit de plas is zeer grof, zwak ziltig en zwak grindig.
 +
 +In 1923 is in het kader van de werkverschaffing teelaarde (binnenstadsgrond) ontgraven langs de stadsmuur van de Zuidwal en Spinhuiswal. Deze teelaarde werd gebruikt om alle groenstroken en bermen in De Muntel aan te vullen.
 +Het huidige freatische grondwater is hier aangetroffen op 3,10 meter +NAP. Het grondwater stroomt in noordoostelijke richting naar de plas De IJzeren Vrouw.
 +Het is bekend dat in dit gebied sprake is van regionale kwel. Deze kwel beïnvloedt sterk de grondwaterstand, die sterk fluctueert.
 +In 1923 is begonnen met de aanleg van het zogenoemde Shonerioolsysteem.
 +Het is bekend dat tengevolge van diverse lekken in dit oude rioolsysteem veel verontreinigd rioolwater in de ondergrond zakte. In 1979 is het rioolstelsel vervangen.
 +
 +Het gedeelte van de buurt genaamd de Munteltuinen was sinds 1923 in gebruik voor het telen van groenten en landbouwgewassen. Hierbij werd gebruik gemaakt van de gangbare bestrijdingsmiddelen. Oorspronkelijk lag deze kwekerij op een eiland omgeven door de rivier de Aa. Vóór 1965 is het terrein in gebruik geweest als stadskwekerij. In 1884 werd hier langs de rivier De Aa in een verbreed gedeelte als zwembad in gebruik genomen. Deze zwemkom werd in 1923 opgespoten met zand dat vrijkwam uit de rivier De Aa. Dit terrein werd afgewerkt met teelaarde (binnenstadsgrond) die ontgraven werd langs de stadsmuur van de Zuidwal. De gemiddelde maaiveldhoogte in dit gebiedje bedroeg 5,20 meter +NAP en het werd in 1996 verder opgehoogd tot 5,80 meter +NAP. Hier werden in 1995 diverse restanten van oude stadsmuren en raveelwerken aangetroffen met onder andere veel puin en huisafval.
 +De huidige Citadellaan en de Vaaltweg en omgeving behoorden bij het voormalige stort Siberië. Hier werden vanaf 1898 tot 1932 huisvuil en fabrieksafval gestort op het voormalige poldergebied.
 +Het is bekend dat ten gevolge van looduitstoot van de westelijk van dit gebied gelegen loodmeniefabriek Rouppe van der Voort in het verleden de toplaag van bermen en groenstroken verontreinigd werd. 
 +Ter plaatse van de voormalige Munteldijk nr 1 stond tot vlak voor de ophoging van de buurt, op een pleistocene zanddonk, de boerderij met houtzagerij van G. Spierings. Deze boerderij stond nabij de huidige van der Weeghensingel hoek Citadellaan.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het gemaal Citadellaan hoek Vaaltweg en een overstort op de rivier de Aa.
 +
 +Tijdens graafwerkzaamheden rondom de plas De IJzeren Vrouw werden diverse meldingen van Romeinse vondsten aan de Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB) gemeld.
 +
 +
 +====== De Vliert ======
 +
 +De buurt “De Vliert” wordt aan de noordzijde begrensd door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch – Nijmegen, aan de oostzijde door de van Grobbendoncklaan en de Graafseweg, aan de zuidzijde door de Willem van Nassaulaan en de Geldersedam, aan de westzijde door de Orthenseweg.
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied dat tot 1970 werd beheerd door het voormalige waterschap “De Polders Vliert en Ertveld”. Vanaf 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. De gemiddelde maaiveldhoogte was hier 2,30 m + tot 3,00 meter +NAP. De grondwaterstand in deze polder was tot 1937 circa 1,70 meter +NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen en bestaan uit zware klei op Pleistoceen zand en leemarm en zwak lemig fijn zand op Pleistoceen zand. Bodemkundig noemen we deze kalkloze zandgronden, beekeerdgronden. De gronden hebben vaak roestige horizonten en op een geringe diepte zijn ijzeroerbanken aanwezig. 
 +
 +Door deze wijk liep voor 1932 de Vliertsewetering die uitmondde in de Dieze ter plaatse van de Vogelwijk. Deze wetering werd in 1932 gedempt en verlegd langs de spoorlijn Den Bosch/Nijmegen.
 +In de polder bevonden zich drie kleine wielen, namelijk een gedeelte van de zogenoemde Platten Wiel, een wiel nabij de voormalige Koesluis en een kleinere wiel tussen de Platten Wiel en de Koesluiswiel. De wielen zijn in het kader van de ophoging gedempt. 
 +
 +In 1932 is begonnen met het ophogen van deze wijk. Het benodigde zand werd opgezogen uit de Maas bij Lith en per schip aangevoerd naar de Vogelwijk en vandaar met een persstation opgespoten. De bestaande teelaardelaag werd hier niet van tevoren afgegraven. Tijdens het aanbrengen van het zand werden bij de Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek diverse Romeinse vondsten gemeld. De buurt werd opgehoogd tot 5,70 meter +NAP en later afgewerkt tot 5,90 meter +NAP.
 +
 +De huidige van Lanschotlaan werd in de volksmond het “Zwarte pad “ genoemd. In de strook grond tussen de Geldersedam en de Antoon der Kinderenlaan werd omstreeks 1923 binnenstadsgrond afkomstig van de Spinhuiswal als teelaarde laag aangebracht. De zwarte structuur van deze grond is waarschijnlijk debet aan de volksnaam het “Zwarte pad”. Hier was oorspronkelijk de eerste omlegging van de Zuid Willemsvaart hier gepland. 
 +
 +Een twintigtal woningen gelegen aan Ophoviuslaan werden op 22 december 1944 totaal vernield door de inslag van een V1. Aan de Anthonius van Alphenstraat werden tevens enkele woningen totaal vernield door oorlogsgeweld. In de plas de IJzeren Vrouw viel aan het einde van de tweede wereld oorlog een V1. Langs de van Rijckelvorsel van Kessellaan stonden aan het einde van de tweede wereld oorlog honderden militaire voertuigen opgesteld. Ten gevolge van de mislukte aanval door de geallieerden op Arnhem moesten de opgestelde voertuigen met spoed richting Arnhem vertrekken. Er werd veel munitie en brandstof door de geallieerden achtergelaten.
 +
 +Het Prins Hendrikpark was van oorsprong groter dan het huidige park. De van Grobbendoncklaan werd omstreeks 19?? aangelegd en doorsneed aan de oostzijde het park.
 + 
 +In 1970 werd in De IJzeren Vrouw door de baggermaatschappij Boskalis zand opgezogen en verwerkt door middel van persleidingen naar de wijk De Slagen. Tengevolge van instortingen en het afkalven van de noordelijke zijde van het Prins Hendrikpark werden de werkzaamheden stilgelegd. De waterstand in de aangrenzende plas De IJzeren Vrouw bedraagt 2,10 meter +NAP. De waterstand in de noordelijk van deze wijk gelegen spoorsloot bedraagt 1,80 meter +NAP. De grondwaterstand bedraagt 3,50 meter +NAP. Vermoedelijk is hier sprake van grote kwel.
 +
 +De grondwaterstroming van het freatische grondwater is zuid/oost naar noord/west. In de buurt is in 1999 gestart met integraal waterbeheer. De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met maximale afkoppeling. De regenwater riolering loost in de spoorsloot en heeft tevens een infiltratie van het regenwater in de bodem. Het gemengde stelsel loost naar gemaal Citadellaan hoek Vaaltweg.
 +
 +In 1993 werd er een olievervuiling geconstateerd op het talud van de IJzeren vrouw nabij een overstort van een vuilwaterriool. De riolering is bij de sloop van het Brabantbad grotendeels gesloopt.
 +De sporthal genaamd Vinkekamp brandde in 1998 af en werd kort nadien gesloopt. Omstreeks 1999 werd het Brabantbad gesloopt. Tijdens de sloop werd in de ondergrond een oude asfaltverharding en slakkenfundering waargenomen. In de buurt bevindt zich een duiker in de noordelijke punt van de IJzeren Vrouw en loopt naar de van Rijckelvorsel van Kessellaan.
 +
 +Tijdens graafwerkzaamheden rondom de plas De IJzeren Vrouw werden diverse meldingen van Romeinse vondsten aan de Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB) gemeld.
 +
 +
 +====== Orthenpoort ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied genaamd “De polders Vliert en Ertveld”. Dit waterschap ging in 1973 over in het Waterschap de Maaskant. Vanaf 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De maaiveldhoogte in dit gebied was tot 1946 gemiddeld 2,25 meter +NAP. Het gebied wordt gekenmerkt door holocene rivierafzettingen van de rivier de Aa en de Dommel.
 +
 +De buurt wordt aan de west/noordzijde begrensd door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch–Nijmegen, aan de oostzijde door de Orthenseweg en aan de zuidzijde door de rivier de Dieze.
 +
 +De buurt maakte deel uit van een polder met de benaming Jan Toonenland. Bodemkundig noemen we deze gronden klakloze poldervaaggronden met in de bovengrond zware klei. Deze gronden liggen in een delta gebied van de rivieren de Aa en de Dommel. Er bevinden zich hier vele oude rivierbeddingen die in het Holoceen weer opgevuld zijn met overspoeld zand, klei en veen. Deze twee rivieren vloeiden tot de 14e eeuw ten zuidoosten van deze percelen samen in de voormalige rivier de Dieze.
 +
 +In het midden van de 15e eeuw werd de oude loop dan de rivier de Dieze regelmatig gebaggerd. Tot de 17e eeuw liep de hoofdstroom van de rivier de Dieze door de buurt. Ten gevolge van verzandingen werd besloten om de oude diezeloop genaamd het Zwarte Water te dempen en een nieuwe Diezeloop te graven. Door de buurt liep al vanaf de 16e eeuw een waterloop genaamd de Vliertse wetering. Deze wetering mondde uit in de rivier de Dieze door middel van een stoomgemaal en een sluis in de voormalige polder genaamd Siberië ter plaatse van het huidige Gamma terrein. De Vliertse wetering had een diepte van circa 2 meter. Omstreeks 1890 werd door de gemeente begonnen met het storten van huisafval en bedrijfsafval. Vooraf werd plaatse het aanwezige maaiveld, bestaande uit veen ontgraven en als grondruggen verwerkt binnen het terrein.
 +
 +Ter plaatse van de Citadellaan werd eerst de Vaaltweg aangestort met afval. Het stortfront werd steeds naar het westen uitgebreid. De begrenzingen van het stort zijn aangegeven op tekening 51043 van gemeentewerken ’s-Hertogenbosch (Bestemmingsplan Orthenpoort, inventarisatie ter plaatse van het voormalige vuilstort). De buurt stond omstreeks 1900 bekend onder de naam Siberië, in de volksmond de Siep, genoemd. Het noordoostelijke gedeelte van de buurt werd omstreeks 1910 opgehoogd met zand. Op dit gedeelte ontstonden de bedrijven, NV ijzerconstructiebedrijf “Nederland” (later Duli genaamd), de sigarenfabriek Antoni, later de schoenfabriek van Haren en een woonwijk Kogelbloemstraat.
 +
 +Kort na het storten van afval werden de volgende bedrijven gesticht op het stort:
 +a. Fa. van Swaaij ( langs het werfpad).
 +b. Verffabriek Limbra
 +c. Borstelfabriek Wed. Damen langs het werfpad
 +d. Fa Gostelie, langs het Houtpad
 +e. Fabriek voor Stoomwerktuigen langs de Vaaltweg.
 +f. Scheepswerf, later werf gemeentereiniging, langs de Vogelstraat.
 +g. Loodmenie fabriek NV Rouppe Chemie, Later gedeeltelijk De Winter en Beekmans.
 +h. Talkfabrieken, langs de Vaaltweg 
 +i. Paardenslachterijen langs de Vaaltweg
 +j. Darmverwerkingsfabrieken, langs de vaaltweg en Vogelstraat.
 +k. Een woonwagenkamp ter plaatse van de Vogelstraat, later gemeentewerf.
 +l. Kolenhandel de Koning, langs de Vaaltweg. 
 +
 +Ter plaatse van deze bedrijven werd sporadisch een leeflaaf van 50 cm zand aangebracht. 
 +
 +Op het stort bevonden zich grote beerputten, bezinkputten en ontsmettingsovens. In deze beerputten met een inhoud van 300 m³ tot 600 m³ werd beer uit beerputten van de binnenstad van ’s-Hertogenbosch aangevoerd. Na indikking werd deze beer afgevoerd via de in de volksmond genoemde stronthaven. Deze stronthaven is heden nog voor een klein gedeelte aanwezig langs het bedrijf Beekmans. Tijdens het storten van afval werd de Vliertse wetering dichtgestort en omgelegd langs de spoorbaan ’s-Hertogenbosch-Nijmegen. Het stoomgemaal en sluis werd gesloopt en er werd een nieuw gemaal gebouwd nabij het voormalige Vogelplein. Dit gemaal werd omstreeks 1990 buiten werking gesteld en werd door het waterschap de Maaskant gesloopt. De uitwateringsduiker van dit gemaal is heden nog aanwezig en mond uit in de stronthaven.
 +
 +Langs het huidige Werfpad bevond zich tot 1965 de zogenaamd Vaalthaven. Deze haven werd gedempt met zand.
 + 
 +Omstreeks 1930 ontstond er op de nog gedeeltelijk ingebruik zijnde stortplaats een woonwijk. Deze woonwijk werd in de volksmond “de Siep” genoemd. De stortactiviteiten werden omstreeks 1945 gestaakt en aan de westzijde van de spoorbaan ’s-Hertogenbosch – Utrecht voortgezet (Stort Ertveld).
 +
 +Het stort werd aan de zijde van de rivier de Dieze en de spoorsloot langs de spoorbaan ’s-Hertogenbosch–Nijmegen niet afgedekt. Het stortmateriaal lag aan de oppervlakte. In 1960 werd er bij het gemaal Vogelwijk de baggermolen genaamd De Vecht van de baggermaatschappij Prins van Wijngaarden ingelaten in de waterloop langs de spoorbaan. Deze waterloop werd uitgebaggerd tot aan de huidige Piersonschool. Het vrijkomende slib werd op het oostelijke talud van spoorsloot verwerkt in de buurt. Tot 1992 werd op het talud van de spoorsloot veel illegaal afval gestort en tevens werden kabels verbrand.
 +  
 +Het polderpeil voor aanvang van het stort was gemiddeld 2,50 meter +NAP. Na storten en aanbrengen van een leeflaag van ongeveer 50 centimeter dik bedroeg de afwerkhoogte 6,00 meter +NAP.
 +
 +Ter plaatse van de noordelijke oprit van de Diezebrug werd omstreeks 1925 de bebouwing van de Fa. Van Swaaij en van de Fa. Gostelie gesloopt en het cunet van de oprit werd op het stortmateriaal aangebracht. In 1939 werd de Diezebrug aangelegd en er werd veel stortmateriaal ontgraven en verwerkt op het resterende gedeelte van het stort.
 +
 +De gemeentewerf langs de Dieze werd omstreeks 1976 opgeheven en in noordelijke richting verplaats naar de Ridderspoorstraat. De voormalige ijzerfabriek Nederland en de schoenfabriek Antiono (1937) bevonden zich buiten het stortlichaam. De ijzerfabriek had een eigen spoorbaan verbinding met de spoorbaan Nijmegen- ’s-Hertogenbosch. De fabriek van NV Nederland werd later gedeeltelijk ingebruik genomen als gemeentelijke werkplaats en is heden ingebruik als Kringloop. Een gedeelte van de voormalige ijzerfabriek werd later overgenomen door de verffabriek Limbra.
 +
 +Omstreeks 1988 werd ter plaatse van de Vogelstraat de nieuwbouw van de Sociale dienst gebouwd.
 +
 +De bouwput werd circa 1,50 m ontgraven en de vrijkomende grond werd afgevoerd naar elders.
 +
 +In 1988 werd ter plaatse van de huidige Gamma de bouwput circa 1 meter ontgraven en de vrijkomende vervuilde werd afgevoerd naar een erkende werker. De bouwput werd met schoon zand aangevuld. In 1992 werd gestart met het bouwrijpmaken en sanering van Orthenpoort 1e fase (bestek 41 dienst 1992). Uit de vooronderzoeken is gebleken dat de grond voornamelijk verontreinigd is met de parameters PAK, koper en lood.
 +
 +De te saneren treinen bestonden uit.
 +a. Toekomstige bebouwing politiebureau incl.. buiten terreinen.
 +b. Toekomstige IBC terrein
 +c. Toekomstige nieuwbouw en oude bebouwingen terrein Eekels incl. buiten terreinen.
 +d. Toekomstige moskee incl. buiten terrein.
 +e. Voormalige Limbra terrein gedeeltelijk.
 +f. Riool - wegcunetten Vogelstraat en gedeelte Grutostraat. 
 +
 +De uitgevoerde sanering is onder te verdelen in:
 +a. Afdammen en droogpompen van de spoorsloot aan de westzijde van het terrein.
 +b. Ontgraven van slib uit de sloot.
 +c. Verwijderen en afvoeren van de graszode van het te saneren terrein en afvoeren naar de Meerendonk.
 +d. Ontgraven van verontreinigde grond ter plaatse van de toekomstige bebouwing van het politiebureau, moskee en het terrein Eekels tot onderkant toekomstige fundering.
 +e. Ontgraven van verontreinigde grond buiten de toekomstige bebouwingen tot een diepte van 0,80 m beneden toekomstige peil.
 +f. Ontgraven van grond uit rioolcunetten en kabel en leidingstroken.
 +g. Zeven van de verontreinigde grond, (concentraties aan PAK, koper en lood beneden de C-waarde) in de spoorsloot.
 +h. Afvoeren van verontreinigende grond boven de C-waarde, naar een grondreinigingsinstallatie in Rosmalen.
 +i. Afvoeren van het uitgezeefde puin naar de Vughterstuw.
 +
 +Ter plaatse van het toekomstige politiebureau is de grond ontgraven tot een diepte van 5,55 meter +NAP. Het terrein buiten de toekomstige bebouwing is ontgraven tot 5,45 m+ NAP. De toekomstige maaiveldhoogte is 6,25 m +NAP. Ter plaatse van de toekomstige moskee is het terrein ontgraven tot 5,15 meter +NAP en aangevuld met schoon zand tot 6,00 m +NAP. Ter plaatse van de aangelegde rioleringen is de sleuf ontgraven tot 0,50 meter min onderkant buis en aangevuld tot 1 meter min toekomstige kruinhoogte met N2 zand. De bovenste meter is aangevuld met schoon zand.
 +Het slib uit de spoorsloot is na rijpen afgevoerd naar de Vlagheide in Schijndel.
 +
 +In totaal zijn de volgende hoeveelheden ontgraven en verwerkt:
 +
 +Ontgravingen uit stort en verwerkt in de spoorsloot 8,000 m³ 
 +Ontgraven uit stort en afgevoerd naar grondreiniger 1,803 ton
 +Vrijkomende puin afgevoerd naar de Vugterstuw 1,157 m³ 
 +Slib uit de spoorsloot, afgevoerd naar de Vlagheide 2,476 ton
 +Zodelaag afgevoerd naar de Meerendonk 987,84 ton
 +Recycling asfaltverhardingen 922 m² 
 +
 +
 +Van de sanering 1e fase is een interim evaluatierapport opgesteld (augustus 1993 632/ZA93/A794/41955).
 +
 +In maart t/m mei 1994 werd in opdracht van de provincie Noord-Brabant de sanering van het Limbra terrein uitgevoerd (bestek 02BS dienstjaar 1993). Tijdens de uitvoering werd in overleg met de gemeente ’s-Hertogenbosch 1.280 m³  zand ontgraven en verwerkt in de spoorsloot. De werkzaamheden staan beschreven in verslag grond- en grondwatersanering Limbra-terrein te ’s-Hertogenbosch, rapport nr. 632zf 97/1932/36372, opgesteld door Heidemij advies.
 +
 +In 1996 werd gestart met het bouw rijpmaken en het saneren van Orthenpoort 2e fase. De verontreinigingen bestonden uit PAK, koper en lood. Het doel van de sanering was het verwijderen van de aanwezige verontreinigingen en het aanbrengen van een leeflaag, zodanig dat er geen contactmogelijkheden zijn tussen toekomstige bewoners/gebruikers en de onderliggende restverontreiniging.
 +
 +De sanering werd als volgt uitgevoerd:
 +a. het ontgraven van de bovengrond vanaf maaiveld tot een hoogte van 5,45 meter +NAP.
 +b. het ontgraven en in depot zetten van het stortmateriaal vrijkomende uit ontgravingen nodig voor het leggen van kabels en leidingen en rioleringen.
 +c. het zeven van ontgraven stortmateriaal.
 +d. verwerken van gezeefde grond (concentraties aan PAK, koper en lood beneden de C-waarde in de spoorsloot.
 +f. afvoeren van uitgezeefde grond, verontreinigd boven de C-waarde, naar een grondreinigingsinstallatie.
 +h. het afvoeren van uitgezeefde puin.
 +i. het aanvullen van de ontgravingen met schoon zand.
 +j. het afdekken met spoorsloot met schoon zand met een dikte van 0,50 meter waarop een teelaardelaag is aangebracht van 0,50 meter dik.
 +
 +In totaal zijn de volgende hoeveelheden ontgraven en verwerkt:
 +Stortmateriaal in de spoorsloot 12,500 m³ 
 +Stortmateriaal naar de grondwasintalatie in Rosmalen 3,575 ton
 +Uitgezeefd puin 1,150 m3 naar van Ingen in Schijndel.
 +Stortmateriaal van fase 1 in de spoorsloot 1,050 m³ 
 +Aanvulzand fase 2 en restant fase 1 in totaal 116,750 m³ 
 +Aanvulzand in de spoorsloot 3,300 m³ 
 +Teelaarde in spoorsloot 3,300 m³.
 +
 +Het gebied dat gesaneerd werd omvat de toekomstige bebouwing van de brandweer kazerne,
 +een reststrook van het toekomstige Moskee terrein, het P.T.T. Post B.C. terrein en de ontsluitingswegen. Uit het grondwateronderzoek bleek dat het grondwater plaatselijk is verontreinigd.
 +Vanaf het gereed komen van de sanering is een monitoringsput aangebracht in de teelaarde strook langs de spoorbaan. Het grondwater wordt jaarlijks eenmaal bemonsterd en geanalyseerd.
 +Voor verdere gegevens van de sanering 2e fase zie revisiekaart 632-35398-1 d.d. maart 1997 en concept evaluatierapport Orthenpoort fase 2. d.d. 18 juni 1997 nr. 632/ZF97/1143/42184, opgesteld door Heidemij advies. 
 +
 +Ten gevolge van de bouwvallige toestand van de bebouwing van Rouppe van der Voort, gelegen aan de Vogelstraat kon gedeelte van het openbaar gebied, (groot 3.100 m²) niet gesaneerd worden. 
 +
 +De grondwaterstand in de buurt was tijdens bovengenoemde saneringen circa 2,60 meter –mv. De waterstand in de rivier de Dieze is meestal 2,20 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 meter +NAP. In het stort zijn dikke lagen puin aanwezig en deze lagen beïnvloeden sterk de grondwaterstand in de buurt. De grondwaterstand is grotendeels noordwestelijk gericht naar de rivier de Dieze. Maar er vind in de noordoosthoek, nabij het viaduct van de spoorbaan ’s-Hertogenbosch – Nijmegen inzijging van het grondwater plaats.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel en loost naar gemaal Citadellaan hoek Vaaltweg.
 +Bij de Vaaltweg is een bergbezinkbassin gepland. Tevens bevind zich in de buurt een transportriool. 
 +
 +
 +====== Maliskamp West ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1942 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap van der Eigen en overging in het waterschap de Polder van den Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Het gedeelte van de buurt ten zuiden van de Bruggen werd tot 1942 beheerd door het waterschap de Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. Dit waterschap ging over in het waterschap De Maaskant in Oss. Vanaf 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Graafsebaan, aan de zuidzijde door de waterloop genaamd Grote Wetering en aan de westzijde door de Berlicumseweg en aan de oostzijde door de Peter de Gorterstraat en een verhard de weg langs het sportcomplex van Coudewater.
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand. Dit pleistocene zand wordt op geringe diepte waargenomen. (tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze zandgronden.
 +
 +Ze bestaan hoofdzakelijk uit:
 +a. Hoge zwarte enkeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand. Dit zanddek is 15cm tot 40 cm dik.
 +b. beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +c. Duinvaaggronden met leemarm en zwak lemig fijn zand. 
 +
 +
 +Op de zandgrond is het in 1434 gestichte klooster Coudewater gevestigd. Het was een dubbelklooster gewijd aan de heilige Brigitta. Nadat in 1629 de mannelijke bewoners moesten vertrekken, bleef het tot 1913 in gebruik als vrouwenklooster. Vanaf 1870 werd in het voormalige klooster een psychiatrisch ziekenhuis gevestigd. De kern van het complex wordt gevormd door een van oorsprong 15e eeuwse kloostervleugel met daaromheen in de negentiende eeuw een parkachtige landschapsstijl. Op het terrein zijn in de ondergrond nog de restanten van kasteeltje Spreeuwenburg aanwezig. Het hoofdgebouw van Coudewater is een Rijksmonument.
 +Na de tweede wereldoorlog vinden de meeste grootschalige uitbreidingen plaats. In de 20e eeuw vonden er veel sloopactiviteiten op het complex plaats. Het kerkhof (19e eeuw) is ook een rijksmonument.
 +De buurt wordt voor het overgrote deel gekenmerkt door intensieve bebouwing van het Psych. Ziekenhuis Coudewater. Verder bestaat de buurt ten noorden van de Peter de Gorterstraat uit een naaldbos en in de oosthoek van Coudewater bevindt zich een Sportpark van Coudewater.
 +In 1995 werd op het terrein IPZ Coudewater door de Grontmij, in opdracht van IPZ Coudewater een nulsituatie bodemonderzoek uitgevoerd.Rapport DB-65 o.n:31,5180,1.
 +
 +Op in 1995 braakliggend terrein werd in het verleden de voormalige laboratorium/apotheek gesloopt. In een bos gelegen aan de noordzijde van de Peter de Gorterstraat, nabij huisnr. 2a, bevind zich een puinstort (1000 m2).
 +
 +De maaiveldhoogte op het complex varieert van 4,70 m tot 5,10 meter +NAP. De maaiveldhoogte van het sportcomplex is gemiddeld 4,80 meter +NAP. Het maaiveldhoogte in het naaldbos varieert van 5,10m tot 6,30 meter +NAP.
 +Binnen het complex zijn enkele waterpartijen aanwezig en aan de oostzijde van het naaldbos bevindt zich een grote vijver.
 +De waterstand in deze waterpartijen bedraagt circa 3,80 meter +NAP.
 +De waterstand in de Groote Wetering bedraagt 3,30 m +NAP en kan oplopen tot 5,00m +NAP.
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht.
 +De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,20 m tot 2,70 m – maaiveld.Afhankelijk van de hoogteligging.
 +De maaiveldhoogte in 1964 varieerde van 3,90 meter +NAP tot 6,00 meter +NAP. De Kleine Wetering heeft een winterpeil van 3,40 meter +NAP en een zomerpeil van 3,80 meter +NAP.
 +Ten zuiden van de buurt bevindt zich de Stenenkamerplas met een zandvang. Tijdens de aanleg van deze plas omstreek 1960 werd de Ingelandse Stroom gedeeltelijk vergraven en gedempt en de Groote Wetering met dijken werd gegraven.
 +Het is bekend dat er in het verleden diverse malen slib afkomstig uit de Groote Wetering op de belendende percelen werd gestort.
 +De waterstand in de Stenenkamerplas bedraagt 2,20 meter +NAP. 
 +Door stichting Raap werd in 2000 een aanvullende archeologische inventarisatie AAI-1 uitgevoerd. Rijksweg 59 Rosmalen- Geffen, opdrachtgever Provincie Noord Brabant. Rapport 554. In de buurt werd vindplaats nr. 2 gelokaliseerd. Het betreft vondsten van vroeg en laat middeleeuws aardewerk.
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel. Het particuliere terrein van Coudewater heeft een gemengd rioolstelsel dat door middel van een pompgemaal aangesloten is naar de buurt Vinkel.
 +Buurt Maliskamp Oost 0502
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1942 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap van der Eigen en overging in het waterschap de Polder van den Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Het gedeelte van de buurt ten zuiden van de Bruggen werd tot 1942 beheerd door het waterschap de Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. Dit ging over in het waterschap De Maaskant in Oss. Vanaf 1 januari 2004 wordt de buurt waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Graafsebaan, aan de zuidzijde door de waterloop genaamd Grote Wetering en aan de westzijde door de Peter de Gorterstraat en een verharde weg langs het sportcomplex van Coudewater en aan de oostzijde door de Larikslaan
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand. Dit pleistocene zand wordt op geringe diepte waargenomen. (tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze zandgronden.
 +
 +Ze bestaan hoofdzakelijk uit:
 +a. veldpodzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +b. beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met Pleistoceen zand beginnend van 40 tot 120 cm diep.
 +c. Duinvaaggronden met leemarm en zwak lemig fijn zand. 
 +d. Laarpodzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +Uit de historische kaart van 1850 blijkt dat het verkavelingpatroon in het nu nog landelijke gebied vrijwel onveranderd is gebleven in honderdvijftig jaar tijd, er is nog steeds sprake van blokverkaveling, vrijwel loodrecht op het oude wegenpatronen. Omstreeks de 17e en de 18e eeuw werd er in de buurt veel turf en leem gestoken en wel vooral uit moerassen en vennen.
 + 
 +Tot 1950 was er alleen bebouwing langs de Maliskampsestraat aanwezig.
 +De maaiveldhoogte in 1964 per plaatse van het poldergebied varieerde van 4,00 m + N.A.P. tot 4,90 m + N.A.P. De maaiveldhoogte van het reeds in 1964 bebouwde gedeelte van Maliskamp varieerde van 5,10 meter +NAP tot 6,10 meter +NAP. Voor de aanvang van het woonrijpmaken van Maliskamp waren de gronden grotendeels ingericht als naaldbossen met sporadische akkerbouw. De kruinhoogte van de dijken langs de Groote Wetering bedraagt 6,25 meter +NAP.
 +
 +De waterstand in de zuidelijk grenzende waterloop genaamd de Groote Wetering kan oplopen tot 5,00 m + N.A.P. en hoger. Langs de dijk ligt een kwelsloot. Het streefpeil van de buurt bedraagt 3,60 m + N.A.P. In minder natte periode 3,50 m + N.A.P. en in natte periode kan het peil in de waterlopen oplopen tot 3,80 m + N.A.P. Het waterpeil in de noordelijke bermsloot van de Groote Wetering wordt op peil gehouden door een stuw.
 +
 +In het gebied kan water ingelaten worden vanuit de Kleine Wetering.Langs de Torenstraat bevindt zich het gemaal Kleine wetering. Het waterpeil in de Kleine wetering heeft een winterpeil van 3,40 m +NAP en een zomerpeil van 3,80 m +NAP. 
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht.
 +De grondwaterstand in de buurt was in 1995 circa 1,35 m – maaiveld.
 +Het zuidoostelijke gedeelte van de Maliskamp (De Eikenburg) werd omstreeks 1960 bebouwd.
 +Er werd opgehoogd met zand dat per as werd aangevoerd vanaf de ontgronding Oude Baan in Rosmalen.
 +De huidige maaiveldhoogte in het bebouwde gedeelte van Maliskamp bedraagt gemiddeld 5,50 meter +NAP.
 + Juist grenzend aan de oostkant van Larikslaan bevindt zich een oude stortplaats met een oppervlakte van 0,50 ha. Er werd tussen 1950 en 1960 huishoudelijk en bedrijfsafval gestort tot een vermoedelijke diepte van 2 meter min maaiveld. De huidige afdeklaag is vermengd met puin, sintels en afval. Er werd gedeeltelijk in het grondwater gestort. Uit inlichtingen van een voormalige aannemer uit Empel blijkt dat er tussen 1950 en 1960 slib afkomstig van de uiterwaarden van de Maas werd gestort als afdeklagen van het huisvuil. Dit om de stankoverlast te beperken.
 +De huidige situatie bestaat uit een naaldbos. 
 +Het is bekend dat er in het verleden diverse malen slib afkomstig uit de Groote Wetering op de belendende percelen werd gestort.
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op buurt Molenhoek.
 +
 +
 +====== Het Vinkel ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke heden beheerd wordt door het waterschap de Aa. Vanaf 1 januari 2004 gaat dit waterschap over in het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Graafsebaan, aan de zuidzijde door de waterloop genaamd Groote Wetering en aan de westzijde door de Larikstraat en aan de oostzijde door de Harensestraat
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand. Dit pleistocene zand wordt op geringe diepte waargenomen. (tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze zandgronden.
 +
 +Ze bestaan hoofdzakelijk uit:
 +a. Veldpodzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +b. Beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met Pleistoceen zand beginnend van 40 tot 120 cm diep
 +c. Duinvaaggronden met leemarm en zwak lemig fijn zand. 
 +e. Laarpodzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +
 +De buurt wordt gekenmerkt door grotendeels naaldbossen ten zuiden van de rijksweg N59 en in de kern van de buurt bevind zich een naaldbos. De randen van de buurt worden gebruikt als akkergronden. In de buurt bevinden zich een tiental boerderijen en een herberg genaamd Jachtlust.
 +Juist grenzend in de noordoost hoek van de buurt bevond zich omstreeks 1956 een zuivelfabriek.
 +Het sportpark Maliskamp ligt in de zuidwesthoek van de buurt.
 +De maaiveldhoogte in 1964 varieerde van 4,10meter +NAP tot 6,00meter +NAP. Ten noordoosten van de buurt is het waterpompstation Nuland gevestigd.
 +In de noordoost hoek van de buurt is een gedeelte van het bungalowpark Vinkeloord gesitueerd met een grote recreatieplas. De waterstand van deze plas is niet exact bekend maar zal vermoedelijk circa 4,00m +NAP bedragen.
 +Door de buurt loopt nog een gedeelte van de Kleine Wetering met winterpeil van 3,40meter +NAP en een zomerpeil van 3,80 meter +NAP.
 +
 +De waterstand in de zuidelijk grenzende waterloop genaamd de Groote Wetering kan oplopen tot 5,00 meter +NAP en hoger. Langs de dijk ligt een kwelsloot. Het streefpeil van de buurt bedraagt 3,60 meter +NAP. In minder natte periode 3,50 meter +NAP en in natte periode kan het peil in de waterlopen oplopen tot 3,80 meter +NAP. het waterpeil in de noordelijke bermsloot van de Groote Wetering wordt op peil gehouden door een stuw. In het gebied kan water ingelaten worden vanuit de Kleine Wetering. 
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht.
 +De grondwaterstand is niet exact bekend.
 +Het recreatiepark Vinkeloord heeft een eigen gemaaltje en een rioolzuivering welke is aangesloten op een persleiding naar Vinkel.
 +De boerderijen in de buurt hebben drukrioolleidingen welke is aangesloten op de buurt Molenhoek. 
 + 
 +
 +====== Binckhorst ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1942 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap van der Eigen en overging in het waterschap de Polder van den Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de maaskant in Oss. Het gedeelte van de buurt ten zuiden van de Bruggen werd tot 1942 beheerd door het waterschap de Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. Dit ging over in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Vanaf 1 januari 2004 gaat dit waterschap over in het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch/Nijmegen, aan de zuidzijde door de Graafsebaan en aan de westzijde door de Deken van Roestellaan, de Heiweg, Oude Baan en T.M. Kortenhorstweg en aan de oostzijde door de Pompstraat.
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand. Dit pleistocene zand wordt op geringe diepte waargenomen. (tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze zandgronden.
 +Ze bestaan hoofdzakelijk uit:
 +a. Hoge zwarte enkeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand en. Dit zanddek is 15cm tot 40 cm dik.
 +b. Akkereerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +c. Vlakvaaggronden met leem arm en zwak lemig fijn zand.
 +d. Duinvaaggronden met leemarm en zwak lemig fijn zand. 
 +
 +De maaiveldhoogte in 1964 varieerde van 3,90meter +NAP tot 6,00 meter +NAP.
 +De grondwaterstand in de buurt varieert 1,00m tot 2,50m min maaiveld.(Afhankelijk van maaiveldhoogte). De grondwaterstroming en diepte worden beïnvloed door de lokale waterwinning van het pompstation Nuland.
 +
 +Het gebied wordt gekenmerkt door een zandverstuiving, door naaldhout bossen en sporadische akkerbouw. In de buurt zijn enkele grote bouwlocaties aanwezig, zoals verpleeginrichting Mariaoord, Internaat/inrichting De Binckhorst, Op het terrein bevindt zich een vijver, landgoed St. Hubertus en het paterhuis Mariaburg.
 +Ter plaatse van Mariaburg bevindt zich een vijver met iets ten noorden van deze vijver een bunker uit de tweede wereld oorlog.
 +Nabij het perceel heeft in het verleden een asfaltinstallatie gestaan.
 +Ter plaatse van het pand Graafsebaan 158/166 werd in 2002 tijdens rioolwerkzaamheden een afvalkuil met resten uit de Tweede Wereldoorlog gevonden.
 +Tijdens een onderzoek in 2001 op locatie Graafsebaan 158/162 aan oostzijde een grondwaterstand van 3,60 m min maaiveld aangetroffen en aan de westzijde een grondwaterstand van 2,10m min maaiveld geconstateerd.
 +
 +Verder zijn een nertsfokkerij aanwezig, een opslag van grond langs de Ruttenhofstraat, een voormalige stort plaats van huisvuil aan de zuidzijde van de Oude baan, en een kerkhof en een crematorium en een volkstuinencomplex aan de Ruttenhofstraat. Ter plaatse van de Vliertwijksestraat bevindt zich een bedrijf met opslag en handling van grond en compost.
 +Ter plaatse van de Ruttenhofstraat, (langs de spoorbaan ‘sHertogenbosch –Nijmegen bevindt zich een opslag terrein van bestatingsmaterialen en grond van de afd. Beheer Openbare Ruimte van de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +
 +De voormalige stortplaats aan de Oude Baan heeft een oppervlakte van 5,90 ha. De waterwinning in Nuland ligt op circa 1700 meter ten oosten van het stort.
 +De stortplaats is in de periode van 1960 tot medio 1986 in gebruik geweest. Voorafgaand aan de ingebruikname en bij latere uitbreidingen hebben ter plaatse ontgrondingen plaatsgevonden en was er volgens de aannemer die de ontgrondingswerkzaamheden uitvoerde reeds ver voor 1960 een stortplaats aanwezig.
 +
 + Op een aantal deellocaties werd tot maximaal 7 meter minus maaiveld ontgrond. Er werd ontgrond door middel van een zandzuiger van de baggermaatschappij Bouten uit Nijmegen. Het vrijkomende zand werd in een depot gespoten en per as afgevoerd.
 +Het grondwater bevindt zich op een diepte van 1,50 tot 2,00 meter minus het oude maaiveld. Het is bekend dat er door particulieren illegaal afval werd gestort. In totaliteit is op het stort circa 450,000 m3 afval gestort. Met name het huisvuil (60 %), bouw- en sloopafval (10%), veegvuil en groenafval (10%), bedrijfsafval (15%), en grof vuil (5%). De huidige kruinhoogte van het stort bedraagt 6 meter boven het oude maaiveld. Na sluiting is het stort voorzien van een schone afdeklaag van 80 cm. Het stort is na sluiting in verkocht aan een particulier. Stroomafwaarts van de stortplaats (noord en noordwestelijk is de kwaliteit van het grondwater beïnvloed door de aanwezigheid van de stortplaats. Na sluiting van het stort is er enige jaren maïs op verbouwd.
 +De buurt is gelegen binnen het waterwingebied van het pompstation Nuland. De waterwinning vindt plaats in het eerste en tweede watervoerende pakket, op een diepte van respectievelijk 43 m tot 72 m min maaiveld en 107 m tot 142 m maaiveld. Uit historische kaarten blijkt dat er reeds rond 1900 een pompstation aanwezig was.
 +
 +Het complex Mariaoord is aangesloten op de riolering van de buurt Kruisstraat.
 +De boerderijen lozen hun rioolwater door middel van drukrioleringen naar de buurt Kruisstraat.
 +
 +
 +====== De Sparrenburg ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1942 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap van der Eigen en overging in het waterschap de Polder van den Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Het gedeelte van de buurt ten zuiden van de Bruggen werd tot 1942 beheerd door het waterschap de Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Vanaf 1 januari 2004 gaat dit waterschap over in het waterschap Aa en Maas.
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch/Nijmegen, aan de zuidzijde door de Heiweg en aan de westzijde door Deken van Roestellaan en aan de oostzijde door Kortenhorstlaan
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand. Dit pleistocene zand wordt op geringe diepte waargenomen. (tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze zandgronden.
 +Ze bestaan hoofdzakelijk uit:
 +a. Hoge zwarte enkeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand en. Dit zanddek is 15cm tot 40 cm dik.
 +b. Laarpodzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +c. Beekeerdgronden met leem arm en zwak lemig fijn zand en het pleistocene zand beginnend tussen 40 tot 120cm diep.
 +d. Duinvaaggronden met leemarm en zwak lemig fijn zand. Een gedeelte van de percelen in het oostelijke van de buurt werd omstreeks 1920 uitgelaagd.
 +
 +Tussen 1953 en 1956 werd er door het waterschap de De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Door het waterschap de polder van der Eigen en Empel werd ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant west in 1953 een kleidiktekaart samengesteld. De maaiveldhoogte in 1964 was 3,50 meter +NAP tot 5,30 + NAP. Tot 1970 waren deze gronden door de eeuwen heen ingebruik als weide en akker gronden.
 +Tussen 1975 en 1980 werd gestart met het ontsluiten en bouwrijk maken van de buurt als woonwijk.
 +Na het bouw- en woonrijpmaken bedraagt de maaiveldhoogte in de buurt 4,50 meter +NAP.
 +Er werd opgehoogd met zand dat grotendeels vrijkwam uit het werk.
 +De maaiveldhoogte van de buurt ten oosten van de Sparrenburgstraat bedraagt 5,00 meter +NAP. 
 +
 +Langs de lintbebouwing aan de Oude Baan waren voor 1964 een aantal agrarische bedrijven en industriële bedrijven aanwezig.
 +
 +De stroming van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht. De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. 
 +De grondwaterstand varieert van 1,30m tot 2,00m min maaiveld.
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door een waterloop (de spoorsloot).
 +De waterstand in deze waterloop bedraagt circa 3,20 meter +NAP. Deze waterloop is in het verleden in de noordoost hoek gedempt. Aan de westzijde wordt de buurt ook begrensd door een waterloop de waterstand in deze waterloop bedraagt 3,20 meter +NAP.
 +Langs de Ruttenhofstraat is een waterloop aanwezig. De waterstand in deze waterloop heeft dezelfde waterstand als de spoorsloot langs de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Nijmegen.
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met een gemaal en loost op de buurt Molenhoek.
 +Het rioolstelsel heeft enkele overstorten op de waterlopen.
 +
 +====== Buurt Molenhoek ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1942 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap van der Eigen en overging in het waterschap de Polder van den Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Het gedeelte van de buurt ten zuiden van de Bruggen werd tot 1942 beheerd door het waterschap de Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss.
 +Vanaf 1 januari 2004 gaat dit waterschap over in het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch/Nijmegen, aan de zuidzijde door de Graafsebaan en aan de westzijde door Heer en Beekstraat en aan de oostzijde door de Deken van Roestellaan
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand. Dit pleistocene zand wordt op geringe diepte waargenomen. (tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze zandgronden.
 +Ze bestaan hoofdzakelijk uit:
 +a. Hoge zwarte enkeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand en. Dit zanddek is 15cm tot 40 cm dik.
 +b. Laarpodzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +c. Beekeerdgronden met leem arm en zwak lemig fijn zand en het pleistocene zand beginnend tussen    40 tot 120cm diep.
 +d. Duinvaaggronden met leemarm en zwak lemig fijn zand. 
 +
 +Tussen 1953 en 1956 werd er door het waterschap de De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Door het waterschap de polder van der Eigen en Empel werd ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant west in 1953 een kleidiktekaart samengesteld. De maaiveldhoogte in 1964 was 4,10 meter +NAP tot 5,70 + NAP. Tot 1962 waren deze gronden door de eeuwen heen ingebruik als weide en akker gronden.
 +In 1962 werd gestart met het ontsluiten en bouwrijp maken van de buurt als woonwijk. Er werd opgehoogd met zand dat grotendeels vrijkwam uit het werk.
 +
 +Na het bouw- en woonrijpmaken bedraagt de maaiveldhoogte in de buurt 4,50 meter +NAP tot 5,50 meter +NAP.
 +
 +Langs de lintbebouwing aan de Oude Baan waren al voor 1964 een aantal agrarische bedrijven en industriële bedrijven aanwezig (o.a. garage’s, kolenhandelaren, mortelcentrale, wegenbouwbedrijf, transportbedrijf )).
 +Langs de Graafsebaan waren diverse bedrijventerreinen aanwezig (o.a. timmerwerkplaats, benzinestation).
 +Ter plaatse van een bosperceel aan de Heer en Beekstraat, (achterzijde Graafsebaan42) werd tijdens een bodemonderzoek veel puin, ijzer, plaatwerk, machine onderdelen aangetroffen. 
 +Tevens werd er afvalkuil, diepte 2,60 m, aangetroffen Het betreft afval dat aan het einde van de tweede wereldoorlog door omwonende werd ingegraven.  
 +
 +Aan de Heer en Beekstraat nr. 9 werd in1939 een bouwvergunning verleend voor de bouw van een wasserij. Deze wasserij heeft tot 1968 gefunctioneerd. In 1969 tot 1974 was hier een galvaniseerbedrijf ingebruik. Vanaf 1975 tot 1979 was het pand ingebruik als werkplaats van een antiekzaak.
 +
 +Het afvalwater van de wasserij werd geloosd in een zinkput met een overloop in een sloot.
 +Het galvaniseerbedrijf loosde zijn afval ook in de aanwezige zinkput.
 +De bedrijfsgebouwen werden na 1980 gesloopt. De zinkput en sloot werden in 1975 gedempt. In 1991 werd gestart met het saneren van het sterk vervuilde terrein.
 +De stroming van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht. De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. 
 +De grondwaterstand varieert van 1,30 m tot 2,70m min maaiveld. Afhankelijk van de maaiveldhoogte.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door een waterloop (de spoorsloot). De waterstand in deze waterloop bedraagt circa 3,25 meter +NAP. 
 +Aan de noordzijde, westzijde en zuidzijde van het sportpark De Hoef bevind zich een waterloop. De waterstand in deze waterloop bedraagt 1,80 meter +NAP. Het is bekend dat er ter plaatse van dit sportpark een vuilstortplaats aanwezig was. Het sportpark heeft een eigen gemaaltje.
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met een gemaal en loost op de buurt Rosmalen Centrum. 
 +Het rioolstelsel heeft overstorten op de waterlopen.
 +
 +
 +====== A2 Zone Rosmalen Zuid ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig zandlandschap welke tot 1942 beheerd werd door het waterschap De Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. In 1942 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Per 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Nijmegen, aan de zuidzijde door de Groote Wetering, aan de westzijde door de Rijksweg A2 en aan de oostzijde door de Heer en Beekstraat en de Berlicumseweg.
 +Op 1 januari 1996 ging de gemeente Rosmalen over in de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand. Dit pleistocene zand wordt op geringe diepte waargenomen. (tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze zandgronden.
 +
 +Ze bestaan hoofdzakelijk uit:
 +  a. Hoge zwarte enkeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +     Dit zanddek is 15 cm tot 40 cm dik.
 +  b. Beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met Pleistoceen zand beginnend 
 +    van 40 cm tot 120 cm diep.
 +  c. Duinvaaggronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +  d.Laarpodzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +De buurt wordt gekenmerkt door een strook akkerbouw aan de zuidzijde. Met een industriële lintbebouwing langs de Kloosterstraat. O.a. Kloosterstraat 1-3, aannemers, constructie-en montage bedrijf, met diverse bovengrondse en ondergrondse opslagtank.
 +Juist ten noorden van de A50 en ten zuiden van de Graafsebaan ligt een industriewijk welke grotendeels ingebruik is als opslag van een bouwbedrijf en een grondwasinstallatie en heeft een huidige maaiveldhoogte van 5,00 meter +NAP.
 +Ten noorden van de Graafsebaan bevindt zich een lintbebouwing van villa’s aan westzijde van de Heer en Beekstraat. Dit gebied heeft nog een open karakter met veel akkerbouw en tuinbouw.
 +De maaiveldhoogte omstreeks 1964 in het gebied ten zuiden van de A 50 varieerde van 3,30meter +NAP tot 4,40 meter +NAP.
 +De maaiveldhoogte omstreeks 1964 in het gebied ten noorden van de rijksweg A50 varieerde van 3,20meter +NAP tot 5,10 meter +NAP. De kruinhoogte van de Heer en Beekstraat bedraagt gemiddeld 5,10 meter +NAP. De stromingsrichting van het freatische grondwater is noordwestelijk. 
 +De grondwaterstand varieert van 1,00 m tot 2,00 m min maaiveld.
 +
 +De waterstand in de rivier de Aa, in de Stenenkamerplas en de zandvang is gemiddeld 2,20 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,90 meter +NAP.Ten zuiden van de buurt bevindt zich de Stenenkamerplas met een zandvang. 
 +
 +Omstreeks 1960 werd de Stenenkamerplas uitgebaggerde en er werd zand opgezogen. Tijdens de zandwinning uit deze plas werd slib uit de rivier de Aa gestort in de Stenenkamerplas. Dit slib, vermengd met zand werd opgezogen en gebruikt voor het ophogen van de westelijk gelegen buurt Hintham zuid. 
 +
 +De waterlopen in de buurt hebben een waterstand welke varieert tussen de 1,80meter +NAP en de 2,00meter +NAP.
 +In de buurt werden tussen 1930 en 1950 diverse percelen uitgelaagd. Er werd circa 0,50 m tot 1,00 m zand ontgraven en afgevoerd en de bouwvoor werd vooraf in depot gezet en later weer aangebracht op de uitgelaagde percelen. Op een perceel gelegen aan de oostzijde van de straat Burg. Jhr. Von Heijdenlaan hoek Elststraat werd tussen 1980 en 1985 grond/puin en mest aangevoerd. Het terrein eerst 50 cm ontgraven en later opgehoogd tot circa 1,50 m boven het oude maaiveld. Aan de Elststraat hoek Overdijk ligt nog een verhoogd perceel met de resten van een 16e eeuwse boerdij. Op dit kavel werd in het verleden illegaal afval gestort.
 +Aan de Burgemeester Mazairaclaan, (naast nr. 28 ) heeft in het verleden een wasserij en een galvaniseerbedrijf gestaan.
 +Langs de Kloosterstraat bevinden zich hoofdzakelijk industriële bedrijven. 
 +Ter plaatse van de bedrijventerreinen aan de Stenenkamerstraat bevond zich in de 17e eeuw een intrenchment abandone, (een verschanste legerplaats). Dit perceel werd tot 1950 de Varkenshoek genoemd.
 +
 +Het zuidoostelijke deel van de buurt bestaat uit een bosrijk gebied met een natuurhistorische waarde. In het bos bevinden zich restanten van een oude weg met een dijkje. Grote delen van het bos liggen laag en zijn drassig. Er bevinden zich enkele opstallen van een drietal oude stacaravans.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op de buurt Rosmalen Centrum en er zijn panden aangesloten door middel van een drukriolering.
 +
 +Op een perceel gelegen juist grenzend aan de A2 en de Burg. Jhr. Von Heijdenlaan omstreeks 1990 diverse stenenwerktuigen uit het midden en van de nieuwe steentijd (3000 v. Chr.) gevonden. In 1991 werd er door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel een veldverkenning uitgevoerd. De stenen werktuigen bleken op de rand van een voormalige grafheuvel gesitueerd te moeten worden. De voormalige grafheuvel werd in het verleden door agrariërs afgegraven en geslecht. 
 +Door stichting Raap werd in het jaar 2000 een aanvullende archeologische inventarisatie, ( AAI-1) uitgevoerd voor de Rijksweg 59 Rosmalen-Geffen in opdracht van de Provincie Noord Brabant. Ten zuiden van de Kloosterstraat werd op de oostzijde van een dekzandrug, die noord-zuid is georiënteerd prehistorisch aardwerk aangetroffen. Het oude potzolprofiel is grotendeels verstoord en in het verleden afgegraven.In 2001 werd er een noodopgraving uitgevoerd en er werden geen sporen uit de prehistorie aangetroffen.
 +Door stichting Raap werd in 1994 ten behoeve van het tracé van de Zuid Willemsvaart een archeologische verkenning uitgevoerd in het kader van MER. Er werden in de buurt geen archeologische sporen ter plaatse van het toekomstige tracé aangetroffen. 
 +
 +
 +====== ’t Ven ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig zandlandschap welke tot 1942 beheerd werd door het waterschap De Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. In 1942 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Per 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Striensestraat, aan de zuidzijde door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Nijmegen, aan de westzijde door de Empelseweg en aan de oostzijde door de Venstraat en de Stationstraat.
 +Op 1 januari 1996 ging de gemeente Rosmalen over in de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +
 +Geologisch behoren deze percelen grotendeels tot in het Pleistoceen afgezette zandgronden met daarop door menselijke activiteiten aangebrachte potstal.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden hier kalkloze zandgronden en podzolgronden en dikke eerdgronden en zijn qua bovengrond onder te verdelen in:
 +a. gooreerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met Pleistoceen zand beginnend tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +b. vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand afgedekt met een zavel of kleidek 15 cm tot 40 cm dik.
 +a. Hoge zwarte enkeerdgronden bestaande uit leemarm en zwak lemig fijn zand, afgedekt met een zanddek van 15 tot 40 cm. 
 +
 +De meeste enkeerdgronden zijn ontstaan door geleidelijke ophoging van een eenmaal ontgonnen grond met materiaal uit een potstal. Bij deze voormalige bemestingswijze maakte men gebruik van stalmest gemengd met strooisel en zand. Dit mengsel werd jaarlijks op een beperkt oppervlakte bouwland gebracht, waardoor het land geleidelijk werd opgehoogd.
 +Podzolgronden hebben een inspoelingslaag (B-horizont), waarin organische stof al dan niet samen met ijzer- en aluminiumverbindingen is opgehoopt.
 +Een deel spoelt uit en een ander deel komt op geringe diepte weer tot afzetting.
 +Vooral in de middeleeuwen werd er veel potstal aangebracht. Ter plaatse van de Tulpstraat zijn nog restanten van de oude Rosmalensedijk aanwezig.
 +De maaiveldhoogte van de voormalige polder bedroeg 4,40 meter +NAP tot 5,00 meter +NAP
 +De maaiveldhoogte in de buurt bedraagt heden 5,00meter +NAP.
 +De stroming van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht. De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. 
 +De grondwaterstand varieert van 1,30 m tot 2,00 m min maaiveld.
 +In de buurt bevindt zich aan de zuidkant een waterloop langs de spoorbaan ’s-Hertogenbosch –Nijmegen. De waterstand in deze waterloop bedraagt circa 2,90 meter +NAP. De waterlopen gelegen in de noordelijke buurt de Overlaet bedraagt voor een deel 2,20 meter +NAP en voor een deel 1,80 meter +NAP. Deze waterlopen worden gevoed door de Nulandse aanvoersloot met een huidig peil van 2,40 meter +NAP.
 +
 +In de buurt bevonden zich tot 1960 langs de voormalige Rosmalensedijk diverse boerderijen. Langs de Weidestraat stonden ook enkele boerderijen welke in 1944 grotendeels door brand verwoest werden.
 +Op 29 maart 1945 viel er een V1 op de boerderij van van Westelaken gelegen aan de Weidestraat.
 +Langs de Striensestraat en Breedestraat vielen tevens twee V1 neer. Bij diverse bodemonderzoeken in de directe omgeving van de Weidestraat blijkt er in de bovengrond een vervuiling van PAK’s, welke te relateren is aan de bovengenoemde brand. 
 +
 +In 1960 werd gestart met het bouwrijp maken van de buurt,
 +Tijdens het bouwrijp maken werden diverse sloten gedempt met grond van onbekende herkomst.
 +Grote delen van de oude Rosmalensedijk werden afgegraven en uitgespreid op de naast gelegen percelen. Er werd opgehoogd met zand dat per as werd aangevoerd vanaf de ontgronding Oude Baan.
 +
 +De boerderijen langs deze oude dijk werden grotendeels gesloopt. Een gedeelte van deze oude dijk is nog aanwezig ter plaatse van de Nieuwstraat en Tulpstraat. Hier is de kruinhoogte van deze dijk circa 6,00 m+ NAP.
 +Op deze hogere delen van de buurt varieert de grondwaterstand van 2,50 m min maaiveld tot 3,00m min maaiveld. Op de lagere delen van de buurt varieert de grondwaterstand van 1,50 tot 2,50 min maaiveld.
 +Wat er met de vrijkomende grond en puin incl. verhardingen rondom de gesloopte boerderijen gebeurd is niet bekend.
 +Op enkele plaatsen langs de Raadhuisstraat werden diverse boerderijen heringericht of vervangen door bedrijven. Zoals een garage en een timmerfabriek en een werkplaats w.s.w. en een medisch centrum.
 + 
 +In de omgeving en ten noordwesten van de Fort Alexanderstraat heeft men in 1838 het verdedigings fort Alexander opgeworpen. Op een 19e eeuwse kadastrale kaart wordt hier nog een perceel de schans genoemd. 
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel en loost op het gemaal Slagkampweg. In de buurt is tevens een inwendige overstort aanwezig naar de buurt Overlaet West.
 +
 +
 +====== Rosmalen Centrum ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig zandlandschap welke tot 1942 beheerd werd door het waterschap De Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. In 1942 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Per 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Striensestraat, aan de zuidzijde door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Nijmegen, aan de westzijde grotendeels door de Venstraat en aan de oostzijde door de van Meeuwenstraat.
 +
 +Op 1 januari 1996 ging de gemeente Rosmalen over in de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +
 +Geologisch behoren deze percelen grotendeels tot in het Pleistoceen afgezette zandgronden met daarop door menselijke activiteiten aangebrachte potstal.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden hier kalkloze zandgronden en podzolgronden en dikke eerdgronden en zijn qua bovengrond onder te verdelen in:
 +b. Vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand afgedekt met een zavel of kleidek 15 cm tot 40 cm dik.
 +c. Hoge zwarte enkeerdgronden bestaande uit leemarm en zwak lemig fijn zand, afgedekt met een zanddek van 15 tot 40 cm.
 +d. Laarpodzolgronden bestaande uit leemarm en zwak lemig fijn zand 
 +
 +De meeste enkeerdgronden en laarpodzolgronden zijn ontstaan door geleidelijke ophoging van een eenmaal ontgonnen grond met materiaal uit een potstal. Bij deze voormalige bemestingswijze maakte men gebruik van stalmest gemengd met strooisel en zand. Dit mengsel werd jaarlijks op een beperkt oppervlakte bouwland gebracht, waardoor het land geleidelijk werd opgehoogd.
 +Podzolgronden hebben een inspoelingslaag (B-horizont), waarin organische stof al dan niet samen met ijzer- en aluminiumverbindingen is opgehoopt.
 +Een deel spoelt uit en een ander deel komt op geringe diepte weer tot afzetting.
 +
 +De naam van het dorp wordt voor het eerst vermeld in een oorkonde van omstreeks het jaar 815.
 +Het dorp Rosmalen heeft een karakteristiek van een wegnederzetting en bestaat hoofdzakelijk uit een lintbebouwing langs de oude kern Heeseind, Kruisstraat en de Bruggen.
 +Delen van de bebouwing en soms ook de erven liggen op lage huisterpen in verband met de regelmatig terugkerende wateroverlaat van de Maas en de Beerse overlaat.
 +In de kern van het dorp zijn nog summiere restanten van een lage dijk aanwezig. De buurt Rosmalen Centrum is langs en op deze oude dijk ontstaan. Deze lage dijk had tot 1870 nog een waterkerende functie.
 +Het huidige bebouwingsbeeld dateert grotendeels uit de periode 1875 tot 1945. Na 1945 is de lintbebouwing in de kern verdicht. De buurt Rosmalen centrum is ontstaan in het einde van de Bronstijd met intensieve bewoning in de IJzertijd met sporadische bewoning in de Romeinstijd.
 +Vooral in de 9e en 10e eeuw ontstond er op bovengenoemde nederzetting rondom de St. Lambertuskerk een middeleeuwse intensieve bewoning. In de middeleeuwen werd er veel potstal aangebracht. Ter plaatse van de Nieuwstraat en Schoolstraat zijn in de ondergrond nog restanten van een oude dijk aanwezig. De buurt werd vooral in de late Middeleeuwen opgehoogd met zand dat werd ontgonnen uit de Kruisstraat.
 +De maaiveldhoogte in de buurt varieert sterk van 3,70 meter +NAP tot 6,80 meter +NAP.
 +De stroming van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht. De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. In de Dorpsstraat werd in het jaar 2000 een grondwaterstand gemeten op een diepte van 3,38 m – mv.
 +In het jaar 1999 werd ter plaatse van de van Meeuwenstraat een grondwaterstand van 1,50 m min maaiveld waargenomen.
 +In de buurt bevindt zich aan de zuidkant een waterloop langs de spoorbaan ’s-Hertogenbosch –Nijmegen. De waterstand in deze waterloop bedraagt circa 2,90 meter +NAP. De waterlopen gelegen in de noordelijke buurt de Overlaet bedraagt voor een deel 2,20 meter +NAP en voor een deel 1,80 meter +NAP. Deze waterlopen worden gevoed door de Nulandse aanvoersloot met een huidig peil van 2,40 meter +NAP.
 +In de buurt is gelegen het landgoed De Vijverberg en dateert uit 1883.
 +De vijver achter het pand werd gegraven en het vrijkomende zand werd gebruikt om perceel op te hogen waar de vila werd gebouwd. Op het einde van de 2e wereldoorlog werd de vila zwaar beschadigd. 
 +Het klooster Van Meeuwen welke was gelegen aan de huidige Rodenborchweg tegenover de Markt werd in de tweede wereldoorlog zwaar beschadigd en in 1946 gesloopt en er vond nieuwbouw plaats Omstreeks 1990 werd dit grote complex gesloopt. Veel oorlogspuin werd op braak liggende delen van het complex ingegraven.
 +De St. Jozefschool was gelegen vlak voor de St.Lambertuskerk er werd in 1990 gesloopt.
 + 
 +Op diverse percelen werd vooral in de 18e tot 20e eeuw veel puin en afval in de ondergrond verwerkt. De buurt had aan het einde van de tweede wereldoorlog zwaar te lijden van bombardementen van de Duitsers en de geallieerden. Vooral de directe omgeving van de Stationstraat werd zwaar beschadigt door o.a. enkele V1 inslagen. 
 +Vooral vlak na de tweede wereldoorlog werd op achtertuinen en braakliggende percelen veel oorlogspuin en huisvuil ingegraven.
 +Tijdens archeologisch onderzoek uitgevoerd door de heemkunde vereniging van Rosmalen en door de archeologische werkgroep Cro Magnon in 1991 ter plaatse van de voormalige St. Jozefschool werden deze afvaldumpingen waargenomen. Tijdens deze opgraving werd bewoning uit de IJzertijd ontdekt en er werden enkele middeleeuwse huisplattegronden opgegraven met een waterput en veel afvallagen. Ook werden begravingen uit de 17e eeuw ontdekt. 
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het gemaal Slagkampweg. In de buurt bevindt zich een inwendige overstort naar de buurt Overlaet Oost.
 +
 +
 +====== Hondsberg ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig zandlandschap welke tot 1942 beheerd werd door het waterschap De Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. In 1942 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Per 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Herculesstraat, aan de zuidzijde door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Nijmegen, aan de westzijde door de van Meeuwenstraat / Rodenborchweg en aan de oostzijde door de Bruggensstraat.
 +Op 1 januari 1996 ging de gemeente Rosmalen over in de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +
 +Geologisch behoren deze percelen grotendeels tot in het Pleistoceen afgezette zandgronden met daarop door menselijke activiteiten aangebrachte potstal.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden hier kalkloze zandgronden en podzolgronden en dikke eerdgronden en zijn qua bovengrond onder te verdelen in:
 +c. Laarpodzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +d. Beekeerdgronden, leemarm en zwak lemig fijn zand afgedekt met een zavel of kleidek 15 cm tot 40 cm dik.
 +e. Hoge zwarte enkeerdgronden bestaande uit leemarm en zwak lemig fijn zand, afgedekt met een zanddek van 15 tot 40 cm. 
 +De meeste enkeerdgronden zijn ontstaan door geleidelijke ophoging van een eenmaal ontgonnen grond met materiaal uit een potstal. Bij deze voormalige bemestingswijze maakte men gebruik van stalmest gemengd met strooisel en zand. Dit mengsel werd jaarlijks op een beperkt oppervlakte bouwland gebracht, waardoor het land geleidelijk werd opgehoogd.
 +Podzolgronden hebben een inspoelingslaag (B-horizont), waarin organische stof al dan niet samen met ijzer- en aluminiumverbindingen is opgehoopt.
 +Een deel spoelt uit en een ander deel komt op geringe diepte weer tot afzetting.
 +Vooral in de middeleeuwen werd er veel potstal aangebracht.
 +
 +Ter plaatse van de Schoolstraat en Bruggen is nog restanten van een oude Rosmalensedijk aanwezig.
 +De maaiveldhoogte van de voormalige polder bedroeg 3,50 meter +NAP tot 4,70 meter +NAP
 +
 +De maaiveldhoogte in de buurt bedraagt heden grotendeels 5,00meter +NAP. Met uitzondering van de voormalige Rosmalensedijk (heden Schoolstraat en de Bruggen met een kruinhoogte van 4,80 m tot 6,30 meter +NAP en de Deken Fritsenstraat met een kruinhoogte van 5,00 meter +NAP tot 6,80 meter +NAP.
 +Door de buurt liep tot 1959 een waterloop genaamd de Loopgraaf. Met het bouwrijpmaken van de buurt werd deze waterloop gedempt.
 +De buurt werd in 1960 gefaseerd bouwrijp gemaakt Het gedeelte van de buurt genaamd Kattenbosch werd in 1974 bouwrijp gemaakt. Ter plaatse van Deken Fritsenstraat nr. 37 stond vanaf 1904 een windmolen met als krachtbron een stoommachine. Omstreek 1995 werden de nog aanwezige restanten van de windmolen grotendeels gesloopt. 
 +
 +De stroming van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht. De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. 
 +De grondwaterstand varieert van 1,30m tot 2,00m min maaiveld.
 +De waterlopen in de buurt hebben een waterstand welke varieert tussen de 2,90meter +NAP en de 2,00meter +NAP.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met een gemaal welke loost op de buurt Rosmalen Centrum.
 +In de buurt bevindt zich een inwendige overstort naar de buurt Overlaet Oost.
 +
 +
 +====== Kruisstraat ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1942 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap van der Eigen en overging in het waterschap de Polder van den Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Het gedeelte van de buurt ten zuiden van de Bruggen werd tot 1942 Beheerd door het waterschap de Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. Dit ging over in het waterschap De Maaskant in Oss. Per 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrenst door de Rompertweg en Heeseindstraat, aan de oostzijde door de grens met de gemeente Maasdonk aan de zuidzijde door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Nijmegen en aan de westzijde door de buurt Hondsberg.
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand. Dit pleistocene zand wordt op geringe diepte waargenomen. (tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze zandgronden.
 +Ze bestaan hoofdzakelijk uit:
 +a. Beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand en op 40 cm tot 120 cm beginnend Pleistoceen zand.
 +b. Hoge zwarte enkeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand en. Dit zanddek is 15cm tot 40 cm dik.
 +c. Laarpodzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +Het oostelijke gedeelte van de buurt gelegen ten oosten van de buurt Kruisstraat bedrijventerrein werd omstreeks 1920 uitgelaagd.Ten zuiden van de straat genaamd Kruisstraat (gehucht Bruggen) werden vanaf 1920 tot 1950 diverse percelen uitgelaagd.
 +Tussen 1953 en 1956 werd er door het waterschap de De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Door het waterschap de polder van der Eigen en Empel werd ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West in 1953 een kleidiktekaart samengesteld.
 +De maaiveldhoogte in de buurt varieert van 2,10meter +NAP tot 3,30 meter +NAP. De kruinhoogte van de straat genaamd Kruisstraat varieert van 4,60 meter +NAP tot 6,80 meter +NAP. De hogere delen van de straat is nog een restant van een voormalige dijk genaamd de Rosmalensedijk. 
 +De grondwaterstand in de polder varieert van 0,60 m tot 2,00 m min maaiveld.
 +Deze grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand in van de noordelijk gelegen rivier de Maas en door de polderbemaling. Dit gebied wordt sterk gekenmerkt door ijzeroerbanken in de ondergrond en veel ijzerinfiltratie in het freatische grondwater.
 +In de directe omgeving van het oude gehucht Bruggen lagen tot 1956 een tiental wielen. Onder andere genaamd de Polderwiel, de Bruggense wiel en iets ten oosten van de Bruggen lag aan de juist grenzend en ten zuiden van de voormalige dijk enkele kleine wielen. 
 +De Bruggense Wielen de Polderwiel werden tijdens ruilverkavelingswerken in 1956 gedempt met zand dat vrijkwam uit de voormalige dijk.
 +Het is bekend dat er in deze twee wielen oorlogstuig, oorlogspuin en afval werd gestort. 
 +In de Vliertwijksestraat nabij perceel nr. 33b bevindt zich een overstort van de riolering in een waterloop. In het verleden waren er enkele klachten met betstrekking tot stank en slib stortingen op belendende percelen.
 +De buurt wordt gekenmerkt door een lintbebouwing langs een voormalige dijk (Huidige straat genaamd Kruisstraat) en een lintbebouwing langs de Sprokkelboschstraat en een lintbebouwing aan de westzijde van de Vliertwijksestraat. Deze lintbebouwing bestaat afwisselend uit woningen, agrarische bedrijven en industriëlenbedrijven. In het poldergebied bevinden zich twintigtal boerderijen en industriëlenbedrijven. Op het in het jaar 2003 gesloopte championkwekerij Slagkampweg nr. 19 bevindt zich nog een vijver waarin in het verleden bedrijfsafvalwater werd geloosd en de vijver is in het verleden gedempt met puin e.d.
 +Het is bekend dat er vlak na de tweede wereldoorlog op diverse percelen langs de straat genaamd Kruisstraat veel oorlogspuin ingegraven werd.
 +Tevens werd er bij diverse bedrijven en boerderijen puin en afval ingegraven.
 +In 1989 werd er aan een aannemer uit Schijndel een ontgrondingsvergunning verleend voor een perceel gelegen tussen Kruisstraat nr,3 en nr. 5, kadastraal bekend onder sectie nr. F nr. 3293 groot 0,5420 ha. Er werd ontgrond tot een peil van 3,60meter +NAP. 
 +Ter plaatse van Kruisstraat 39A werd in de jaren 70 een vijver gedempt met grond van onbekende herkomst.
 +Ter plaatse van perceel Kruisstraat 26 werd rond 1985 ten westen en ten noorden van het woonhuis een grond depot aangelegd. Er werd door een plaatselijke aannemer zand in den natte gewonnen en grond van onbekende oorspong in de bodem verwerkt. Het depot is heden niet meer aanwezig. 
 +De waterstand in de waterlopen bedraagt 3,20 meter +NAP.?
 +De waterstand van de rivier de maas is 1,00 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP.
 +
 +De panden in de buurt hebben een drukriolering welke aangesloten is op de buurt Kruisstraat.
 +
 +Door gemeente ’s-Hertogenbosch werd aan Stichting RAAP opdracht verstrekt om een archeologisch onderzoek ten behoeve van de Vinex- locatie Rosmalen- noord en het uitbreidingsplan Empel uit te voeren. (Rapport 168, d.d. augustus 1996) 
 +In dit onderzoek werden in de Groote Wielen 5 vindplaatsen gewaardeerd. Vindplaats 1 t/m 5. De meeste vindplaatsen dateren uit de Bronstijd en/of de IJzertijd en liggen op pleistocene zandopduikingen. Binnen een escomplex nabij de Bruggen werden drie vindplaatsen aangetroffen.
 + De vindplaatsen 1 t/m 3 en ingesloten tussen deze vindplaatsen ligt een terpachtige verhoging vindplaats 4. Volgens omwonende heeft er op vindplaats 4 een boerderij gestaan welke in de tweede wereldoorlog werd verwoest.
 +Op de vindplaatswen 1 t/m 3 werden vondsten ontdekt uit de IJzertijd, Romeinsetijd, en uit de Middeleeuwen.
 +De terp, vindplaats 4 werden vondsten gedaan uit de IJzertijd en uit de vroege Middeleeuwen. Tevens werden er funderingsresten van een vermoedelijk uit de 18e eeuw huis waargenomen.
 +
 +Vindplaats 5 betreft een es welke bekend staat onder de naam “Het Sprokkenbosch” Er werden scherven uit de IJzertijd ontdekt en laat middeleeuwse scherven.
 +
 +
 +====== Bedrijven Kruisstraat ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1942 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap van der Eigen en overging in het waterschap de Polder van den Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Het gedeelte van de buurt ten zuiden van de Bruggen werd tot 1942 beheerd door het waterschap de Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. Dit ging over in het waterschap De Maaskant in Oss. Per 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde en oostzijde begrensd door de buurt Kruisstraat, aan de zuidzijde door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Nijmegen en aan de westzijde door Vliertwijksestraat.
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand. Dit pleistocene zand wordt op geringe diepte waargenomen (tussen 40 cm en 120 cm diep).
 +
 +Bodemkundig worden de gronden kalkloze zandgronden genoemd.
 +Ze bestaan hoofdzakelijk uit:
 +a. Hoge zwarte enkeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand. Dit zanddek is 15 tot 40 centimeter dik.
 +b. Laarpodzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +Het oostelijke gedeelte van de buurt werd omstreeks 1920 uitgelaagd.
 +
 +Tussen 1953 en 1956 werd door het waterschap de De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Door het waterschap de polder van der Eigen en Empel werd ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant west in 1953 een kleidiktekaart samengesteld. De maaiveldhoogte in 1964 was 4,20 tot 5,40 meter +NAP. Tot 1974 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weide- en akkergronden.
 +
 +In 1975 werd gestart met het ontsluiten en bouwrijk maken van de buurt als bedrijven terrein. De lintbebouwing aan de oostzijde van de Vliertwijksestraat was reeds in gebruik als woningen en bedrijventerreinen. 
 +
 +In 1987 en 1988 werd erdoor de provincie Noord Brabant een ontgrondingsvergunning verleend aan een bedrijf uit Rosmalen en later aan een wegenbouwbedrijf om een perceel sectie C 2262, gelegen aan de noordzijde van het industrieterrein. De aangevraagde ontgrondingsdiepte bedroeg 1,00 meter + NAP. Na ontgronden moest het terrein minimaal aangevuld worden tot 3,50 meter + NAP. 
 +
 +Bij dit toekomstige bedrijventerrein gelegen aan de Vinkenveld 28 en 30 werd omstreeks 1996 zand ontgraven tot een diepte van circa 2 meter en gevuld met grond met een lichte bijmening van puin.
 +
 +De oostzijde van de buurt wordt begrensd door een waterloop . De waterstand in de waterloop bedraagt 2,40 meter + NAP. De grondwaterstroming van het freatische grondwater is noordwestelijk. De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,50 tot 2,10 meter –mv en wordt sterk beïnvloed door de waterstand en de noordelijke gelegen rivier de Maas en door de polderbemaling.  
 +
 +Het meest zuidwestelijke deel van de buurt  ter plaatse van Vliertwijksestraat 40 werden enkel jaren geleden de stallen van een voormalige varkensfokkerij gesloopt en bouwrijp gemaakt. De aanwezige olietanks werden verwijderd. In 2003 is ter plaatse een bodemonderzoek uitgevoerd. In de buurt werd op perceel Vliertwijksestraat 38 vanaf het begin van de 70 –er jaren de gemeentewerf gevestigd.
 +
 +Ter plaatse van een pluimveeslachterij gelegen aan de Biestkampweg heeft een vergunning voor het onttrekken van 35.000 m³/per jaar. De buurt is gelegen binnen het 25-jarig beschermingsgebied van het waterwingebied Nuland. De werkelijke onttrekking 55.000 tot 80.000 m³ per jaar. De onttrekking vindt plaats door middel van een put met onbekende diepte (gegevens 1986). De maaiveldhoogte bedraagt heden 4,75 m + NAP.
 +
 +====== De Overlaet oost ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig zandlandschap welke tot 1942 beheerd werd door het waterschap De Polder van de Eigen. In 1942 ging dit waterschap over in het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss.
 +Per 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Bundersteeg, aan de zuidzijde door de Herculesstraat en de Bruggensestraat, aan de westzijde door de Rodenborchweg en aan de oostzijde door de straat genaamd De Doorsteek.
 +Tot 1982 waren deze gronden door de eeuwen heen ingebruik als akker en weidegronden.
 + 
 +Op 1 januari 1996 ging de gemeente Rosmalen over in de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +Geologisch behoren deze percelen grotendeels tot in het Pleistoceen afgezette zandgronden met daarop een zavel of kleidek welke in het Holoceen is afgezet en door kalkloze poldervaagggronden met zware klei met Pleistoceen zand beginnend tussen 40 en 120 cm.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden hier kalkloze zandgronden en zijn qua bovengrond onder te verdelen in:
 +a. poldervaagggronden met zware klei in de bovengrond.
 +b. beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met Pleistoceen zand beginnend tussen 40 en 120 cm diep.
 +c. gooreerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met Pleistoceen zand beginnend tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +d. vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand afgedekt met een zavel of kleidek 15 cm tot 40 cm dik.
 +
 +De maaiveldhoogte in de polder varieerde in 1964 van 3,20 meter +NAP tot 4,00 meter +NAP.
 +
 +De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,50 m tot 2,00 m min maaiveld.
 +
 +De stroming van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht. De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas en door de polderbemaling. 
 +
 +De waterstand in waterlopen van de polder had een zomerpeil van 1,92 meter +NAP en een winterpeil van 1,80 meter +NAP.
 + 
 +In de buurt bevinden zich enkel waterlopen met een waterstand van 1,80 meter +NAP (in de meest noordelijke waterloop) en een waterstand van 2,20 meter +NAP (In de meest zuidelijke gelegen waterloop ). In de buurt bevindt zich een stuw. De waterlopen worden op peil gehouden door het gemaal de Overlaet, welke is gelegen in de buurt.
 +
 +In 1982 werd begonnen met het bouwrijp maken van de Overlaet Oost. Namelijk. fase I, fase III, fase VIII t/m fase XI De fase I en fase III werden in 1982, 1983 en 1984 bouwrijp gemaakt.
 +De fase VIII werd omstreeks 1992 bouwrijp gemaakt. De fase IX, fase X (onderwijzersbuurt) en fase XI( bedrijvenbuurt) werden omstreeks 1993 bouwrijp gemaakt. 
 +Na afwerking van de nieuwbouwwijk de Overlaet oost was de maaiveldhoogte 3,50 meter +NAP.
 + In 1984 werd er naar aanleiding van slibstortingen ter plaatse van de geplande fase1 veel rioolslib op de weilanden gestort. In fase II werd door agrarische bedrijven, meststoffen en rioolslib uitgereden.Tijdens het bouwrijpmaken werd zand ontgraven uit wegcunetten en waterlopen en uitgespreid over de bouwkavels. 
 +
 +In de buurt was tot 1955 een rioolzuiveringsinstallatie aanwezig langs Vlietdijk. Heden is er een restaurant gevestigd in de ontmantelde rioolzuivering.
 +In de buurt is het Johan van Vladerackenpark aangelegd. 
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het gemaal Slagkampweg.
 +Er bevindt zich in de buurt nabij de Annenburgweg een bergbezinkbassin met een overstort op een waterloop.
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken van de buurt werd in de periode 1990 -1995 door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel vele sporen uit de Bronstijd en IJzertijd waargenomen.
 +Tijdens dit onderzoek bleek dat er tijdens ontgrondingen uit de dertiger jaren van de 20e eeuw vele grondsporen verwoest waren. In de diepere rioolcunetten werden nog sporen van genoemde bewoningen aangetroffen. Het vondstconcentraties bevonden zijn hoofdzakelijk aan de noordzijde van perceel Bruggen nr. 46. (opgegraven in 1979 en 1986).
 +
 +
 +====== de Overlaet west ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig zandlandschap welke tot 1942 beheerd werd door het waterschap De Polder van de Eigen In 1942 ging dit waterschap over in het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss.
 +Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Annenburgweg, aan de zuidzijde door de Striensestraat, aan de westzijde door de Empelseweg en aan de oostzijde door de Rodenborchweg.
 +Omstreeks 1956 werd er een ruilverkaveling door het waterschap der Polder van der Eigen en Empel uitgevoerd. Oude kavelsloten werden gedempt en nieuwe kavelsloten en er werden nieuwe kavelsloten gegraven. Er werd in de polder meststoffen uitgereden en er werd slib afkomstig van de waterzuiveringsinstallatie van het waterschap de Maaskant uitgereden.
 +Tot 1986 waren deze gronden door de eeuwen heen ingebruik als akker en weidegronden.
 + 
 +Op 1 januari 1996 ging de gemeente Rosmalen over in de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +
 +Geologisch behoren deze percelen grotendeels tot in het Pleistoceen afgezette zandgronden met daarop een zavel of kleidek welke in het Holoceen is afgezet.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden hier kalkloze zandgronden en zijn qua bovengrond onder te verdelen in:
 +a. beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met Pleistoceen zand beginnend tussen 40 en 120 cm diep
 +b. gooreerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met Pleistoceen zand beginnend tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +c. vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand afgedekt met een zavel of kleidek 15 cm tot 40 cm dik.
 +
 +De maaiveldhoogte in de polder was tot 1964 varieerde van 3,20 meter +NAP tot 4,30 meter +NAP.
 +Het bebouwde gedeelte langs de Nieuwendijk werd omstreeks 1948 gebouwd en heeft een maaiveldhoogte van 5,10 meter +NAP.
 +De grondwaterstand voor het bouwrijpmaken varieerde van 0,40 m tot 2,00 m. min maaiveld.
 +Bij een onderzoek ter plaatse van Striensestraat nr. 19/21 werd in april 1996 een grondwaterstand van 3,20 m min maaiveld waargenomen.
 +De stroming van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht. De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas en door polderbemaling. 
 +
 +De waterstand in waterlopen de polder hadden een zomerpeil van 1,92 meter +NAP en een winterpeil van 1,80 m +NAP.
 +
 +In de buurt werden nieuwe waterlopen gegraven met een waterpeil van 1,80 meter +NAP.( in de meest noordelijke gelegen waterloop) en er werd een nieuwe waterloop gegraven met een waterpeil van 2,20 meter +NAP. (In de meest zuidelijk gelegen waterloop). In de buurt bevinden zich een tweetal stuwen. De waterstand in de waterlopen wordt op peil gehouden door middel van een het gemaal Overlaet, welke zich bevond in de buurt De Overlaet Oost.
 + 
 +In 1986 werd begonnen met het bouwrijp maken van de Overlaet West. De aanleg van de buurt werd in fases uitgevoerd. Nl. fase II t/m fase VII. De faseringen liepen door tot 1989. In fase V en fase VI werden grote percelen opgehoogd met zand dat vrijkwam uit uitlaaggebieden uit de buurt Kruisstraat. 
 +
 +Na afwerking van de nieuwbouwwijk de Overlaet West was de maaiveldhoogte gemiddeld 3,20 meter +NAP. Tijdens het bouwrijp maken werd zand uit wegcunetten en waterlopen uitgespreid over de bouwkavels.
 +
 +In de buurt bevindt zich een terp. Deze terp is een restant van een middeleeuws kasteel.
 +Uit archeologisch onderzoek blijkt dat deze terp hoofdzakelijk bestaat uit een puinberg.
 +
 +In de buurt lag langs de Nieuwendijk een groot bedrijventerrein van een aannemer. Dit bedrijven terrein werd in 1990 gesloopt en na sanering in1992 bouwrijp gemaakt.
 +Ter plaats van een voormalig transportbedrijf gelegen Striensestraat nr. 7 ( omgeving huidige Westerpad) werd in 1988 ten behoeve van uitbreiding Overlaet fase V een bodemonderzoek uitgevoerd. Op het achterterrein bevonden zich drie grond depots opslag van afval steen en hout. Wie de depots ontgraven en afgevoerd heeft is niet bekend.
 +Vooral langs de Striensestraat bevinden zich nog diverse bedrijven en enkele boerderijen.
 +Op de voormalige weilanden werd in het verleden meststoffen en slib afkomstig van waterzuiveringsinstallaties uitgereden.
 +
 +Op 18 januari 1993 werd er in een bouwput op de Quayborch, (fase een partij van ongeveer 10,000 glazen ampullen aangetroffen (calcium-hypochlorite). De ampullen stammen oorspronkelijk van een Amerikaanse dump van het einde van de tweede wereldoorlog. Omstreek 1950 werden deze ampullen door een inwoner van Rosmalen in de sloot gestort op 300 à 400 meter ten noorden van de oude Roshoeve in een sloot gestort. Er werd in 1993 circa 30 m3 grond met ampullen afgevoerd naar de stortplaats de Vlagheide.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het gemaal Slagkampweg met een overstort op de waterlopen nabij de Vlietdijk van de polder de Groote Wielen. 
 +Er bevindt zich in de buurt nabij de Annenburgweg een bergbezinkbassin met een overstort op een waterloop.
 +
 +In 1986 werd door leden van de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel tijdens het bouwrijp maken de resten van een kasteel met een grachtenstelsel ontdekt. 
 +De vondsten werden gemeld aan de Rijksdienst voor Oudheidkundig bodemonderzoek te Amersfoort. Onder leiding van het ROB werd er een noodopgraving uitgevoerd.
 +Tijdens de opgraving bleek dat veel sporen en resten van het kasteel tijdens de ruilverkavelingswerkzaamheden van 1948- 1953 werden verwoest.
 +De nog aanwezige resten behoren tot kasteel Rodenborch, dat hier omstreeks 1400 werd gebouwd.
 +Omstreeks 1500 betrekken de nonnen van de Augstinessen het kasteel en geven het de naam Annenborch. Het Annenborch klooster ligt op een natuurlijke verhoging. Na de verwoestingen van de 80 jarige oorlog zijn de nog aanwezige resten van het klooster rijp voor de sloop. Later wordt er op de nog aanwezige funderingsresten van het klooster een boerderij gebouwd. Deze boerderij werd omstreeks 1767 verwoest door een storm. Uit het onderzoek bleek dat de nog aanwezige lindeboom op een puinterp staat.
 +Rondom het kasteel en later het klooster was eeuwen lang een binnengracht en een buitengracht aanwezig die successievelijk met afval werd dicht gestort. Het merendeel van de vondsten uit de binnen en buiten gracht dateren uit de 15e en 16e eeuw. In latere periode, (17e en 18e eeuw) verlandde de gracht.
 +
 +In de directe omgeving van het Middenpad werden in 1986 door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel resten van een nederzetting uit de IJzertijd opgegraven.
 +
 +
 +====== A2 Zone Rosmalen Noord ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig zandlandschap welke tot 1942 beheerd werd door het waterschap De Binnenpolder van Rosmalen en Nuland. In 1942 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Omstreeks 1956 werd er door het waterschap de Maaskant een ruilverkaveling uitgevoerd. Oude kavelsloten werden gedempt en nieuwe waterlopen werden gegraven.
 +
 +Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Rodenborchweg, aan de zuidzijde door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Nijmegen, aan de westzijde door de rijksweg A2 en aan de oostzijde door de Empelseweg.
 +Op 1 januari 1996 ging de gemeente Rosmalen over in de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +
 +Geologisch behoren deze percelen grotendeels tot in het Pleistoceen afgezette zandgronden met daarop door menselijke activiteiten aangebrachte potstal.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden hier kalkloze zandgronden en podzolgronden en dikke eerdgronden en zijn qua bovengrond onder te verdelen in:
 +a.gooreerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met Pleistoceen zand beginnend tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +b. vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand afgedekt met een zavel of kleidek 15 cm tot 40 cm dik.
 +c. hoge zwarte enkeerdgronden bestaande uit leemarm en zwak lemig fijn zand, afgedekt met een zanddek van 15 tot 40 cm. 
 +
 +De meeste enkeerdgronden zijn ontstaan door geleidelijke ophoging van een eenmaal ontgonnen grond met materiaal uit een potstal. Bij deze voormalige bemestingswijze maakte men gebruik van stalmest gemengd met strooisel en zand. Dit mengsel werd jaarlijks op een beperkt oppervlakte bouwland gebracht, waardoor het land geleidelijk werd opgehoogd.
 +Podzolgronden hebben een inspoelingslaag (B-horizont), waarin organische stof al dan niet samen met ijzer- en aluminiumverbindingen is opgehoopt.
 +Een deel spoelt uit en een ander deel komt op geringe diepte weer tot afzetting.
 +Vooral in de middeleeuwen werd er veel potstal aangebracht. Door de buurt loopt een restant van de oude Rosmalensedijk, (heden genaamd Heinis) aanwezig.
 +De maaiveldhoogte van de voormalige polder bedroeg 2,80 meter +NAP tot 4,60 meter +NAP
 +De maaiveldhoogte in de buurt bedraagt heden 2,80 meter +NAP tot 4,60 meter +NAP.
 +De Heinisdijk heeft een kruinhoogte van 6,30 meter +NAP. Een gedeelte van de voormalige Heinisdijk werd omstreeks 1956 afgegraven tot een hoogte van 3,60 meter +NAP. 
 +De stroming van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht. De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. 
 +De grondwaterstand varieert van 1,00m tot 2,00m min maaiveld.
 +
 +De waterstand in de waterloop langs de rijksweg A2 heeft een waterstand van 2,30 meter +NAP.
 +De overige waterlopen in de buurt hebben een waterstand van 2,30 meter +NAP.
 +Aan de zuidkant van de Heinis lag nabij de Empelseweg een waterkolk. Waarmee deze wiel gedempt is niet bekend. Op de topografischekaart No 45 B Kerkdriel verkend in 1953 staat deze waterkolk nog aangegeven.
 +Langs een laag dijkje gelegen in de zuidoosthoek van de buurt lag tot omstreeks 1956 een kleine waterkolk. In het verleden werd deze waterkolk gedempt met bouw en sloopafval en met huisvuil.
 +Op de topografische kaart No 45 B Kerkdriel verkend 1953 staat deze wiel nog aangegeven. Het dijkje is heden niet meer aanwezig en werd in enkele fases afgegraven en vermoedelijk uitgespreid op de belendende percelen en gedeeltelijk gebruikt om de waterkolk te dempen. De waterkolk had een diepte van circa 5 meter.In de buurt zijn een tiental agrarische bedrijven aanwezig. En een enkele industriebedrijven.
 +In de zuidwesthoek van de buurt is een crossterrein aanwezig.
 +In de buurt bevinden zich enkele onverharde oude landbouwweggetje welke met de ruilverkaveling in 1956 geslecht werden.
 +
 +De panden in de buurt hebben een drukriolering welke aangesloten is de buurt t Ven.
 + 
 +
 +====== Rosmalense polder ======
 +
 +De buurt is gelegen in een poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De polder van der Eigen.
 +Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de oostzijde begrensd door de Kerkdijk en aan de zuidzijde door de Rompertweg en Heeseindseweg. Aan de noordzijde wordt de buurt begrensd door de Hertogswetering en aan de westzijde door de buurt De Groote Wielen.
 +De maaiveldhoogte varieert van 2,40 meter +NAP tot 3,50 meter +NAP. Het zomerpeil in de polder bedraagt 1,92 meter +NAP en het winterpeil bedraagt 1,80 meter +NAP. De waterloop genaamd de Hoefgraaf heeft een winterpeil van 1,30 meter +NAP en een zomerpeil van 1,80 meter +NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig zijn de gronden onder te verdelen in:
 +a. Kalkloze poldervaaggronden met zware klei.
 +b. Moerige eerdgronden met zavel of kleidek en moerige tussenlaag op zand.
 +c. Drechtvaaggronden, kalkloos met zavel of klei op veen.
 +d. Waardveengronden met zand ondieper dan 120 cm.
 +e. Vlakvaaggronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met kleidek van 15 tot 40 cm.
 +
 +Ten noorden van de buurt bevindt zich een gedeeltelijk verspoelde oeverwal. De buurt bestaat uit komklei dat in het zuiden uitwigt tegen een dekzandrug. In de buurt bevinden zich vlak onder de bovengrond enkele restanten van de zanddonken genaamd de Blokken en de Hoge Hoeve.
 +De laaggelegen gronden ter plaatse van de komklei wordt ontwaterd door middel van weteringen die deels bij de Dieskant en deels bij Gewande uitmonden door middel van gemalen in de Dieze en de rivier de Maas. De polder watert nu af via het nieuwe gemaal in Gewande.
 + De afwatering van de polders Hoog Hemaal en Laag Hemaal vindt plaats via de Roode wetering en de Hertogswetering langs de noordzijde van de buurt.Tot 1942 liep de polder regelmatig onder water ten gevolge van de werking van de Beerse Overlaat. De polder fungeerde vanaf de late middeleeuwen als het stroomgebeid van de Beerse Maas.
 +De polder heeft op de hoge delen akkerbouw en op de lagere delen grasland.
 +
 +De grondwaterstand varieert sterk en is afhankelijk van de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas en door polderbemaling. De waterstand van de rivier de Maas is meestal 1,00 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP. De grondwaterstroming van het 1e watervoerend pakket is noord/westelijk gericht, maar kan bij extreme hoge waterstanden van de rivier de Maas sterk fluctueren. 
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. In het kader van de ruilverkaveling Maaskakker west (1953-1958) werd er door het waterschap een kleidiktekaart samengesteld.
 +
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.Ten gevolge van de laatste ruilverkaveling is het onderscheid tussen oeverwal en komklei en hoge donken en lage kom grotendeels verdwenen.
 +
 +In de buurt bevinden zich diverse agrarische bedrijven met vooral rundveehouderijen en fok – en mestvarkensbedrijven en er komen enkel champignonkwekerijen voor. Door het gebied loopt een rioolpersleiding. Verder komen er in de polder transportgasleidingen en transportwaterleidingen voor.
 +
 +De panden in het westelijke deel van de buurt hebben een drukriolering welke aangesloten zijn op het gemaal Slagkampweg. De panden in het oostelijke deel van de buurt hebben een drukriolering welke aangesloten zijn op de gemeente Nuland.
 +
 +Op een perceel gelegen juist ten westen van Rompertweg nr. 10 werd door een aannemer vanaf circa 1980 een ontgronding uitgevoerd. Er werd tot enkele meters min maaiveld, in “den natte” zand gewonnen. De bovengrond werd vooraf als kade in depot. Er werd vanaf diverse locaties grond, klei en zand aangevoerd en rechtstreeks in het water gestort. Het is bekend dat er vanaf enkele grote bouwputten van de binnenstad van ’s-Hertogenbosch vervuilde grond werd gestort, o.a. bouwput Amrobank Visstraat en bouwput RABO bank Burg. Loeffplein.  
 +In maart 2003 werd de ontgronding afgewerkt en de in depot aanwezige bovengrond werd weer aangebracht.
 +
 +Door Stichting RAAP werd in het kader van de Groote Wielen rapport 168, Archeologisch onderzoek ten behoeve van de VINEX- Lokatie Rosmalen-Noord en het uitbreidingsplan Empel uitgebracht.
 +Tijdens het karterende booronderzoek werd op een zuidoost-noordwest georiënteerde dekzandrug een nederzetting uit de Midden Bronstijd en sporen uit het Neolithicum en de IJzertijd aangetroffen. Vindplaats 10 en 11 uit rapport 168.
 +Door Stichting RAAP werd in 1991 rapport 32 uitgebracht.
 +Ten noorden van de Heeseindseweg en ten zuiden van de Hoefgraaf werden op een vijftal percelen sporen uit de Bronstijd, IJzertijd en Romeinsetijd waargenomen.
 +Door het instituut voor Bouwhistorische Inventarisatie en Documentatie (IBID) werd in maart 1999 in opdracht van de gemeente ’s-Hertogenbosch een cultuurhistorische beschrijving en waardering van het buitengebied van ’s-Hertogenbosch uitgebracht.
 +De archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel werd in 1995 een verkenning rondom het perceel Rompertweg nr. 10 uitgevoerd. Er werd op een diepte van circa 50 cm min maaiveld veel houtskool resten en diverse stenen artefacten uit het Neolithicum en de Bronstijd waargenomen.
 +Juist ten zuiden van de Rompertweg nr. 10 werd omstreeks 1994 door het IPL uit Leiden een nederzetting uit de Bronstijd op gegraven.
 +
 +
 +====== Brabantpoort ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1942 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap van der Eigen en overging in het waterschap de Polder van den Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss.
 +Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Groote Wetering, aan de oostzijde door de Empelseweg, aan de zuidzijde door de Rodenborchweg en aan de westzijde door de rijksweg A2.
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot jongere holocene rivierafzettingen op Pleistoceen zand. Dit pleistocene zand wordt op ringe diepte waargenomen. (tussen 40 cm en 120 cm diep.
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze poldervaaggronden.
 +
 +Door het waterschap de polder van der Eigen en Empel werd ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant west in 1953 een kleidiktekaart samengesteld.
 +De maaiveldhoogte in de buurt varieert van 2,10meter +NAP tot 3,30 meter +NAP.
 +De grondwaterstand in de polder varieert van 0. 60 m tot 1,00 m min maaiveld.
 +Deze grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand in de Rosmalenseplas en door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas.
 +De waterstand van de rivier de Maas is 1,00 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP.
 + 
 +De waterstand in de Groote wetering heeft een zomerpeil van 1,70 meter +NAP en een winterpeil van 1,30 meter +NAP.
 +De Rosmalenseplas staat door middel van een sloot rechtstreeks in verbinding met de Groote wetering en heeft dus dezelfde waterstand als deze wetering.
 +
 +De algemene stroming van het freatische grondwater is noordwestelijk.
 +De grootste deel van de buurt omvat de Rosmalenseplas. Deze plas is ten behoeve van zandwinning is omstreeks 1968 ontstaan. De diepte van de plas bedraagt circa 25 meter.
 +Op enkele percelen gelegen tussen de Rosmalenseplas en de Empelseweg heeft enkele tientallen jaren een zanddepot gelegen. Het zand werd door middel van spuiten op deze percelen gespoten.
 +Omdat er veel verontreinigingen, zoals leemballen en veel hout en veenresten, in de opgespoten depots aanwezig was werd de afzet van dit zand bemoeilijkt.
 +Ter plaatse van het voormalige Tulip terrein werd in een onderzoek de voormalige Harenweg opgebroken incl. fundering en afgevoerd naar een erkende verwerker. 
 +
 +In de zuidwesthoek van de buurt is 1986 een bedrijventerrein ontwikkeld.
 +
 +De buurt heeft een verbeterd gescheiden stelsel met overstorten van het regenwaterriool op de bestaande waterlopen. Het rioolstelsel loost op de buurt de Overlaet.
 +Tijdens het bouwrijp maken van het voormalige Tulip terrein werd in 1995 door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel een verkenning uitgevoerd. Tijdens deze verkenning werd geconstateerd dat er in het verleden een grootschalige ontgronding heeft plaats gevonden. Deze ontgronding bestond uit het ontgraven van de teelaarde laag, welke na de ontgronding werd terug gezet. Er werd circa 1,00 m zand diep zand ontgraven en afgevoerd naar elders.
 +In de verstoorde bovenlaag en in restante van de originele ondergrond werden restanten van de Late Bronstijd en de Vroege IJzertijd waargenomen. 
 +
 +
 +====== Landelijk gebied. (De Groote Wielen) ======
 +
 +De onderzoekslocatie is gelegen in het gebied De Groote Wielen. De buurt is gelegen in een poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap de polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt valt grotendeels onder het bestemmingsplan De Groote Wielen.
 +
 +Het gebied wordt aan de noordzijde begrensd door de Hustenweg. Aan de westzijde wordt de begrenzing gevormd door de Empelseweg en door het gebied Empel H en G. De zuidzijde wordt begrensd door de Annenburgweg en de Bundersteeg. Aan de oostzijde wordt het gebied begrensd door de ontworpen landelijke-ecologische zone en door agrarisch gebied.
 +
 +Geologisch behoren deze percelen tot de jongere holocene rivierafzettingen met uitzondering van enkele pleistocene zanddonken.
 +
 +Bodemkundig zijn de gronden onder te verdelen in:
 +a. Kalkloze poldervaaggronden met zware klei in de bovengrond
 +b. Kalkloze poldervaaggronden met zware zavel en licht klei in de bovengrond.
 +c. Kalkloze gooreerdgronden met klei of zavel dek van 15 tot 40 centimeter op leemarmen zwak lemig fijn zand.
 +d. Overslaggronden met zware klei en zavel in de bovengrond
 +e. Kalkloze beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand in de bovengrond.
 +f. Kalkloze drechtgronden met zavel en klei op veen.
 +
 +Door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel werd ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West in 1953 een kleidiktekaart samengesteld. De maaiveldhoogten in het omringende poldergebied varieerde van 2,00 tot 3,30 m + NAP. Het zomerpeil in deze polder was 1,80 meter + NAP en het winterpeil is 1,60 meter + NAP.
 +
 +Het landschap wordt in belangrijke mate bepaald door agrarisch gebruik, grasland en bouwland.
 +Centraal in het gebied ligt het grondwaterbeschermingsgebied Empel. Langs de Bankade bevindt zich een waterwinplaats met pompstation van de WOB, met een spoelwaterleiding naar het gemaal Doornkamp in Empel. De afgelopen 15 jaar werd er circa 1 miljoen m³ water vanaf een diepte van 80 meter gewonnen. Zuidelijk van het gebied ligt het grondwaterbeschermingsgebied Nuland.
 +
 +In de polder bevinden zich diverse landbouwbedrijven (rundveebedrijven, fok – en/of mestvarkensbedrijven. Bij een groot aantal bedrijven zijn ondergrondse en bovengrondse brandstoftanks aanwezig. 
 + 
 +Na de sloop van de opstallen Vlietdijk 5 , Vlietdijk 11 en Annenburgweg 9/11 werd door het ingenieursbureau en door de afd. Milieu een inspectie uitgevoerd . Op al de drie locatie werden dumpingen van puin, bouw en sloopafval en asbest waargenomen. Ter plaatse van Slagkampweg 17 bevind zich een gemaal van het waterschap de Maaskant. In maart 2003 werden de opstallen van perceel Slagkampweg 19 gesloopt. Ter plaatse van Lunerkampweg 7-9 bevindt zich vanaf 1985 een proefstation varkenshouderij.
 +
 +Ten noorden van het gebied ligt de voormalige stortplaats de Koornwaard. In de zestig en zeventiger jaren van de twintigste eeuw zijn vergunningen verleend voor het verbranden van huisvuil, grofvuil – en fabrieksafval en het storten van het verbrandingsresidu, onbrandbare afvalstoffen en chemisch afval. Bodemonderzoeken aan het eind van de tachtiger jaren en het begin van de jaren negentig wijzen uit dat de Koornwaard ernstig verontreinigd is met chemisch afval. Uit in dit verband uitgevoerd geohydrologische onderzoek blijkt dat de verontreiniging zich niet in de richting van het onderzoeks-gebied verspreid. De kans dat dit bij extreme situaties, zoals hoogwater in de Maas, zal gebeuren is gering. De invloed van het pompstation op deze verspreiding is niet bekend.
 +Door het waterschap en door het ingenieursbureau van de gemeente ‘s-Hertogenbosch zijn diverse onderzoeken uitgevoerd om het aanwezige slib in de waterlopen te onderzoeken.Uit deze onderzoeken blijkt dat onderwaterbodems vallen onder klasse 0 en klasse 2.
 +
 +In opdracht van het ingenieursbureau ’s-Hertogenbosch is door van Vleuten Consult een onderzoek uitgevoerd om de asfalt- en verhardingen in het gebied te onderzoeken. Tevens zijn in dit onderzoek de bermen en de ondergrond van de bermen onderzocht. Rapport CV02139/ CV01356 concept 20-12-2002.
 +
 +In opdracht van de gemeente is door Tebodin een achtergrondwaardenonderzoek en bodemkwaliteitskaart De Groote Wielen opgesteld. Rapport nummer 29494/3315001 d.d. 16 december 2002. In dit rapport is een overzicht verwerkt van tot dat moment uitgevoerde bodemonderzoeken in de Groote Wielen. 
 +
 +In de polder lagen tot aan het begin van de 19e eeuw een zestal eendenkooien en elf beboste percelen. Onder andere de Groote Kooi, Robbe Kooi en de Lunerkamp Kooi. Tijdens de ruilverkaveling Maaskant west 1955 werden deze drie kooien vergraven en buiten gebruik gesteld. Heden is er nog een bebost perceel aanwezig. Ter plaatse van een bos langs de Vlietdijk was in het verleden een stookplaats voor hout en dergelijke aanwezig. 
 +
 +Ter plaatse van het perceel Vlietdijk 10 werd er  van 1945 tot 1959 een gemeentelijke vuilstortplaats ingericht. De grond werd ter plaatse tot circa 1,50 meter –mv ontgraven en aangevuld met huisvuil en puin.
 +
 +De panden in de buurt hebben een drukriolering welke is aangesloten op het gemaal de Overlaet.
 +
 +
 +====== Kom Empel ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Kasteeldreef en de Deken Pompenstraat, aan de zuidzijde door de waterloop de Ploosche wetering en aan de westzijde door de rijksweg A2.
 +
 +Geologisch behoren deze percelen tot de jongere holocene rivierafzettingen met uitzondering van enkele pleistocene zanddonken. 
 +
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze poldervaaggronden en zijn onder te verdelen in 
 +a. Zware zavel en lichte klei in de bovengrond.
 +b. Zware klei in de bovengrond
 +c. Pleistoceen zand
 +
 +Door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel werd ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West in 1953 een kleidiktekaart samengesteld.
 +De maaiveldhoogten in het omringende poldergebied varieerde van 2,00 meter +NAP tot 3,30 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in deze polder was 1,80 meter +NAP en het winterpeil is 1,60 meter +NAP.
 +De zuidelijk en grenzen aan de buurt gelegen waterloop de Ploosche wetering is een voormalige beekbedding.
 +De waterstand in de Ploosche wetering varieert van 1,70 meter +NAP tot 1,90 meter +NAP.
 +De waterstand in de juist noordelijke gelegen waterloop genaamd het Meerke bedraagt 2,20m +NAP. In deze waterloop is een stuw gepland ter plaatse van de het huidige sportcomplex Empelina. 
 +De huidige waterlopen worden gevoed vanuit de Hertogswetering, door middel van een inlaatsluisje, gelegen langs de Rosmalensedijk.
 +
 +De grondwaterstand in dit gebied varieert van 2,00 meter +NAP tot 2,50 meter +NAP.
 +Deze grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas. De waterstand van de rivier de Maas is 1,00 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP.
 +
 +Het huidige dorp Empel werd hier in 1953 gesticht in verband met oorlogsvernielingen in het huidige dorp Oud Empel.
 +
 +Voor 1953 bestond deze buurt uit enkele zandopduikingen met daarop diverse boerderijen.
 +
 +Deze pleistocene zandopduikingen zijn grotendeels nog aanwezig en onder te verdelen in.
 +a. Zanddonk St. Landolinuslaan nrs. 20 t/m 30
 +b. Zanddonk Deken pompenstraat nr. 8
 +c. Zanddonk Kasteeldreef nr. 38.
 +d. Zanddonk Kasteeldreef nr. 16 
 +e. Zanddonk Klaverstraat nr. 33 en Kasteeldreef nr,10 
 +Deze zandopduikingen zijn heden nog aanwezig behalve de zanddonk Klaverstraat 33 en Kasteeldreef nr. 10. Op deze zanddonk stonden enkele 16e eeuwse boerderijen die rond 1965 gesloopt werden. De zanddonk werd afgegraven en het vrijkomende zand werd verwerkt op een laag gelegen perceel juist ten oosten van het huidige pand Kasteeldreef 29.
 +
 +De huidige maaiveldhoogten in de kom varieert van 2,40 meter +NAP tot 3,80 meter +NAP.
 +De nog aanwezige zanddonken hebben een hoogte van 4,50 meter +NAP tot 6,50 meter +NAP.
 +
 +Juist achter het perceel Kasteeldreef nr. 29 stond in de 14e eeuw het gewezen kasteel Meerwijk, ook wel genaamd ’t. Slot. Dit kasteel werd door de Spaanse troepen in de 16e eeuw verwoest.
 +In de ondergrond bevinden zich nog diverse funderingsresten en een uitgebreid grachtenstelsel.
 +Dit grachtenstelsel en het kasteelterrein zijn als een archeologisch monument verklaard. De grachten rondom het kasteel zijn gedeeltelijk gegraven en gedeeltelijk restanten van oude rivierbeddingen van de rivier de Maas. Ten gevolge van wateroverlast en overstromingen wordt dit gebied gekenmerkt door sterk verspoelde rivierbeddingen met overslag op de naast gelegen terreinen. Deze verspoelde rivierbeddingen zijn vooral gelegen langs de Kasteeldreef en Deken Pompenstraat.
 +Tijdens rioolwerkzaamheden in 1994 werden ter plaatse van de Kasteeldreef, Meerwijkweg en de Deken Pompenstraat op grote diepte sterk verspoelde veenbeddingen waargenomen en ter plaatse van de wegcunetten werden deze veenbeddingen verwijderd.
 +Op het huidige tenniscomplex genaamd de Asmunt werden in het verleden verontreinigde baggerspecie gestort. In 1999 werd een gedeelte van de ernstig verontreinigde grond afgevoerd naar de stortplaats de Vlagheide in Schijndel. Ter plaatse van de Pottenbakker werd in 1952 een sportveld aangelegd, in 1974 werd dit sportpark uitgebreid met een noodveld aangelegd, dat via een loopbrug over de Plooisewetering bereikbaar was.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met enkele overstorten op de bestaande waterlopen. Tevens is er in de Bankade een bergbezinkbassin aanwezig met een overstort. Het rioolwater wordt door middel van het gemaal Deken Pompenstraat verpompt naar het gemaal Slagkampweg.
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel.
 +
 +
 +====== Buurt Maasakker ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Maasakkers Noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +Het meest noordelijke gedeelte van de buurt valt buiten het bestemmingsplan en is agrarisch gebied.
 +De buurt wordt aan het noorden begrensd door de Empelsedijk, aan het oosten door de Doornkampsteeg en aan het zuiden door de Kasteeldreef en de Deken Pompenstraat.
 +De buurt is onder te verdelen in:
 +Maasakkers Oost 1efase.(wijk ‘t-Wikveld)
 +Kasteelterrein ’t Slot.
 +Tempelcomplex de Werf
 +Industrieterrein Empel noord
 +Agrarisch gebied tussen Empelsedijk en Veldpad/Akkerpad
 +Uitbreiding deelgebied A (Nog niet uitgevoerd)
 +Uitbreiding deelgebied B (Nog niet uitgevoerd)(huidige sportcomplex)
 +Uitbreiding deelgebeid C (bestek 77-1997)
 +Uitbreiding deelgebied D (bestek 80 – 1996)
 +
 +Geologisch behoren deze gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierklei afzettingen.
 +In dit rivierlandschap bestaan de gronden in de bovengrond uit:
 +a. kalkarme stroomruggronden
 +b. overslaggronden, dikker dan 50 cm op kalkarme stroomruggronden
 +c. overslaggronden, dikker dan 50 cm op klei en zavel
 +d. oude bewoningsgronden
 +e. stroombeddingsgronden. Dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde en verveende oude beekbedingen.
 +f. Bodemkundig noemen we deze gronden kalkarme poldervaaggronden. En bestaan uit zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +De delen van de zandopduikingen de Middelste Hoek en de werf werden grotendeels geslecht en afgegraven. Het vrijkomende zand werd gebruikt in de Kleien wijken in Empel en in het zandcunet van de Hustenweg. Verder werden er enkele lagergelegen delen van de polder uitgevuld.
 +In het kader van de ruilverkaveling Maaskakker west (1953-1958) werd er door het waterschap een kleidiktekaart samengesteld.
 +De maaiveldhoogte in de polder varieerde van 2,50 meter +NAP tot 3,50 meter +NAP.
 +Het zomerpeil van de polder was 1,92 meter +NAP.
 +
 +In 1976 werd door de gemeente begonnen met het bouwrijp maken van een gedeelte van het bestemmingsplan Maasakkers. (oostelijk gedeelte 1e fase, bestek 53- dienst 1976).
 +Tijdens de uitvoering van dit bestek werd de overtollige grond uit de rioolsleuven en wegcunets gedeponeerd op de toekomstige bouwkavels.
 +Er werd opgehoogd tot 3,35 meter +NAP.
 +Ten gevolge van de aanwezigheid van veel veen en klei inde dit uitbreidingsplan is een gedeelte van de riolering in Maasakkers oost ter plaatse van ’t Wikveld circa 30 cm verzakt. De wijk Maasakkers oost heeft een gemengd rioolstelsel zonder overstorten.
 +Ten noorden van het perceel Kasteeldreef nr. 18 ligt een overstort van het vuilwaterriool. Deze greppel watert af in de waterloop genaamd ’t Meerke.
 + 
 +De waterstand in de zuidelijk grenzende waterloop genaamd 't Meerke varieert van 1,70 meter +NAP tot 1,90 meter +NAP.
 +De juist noordelijk grenzende waterloop heeft een waterstand van 2,20 meter +NAP.
 +De grondwaterstand varieert sterk van 1,50 meter +NAP tot 2,50 meter +NAP en wordt hier sterk beïnvloed door de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas. De waterstand van de Maas is meestal 1,00meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP.
 +De grondwaterstroming van het 1e watervoerende pakket is noord/westelijk gericht, maar kan bij extreme hoge waterstanden van de rivier de Maas sterk fluctueren.
 +Ten gevolge van een hoge grondwaterstand en spanningswater werden er in mei 1994 ter plaatse van de Deken Pompenstraat door v Ockhuizen een bemalings- en funderingsrapport opgesteld.(rap. Nr 2,057,012).
 +Tijdens het vervangen van de riolering in de Deken Pompenstraat ondervonden de werkzaamheden veel hinder en stagnatie van het aanwezige klei/veenpakket.
 + 
 +Incidenteel kan hier t.g.v. een gesloten kleipakket een “2e grondwaterstand” aanwezig zijn. (perculatiewater).
 +
 +**Deelgebied A**
 +
 +Dit deelgebied is geprojecteerd ten oosten van het kasteelterrein van het gewezen kasteel van Meerwijk. De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Maasakkers West en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De percelen zijn tot op heden nog in gebruik als weidegronden. Rond 1960 werd op de lager gelegen percelen grond afkomstig van een zanddonk gelegen Kasteeldreef/hoek Klaverstraat aangebracht. De grond was plaatselijk sterk puinhoudend. Op deze percelen zijn nog restanten van verveende en dichtgestorte grachten van het kasteel aanwezig. Ook bevind zich hier ter plaatse van een 15e eeuwse steenoven veel puin en stook resten in de bovengrond. 
 +De maaiveldhoogte varieert van 2,40 meter +NAP tot 3,30 meter +NAP.
 +Dit deelgebied heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met uitmondingen van het regenwaterriool op de bestaande waterlopen.
 +
 +**Deelgebied B**
 +
 +Dit deelgebied is geprojecteerd ter plaatse van het huidige sportcomplex Empelina. De buurt is gelegen in het bestemmingsplan uitbreiding Empel 1e fase en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +Dit sportcomplex werd aangelegd in 1979. De maaiveldhoogte was voor hert bouwrijp maken circa 3,00 meter +NAP. In 1983 werd ter plaatse van het sportcomplex een grondverbetering uitgevoerd er werd 7000 m3 grond ontgraven uit cunetten en sloten en de grond werd weer in het terrein verwerkt.
 +Ten gevolge van de aanwezigheid van veel veen en leem in de ondergrond en een hoge grondwaterstand werd een gedeelte van dit complex niet uitgevoerd. Op deze slechte ondergrond werd toen een groenstrook aangelegd. Wel werd tijdens het bouwrijp maken een drainagesysteem aangelegd welke loost op de waterloop genaamd ’t Meerke.
 +Dit deelgebied heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met uitmondingen van het regenwaterriool op de bestaande waterlopen.
 +
 +**Deelgebied C**
 +
 +Dit deelgebied werd in 1997 bouwrijp gemaakt, (bestek 77- dienst 1997)
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Uitbreiding Empel 1e fase en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De maaiveldhoogte voor het bouwrijp maken varieerden van 2,99 meter +NAP tot 3,27 meter +NAP.
 +Tijdens het bouwrijp maken werd ter plaatse van de bebouwing (incl. een strook van 1 meter breed rondom de bebouwing ) de bestaande toplaag tot 2,50 meter +NAP ontgraven en aangevuld met zand tot 3,30 meter +NAP. Het benodigde zand werd per schip aangevoerd vanaf de ontgronding Lithse Ham naar een loswal in Gewande en per as aangevoerd naar de bouwkavels. Ter plaatse van de groenstroken werd circa 50 cm klei ontgraven en naar elders afgevoerd en vervolgens opgehoogd tot 3,60 meter +NAP met de vrijkomende grond uit de bouwkavels, sloten en rioolcunetten. 
 +De overtollige grond werd aangebracht op een strook grond juist ten noorden van het deelgebied.
 +Ter plaatse van Breeakkers, (oppervlakte 2500 m2), werd een veenlaag van 50 cm dik waargenomen op een dikte van 0,50 m - tot 1,0 m – NAP waargenomen.
 +De waterstand in de ontworpen waterlopen bedraagt 2,20 meter +NAP.
 +Het deelgebied C heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel. Het regenwaterriool van deelgebied C heeft twee overstorten op de zuidelijke grenzende waterloop en twee overstorten op de zuidwestelijk grenzende waterloop. In het jaar 2003 werd een restant van deelgebied C bouwrijp gemaakt. Bestek 59 dienst 2002, uitbreidingsplan Empel Noord fase 1, deelgebied C gelegen tussen de Biesenakker, Korenveld en de Meerwijkweg.
 +Er werd een nieuwe waterloop gegraven en een oude waterloop gedempt. Het vrijkomende zand uit cunetten en te graven waterloop werd ter plaatse hergebruikt in de te dempen waterloop. Er werd in totaal 3015 m3 grond afgevoerd naar het depot Kloosterdonk. Vanaf een zanddepot gelegen aan de Diepte weg werd m3 zand aangevoerd en verwerkt in de cunetten en de bouwblokken. Dit schone zand was oorspronkelijk afkomstig van Maaspoort Z.
 +
 +Dit deelgebied heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met uitmondingen van het regenwaterriool op de bestaande waterlopen.
 +
 +**Deelgebied D**
 +
 +Dit deelgebied werd in 1997 Bouwrijp gemaakt. (bestek 80- 1996).
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan uitbreiding Empel 1e fase en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De maaiveldhoogte voor het bouwrijp maken varieerde van 2,50 meter +NAP tot 3,50 meter +NAP. Tijdens het bouwrijp maken werd ter plaatse van de bebouwing (incl. een strook van 1 meter breed rondom de bebouwing ) de bestaande toplaag tot 2,50 meter +NAP ontgraven en aangevuld met zand tot 3,30 meter +NAP. Het benodigde zand werd per schip aangevoerd vanaf de ontgronding Lithse Ham naar een loswal in Gewande en per as aangevoerd naar de bouwkavels. Ter plaatse van de groenstroken werd circa 50 cm klei ontgraven en naar elders afgevoerd en vervolgens opgehoogd tot 3,60 meter +NAP met de vrijkomende grond uit de bouwkavels, sloten en rioolcunetten. 
 +De overtollige grond werd aangebracht op een strook grond juist ten noorden van het deelgebied.
 +De waterstand in de waterlopen bedraagt 2,20 meter +NAP.
 +Het deelgebied D heeft een verbeterd gescheiden stelsel. Het regenwaterriool van deelgebied D heeft drie overstorten op de zuidelijk grenzende waterloop.
 +
 +Ter plaatse van deelgebied D stond aan de Doornkampsteeg een boerderij, welke omstreeks 1998 gesloopt werd. Rondom de boerderij werd na de sloop en tijdens het bouwrijp maken op diverse plaatsen veel puin en bouwen sloopafval waargenomen. Ter plaatse van Graanakker werd tijdens het graven van een vijver een asbestsanering uitgevoerd.
 +
 +**Deelgebied gewezen kasteel Meerwijk, ook wel genaamd ‘t - Slot.**
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan uitbreiding Empel 1e fase en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +Het deelgebied beslaat een gedeelte van een stroomrug langs een oude waterloop genaamd 't Meerke en juist ten noorden van een dekzandduin waarop Empel gelegen is.
 +Bij ruilverkavelingwerkzaamheden tussen 1948 en 1953 werd een gedeelte van de zandopduiking waarop het kasteel van Meerwijk stond ontgrond.
 +Het reliëf van het grachtenstelsel is nog grotendeels in de ondergrond aanwezig.
 +De maaiveldhoogte van het kasteelterrein met omliggende verveende en dichtgestorte grachten varieert sterk van 2,20 meter +NAP tot 3,60 meter +NAP. In 1973 werd het kasteel terrein met de 1e gracht tot archeologisch monument verklaard, waarvan het beheer rust bij de Rijksdienst voor Oudheidkundig bodemonderzoek (ROB) te Amersfoort.
 +
 +**Deelgebied perceel De Werf (Gallo/Romeinse tempelcomplex).**
 +
 +Dit deelgebied is gelegen in het bestemmingsplan uitbreiding Empel 1e fase en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +**Deelgebied Agrarisch gebied.**
 +
 +Dit deelgebied is gelegen tussen de Maasdijk en de deelgebieden B, C en D.
 +Dit gedeelte van de buurt is gelegen in het bestemmingsplan uitbreiding Empel,1e fase en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss.
 +
 +Er werd tussen 1948 en 1953 de ruilverkaveling Maaskant west uitgevoerd, 
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempte nieuwe kavelsloten gegraven. Tevens werden lager gelegen delen uitgevuld met grond welke vrijkwam van de zanddonk de Middelste Hoek en de zanddonk de Werf.
 +Geologisch behoren deze percelen tot de jongere holocene rivierafzetting van de rivier de Maas.
 +Bodemkundig noemen deze overslaggronden en stroomruggronden, Kalkloze poldervaaggronden en bestaan in de bovengrond uit zware zavel en lichte klei.
 +De grondwaterstand varieert hier sterk ten gevolge van kwel vanuit de rivier de Maas. Deze waterstand is meestal 1,00 meter +NAP maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP. De kruinhoogte van de Maasdijk bedraagt 7,35 meter +NAP, De maaiveldhoogte varieert van 3,00 meter +NAP tot 3,50 meter +NAP. De Maasdijk dateert vermoedelijk van rond 1300. Van het dorp Empel is bekend dat er in 1309 bedijkingsrecht verleend werd. Sinds de afsluiting van de Beerse Overlaat in 1942 komen er geen overstromingen meer voor. De laatste dijkverzwaringswerkzaamheden werden in 1992 door het waterschap de Maaskant uitgevoerd.
 + 
 +De panden in dit deelgebied hebben een drukriolering met een pompput langs de Meerwijkweg, welke het rioolwater verpompt naar Oud Empel.
 +
 +Deelgebied industrieterrein Empel noord.
 +
 +Dit deelgebied is gelegen in het bestemmingsplan uitbreiding Empel 1e fase(herziening) en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De maaiveldhoogte varieerde hier tot 1999 van 2,41 meter +NAP tot 3,40 meter +NAP.
 +Tot 1999 waren deze percelen door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden.
 +
 +De grondwaterstand varieert sterk en is afhankelijk van de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas. De waterstand van de rivier de Maas is meestal 1,00 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP. De grondwaterstroming van het 1e watervoerend pakket is noord/westelijk gericht, maar kan bij extreme hoge waterstanden van de rivier de Maas sterk fluctueren. 
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +
 +In het jaar 2000 werd dit industrieterrein bouwrijp gemaakt.(bestek 7-2000)
 +Tijdens het bouwrijp maken werd ter plaatse van de woonblokken, (incl. 1m meter rondom de woonblokken), ontgraven tot 2,30 meter +NAP. De woonblokken werden opgehoogd tot 3,30 meter +NAP met zand dat afkomstig was van de ontgronding Lithse Ham. De overtollige grond uit de wegcunetten, bermen en te graven waterloop werd op de lager gelegen kavels uitgespreid. Op enkele hoger gelegen kavels werd klei tot 1 meter diep ontgraven en afgevoerd buiten het gebied. De aanvullingen van deze ontgravingen geschiedden met grond welke van diverse plaatsen werd aangevoerd. Er werd totaal 9,650 m3 grond aangevoerd. Door het ingenieursbureau van de gemeente ’s-Hertogenbosch werd op 23-1-2001 een overzicht met tekening gemaakt betreffende de aangevoerde partijen grond. In het plan werd opgehoogd tot 3,30 meter +NAP. 
 +De wegen in dit industrie terrein hebben een kruinhoogte van 3,50 meter +NAP. De Meerwijkweg heeft een kruinhoogte van 3,90 m. De bestaande Kasteeldreef heeft een kruinhoogte van 3,94 meter +NAP.
 +De waterloop genaamd het Meerke heeft een waterstand 2,20 meter +NAP. De nieuw gegraven waterloop in het verlengde van 't Meerke en de waterloop juist westelijk en grenzend aan het plan gebied heeft ook een waterstand van 2,20 meter +NAP. In het industrieterrein is een verbeterd gescheiden rioolstelsel aangelegd. Tijdens het aanbrengen van de rioleringen werd een sterke toestroming van kwel, ten gevolge van grofzandige grondlagen geconstateerd.
 +Ter plaatse van het perceel Meerwijkweg nr. 8 is tijdens het bouwrijp maken ter plaatse van de nieuwe bedrijfshal een grondverbetering toegepast. Hier werd 80 cm teelaarde afgegraven en gedeeltelijk naar elders afgevoerd. Een gedeelte van de vrijkomende teelaarde werd op het perceel zelf verwerkt en in de bouwput werd 80 cm zand aangevoerd, welke afkomstig kwam van de ontgronding Lithse Ham.
 +
 +Dit deelgebied heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met uitmondingen van het regenwaterriool op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Deken Pompenstraat.
 +
 +In de buurt Maasakker zijn de volgende verdachte deelgebieden bekend:
 +
 +a. overstort riolering in de sloot ten over Kasteeldreef nr. 18.
 +b. laaggelegen perceel nabij Kasteeldreef nr. 19 ten gevolge van de overstort riolering
 +c. stookplaats afval in de directe omgeving van de middeleeuwse steenoven op perceel Kasteeldreef nr. 29.
 +d. Grachtvullingen van het voormalige kasteel op perceel Kasteeldreef nr. 29.
 +e. Directe omgeving van de 15e eeuwse steenoven ter plaatse van Kasteeldreef nr. 29.
 +f. Grondaanvullingen rondom schuur en huis van per ceel Kasteeldreef nr. 29.
 +g. Grondaanvullingen rondom schuur en huis van perceel kasteeldreef nr. 31.
 +h. Voormalige waterpoel ter plaatse van perceel Kasteeldreef nr,31.
 +i. Percelen van voormalige en bestaande boerderijen. 
 +
 +Door de gemeente werd in 1989 een cultuurhistorische inventarisatie ’s-Hertogenbosch deel 2 Kerkdorpen en noordelijk buitengebied uitgebracht.
 +
 +In het jaar 2003 werd ter plaatse van de Kasteeldreef 29 en 31 een bodemsanering door de gemeente uitgevoerd. (Bestek 107 dienst 2002). Er werd 9,000 m3 Categorie 1 grond en ???? m3 niet toepasbare grond afgevoerd naar een erkende verwerker. 
 +Door de archeologische dienst van de gemeente werd in 1989 een Archeologische inventarisatie en waarden van de uitbreidingslokaties Empel uitgebracht.
 +
 +In 1989 werd door de technische dienst van de gemeente een historisch onderzoek uitgevoerd naar achtergebleven munitie uit de Tweede Wereld oorlog langs de Empelsedijk (tussen Oud Empel en de gemeente grens ’s-Hertogenbosch- ’t Wild.
 +Tijdens de zoekactie, uitgevoerd door de EOD uit Culemborg werden in dit deelgebeid langs de Empelsedijk diverse granaten, handgranaten, mortieren, AP- Mijnen en Tellermijnen gevonden.
 +In april 1989, maart 1991 en 1993 verrichte de archeologische dienst van de gemeente ’s-Hertogenbosch (BAM) in de directe omgeving van het voormalige Kasteel aan de Kasteeldreef diverse noodopgravingen.
 +Tijdens deze waarnemingen werden vele vondstlagen met puin waargenomen. Enkele grachtvullingen zijn zeer humus met veel puin en omgevallen muurresten, Ook werden brandlagen, sintels en fosfaatlagen aangetroffen. Tijdens deze onderzoeken werd tevens geconstateerd dat de huidige waterloop genaamd ’t Meerke een restant is van een vroegere rivierloop van de rivier de Maas.
 +Op het noordelijk/oostelijke gedeelte van het voormalige kasteelterrein werd door de archeologische werkgroep Cro Magnon een middeleeuwse steenoven ontdekt. Deze 15e eeuwse steenoven werd door de BAM opgegraven.Volgens mondelinge mededeling van de bewoners van Kasteeldreef nr. 19 bevindt zich op het noord/westelijke gedeelte van zijn perceel ook funderingsresten van een steenoven.
 +Tijdens archeologische verkenningen uitgevoerd door de werkgroep Cro Magnon uit Empel werden de volgende meldingen en noodopgravingen verricht.
 +a. 1994, rioolsleuf Kasteeldreef nabij perceel nr. 38 werden neolithische werktuigen gevondenen een afvallaag met aardewerk uit Bronstijd en IJzertijd.
 +b. Industrieterrein ten noorden van de huidige straat Spanjaardwaard werd een rituele offerlaag uit de IJzertijd en Romeinsetijd in een verveende waterloop opgegraven.
 +c. Langs de Rietwaard werden enkele IJzertijdnederzetting waargenomen.
 +d. In de nieuwe waterloop langs de Rietwaard en Spanjaard werd een afvallaag uit de IJzertijd waargenomen.
 +e. Ter plaatse van het wegcunet van de Uilenwaard werden diverse stookplaatsen en afvalkuiltjes uit de ijzertijd en Romeinse tijd opgegraven.
 +
 +
 +====== Empel oost ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de kom Empel en deelgebied D en aan de oostzijde door de buurt Brabantpoort en de buurt de Groote Wielen en wordt aan de noordzijde begrensd door de buurt de Koornwaard.
 + 
 +Het gebied Empel 3e fase maakt onderdeel uit van de buurt Empel oost 0803
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant in Oss.
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de kom Empel en deelgebied D en aan de oostzijde door de buurt Brabantpoort en de buurt de Groote Wielen en wordt aan de noordzijde begrensd door de buurt de Koornwaard.
 + 
 +De buurt is onder te verdelen in:
 +
 +Maasakkers oost(Doornkampsteeg)
 +Empel uitbreiding 1e fase, deelgebied E
 +Empel uitbreiding 1e fase, agrarisch gebied.
 +Empel uitbreiding 2e fase, deelgebied F, G en H.
 +Empel uitbreiding 3e fase, deelgebied sportterrein Empelina, woongebied en bedrijventerrein. 
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen met uitzondering van enkele restanten van pleistocene zanddonken.
 +Bodemkundig zijn de gronden onder te verdelen in:
 +a. Kalkarme stroomruggronden.
 +b. Stroombeddinggronden met in de bovengrond zware klei en in de ondergrond zeer zware klei. Dit zijn in het Holoceen verlandde beddingen van oude rivierlopen
 +c. Overslaggronden op kalkarme stroomrugklei.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden:
 +a. Drechtvaaggronden, kalkloos met zavel of klei en met meer dan 40 cm. moerig materiaal beginnend tussen 40 en 80 cm.
 +b. Kalkloze poldervaaggronden met zware klei en lichte klei.
 +
 +Door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel werd ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West in 1953 een kleidiktekaart samengesteld. 
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden restanten van pleistocene zanddonken geslecht en uitgevlakt en werden laaggelegen delen van de polder opgehoogd en oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +De maaiveldhoogten in de polder varieerde van 2,00 meter +NAP tot 3,60 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,80 meter +NAP en het winterpeil was 1,60 meter +NAP. De waterstand in de Uppersloot bedraagt heden 2,00meter +NAP.
 +Het huidige peil van de waterloop genaamd de Ploossche Wetering bedraagt heden 1,70 meter +NAP tot 1,90 meter +NAP.
 +De waterstand in de waterloop genaamd de Grote Wetering bedraagt heden 1,30 meter +NAP tot 1,70 meter +NAP. In de toekomst wordt de waterstand 1,80 meter +NAP.
 +De waterstand in de zuidelijk gelegen Rosmalense Plas heeft een zomerpeil van 1,70 meter +NAP en een winterpeil van 1,30 meter +NAP.
 +De algemene stroming van het grondwater is noordwestelijk.
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. De waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas is meestal 1,00 + NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,90 meter +NAP.
 +
 +**Deelgebied Maasakkers Oost (Doornkampsteeg).**
 +
 +Ter plaatse van dit deelgebied werd in 1976 gestart met het bouwrijp maken. Tot 1958 zijn de gronden door de eeuwen heen in gebruik geweest als weidegronden. Tijdens de ruilverkaveling Maaskant West 1948 -1953 werd dit laag gelegen perceel, (moerasgebied) circa 30 cm opgehoogd met aangevoerd grond van elders uit het ruilverkavelingsgebied.
 +Tijdens het bouwrijp maken werden de bouwpercelen opgehoogd tot 3,30 meter +NAP.
 +Op het terrein bevond zich een pompstation voor het oppompen van drinkwater. De opstallen van dit pompstation werd omstreeks 1958 gesloopt en tijdens het bouwrijp maken van deelgebied F in 1999 werd de pompput en leidingen verwijderd.
 +In de oostelijke berm van de Doornkampsteeg bevonden zich een asbest rioolpersleiding naar de Empelsedijk. Deze asbestleiding is vermoedelijk slechts gedeeltelijk verwijderd.
 +Op het perceel waar heden de directiekeet van het Ingenieursbureau staat heeft na 1958 een tiental jaren een paardenstal gestaan.
 +De huidige kruinhoogte van de Doornkampsteeg varieert van 3,08 meter +NAP tot 3,50 meter +NAP. De grondwaterstand varieert hier van 2,00meter +NAP tot 2,50 meter +NAP. De maaiveldhoogte van dit laaggelegen deel was tot 1976 circa 2,70 meter +NAP. 
 +Ter plaatse van de Doornkampsteeg hoek Deken Pompenstraat bevindt zich het rioolgemaal “Deken Pompenstraat “welke het rioolwater van Empel naar de rioolzuiveringsinstallatie Oyen pompt.
 +
 +Dit deelgebied heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met uitmondingen van het regenwaterriool op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Deken Pompenstraat.
 +
 +**Deelgebied E en F.** 
 +
 +Deelgebied E en F werd in 1998 bouwrijp gemaakt, bestek 60 - 1998
 +De maaiveldhoogte voor het ophogen varieerde van 2,60 meter +NAP tot 3,71 meter +NAP.
 +De waterloop tussen deelgebied E en deelgebied F werd in het kader van het bouwrijp maken deelgebied D reeds aangelegd in 1996.
 +De waterstand in de waterloop bedraagt 2,20 meter +NAP.
 +De grondwaterstroming van het eerste watervoerende pakket is noord west. De grondwaterstroming van freatisch grondwater is meestal noordwest, maar kan bij extreme hoge waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas sterk variëren. 
 +Er werd opgehoogd tot 3,55 meter +NAP.
 +Ter plaatse van de bouwkavels werd er ontgraven tot 2,50 meter +NAP en aangevuld met schoon zand tot 3,40 meter +NAP.
 +Het bestaande maaiveld werd 25 cm gefreesd en geëgaliseerd. De vrijkomende klei en zand uit de riool en wegcunetten werd in depot gezet en het benodigde zand voor de cunetten werd hergebruikt. (6,100 m3).
 +De vrijkomende klei werd in aanvullingen hergebruikt (6,500 m3).
 +Er werd 13,522 m3 klei naar elders afgevoerd.
 +Ten behoeve van het graven van nieuwe waterlopen werd 7,555 klei ontgraven en naar elders afgevoerd.
 +Ter plaatse van de bouwblokken werd 17,346 m3 grond en klei ontgraven, waarvan 3,859 m3 grond naar elders werd afgevoerd. De vrijkomende klei 15,637 m3 werd hergebruikt in de tuinen van de bouwkavels.
 +Ter plaats van de bouwblokken werd 35,322 m3 zand aangevoerd. Dit zand werd per schip aangevoerd vanuit de ontgronding Lithse Ham naar een loswal in Gewande en per as naar het werk vervoerd.
 +Ten behoeve van de wegcunetten werd 23,282 m3 zand aangevoerd. Dit zand werd met schepen aangevoerd vanuit de ontgronding Lithse Ham en via een loswal in Gewande per as aangevoerd.
 +Ten behoeve van integraal waterbeheer werd aan de oostzijde van deelgebied F 6,354 m3 klei ontgraven en naar elders afgevoerd. Ter plaatse van de rioolcunetten werd op een diepte van 2,00meter +NAP een drainage aangelegd. Deze drainage loost op de bestaande waterlopen. In het gebied werd een verbeterd gescheiden rioolstelsel aangelegd met enkele overstorten van het regenwaterriool, welke lozen op de bestaande waterlopen. Langs de waterloop werd juist ten noorden van deelgebied F door het waterschap de Maaskant in Oss een gemaal gebouwd. 
 +Het voormalige pand Doornkampsteeg nr. 25 werd voorafgaand aan het bouwrijp maken gesloopt.
 +De voormalige boerderij Doornkampsteeg nr. 3 was tijdens het bouwrijp maken nog aanwezig.
 +Ter plaatse van de in 2002 gesloopte boerderij Doornkampsteeg nr. 3 werd tijdens het bouwrijp maken veel puin en bouw en sloop afval in de ondergrond waargenomen. Ook werd een olievervuiling achter de boerderij geconstateerd. Om verspreiding van deze vervuiling naar uit te geven bouwkavels te voorkomen werd een folielaag aangebracht. De geconstateerde vervuiling van puin en bouw en sloop afval werd ontgraven en afgevoerd. Een gedeelte van de Uppersloot werd tijdens het bouwrijpmaken gedeeltelijk verlegd. Het oude gedeelte werd gedempt met zand dat vrijkwam uit het nieuwe gedeelte.
 +
 +Dit deelgebied heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met uitmondingen van het regenwaterriool op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Deken Pompenstraat.
 +
 +**Deelgebied G en H.**
 +
 +In 2001gestart met het bouwrijp maken Empel 2e fase deelgebied 1 perceel 1. Bestek 12 -2001.
 +Het deelgebied perceel 1 wordt aan de noordzijde begrensd door de Hustenweg en aan de oostzijde door de weg genaamd Wateringen en aan de zuidzijde door de Bankade en aan de westzijde door het perceel Hustenweg nr. 1 t/m nr. 7.
 +
 +Het bestaande maaiveld was voor ophogen gemiddeld 2,40 meter +NAP. Er werd opgehoogd met zand dat per schip vanuit Lith en Hedel werd aangevoerd naar een loswal in Gewande en vandaar per as aangevoerd. Er werd 39,450 m3 zand aangevoerd en 21,850 m3 teelaarde uit Empel deelgebied C1 verwerkt. De teelaarde werd aangevoerd vanuit het werk en vanaf een depot in Gewande en vanaf een bestaand depot gelegen aan de Hustenweg hoek Wateringen, groot 13,850 m3 klei. In de rioolcunetten werd 15,000 m3 drainzand verwerkt. Er werd opgehoogd tot 3,82 meter +NAP. Er werd een DWA- en een RWA -rioolstelsel aangelegd.
 +Langs de straat genaamd Wateringen werd aan de oostzijde een waterloop gegraven. De waterstand in deze waterloop bedraagt 2,20 meter +NAP. Tijdens het bouwrijpmaken werd de waterloop grenzend aan de weg Wateringen aangelegd. Bestaande greppels en sloten werden gedempt met draineerzand. Uit de rioolcunetten werd 3,500 m3 veen en leem ontgraven en in depot gezet.
 +Het vrijkomende zand uit (13,800 m3 )de rioolcunetten werd ter plaatse van de bouwkavels en wegcunetten hergebruikt. De vrijkomende klei uit de waterloop naast Wateringen werd op een perceel van deelgebied G2 verwerkt. Vooraf werd op perceel G2 circa 50 cm klei ontgraven en afgevoerd naar elders. Ter plaatse van de voormalige boerderij Hustenweg nr. 3 werd de bovengrond gezeefd en in depot gezet op een naast gelegen perceel. 
 +Langs de Bankade bevindt zich een rioolpersleiding van het waterschap de Maaskant in Oss. Deze transportleiding loopt vanaf het gemaal Deken Pompenstraat naar het gemaal Maayegatweg.
 +Tevens bevindt er zich een watertransportleiding langs de Bankade.
 +Ter plaatse van het voormalige pand Hustenweg nr,1 (heden Fluitenkruid 1/7) werd tijdens het bouwrijp maken geconstateerd dat er op een naastliggend kavel met een oppervlakte van circa 3,000 m2 in het verleden illegaal was opgehoogd.
 +De ophoging bestaat uit sterk puinhoudende klei vermengd met bouw- en sloopafval. Er werd in de bovengrond asbest waargenomen. In 2001 werd er door Ascor Analyse b.v. een asbestonderzoek uitgevoerd, rap. PM 2830106. Analytisch werden in de grond geen asbest waargenomen. Er werd besloten om de visueel verontreinigde grond, groot 3,420 m3 te zeven. De vrijkomende uitgezeefde grond werd naar elders afgevoerd. 
 + 
 +In eind 2001 werd het gedeelte Empel 2e fase, perceel 2 bouwrijp gemaakt, bestek 90 dienst 2001.
 +Het bestaande maaiveld voor ophogen was gemiddeld 2,40 meter +NAP. Er werd opgehoogd met zand, (55,000m3), dat per schip werd aangevoerd vanuit een ontgronding in Hedel en per as aangevoerd vanaf een loswal in Gewande. Er werd 5,500 m3 zand, 1,000 m 3 drainzand aangevoerd en van een bestaand depot op het werk werd 11,700 m3 zand aangevoerd. Er werd opgehoogd tot 3,82 meter +NAP. De vrijkomende grond uit weg-en rioolcunetten en waterlopen bedroeg 2,600m 3 zand, 10,000m3 klei en 6,300 m3 teelaarde. Het vrijkomende zand werd in depot gezet en later hergebruikt ter plaatse van de cunetten. De vrijkomende klei werd gedeeltelijk hergebruikt in bermen en taluds. De overtollige klei en veen werd in depot gezet op het werk en later gedeeltelijk hergebruikt binnen het werk en gedeeltelijk afgevoerd naar elders. 
 +Er werd een DWA- en een RWA -rioolstelsel aangelegd.
 +Een gedeelte van de Bankade werd opgebroken. Het teerhoudende asfalt en de slakkenfundering werden afgevoerd naar een erkende verwerker. Het deelgebied H werd niet bouwrijp gemaakt, wel werd op dit laag gelegen terrein klei en grond verwerkt, komende uit deelgebied F. 
 +In 2003 werd na de sloop van de opstallen van Fluitenkruid 1/7 gestart met het bouwrijpmaken van enkele villaterreinen langs de Hustenweg hoek Valeriaan. Ten behoeve van het bouwrijp maken werd er grootschalig grondverzet gepleegd en er werd grond van eldes aangevoerd.
 +
 +Dit deelgebied heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met uitmondingen van het regenwaterriool op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Deken Pompenstraat.
 +
 +Empel uitbreiding 3e fase, deelgebied sportterrein Empelina, woongebied en bedrijventerrein. 
 +
 +In 2003 werd gestart met het bouwrijp maken van het toekomstige sportcomplex Empelina. Bestek 82 dienst 2002.
 +De bestaande maaiveldhoogte voor ophogen varieerde van 2,03 meter +NAP t/m 2,31 meter +NAP. Tijdens het bouwrijp werd het bestaande maaiveld gefreesd en geëgaliseerd tot een hoogte van 2,23 meter +NAP.
 +
 +Uit de vooronderzoeken bleek dat er zich in de ondergrond een veenpakket aanwezig was welke qua dikte varieerde van 40 cm tot 130 cm.
 +Er werd zand per as aangevoerd vanaf:
 +a. een zanddepot in Heerewaarden.
 +b. vanaf een depot in Gewande. (zandput Hedel).
 +c. vanaf een depot in Gewande. ( afkomstig van werk Pettelaar).
 +d. vanaf een depot in Gewande, (afkomstig van zandput Westerschelde).
 +
 +In totaal werd er 50,350 m3 zand aangevoerd.
 +Er werd opgehoogd tot 2,86 meter +NAP.
 +
 +Aan de westzijde van de ophoging is een kwelsloot gegraven. De vrijkomende grond uit deze sloot werd tijdens het bouwrijp maken uitgespreid op het oude maaiveld.
 +
 +Langs de Diepteweg is een grond en zanddepot aanwezig. Het zand is afkomstig van Maaspoort Z en een restant van Heerewaarden. De teelaarde is afkomstig van een werk langs de Bankade.
 +
 +Het gedeelte van de buurt dat aan ten oostzijde begrensd door de rijksweg A2, aan de noordzijde door de waterloop de Ploossche Wetering en aan de zuidzijde door de waterloop genaamd Groote Wetering wordt bestemd als toekomstig industrieterrein.
 +
 +De bestaande maaiveldhoogte van dit poldergebied varieert van 2,00 meter +NAP tot 2,50 meter +NAP. 
 +Deze voormalige polder bestaat in de bovengrond uit kalkloze poldervaaggronden met zware klei en drechtvaaggronden met zavel en zware klei op veen.
 +Langs de Empelseweg bevinden zich een drietal bedrijven. Een voormalige championkwekerij, een garagebedrijf en een boerderij.
 +
 +Het deelgebied sportterrein krijgt een gescheiden rioolstelsel met een eigen gemaal.
 +
 +De waterstand in de Groote Wetering heeft een zomerpeil van 1,70 meter +NAP en een winterpeil van 1,30 meter +NAP. De waterstand in de Ploossche Wetering bedraagt 1,60 meter +NAP tot 1,80 meter +NAP.
 +De waterstand in de zuidelijk gelegen Rosmalense Plas bedraagt circa 1,70 meter +NAP.
 +In de toekomst wordt het waterpeil van de Groote Wetering op 1,80 meter +NAP gebracht.
 +
 +Op een perceel langs de Ploossche Wetering bevond zich rond 1950 een sportterrein.
 +Een perceel gelegen juist in de noordwest hoek van dit gebied werd tijdens de aanleg van de rijksweg A2 in 1968 een perceel opgehoogd. In de polder lag tot 1955 een eendenkooi genaamd de Mintenskooi. Deze eendenkooi werd tijdens de ruilverkaveling Maaskant West omstreeks 1950 vergraven en buiten gebruik gesteld.
 +
 +====== De Koornwaard ======
 +
 +De buurt is in zijn geheel gelegen in de uiterwaard van de rivier de Maas.
 +De buurt wordt waterhuishoudkundig beheerd door de Rijkswaterstaat.
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de rivier de Maas, aan de westzijde door de Rijksweg A2, aan de zuidzijde door Empelsedijk en de Hustenweg en aan de oostzijde door Hertogswetering.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +Bodemkundig noemen we deze gronden Kalkloze poldervaaggronden, Klakhoudende poldervaaggronden en kalkhoudende ooivaaggronden.
 +
 +In dit rivierkleilandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit;
 +a. Kalkloze gronden met zware zavel en lichte klei
 +b. Kalkhoudende gronden met lichte zavel.
 +c. Oude bewoningsgronden (het gehucht Gewande).
 +
 +De waterhuishouding in de uiterwaard wordt in hoge mate bepaald door de hoogteligging van het gebied ten opzichte van de waterstand in de rivier de maas.
 +Ondanks de kanalisatie van de Maas vinden nog grote fluctuaties in de rivierstand plaats. De waterstand in de loop van een jaar variëren van 0,00 meter +NAP tot 3,50 meter +NAP. , het geen een sterke fluctuatie in de grondwaterstanden tot gevolg heeft. Bij extreme regenval en dooi kan de waterstand zelfs oplopen tot 6,00 meter +NAP. Ten gevolge van de hoge watertanden lopende de uiterwaarden meestal per jaar twee keer onder water.
 +Ten gevolge van hoge waterstanden wordt regelmatig slib en zand afgezet in de uiterwaarden.
 +De maaiveldhoogte in de uiterwaard varieert van 2,20 meter +NAP tot 4,90 meter +NAP. In het gebied bevinden zich enkele kleine hoogten met een kruinhoogte van 5,80meter +NAP tot 6,50 meter +NAP.
 +
 +De Empelsedijk ontstond in de 13e eeuw. In de loop eeuwen werd de dijk diverse malen opgehoogd. De laatste dijkverzwaringswerkzaamheden hebben de Empelsedijk op een hoogte van 7,35 meter +NAP gebracht.
 +Tijdens deze werkzaamheden werd er buitendijks, achter de woningen van het gehucht Gewande een nieuwe dijk aangelegd.
 +
 +In de 15e tot de 17e eeuw zijn er diverse dijkdoorbraken geweest. De restanten van deze dijkdoorbraken zijn heden nog waar te nemen. Er ontstonden enkele waterkolken (wielen), de zogenaamd Groote Wielen, de Doornkamp wiel en de Alverwiel. 
 +
 +In 1958 werd er door de firma v. Haaften gestart met het afgraven van de bovengrond ten behoeve van een zandwinlocatie. Later werd er door middel van zandzuigers zand opgezogen. De ontgronding heeft een diepte van 40 m – NAP gehad. Ten gevolge van slibaanwas is de huidige diepe minder.
 +In 1980 werd hier voor het laatst zand opgezogen. Deze werkzaamheden werden ten gevolge van het opzuigen van ijzeren vaten en veel puin en ijzer stilgelegd.
 +
 +Ter plaatse van het westelijk gedeelte van de ontgronding werd omstreeks 1965 door de Fa. Van Haaften en door de gemeente ’s-Hertogenbosch een stortplaats voor huisvuil, en industrieafval ingericht. Door middel van puinbanen werd er in de reeds uitgezogen plas dammen gestort. Binnen de dammen werden drie compartimenten aangebracht. In deze compartimenten werd rechtstreeks in het water tot op een diepe van 11 – NAP afval gestort.
 +Het is bekend dat hier ’s nachts en in de weekenden veel illegaal bedrijfsafval en chemisch afval werd gestort.
 +In 1968 werd er een verbrandingsoven gebouwd voor het verbranden van huisvuil. Het afval dat vrijkwam uit deze verbrandingsoven werd vlak naast de oven rechtstreeks in het water gestort.
 +Er zijn twee stortingen van grond met cyanide bekend. In 1986 werd een van deze stortingen opgegraven en afgevoerd. Het meest noordelijke compartiment is aan de waterzijde niet afgedekt door een puindam. Hier trad in het verleden sterk verontreinigd grondwater uit het stort in de plas.
 +
 +Op en rondom de ontgrondingsplas zijn diverse puin en grondstortingen bekend:
 +a. strook zuidzijde plas. (puin, grond en cyanide grond, en stookafval verbrandingsoven.
 +b. strook oostzijde plas. ( puin, betonspecie, gips).
 +c. strook noordoostzijde.(puin, binnenstadsgrond, asbest, bouw en sloop afval en asbest).
 +d. strook noordwestzijde. Puin, grond, huisvuil, bouw en sloop afval en asbest).
 +e. Strook noordzijde langs de oever van de Maas. ( puin, en bouw en sloopafval en asbest).  
 +  
 +In de uiterwaard loopt een zomerdijkje van west naar oost. Dit dijkje heeft een kruinhoogte van gemiddeld 5,50 meter +NAP. Dit dijkje bestaat grotendeels uit illegaal gestort puin.
 +Aan de rivierzijde van dit dijkje bevinden zich langs de oever van de Maas enkele illegale puin - en bouw en sloop afval stortingen.
 +Langs de Maas zijn op diverse plaatse oeverbeschermingen met basalt aangebracht. Er bevind zich langs de Maas nog een restant van een oud voetveer.
 +
 +Het gehucht Gewande met zijn lintbebouwing ontstond in de 13e en 14e eeuw op de toen aangelegde Empelsedijk. Tot ver in de 19e eeuw bestond Gewande uit drie delen. Een deel (Krommenhoek) viel onder de gemeente Maren.
 +Een gedeelte viel onder de gemeente Empel en een gedeelte viel onder de gemeente Alem.
 +In het Marense gedeelte stond van ouds een kapel die al in 1520 wordt vernoemd.
 +
 +In Gewande ontstond op het Marense gedeelte in 1511 een schans.( Fort De Blauwe Sluis). Deze schans diende om invallen van de Geldersen te voorkomen. Deze zogenaamde sterreschans werd door de eeuwen heen diverse malen genomen en weer herwonnen. En raakte vele malen in verval en weer na de Belgische opstand van 1830 hersteld. In 1852 werd het fort geheel hersteld met een natte gracht en bleef tot 1870 als militair fort van belang. Het fort werd in 1923 gesloopt.
 +
 +De funderingsresten met kelders zijn nog aanwezig op perceel Krommenhoek nr,12 op het perceel Krommenhoek nr,12 en op het achterliggende land werden in 1923 veel funderingsresten en puin welke vrijkwamen bij de sloop van het fort gestort.
 +Het huidige bebouwingsbeeld dateert tussen 1875 en 1925. Tot in de 19e eeuw viel Gewande onder de gemeente Alem.
 +Bij de laatste dijksverzwaring werkzaamheden werd er langs de plas veel grond en puin gestort.
 +Langs de voormalige uitwateringsloot in de uiterwaard van de Hertogswetering werd vlak na de 2e wereldoorlog veel oorlogspuin gestort.
 +In het gehucht Gewande vormde vanaf de 14e eeuw een belangrijke rol in de waterhuishouding rondom de vestingstad ’s-Hertogenbosch. De twee watergangen, de Hertogswetering en de Roode Wetering zijn in de 14e eeuw gegraven. De Roode wetering was de afvoerloop van de polder het Laag Hemaal. De Hertogswetering was de hoofdwatergang voor de polders gelegen tussen Lith en Grave.
 +In 1309 was er reeds een sluis in Gewande. De Roode wetering heeft een hogere waterstand dan de hertogswetering. Het is bekend dat er in Gewande aan de Roode wetering in de 17e eeuw een windmolen gestaan heeft, die in 1836 afbranden.
 +De Blauwe Sluis werd gebouwd in 1768. De sluis heeft twee kokers, welke in 1978 werden dicht gemetseld.
 +Nabij de Blauwe Sluis stonden tegenover de huidige woning nr,20 twee schotbalkloodsen en een boerderij.
 +In 1855 besloot men om ter plaatse van de voormalige windmolen een stoomgemaal met machinistenwoning te bouwen. De gebouwen van dit stoomgemaal bestaan nog en zijn gelegen bij perceel Krommenhoek nr,9.
 +In 1920 werden de stoommachine vervangen door twee dieselmotoren. In 1933 werd er in de Roode wetering een nieuw gemaal gebouwd, (gemaal Caners), Dit gemaal werd uitgerust met een dieselmotor en een elektromotor.
 +In 1940 werd in de Hertogswetering het Hertogsgemaal gebouwd. Dit gemaal werd uitgerust met twee verticale elektromotoren.
 +In 1953 werd ter plaatse van de kokersluis het gemaal Ploegmakers gebouwd. Dit gemaal werd uitgerust met een elektromotor. Dit gemaal werd in 1978 gesloopt.
 +
 +In 1907 werd er een inlaatsluis gebouwd tussen de woningen nr. 15 en nr. 20.
 +In 1876 en 1926 brak de Maasdijk door juist boven Gewande.
 + 
 +In 1979 nam een nieuw gemaal, (het gemaal Gewande ), dat iets oostelijker van het oude gemalen- en sluizencomplex is gelegen, de taken van de drie oudere gemalen over. De gemalen Caners en het Hertogsgemaal incl. het sluizencomplex werden in 2002 als cultuurhistorische en architectuurhistorische en industrieelarcheologische als rijksmonument aangemerkt.
 + 
 +In de 16e eeuw was er een veerstoep met een veerhuis ter plaatse van het huidige pand Krommehoek nr. 11 Hier ontstond omstreeks 1956 de camping de Blauwe Sluis. Tot 1995 loosde deze camping zijn vuilwater rechtstreeks in de rivier de Maas. Omstreeks 1995 werd er ter plaatse van de camping de riolering vervangen. Tijdens deze werkzaamheden werden in de uiterwaard, juist ten westen van de camping een grondwal behorende bij de raveelwerken van het voormalige Fort Gewande vergraven en geslecht. 
 +Ten gevolge van oorlogshandeling zijn er enkele woningen van Oud Empel (De zogenaamd Vijfhuisjes) en twee huisjes ten oosten van de Doornkampwiel verdwenen.
 +
 +De riolering van Empel loosden tot 1985 rechtstreeks in een sloot aan de teen van de dijk, gelegen in de uiterwaard en die vervolgens loosde in de Alverwiel. Hierdoor raakte het water en de onderwaterbodem van de sloot en de Alverwiel sterk verontreinigd.
 +In 1992 werd er tijdens de dijkverzwaringswerkzaamheden een rioolpersleiding achter de woningen Gewande 3 t/m Gewande 12.
 +Deze rioolpersleiding loost zijn vuilwater rechtstreeks in de waterloop achter perceel Gewande nr. 8.
 +De overige panden in Gewande en de Krommenhoek hebben een septictank of zinkput.
 +
 +Ter plaatse van de Empelsedijk nabij de Koornwaardstraat lagen rond 1900 een binnendijkse –en buitendijkse wiel. Ter plaatse van de waterkolk genaamd Grote Wiel lag rond 1900 binnendijks twee verveende wielen.
 +
 +In 1989 werd door de technische dienst van de gemeente een historisch onderzoek uitgevoerd naar achtergebleven munitie uit de Tweede Wereld oorlog langs de Empelsedijk (tussen Oud Empel en de gemeente grens ’s-Hertogenbosch- T Wild.
 +Tijdens de zoekactie, uitgevoerd door de EOD uit Culemborg werden in dit deelgebied langs de Empelsedijk diverse granaten, handgranaten, mortieren, AP- Mijnen en Tellermijnen gevonden. 
 +Er werd alleen gezocht in de werkstrook van de dijkverzwaring.
 +Buiten de strook van de dijkverzwaring bevonden zich aan het einde van de 2e wereldoorlog enkele mijnenvelden en een dump van 74 tellermijnen. Rondom de woningen van Gewande en Oud Empel bevonden zich loopgraven en achter de voormalige school van gewande hadden de Duitsers een bunker gebouwd. 
 +
 +Op een perceel genaamd Koudenoord bij de Blauwe Sluis werd in het verleden een doorboorde stenen hak uit het Neolithicum gevonden.
 +Door stichting Raap werd in 1996 ter plaatse van een oude kavelsloot nabij Gewande nr. 13 Romeinse scherven en een neolithische vuursteensplinter waargenomen. Dit is vindplaats 15 uit rapport 168 van RAAP.
 +
 +In 1992 Werd er door de archeologische dienst van de gemeente ’s-Hertogenbosch, (BAM), de fundamenten van een 16e eeuwse boerderij opgegraven tussen Gewande nr. 9 en Gewande nr,12
 +In 2001 werd er door BAM een opgraving uitgevoerd ter plaatse van een gesloopte boerderij, Gewande nr. 13 uitgevoerd. 
 +
 +
 +====== De Buitenpepers ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polders Vliert en Ertveld.
 +Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de buurt Orthen, aan de noordzijde door de Zevenhondseweg, aan oostzijde door de Bruistensingel en aan de zuidzijde door de Zandzuigerstraat.
 +
 +De spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Nijmegen, met een dijklichaam werd eind 19e eeuw aangelegd.
 +
 +Geologisch behoren de gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +a. bruine gebroken oude zandgraslandgronden
 +b. pleistocene zandgronden
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden:
 +a. kalkloze zandgronden, (gooreerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand, op Pleistoceen zand.
 +b. Vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand, met een kleidek van 15-40 cm.
 +
 +In de Middeleeuwen zijn ten behoeve van de aanleg en verhoging van de Hervensedijk en ten behoeve van ophogingen in de binnenstad van ’s-Hertogenbosch in dit gebied ontgrondingwerkzaamheden verricht. (Diverse percelen werden toen uitgelaagd).
 +
 +Tussen 1920 en 1930 en omstreeks 1948 werd hier door het waterschap een ruilverkaveling uitgevoerd. Er werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +
 +Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948. 
 +
 +Tot 1972 zijn de gronden door de eeuwen heen ingebruik geweest als weidegronden. 
 +
 +In 1971 werden ten behoeve van het bestemmingsplan ’s-Hertogenbosch Noord I door Bos Kalis enkele honderden grondboringen verricht.
 +De maaiveldhoogte in de polder was tot 1970 gemiddeld 2,60 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil 1,80 meter +NAP.
 +
 +Tot 1970 zijn deze gronden door de eeuwen heen in gebruik geweest als weidegronden.
 +In 1972 werd hier gestart met het ontsluiten van dit gebied, bestek 45, dienst 1972. Bestek en voorwaarden voor het verrichten van grondwerken en de aanleg van rioleringen, bestratingen, waterlopen c.a. ten behoeve van de ontsluiting Buitenpepers zuid.
 +
 +De overtollige grond uit rioolsleuven, te ontgraven waterlopen en te ontgraven randcunets en wegcunets werden verwerkt op de bouwkavels.
 +Het benodigde zand werd per as aangevoerd van de ontgronding Engelermeer.
 +Er werd opgehoogd tot 3,10 meter +NAP. De huidige kruinhoogte van de wegen in de buurt bedraagt gemiddeld 3,25 meter +NAP.
 +Door de buurt loopt de Hervensedijk, met een kruinhoogte van 6,20 meter +NAP.
 +In de buurt liep tot 1970 de Vliertse wetering behoren onder het waterschap de polders van Vliert en Ertveld. Ter plaatse van de huidige Derde en Vierde Buitenpepers bevond zich tot 1970 een sterk verveende waterkolk. Genaamd Zijnhe wiel. Deze wiel met een kleine naastgelegen wiel werd opgeschoond en gedempt met zand. De voormalige Vliertse wetering werd opgeschoond en gedempt met zand.
 +In de noord/westhoek van de buurt lag achter het voormalige pand Hervensedijk nr. 1 (boerderij van Thijs van Engelen) een kleine wiel. Deze wiel werd in december 1972 gedempt. De wiel werd opgeschoond en de vrijkomende baggerspecie werd naast de wiel verspreid. De wiel werd gedempt met zand, dat per as werd aangevoerd vanaf de ontgronding Engelmeer.
 +Juist ten oosten van deze wiel werden aan de zuidzijde van de Hervensedijk tien woningen, welke gebouwd waren in 1923 door de bouwvereniging Sint Abortus, omstreeks 1970 gesloopt. Deze woningen loosden hun fecaliën rechtstreeks op een sloot welke in verbinding stond van de wiel van Thijs van Engelen. 
 +Langs de Hervensedijk ontstond vanaf de 16e eeuw enkele plaatsen kleine boerderijen.
 +Ten behoeve van het bouwrijp maken werden in 1971 enkele boerderijen langs de Hervensedijk gesloopt. 
 +De voormalige Gordelweg, heden genaamd de Zandzuigerstraat werd, incl. een spoorbaan verbreding in 1973 aangelegd.
 +Het benodigde zand voor het cunet en de aanleg voor dit hoogspoor, werd opgezogen uit de Ertveldplas. De aanwezige sliblaag in de Ertveldplas werd mee opgezogen en via persleidingen aangebracht. 
 +In 1975 werden de opstallen en loodsen van een voormalige werf van aannemersbedrijf Fa. Verhagen uit Orthen gesloopt. Deze opstallen moesten ten behoeve van de aanleg van hoogspoor gesloopt worden. De opstallen bevonden zich in de directe omgeving van het huidige voorhalte Station ’s-Hertogenbosch oost. Het noordelijke gedeelte van de werf van Fa. Verhagen viel juist binnen de buurt.
 +De waterstand in de aanwezige waterlopen is 1,80 meter +NAP.
 +De stromingsrichting van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater is meestal noordwestelijk, maar kan bij hoge waterstanden van de noordelijke rivier de maas sterk fluctueren. De grondwaterstand is gemiddeld 2,20 meter +NAP.
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen.
 +
 +
 +====== De Herven ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polders Vliert en Ertveld.
 +Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde en noordzijde begrensd door de Bruistensingel, aan de zuidzijde door de Hervensebaan en aan de oostzijde de Balkweg en de Hervensebaan. 
 +
 +Geologisch behoren de gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +a. kalkloze zangronden, met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +b. Komgeulgronden in het zandlandschap. Dit zijn oude rivierbeddingen en geulen opgevuld met zware klei, plaatselijk veen en soms vermengt met Pleistoceen zand. Deze gronden hebben vaak roestige horizonten op geringe diepte. (ijzeroerbanken).
 +c. Bruine gebroken oude graslandgronden.
 +d. Bruine oude graslandgronden met gedeeltelijk vergraven gronden.
 +
 +Bodemkundig noemen de gronden kalkloze poldervaaggronden met in de bovengrond zavel en lichte klei en kalkloze vaaggronden met in de bovengrond lemig fijn zand.
 + In 1948 werd er door het waterschap de Maaskant een ruilverkaveling uitgevoerd. Er werden oude kavelsloten gedempt en er werden nieuwe kavelsloten gegraven. 
 +Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948. 
 +
 +De maaiveldhoogte in dit poldergebied was hier tot 1972 gemiddeld 2,70 meter +NAP.
 +Tot 1970 vielen de gronden grotendeels onder de gemeente Rosmalen en werden ten behoeve van het bestemmingsplan Noord I aangekocht door de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +Ten behoeve van dit bestemmingsplan werden er in 1968 en 1974 honderden grondboringen uitgevoerd.
 +
 +De buurt is onder te verdelen in:
 +
 +a. woonwijk de Herven.
 +b. terrein Carolusziekenhuis en Verpleegtehuis de Herven.
 +c. Natuurgebeid De Heinis
 +
 +Woonwijk de Herven
 +In dit deelgebied werd in 1974 gestart met de aanleg van wegen en rioleringen. Bestek 25 –dienst 1974. In opdracht van de toenmalige afdeling gemeentewerken werden in dit gebied enkele honderden grondboringen verricht. Er werd opgehoogd tot 4,30 meter +NAP.
 +
 +Tot 1973 waren deze gronden door de eeuwen heen ingebruik als weidegronden. 
 +Tijdens het bouwrijp maken van de woonwijk de Slagen en de woonwijk de Herven en het industrieterrein de Herven werd de overtollige bovengrond in depot gezet en verwerkt in het bouwrijp te maken gebied industrieterrein de Herven 1e fase.
 +Ten behoeve van het bouwrijpmaken van de Slagen en de Herven werden honderden grondboringen in 1968 en 1974 uitgevoerd, o.a. tekening nr. 39431. 
 +
 +De bovengrond in de buurten de Slagen, De Herven en De Herven industrieterrein was zeer divers en bestond uit zand, klei, gemengde grond, oerbanken en veenlagen.
 + 
 +De grondwaterstroming van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +De grondwaterstand van het freatische grondwater varieert van 1,70meter +NAP tot 2,20 meter +NAP.
 +Deze grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Rompert.
 +
 +De waterstand in de nieuwe waterlopen bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +Het is bekend dat er tijdens het bouwrijp maken op diverse plaatsen op een diepte van 0,00 meter +NAP oerbanken aanwezig waren. Deze oerbanken werden grotendeels ontgraven en afgevoerd. 
 +De voormalige Vliertse wetering werd opgeschoond en gedempt met zand. De vrijkomende baggerspecie werd op de naastliggende percelen aangebracht.
 +Het benodigde zand en grond werd in eerste instantie ontgraven uit de bestaande depots en uit de rioolcunetten en uit de nieuwe waterlopen. Het overige zand werd vermoedelijk opgespoten vanuit de Rosmalenseplas.
 +
 +
 +**Terrein Carolusziekenhuis:**
 +
 +Dit deelgebied werd in 1973 bouwrijp gemaakt. 
 +Het verpleegtehuis de Herven was reeds in 1972 aanwezig.
 +Het terrein van het Carolusziekenhuis werd in 1973 in opgespoten met zand, dat waarschijnlijk aangevoerd werd vanuit de Rosmalenseplas. Een strook grond tussen de toekomstige nieuwbouw van het Carolusziekenhuis en de Bruistensingel werd opgehoogd met grond welke aangevoerd werd uit de binnenstad van ’s-Hertogenbosch. Het vrijkomende zand uit de nieuwe waterlopen langs het ziekenhuis werd gebruikt voor het bouw en woonrijpmaken van het gebied. De waterstand in de deze waterlopen bedraagt 1,80 meter +NAP.Grote delen van dit terrein werden ontgraven tot 1,75 meter +NAP en er werd opgespoten tot 2,90 meter +NAP. Het gedeelte dat opgehoogd werd met binnenstadsgrond werd opgehoogd tot 3,10 meter +NAP. Het betreft vermoedelijk grond afkomstig uit de bouwput van het Casino aan de Parade.
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken van dit deelgebied werd op een diepte van 0,00 meter +NAP veel ijzeroerbanken waargenomen/ Deze oerbanden werden grotendeels ontgraven en afgevoerd. De grondwaterstroming van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +
 +De grondwaterstand van het freatische grondwater varieert van 1,70meter +NAP tot 2,20 meter +NAP.
 +Deze grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas.
 +
 +Natuurgebied De Heinis.
 +
 +In het natuurgebeid bevinden zich langs de dijk een zevental waterkolken (Wielen). Dit zijn dijkdoorbraken ontstaan tussen de 16e en 17 eeuw. Enkele wielen zijn verdwenen en in het verleden gedempt. O.a De Thijzenwiel aan de Empelseweg en de Smousen wiel.
 +In het natuurgebied bevindt zich een verdedigingswerk uit de 19e eeuw genaamd de redoute te Herven. Het bestaat uit een gesloten aarden werk van een vierkante vorm en is door een gracht omringd. Deze redoute werd in 1860 aangelegd. Dit fort diende ter bescherming van de stelling in Hintham. Op het fort werd een blokhuis voor officieren en manschappen gebouwd. Omstreeks 1950 werd het gebouw als jeugdhuis gebruikt en later vestigde zich er een kunstenaar genaamd Titselaar. In de volksmond werd en wordt dit fort Fort Titselaar genoemd.
 +Aan het einde van de tweede wereldoorlog hadden de Duitsers hier een verdediging met kannone opgesteld. Tot ver na de tweede wereld oorlog heeft hier nog een Duits afweergeschut gestaan. In de gracht hadden de Duiters veel munitie gedumpt en later aan het einde van de oorlog werd het fort met mortieren bestookt en werd er door de geallieerden ook munitie op het terrein achter gelaten. Omstreeks 1986 werd de gracht opgeschoond en er werd veel munitie aangetroffen. Het vrijkomende slib werd op het terrein in de ondergrond ingegraven. Juist ten oosten van het fort bevindt zich een oude waterkolk. De waterstand in de gracht welke in verbinding staat met de waterkolk bedraagt 1,80 meter +NAP. Ten oosten van deze wiel bevindt zich een volkstuinencomplex.
 +Ter plaatse van het volkstuinencomplex bevond zich tot 1965 vier kleine waterkolken, (wielen). Tijdens de aanleg van de weg genaamd de Balk en het inrichten van dit complex werd deze waterkolken gedempt. 
 +Tussen de woonwijk en de dijk genaamd De Heinsis ligt nog een strook natuurgebied met een waterkolk. Tijdens het bouwrijp maken van de woonwijk werd in deze strook een oud moeras gedempt met grond.
 +Langs de Heinis bevinden zich nog een vijftal boerderijen/woningen en een restaurant. 
 + 
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel. De boerderijen langs de Heinis zijn aangesloten op de riolering van de Bruistensingel.
 +
 +
 +====== Bedrijventerrein De Herven ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polders Vliert en Ertveld.
 +Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de balkweg en de Hervensebaan, aan de noordzijde door de Bruistensingel, aan de zuidzijde door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch –Nijmegen en aan de oostzijde de rijksweg A2. De spoorbaan met een dijklichaam werd eind 19e eeuw aangelegd.
 +
 +Geologisch behoren de gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +e. kalkloze zangronden, met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +f. Komgeulgronden in het zandlandschap. Dit zijn oude rivierbeddingen en geulen opgevuld met zware klei, plaatselijk veen en soms vermengt met Pleistoceen zand. Deze gronden hebben vaak roestige horizonten op geringe diepte. (ijzeroerbanken).
 +g. Bruine gebroken oude graslandgronden.
 +h. Bruine oude graslandgronden met gedeeltelijk vergraven gronden.
 +
 +Bodemkundig noemen de gronden kalkloze poldervaaggronden met in de bovengrond zavel en lichte klei en kalkloze vaaggronden met in de bovengrond lemig fijn zand.
 +In 1948 werd er door het waterschap de Maaskant een ruilverkaveling uitgevoerd. Er werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948. 
 +
 +De maaiveldhoogte in dit poldergebied was hier tot 1972 gemiddeld 2,70 meter +NAP.
 +Tot 1970 vielen de gronden grotendeels onder de gemeente Rosmalen en werden ten behoeve van het bestemmingsplan Noord I aangekocht door de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 + Ten behoeve van dit bestemmingsplan werden er in 1968 honderden grondboringen uitgevoerd.
 +
 +De buurt is onder te verdelen in:
 +
 +a. Industrieterrein de Herven, westelijk gedeelte en Soetelieve.
 +b. Industrieterrein zuidelijk deel en noordelijk deel.
 +c. Natuurgebied De Heinis
 +
 +**Industrieterrein westelijk gedeelte en Soetelieve.**
 +
 +In dit deelgebied werd in 1973 gestart met de aanleg van wegen en rioleringen. Bestek 39 –dienst 1973. In opdracht van Brabant Vast Goed bv. werden in dit deelgebied diverse grondwerkzaamheden uitgevoerd. In opdracht van Brabant vastgoed bv werd door het instituut voor grondmechanica en funderingstechniek een grondonderzoek verricht ten behoeve van het bedrijvenpark de Herven. Rapport nr 77,073. Ook werden in opdracht van de toenmalige afdeling gemeentewerken in dit gebied enkele honderden grondboringen verricht. Er werd opgehoogd tot 4,30 meter +NAP.
 +
 +Tot 1973 waren deze gronden door de eeuwen heen ingebruik als weidegronden. 
 +Na het bouwrijp maken ontstond er een rechtszaak betreffende de civieltechnische aard van de ondergrond van dit industrieterrein.
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken van de woonwijk de Slagen en de woonwijk de Herven en het industrieterrein de Herven werd de overtollige bovengrond in depot gezet en verwerkt in het bouwrijp te maken gebied industrieterrein de Herven 1e fase.
 +Ten behoeve van het bouwrijpmaken van de Slagen en de Herven werden honderden grondboringen in 1968 en 1974 uitgevoerd, o.a. tekening nr. 39431. 
 +
 +De grond in de buurten de Slagen, De Herven en De Herven industrieterrein was zeer divers en bestond uit zand, klei, gemengde grond, oerbanken en veenlagen.
 + 
 +De grondwaterstroming van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +De grondwaterstand van het freatische grondwater varieert van 1,70meter +NAP tot 2,20 meter +NAP.
 +Deze grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas.
 +De buurt heeft een gescheiden rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen.
 +De waterstand in de nieuwe waterlopen bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +Het is bekend dat er tijdens het bouwrijp maken op diverse plaatsen op een diepte van 0,00 meter +NAP oerbanken aanwezig waren. Deze oerbanken werden grotendeels ontgraven en afgevoerd. 
 +De voormalige Vliertse wetering werd opgeschoond en gedempt met zand. De vrijkomende baggerspecie werd op de naastliggende percelen aangebracht.
 +
 +**Industrieterrein zuidelijk en noordelijk gedeelte**.
 +
 +In 1977 werd gestart met het bouwrijp maken van dit deelgebied. Dit plan werd echter niet geheel uitgevoerd, maar op het zuidelijke gedeelte werden wel grondwerkzaamheden uitgevoerd.( o.a. ontgraven van grond, grond deponeren, bouwmaterialen en bouwketen plaatsen.
 +In 1988 werd door de Technische Dienst van de gemeente gestart met het verder bouwrijp maken van dit gebied. Bestek 35 - dienst 1988. Bouwrijp maken industriepark de Herven 1e fase. En bestek 43-dienst 1988 bouwrijp maken industriepark De Herven 2e fase. En bestek 55 – dienst 1988 ontsluiting industriepark de Herven 3e fase.
 +Er werd opgehoogd tot circa 4,30 meter +NAP.
 +
 +Het bedrijventerrein heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel.
 +
 +In het verleden werd een perceel gelegen in het noordelijke gedeelte van dit deelgebied circa 1 meter afgegraven en een ander gedeelte werd circa 1,50 meter opgehoogd met grond. Door wie en met wat voor grond werd opgehoogd is niet bekend. 
 +
 +Door het deelgebied liep de voormalige Vliertse steeg. Deze steeg bestond uit een asfaltverharding met een slakkenfundering en sterk slakhoudende bermen. Deze Vliertsesteeg werd tijdens het bouwrijp maken opgebroken en grotendeels afgevoerd. De vrijkomende funderingsmaterialen en bermen grond werd verwerkt in de naast liggende kavelsloten. 
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de voormalige Vliertse wetering opgeschoond en gedempt met zand. De vrijkomende baggerspecie werd op de naast gelegen percelen aangebracht.
 +Tijdens het bouwrijp maken van dit deelgebied werd op een diepte van 0,00 meter +NAP veel ijzeroerbanken waargenomen. Deze oerbanden werden grotendeels ontgraven en afgevoerd. De grondwaterstroming van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +
 +De grondwaterstand van het freatische grondwater varieert van 1,70meter +NAP tot 2,20 meter +NAP.
 +Deze grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas.
 +De buurt heeft een gescheiden rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen.
 +De waterstand in de nieuwe waterlopen bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken van het zogenaamd Bolduc terrein werden in 1990 Door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel oude funderingen aangetroffen en er werd een waterput uit de late Middeleeuwen opgegraven tevens werden sporen uit de IJzertijd waargenomen. Aan de zuidzijde van het perceel Heinis nr. 8 werd tijdens het bouwrijp maken van het Bolduc terrein de Heinisdijk en een verhoogd perceel aan de zuidzijde van de dijk afgegraven en afgevoerd. In het verhoogde gedeelte bevonden zich resten van laat middeleeuwse bewoningen en er bevond zich veel puin en bouw en sloop afval in de ondergrond. Aan de noordzijde van het gebouw Bolduc werd een nieuwe waterpartij gegraven met een waterstand van 1,70 meter +NAP.
 +
 +**Natuurgebied De Heinis**.
 +
 +In het natuurgebeid bevinden zich langs de dijk een zevental waterkolken (Wielen). Dit zijn dijkdoorbraken ontstaan tussen de 16e en 17 eeuw. Enkele wielen zijn verdwenen en in het verleden gedempt. O.a De Thijzenwiel aan de Empelseweg en de Smousen wiel. De waterstand in de waterpartijen is niet bekend.
 +
 + 
 +====== De Slagen ======
 + 
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de Rompertsebaan, aan de zuidzijde door de Bruistensingel en de Zevenhondseweg, aan de noordzijde door de Sint Teunislaan en aan de oostzijde door de Harendonkweg.
 +
 +Geologisch behoren de gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +
 +a. komgronden dunner dan 50- 80 cm op zand.
 +b. bruine gebroken oude zandgraslandgronden.
 +c. pleistocene zandgronden.
 +d. stroombeddingsgronden, dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde oude rivier en beekbeddingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden:
 +a. kalkloze poldervaaggronden, met zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +b. vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand, met een kleidek van 15-40 cm.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Er werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Door het waterschap werd ten behoeve van de ruilverkaveling een kleidiktekaart samengesteld.
 +Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948. Tot 1972 zijn de gronden door de eeuwen heen ingebruik geweest als weidegronden.
 +
 +In 1973 werden ten behoeve van het bestemmingsplan ’s-Hertogenbosch Noord I door Bos Kalis enkele honderden grondboringen verricht.
 +De maaiveldhoogte in de polder was tot 1970 gemiddeld 3,00 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil 1,80 meter +NAP.
 +
 +In 1968 werd gestart met het ontsluiten en bouwrijp maken van “ De Slagen”. Het verrichten van grondwerken en het leggen van rioleringen en bestratingen ten behoeve van de ontsluiting van “van de wijk De Slagen.
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de bovengrond van de wegcunetten en de grond uit de rioolsleuven ontgraven en verwerkt op de bouwkavels. Het benodigde zand voor de wegcunetten en rioolsleuven werd in eerste instantie opgespoten uit de IJzeren Vrouw en later per as aangevoerd vanaf de Ertveldplas.
 +Na ophoging werd de maaiveldhoogte 3,30 meter +NAP.
 +Tijdens het bouwrijp maken werd en bestaande waterlopen gedempt en opgeschoond en aangevuld met zand, tevens werden er nieuwe waterlopen gegraven.
 +De overtollige gemengde bovengrond uit de wegcunetten werd ter plaatse van het toekomstige industrieterrein De Herven en de Woonwijk de Herven in depot gezet.
 +De waterstand in de aanwezige waterlopen is 1,80 meter +NAP.
 +De stromingsrichting van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater is meestal noordwestelijk, maar kan bij hoge waterstanden van de noordelijke rivier de maas sterk fluctueren. De grondwaterstand is gemiddeld 2,20 meter +NAP.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Rompert.
 +
 +In de buurt zijn archeologische vondsten bekend uit de IJzertijd en de Romeinse tijd.
 +
 +
 +====== De Haren ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de Harendonkweg, aan de zuidzijde door de Bruistensingel, aan de noordzijde door de straat genaamd de Ploosschehof en aan de oostzijde door de buurt de Reit.
 +
 +Geologisch behoren de gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +
 +a. komgronden dunner dan 50- 80 cm op zand.
 +b. bruine gebroken oude zandgraslandgronden.
 +c. pleistocene zandgronden.
 +d. stroombeddingsgronden, dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde oude rivier en beekbeddingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden:
 +a. kalkloze poldervaaggronden, met zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +b. vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand, met een kleidek van 15-40 cm.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Er werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Door het waterschap werd ten behoeve van de ruilverkaveling een kleidiktekaart samengesteld.
 +Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948. Tot 1972 zijn de gronden door de eeuwen heen ingebruik geweest als weidegronden.
 +
 +In 1973 werden ten behoeve van het bestemmingsplan ’s-Hertogenbosch Noord I door Bos Kalis enkele honderden grondboringen verricht.
 +De maaiveldhoogte in de polder was tot 1970 gemiddeld 2,70 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil 1,80 meter +NAP.
 +
 +In 1973 werd gestart met het ontsluiten en bouwrijp maken van “ De Haren zuid”. Bestek 31, dienst 1973. Het verrichten van grondwerken en het leggen van rioleringen en bestratingen ten behoeve van de ontsluiting van “van de wijk De Haren Zuid.
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de bovengrond van de wegcunetten en de grond uit de rioolsleuven ontgraven en verwerkt op de bouwkavels. Het benodigde zand voor de wegcunetten en rioolsleuven werd per as aangevoerd vanaf een zanddepot van de ontgronding Engelermeer.
 +Na ophoging werd de maaiveldhoogte 3,30 meter +NAP.
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de Polderwetering(ook wel genaamd de Rompertwetering), opgeschoond en gedempt met zand, tevens werden er nieuwe waterlopen gegraven.
 +De waterstand in de aanwezige waterlopen is 1,80 meter +NAP.
 +De stromingsrichting van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater is meestal noordwestelijk, maar kan bij hoge waterstanden van de noordelijke rivier de maas sterk fluctueren. De grondwaterstand is gemiddeld 2,20 meter +NAP.
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op gemaal Rompert.
 +
 +
 +====== De Reit ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de buurt de Haren, aan de zuidzijde door de Bruistensingel, aan de noordzijde door de Ploossche Plas en aan de oostzijde door de rijksweg A2.
 +
 +Geologisch behoren de gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +a. komgronden dunner dan 50- 80 cm op zand.
 +b. bruine gebroken oude zandgraslandgronden.
 +c. pleistocene zandgronden.
 +d. stroombeddingsgronden, dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde oude rivier en beekbeddingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden:
 +a. kalkloze poldervaaggronden, met zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +b. vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand, met een kleidek van 15-40 cm.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Er werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Door het waterschap werd ten behoeve van de ruilverkaveling een kleidiktekaart samengesteld.
 +Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948. Tot 1972 zijn de gronden door de eeuwen heen ingebruik geweest als weidegronden.
 +
 +In 1973 werden ten behoeve van het bestemmingsplan ’s-Hertogenbosch Noord I door Bos Kalis enkele honderden grondboringen verricht.
 +De maaiveldhoogte in de polder was tot 1970 gemiddeld 2,70 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil 1,80 meter +NAP.
 +
 +In 1975 werd gestart met het ontsluiten en bouwrijp maken van “ De Haren Oost”. Bestek 36, dienst 1975. Het verrichten van grondwerken en het leggen van rioleringen en bestratingen ten behoeve van de ontsluiting van “van de wijk De Haren Oost. Het bouwrijp maken werd in twee fases uitgevoerd, nl. een noordelijk en een zuidelijk gedeelte.
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de bovengrond van de wegcunetten en de grond uit de rioolsleuven ontgraven en verwerkt op de bouwkavels. Het benodigde zand voor de wegcunetten en rioolsleuven werd per as aangevoerd vanaf een zanddepot van de ontgronding Engelermeer.
 +Na ophoging werd de maaiveldhoogte 3,30 meter +NAP.
 +Ter plaatse van de Haren Oost, heden genaamd de Reit bevonden zich op het oude maaiveld diverse gronddepots deze depots waren afkomstig van de buurt de Haren Zuid en de Haren Noord. Het betrof overtollige grond uit wegcunetten en rioolsleuven. Tijdens het bouwrijp maken werden deze depots verwijderd en gebruikt voor gedeeltelijke ophogingen en aanvullingen langs de nieuwe waterlopen.
 +Tijdens het bouwrijp maken werden de oude wegen genaamd de Brouseweg en de Slaagse dreef verwijdert en de aanwezig bermsloten werden gedempt met zand. De vrijkomende asfaltverhardingen en funderingen werden in de buurt hergebruikt als funderingsmateriaal van de nieuwe ontsluitingswegen.
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de Polderwetering(ook wel genaamd de Rompertwetering), opgeschoond en gedempt met zand, tevens werden er nieuwe waterlopen gegraven.
 +De waterstand in de aanwezige waterlopen is 1,80 meter +NAP.
 +De stromingsrichting van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater is meestal noordwestelijk, maar kan bij hoge waterstanden van de noordelijke rivier de maas sterk fluctueren. De grondwaterstand is gemiddeld 2,20 meter +NAP.
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op gemaal Rompert.
 +
 +Een klein gedeelte van de buurt, nl. Kantorenpark Soetelieve Noord werd later rond 1990 bouwrijp gemaakt. 
 +
 +
 +====== de Donk ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan ’s-Hertogenbosch Noord I en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de linker maasoever weg, aan de oostzijde door de Rijksweg A2, aan de zuidzijde door Ploosschehof en de wijk de Reit en aan de westzijde door de Harendonkweg.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen met uitzondering van de gronden gelegen aan de noordzijde van de buurt, welke deel uitmaken van een zandopduiking die in het Laat Pleistoceen is afgezet.
 +
 +Bodemkundig zijn de gronden te onderscheidden in;
 +a. Kalkloze poldervaaggronden bestaande uit komgronden met zware klei en lichte klei met een dikte van 50 tot 80 cm cm. op Pleistoceen zand.
 +b. Oude bewoningsgronden, op een pleistocene zanddonk
 +c. Kalkloze zandgronden met een kleidek van 15 tot 40 cm, bestaande uit leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +Tussen 1948 en 1953 werd hier nog door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd, oude kavelsloten werden gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Ten behoeve van der ruilverkaveling werd er door het waterschap een kleidiktekaart samengesteld. De polder werd door St. bodemkartering Wageningen in 1948 bodemkundig gekarteerd. Rap. van Diepen.
 +
 +De maaiveldhoogte van de polder was tot 1964 gemiddeld 2,40 meter +NAP. 
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil 1,80 meter +NAP. Tot 1974 waren de gronden door de eeuwen heen ingebruik als weidegronden. 
 +
 +Ten behoeve van dit uitbreidingsplan werden grondboringen uitgevoerd in het kader van bestek 26 dienst 1974. Ontsluiting “De Haren Noord “heden genaamd “De Donk”. 
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de vrijkomende bovengrond uit wegcunetten verwerkt op de bouwkavels. De overtollige grond uit de rioolcunetten en het slib uit de gedempte Ploossche wetering werd in depot gezet op het perceel waar heden de sportvelden van de Donk ligt. Op dit depot werd enkele jaren clandestien puin en huisvuil gestort.
 +De bouwkavels werden opgehoogd met zand en grond tot 3,10 meter +NAP en de toekomstige groenstroken werden opgehoogd met grond tot 3,30 meter +NAP. Met de afwerking van de buurt werd gestart in 1975. Bestek 14, dienst 1975. 
 +Het benodigde zand voor cunetten en rioolsleuven werd gewonnen uit de toen ontstane Ploossche Plas. De afwerking van de bermen en taluds en oevers van de Plas vond plaats in1974.
 +In 1979 werden de depots opgeruimd en werd begonnen met de aanleg van de sportvelden De Donk.
 +In 1988 brandde de basisschool, gelegen aan de Donksedreef af. In 1989 werden de funderingen van deze school verwijderd en werd door de technische dienst van de gemeente een onderzoek ingesteld om de vervuiling ten gevolge van deze brand en om de mogelijke nog aanwezige restanten van de oude gronddepots vast te stellen. Uit dit onderzoek bleek dat de bovenste 20 cm veel verbrandingsresten en puin bevatte. Van 20 cm tot 100 cm diep bestaat de grondslag uit geroerde grond met veel leembrokken vermengd met visueel vervuild zand. 
 +
 +De waterstand in de bestaande waterlopen bedraagt 1,80 meter +NAP. De waterstand in de Ploossche Plas bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +De grondwaterstroming van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk. De grondwaterstand van het freatische grondwater varieert van 1,70 m tot 2,20 meter +NAP. 
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op gemaal Rompert.
 +
 +Op de zuidflank van de pleistocene zanddonk genaamd de Donk werd in 1968 door de heemkunde vereniging De Boschboom een opgraving uitgevoerd. Er werden veel scherven uit de IJzertijd en de Romeinsetijd gevonden. Tevens werden enkele resten van een bewoning uit de Romeinsetijd opgegraven.
 +
 +
 +====== De Rompert ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan De Morgen en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de Klokkenlaan, aan de oostzijde door de Harendonkweg, aan de noordzijde door de Linker Maasoeverweg en aan de zuidzijde door de St. Teunislaan.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen met uitzondering van de gronden rondom de Empelse Hut en een strook ten westen van de Empelse hut, welke deel uitmaken van een zandopduiking die in het Laat Pleistoceen is afgezet.
 +
 +Bodemkundig zijn de gronden te onderscheidden in;
 +a. Kalkloze poldervaaggronden bestaande uit overslaggronden met zware klei en lichte klei met een dikte van 40 cm op Pleistoceen zand.
 +b. Oude bewoningsgronden, op een pleistocene zanddonk.
 +c. Kalkloze zandgronden met een kleidek van 15 tot 40 cm, bestaande uit leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +
 +Tussen 1948 en 1953 werd hier nog door het waterschap de Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd, oude kavelsloten werden gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Ten behoeve van der ruilverkaveling werd er door het waterschap een kleidiktekaart samengesteld. De polder werd door St. Bodemkartering Wageningen in 1948 bodemkundig gekarteerd. Rap. van Diepen.
 +
 +De maaiveldhoogte van de polder was tot 1964 gemiddeld 2,80 meter +NAP. De kruinhoogte van de zanddonk De Empelse hut bedraagt circa 4,00 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil 1,80 meter +NAP. Tot 1977 waren de gronden door de eeuwen heen ingebruik als weidegronden. In 1977 -1978 werd gestart met het bouwrijp maken van de buurt. Bestek 3, dienst 1977.
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de bovengrond ter plaatse van de wegcunetten ontgraven en verwerkt op de bouwkavels. Tevens werd de overtollige grond uit de rioolcunetten verwerkt op de bouwkavels.
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de Ploossche wetering opgeschoond en gedempt met zand.
 +Er werd opgehoogd tot 3,30 meter +NAP. Het benodigde zand voor de wegcunetten werd per as aangevoerd vanaf het Engelermeer.
 +In de buurt lag langs de weg genaamd de Balk twee boerderijen. Deze boerderijen met opstallen werden omstreeks 1970 gesloopt.
 +De waterstand in de aanwezige waterlopen bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +De grondwaterstroming van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +De grondwaterstand van het freatische grondwater bedraagt 2,00 meter +NAP. 
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Rompert.
 +
 +Aan de noordkant van de wijk de Morgen bevindt zich een geluidswal. Deze geluidswal bestaat uit grond en puin komende uit diverse werken binnen de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +
 +Door de archeologische werkgroep Cro Manon uit Empel werd er in 1973 ter plaatse van de Empelse Hut een noodopgraving uitgevoerd. Er werd een waterput uit de 17e eeuw opgegraven en op de flanken van deze zanddonk werden vuurstenen werktuigen uit het Neolithicum en sporen uit de IJzertijd ontdekt.
 +
 +
 +====== De Hambaken ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +Geologisch behoren de gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +a. komgronden dunner dan 50- 80 cm op zand.
 +b. bruine gebroken oude zandgraslandgronden 
 +c. pleistocene zandgronden.
 +d. stroombeddingsgronden, dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde oude rivier en beekbeddingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden:
 +a.  kalkloze poldervaaggronden, met zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +b.vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand, met een kleidek van 15-40 cm.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Er werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Door het waterschap werd ten behoeve van de ruilverkaveling een kleidiktekaart samengesteld.
 +Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948. Tot 1972 zijn de gronden door de eeuwen heen ingebruik geweest als weidegronden.
 +
 +In 1970 werden ten behoeve van het bestemmingsplan ’s-Hertogenbosch Noord I door Bos Kalis enkele honderden grondboringen verricht.
 +De maaiveldhoogte in de polder was tot 1970 gemiddeld 2,80 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil 1,80 meter +NAP.
 +
 +In 1970 werd gestart met het ontsluiten en bouwrijp maken van “De Hambaken” zuid-oost. Bestek 6, dienst 1970. Het verrichten van grondwerken en het leggen van rioleringen en bestratingen ten behoeve van de ontsluiting van “De Hambaken”zuid-oost en de aanleg van de oostelijke ontsluitingsweg.
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de bovengrond van de wegcunetten en de grond uit de rioolsleuven ontgraven en verwerkt op de bouwkavels. Het benodigde zand voor de wegcunetten en rioolsleuven werd per as aangevoerd vanaf een zanddepot van de ontgronding Engelermeer.
 +Na ophoging werd de maaiveldhoogte 3,30 meter +NAP.
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de Polderwetering(ook wel genaamd de Rompertwetering), opgeschoond en gedempt met zand, tevens werden er nieuwe waterlopen gegraven.
 +De waterstand in de aanwezige waterlopen is 1,80 meter +NAP.
 +De stromingsrichting van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater is meestal noordwestelijk, maar kan bij hoge waterstanden van de noordelijke rivier de Maas sterk fluctueren. De grondwaterstand is gemiddeld 2,20 meter +NAP.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op gemaal Rompert.
 +
 +In 2003 werd er tijdens grondwerk op een groenstrook langs de Derde Hambaken asbest in de grond waargenomen.
 +
 +
 +====== De Sprookjesbuurt ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de noodzijde begrensd door de rijksweg A59, aan de oostzijde door de Klokkenlaan, aan de zuidzijde door een groenstrook met een hoogspanningsleiding en aan de westzijde door het Wielsem.
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen. In dit rivierlandschap bestaan de gronden hier in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +a. komgronden dunner dan 50- 80 cm op zand.
 +b. Bruine gebroken oude graslandgronden.
 +c. Pleistocene zandgronden in het rivierenlandschap.
 +d. Stroombeddingsgronden, dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde oude rivierbeddingen met veen in de ondergrond.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden:
 +a. kalkloze poldervaaggronden, zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +b. Vlakvaaggronden, met leemarm en zwak lemig fijn zand, met een kleidek van 15- 40 cm dik.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap de polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd, er werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven en enkele restante van pleistocene zanddonken werden geëgaliseerd. Ten behoeve van de ruilverkaveling werd er door het waterschap een kleidiktekaart samengesteld.
 +Dor stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948.
 +De maaiveldhoogte in de polder was hier tot 1972 gemiddeld 2,80 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +In 1970 werden ten behoeve van het bestemmingsplan Noord I door Bos en Kalis enkele honderden grondboringen gemaakt. Tot 1970 zijn de gronden door de eeuwen heen in gebruik geweest als weidegronden. In 1972 werd begonnen met de ontsluiting van de woonwijk De Hambaken Noord-Oost, bestek 9 dienst 1972.
 +
 +Een gedeelte van de Rompertwetering en de Ploossche wetering werden gedempt en nieuwe waterlopen werden gegraven.
 +Tijdens het bouwrijp maken werden de bovengrond uit de wegcunetten aangebracht op de bouwkavels. Na ophogen was de kruinhoogte van de wegen is gemiddeld 3,30 meter +NAP.
 +De waterstand in de aanwezige waterlopen bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +De stromingsrichting van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 + De grondwaterstand van het freatische grondwater is gemiddeld 2,00 meter +NAP.In 1975 werd begonnen met de afwerking van het buurtcentrum De Hambaken, bestek 45, dienst 1975. 
 + 
 +In de buurt heeft een gemengd rioolstelsel, met enkele overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op gemaal Rompert.
 +
 +
 +====== Muziekinstrumentenbuurt ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de noodzijde begrensd door de rijksweg A59, aan de oostzijde door de Klokkenlaan, aan de zuidzijde door een groenstrook met een hoogspanningsleiding en aan de westzijde door het Wielsem.
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen. In dit rivierlandschap bestaan de gronden hier in de bovengrond hoofdzakelijk uit: 
 +a. komgronden dunner dan 50- 80 cm op zand.
 +e. bruine gebroken oude graslandgronden.
 +f. pleistocene zandgronden in het rivierenlandschap.
 +g. stroombeddingsgronden, dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde oude rivierbeddingen met veen in de ondergrond.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden:
 +
 +a. Kalkloze poldervaaggronden, zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +b. Vlakvaaggronden, met leemarm en zwak lemig fijn zand, met een kleidek van 15- 40 cm dik.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap de polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd, er werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven en enkele restante van pleistocene zanddonken werden geëgaliseerd. Ten behoeve van de ruilverkaveling werd er door het waterschap een kleidiktekaart samengesteld.
 +Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948.
 +De maaiveldhoogte in de polder was hier tot 1972 gemiddeld 2,80 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +In 1970 werden ten behoeve van het bestemmingsplan Noord I door Bos en Kalis enkele honderden grondboringen gemaakt. 
 +Tot 1970 zijn de gronden door de eeuwen heen in gebruik geweest als weidegronden. In 1972 werd begonnen met de ontsluiting van de woonwijk De Hambaken Noord-Oost, bestek 9 dienst 1972.
 +
 +Een gedeelte van de Rompertwetering en de Ploossche wetering werden gedempt en nieuwe waterlopen werden gegraven.
 +Tijdens het bouwrijp maken werden de bovengrond uit de wegcunetten aangebracht op de bouwkavels. Na ophogen was de kruinhoogte van de wegen is gemiddeld 3,30 meter +NAP.
 +De waterstand in de aanwezige waterlopen bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +De stromingsrichting van et eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 + De grondwaterstand van het freatische grondwater is gemiddeld 2,00 meter +NAP. 
 +In 1975 werd begonnen met de afwerking van het buurtcentrum De Hambaken, bestek 45, dienst 1975.
 + In de 1988 werd er ter plaatse van de Bokkelaren en de Baken verzakkingen in het wegdek geconstateerd. Tijdens een bodemonderzoek bleek er ter plaatse een veenpakket met een maximale diepte van 11 meter aanwezig te zijn. De veenlaag en de contouren van deze laag werden door de Rijks Geologische Dienst te Nuenen vastgelegd. 
 +
 +In de buurt is een gemengd rioolstelsel aangelegd, met enkele overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op gemaal Rompert.
 +
 +
 +====== De Edelstenenbuurt ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan noord en ligt in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de Hambakenweg, aan de noordzijde door de buurt Muziekinstrumentenbuurt, aan de oost- en zuidzijde door de weg genaamd het Wielsem.
 +
 +Geologisch behoren de gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +a. komgronden dunner dan 50- 80 cm op zand.
 +b. bruine gebroken oude zandgraslandgronden.
 +c. pleistocene zandgronden.
 +d. stroombeddingsgronden, dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde oude rivier en beekbeddingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden:
 +a. kalkloze poldervaaggronden, met zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand
 +c. vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand, met een kleidek van 15-40 cm.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Er werden oude kabelsloten gedempt en nieuwe kabelsloten gegraven.
 +Door het waterschap werd ten behoeve van de ruilverkaveling een kleidiktekaart samengesteld.
 +Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948.
 +
 +Tot 1970 zijn de gronden door de eeuwen heen ingebruik geweest als weidegronden.
 +
 +In 1970 werden ten behoeve van het bestemmingsplan ’s-Hertogenbosch Noord I door Bos Kalis enkele honderden grondboringen verricht.
 +
 +De maaiveldhoogte in de polder was tot 1970 gemiddeld 2,50 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil 1,80 meter +NAP.
 +In 1970 werd gestart met het ontsluiten en bouwrijp maken van “De Hambaken”zuid-west. 
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de bovengrond van de wegcunetten en de grond uit de rioolsleuven ontgraven en verwerkt op de bouwkavels. Het benodigde zand voor de wegcunetten en rioolsleuven werd per as aangevoerd vanaf een zanddepot van de ontgronding Engelermeer.
 + Na ophoging werd de maaiveldhoogte 3,30 meter +NAP.
 +Tijdens het bouwrijp maken werd de voormalige waterloop genaamd de Polderwetering opgeschoond en gedempt met zand. Tevens werden er nieuwe waterlopen gegraven.
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel, met overstorten op de bestaande waterlopen.
 +De waterstand in de aanwezige waterlopen is 1,80 meter +NAP.
 +De stromingsrichting van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater is meestal noordwestelijk, maar kan bij hoge waterstanden van de noordelijke rivier de maas sterk fluctueren. De grondwaterstand is gemiddeld 2,20 meter +NAP.
 +In de buurt waren twee boerderijen aanwezig. De boerderij Empelseweg nr,8 werd omstreeks 1970 gesloopt en de boerderij gelegen aan de voormalige Empelseweg nr. 4 werden rond 1980 alleen de stallen gesloopt het woonhuis is heden nog aanwezig, als Het Wielsem nr. 4.
 +
 +Het sportcomplex De Hambaken werd in 1969 aangelegd. De maaiveldhoogte bedroeg voor de aanleg gemiddeld 2,70 meter +NAP. Na afwerking en grondverbetering bedroeg de maaiveldhoogte 2,85 meter +NAP. Ten behoeve van de sportvelden werd een drainage aangelegd. De waterstand in de waterloop rondom het sportcomplex bedraagt 1,80 meter +NAP. Ter plaatse van het sportcomplex bevinden zich een gas- en een watertransportleiding.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op gemaal Rompert.
 +
 +Ter plaatse van Trompet werd er in 2002 asbest in de ondergrond waargenomen.
 +
 +Tijdens de aanleg van de Hambakenweg werd door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel op de westelijke flanken van een zanddonk, waarop in het verleden een boerderij heeft gestaan en bewoning uit de IJzertijd waargenomen.
 +
 +
 +====== Orthen ======
 +
 +De buurt Orthen is gelegen in een voormalig poldergebied welke in de 18e eeuw beheerd werd door het waterschap het Ertveld. In de 19e eeuw ging dit waterschap over in de gecombineerde polders De Vliert, het Ertveld, het Binnenland van Orthen de Heuf en de Muntel. Dit waterschap werd in 1942 opgeheven en ging over in het waterschap De Polders Vliert en Ertveld, welke in 1973 weer overging in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 zijn de Waterschappen De Aa en De Maaskant gefuseerd tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de straat Orthen, aan de zuidzijde door de Zandzuigerstraat, aan de oostzijde door de buurt De Buitenpepers en aan de noordzijde door Het Wielsem en de Sint Theunislaan. 
 +
 +Geologisch behoren de gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +
 +In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit: 
 +
 +a. Kalkloze zangronden, met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +b. Komgeulgronden in het zandlandschap. Dit zijn oude rivierbeddingen en geulen opgevuld met zware klei, plaatselijk veen en soms vermengt met Pleistoceen zand. Deze gronden hebben vaak roestige horizonten op geringe diepte (ijzeroerbanken).
 +c. Oude bewoningsgronden.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze beekeerdgronden en vlakvaaggronden met in de bovengrond zavel en lichte klei en plaatselijk met lemig fijn zand. Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld (rapport Dr. Ir. van Diepen 1948). 
 +
 +De maaiveldhoogte in dit poldergebied was hier tot 1948 gemiddeld 3,00 meter +NAP. Tot 1948 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden. De ontstaansgeschiedenis van Orthen staat beschreven in Orthen Moedervlek van Den Bosch. Dit boekwerk werd in 1984 uitgegeven door “De Orthense Schaar “.
 + 
 +Het gehucht Orthen ontstond hier als lintbebouwing langs de voormalige Hervensedijk. Deze dijk werd reeds in de 14e eeuw aangelegd en is in de buurt in de ondergrond ter plaatse van de straat Orthen nog aanwezig. In de 15e eeuw werd de voormalige genoemde oude Rijksweg als een verbindingsweg van het gehucht Orthen naar 's-Hertogenbosch aangelegd. Langs de straat ontstond er vanaf die tijd aan de oostzijde een lintbebouwing.
 +
 +Het ophogen van de Hervensedijk en de Ketsheuvel geschiedden met zand dat ontgraven werd uit enkele pleistocene zanddonken welke zich bevonden ter plaatse van de Heinis.
 +Langs deze dijken ontstonden er in de 14e eeuw diverse boerderijen. In de 17e eeuw bevond er zich langs deze dijken reeds een intensieve lintbebouwing. Enkele panden langs de huidige Ketsheuvel en de Hervensedijk zijn gefundeerd op 17e eeuwse fundamenten.
 +
 +De buurt is te onderscheiden in :
 +a. de algemene begraafplaats Groendael
 +b. De bebouwing ten zuiden van de Ketsheuvel (Schaarhuisplein e.o.).
 +c. Het fort Orthen.
 +d. Bebouwing tussen de Schanswetering en de St. Teunislaan
 +
 +**De begraafplaats Groendael**
 +                                           
 +Het gebied de algemene begraafplaats Groenendael werd in het eind van de 19e eeuw aangelegd. De kruinhoogte van de straat Orthen is langs het kerkhof 6,60 meter +NAP. De maaiveldhoogte van de gronden van het kerkhof was voor het ophogen gemiddeld 2,60 meter +NAP. Er werd opgehoogd met zand dat vrijkwam uit percelen langs de Heinis en Rosmalen. Er werd opgehoogd tot 6,00 meter +NAP. Oorspronkelijk was de begraafplaats omsloten door een brede waterloop. Deze waterloop werd omstreeks 1942-1945 gedempt met huisvuil en oorlogspuin. In 1947 werd het kerkhof in oostelijke richting uitgebreid en opgehoogd met zand van 2,43 meter +NAP tot 4,50 meter +NAP.
 +
 +Omstreeks 1972 werd het kerkhof in oostelijke richting uitgebreid. Deze uitbreiding heeft een maaiveldhoogte van circa 5,00 meter +NAP. Ter plaatse van het kerkhof bevond zich in de oosthoek een waterkolk. Omstreeks 1930 en tussen 1942 en 1945 werd hier door de gemeente een stortplaats voor huisvuil en industrieel afval opgericht. De aanwezige waterpartij en enkele laaggelegen percelen werden met stortmateriaal gedempt. Op een gedeelte van deze percelen was een sportveld aanwezig. Het stortmateriaal is heden nog aanwezig in de ondergrond van het kerkhof. 
 +
 +
 +**De bebouwing ten zuiden van de Ketsheuvel (Schaarhuispein e.o)** 
 +
 +In de 14e eeuw is men begonnen met de aanleg van de maasdijk genaamd de Ketsheuvel. Dit ophogen geschiedde met zand dat ontgraven werd uit enkele pleistocene zanddonken welke zich bevonden ter plaatse van de Heinis. De maaiveldhoogte van de huidige Ketsheuvel is circa 6,00 meter +NAP. Langs deze dijk ontstonden vanaf de 14e eeuw diverse boerderijen. In de 17e eeuw bevond zich langs de dijk een intensieve lintbebouwing. Enkele panden langs de Ketsheuvel zijn nog steeds gefundeerd op 17e eeuwse funderingen.
 +
 +In 1923 werd langs de Ketsheuvel een jongensschool gebouwd met een woning voor de bovenmeester. Ten behoeve van deze school werd het noordelijke talud van de dijk op dit perceel opgehoogd tot 5,90 meter +NAP. De begrenzing van deze ophoging is heden nog zichtbaar en aanwezig. Waarmee toen werd opgehoogd is niet bekend. De dikte van het ophogingpakket bedroeg circa 2,50 meter. In 1949 werd deze school bebouwd tot parochiehuis. Enige jaren later was dit pand gedeeltelijk ingebruik als Bondsgebouw. 
 +
 +In 1958 vestigde zich hier een pottenbakkerij genaamd Cor Unum. In 1974 werden de gebouwen gesloopt. Na de sloop werd veel puin en ophogingslagen uit de 16e en 17e eeuw waargenomen.
 +Aan de Ketsheuvel nr. 26 is een oud kerkhof aanwezig. De gronden van dit kerkhof werden omstreeks 1853 opgehoogd tot circa 6,00meter +NAP. Langs de Ketsheuvel werd vermoedelijk in de 9e eeuw de San Salvatorkerk gebouwd. Rond de 16e eeuw wordt de kerk na oorlogsschade hersteld en vergroot. Tijdens het beleg van ’s-Hertogenbosch door de Staatsen werd de kerk zwaar beschadigd. In 1673 werd de kerk gesloopt. De kerk stond aan de Ketsheuvel, maar de exacte plaats is niet bekend. 
 + 
 +De eerste St. Lambertuskerk werd in 1785 gebouwd langs de Rijksweg tegenover de Engelsedijk. Achter en naast de kerk werd tevens een klooster gebouwd, een pastorie en een meisjesschool.
 +Na een brand in 1886 werd de oude kerk gesloopt en een nieuwe kerk gebouwd. In 1956 werd deze kerk gesloopt. De rioleringen de Oude Rijksweg, het klooster, (later blindeninstituut, heden zijn er enkele bedrijven in gevestigd) en de gebouwen rond de kerk loosden tot 1985 vrij in een waterloop genaamd “Het Binnenkannaal”. Het slib van deze waterloop is hierdoor ernstig verontreinigd.
 +
 +De zogenaamd Kerkwiel is heden nog aanwezig langs de Engelsedijk. Een wiel gelegen aan de noordzijde van de Engelsedijk ter plaatse van de straat Orthen hoek Engelsedijk is na 1935 gedempt. Waarmee deze wiel is gedempt is niet bekend.
 +  
 +Omstreeks 1931 werd begonnen met het bouwrijp maken van de gronden Schaarhuispad en omgeving. De gemiddelde maaiveldhoogte bedroeg 2,98 meter +NAP. De werkzaamheden vielen onder het Plan ophoging te Orthen, mei 1931, tekening nr. 14126. De werkzaamheden werden uitgevoerd in het kader van de werkverschaffing. Het toezicht en directie voering werd uitgevoerd door de Nederlandse heidemaatschappij. Het grondwerk werd uitgevoerd door arbeiders van de werkverschaffing met behulp van een tramspoor met een Deutz diesel locomotief. 
 +
 +Het terrein werd opgehoogd tot 6,59 meter +NAP. Het benodigde zand werd gewonnen uit het werk verbeteren grasland Orthense gemeente. Deze werkzaamheden bevonden zich tussen de spoorbaan ’s-Hertogenbosch –Utrecht en de Rijksweg (de percelen plaatselijk genaamd “Van Herpen van de Griendt weide”). Een perceel, het toekomstige sportpark Orthen werd opgehoogd tot 5,25 meter +NAP. De ophoging werd begrensd aan de westzijde door de Rijksweg, (heden genaamd Orthen), aan de noordzijde door de Ketsheuvel en aan de zuidzijde door het kerkhof Groendael. In 1932 werd de ophoging uitgebreid met enkele stroken langs het kerkhof (tekening nr. 14125).
 +
 +De ophoging bestond uit:
 +a. Schaarhuisplein e.o 46,206 m3
 +b. aansluiting tegen rijksweg 2205 m3
 +c. aansluiting langs dijk/schans     3,225 m3
 +d. ophoging wiel perceel B 770     9,306 m3
 +e. ophoging perceel A  636        8,668 m3
 +f. restant algemene ophoging     74,895 m3
 +g. ophoging sportpark             8,400 m3
 +
 +De hoofdriolering van de nieuwe wijk werd onder der Rijksweg aangesloten op een sloot. De voormalige wiel was gelegen langs de Ketsheuvel en had in 1931 een waterstand 2,81 meter +NAP. De wiel had een maximale diepte van 2,50 meter. In 1964 werd door een aannemer langs de noordzijde een perceel grond opgehoogd van 2,87meter +NAP tot 5,80 meter +NAP. Waarmee werd opgehoogd is niet bekend. 
 + 
 +**Het gebied het fort Orthen**
 +
 +Het fort werd door de Staatse troepen gebouwd in 1630. De gemiddelde aanleghoogte bedroeg 5,80 meter +NAP. Het benodigde zand werd gewonnen uit de Heinis. Rondom het fort werd een gracht aangelegd en er werd een bestaande waterkolk langs de dijk ingepast in de gracht. Na de vestingswet van 1874 behield het fort zin militaire functie. In 1890 werd er op het fort twee schietbanen aangelegd voor burgerschietverenigingen en later maakte het garnizoen bij de opleiding ook deze schietbanen ingebruik. Omstreeks 1930 gingen de gronden rondom het fort in eigendom over naar de gemeente ’s-Hertogenbosch.
 +
 +Een groot perceel gelegen aan de westzijde van het fort (een drassig terrein en een waterkolk) werd omstreeks 1931 opgehoogd. Omdat steeds meer woningen rondom het fort ontstonden, werden de schietbanen omstreeks 1960 buiten gebruik gesteld. Vanaf het begin van WOII tot het einde in 1945 werd het fort door de Duitsers in gebruik genomen. Op het einde van WOII lag het fort onder sterk mortiervuur. Veel mortieren en granaten en blindganger zijn in de gracht terechtgekomen. Tevens werd er door de Duitsers en de geallieerden veel achtergebleven munitie in de gracht geworpen. Het fort met zijn bebouwingen is tot op heden vrij goed bewaard gebleven.
 +Aan de Hervensedijk, juist ten zuiden van het fort stond tot omstreeks 1985 een boerderij met daarachter een waterkolk. Langs de Hervensedijk richting De Heinis was vanaf de 17e eeuw een intense bebouwing van dijkhuizen aanwezig. Rond 1900 werden enkele dijkshuizen gesloopt en werden er nabij de huidige Klokwetering, aan de zuidzijde van de dijk arbeiderswoningen gebouwd. Deze woningen en enkele andere dijkwoningen loosden hun fecaliën in bovengenoemde waterkolk. De arbeiderswoningen werden omstreeks 1975 gesloopt. De waterkolk werd ten behoeve van een uitbreiding van het kerkhof gedempt. De aanwezige sliblaag werd grotendeels niet verwijderd. Maar ten gevolge van slechte draagkracht van de demping werd op het laatst een gedeelte van de sliblaag verwijderd en uitgespreid op zuidelijk gelegen percelen. De waterstand van de waterpartijen rondom het fort bedraagt 2,10 meter +NAP. 
 +
 +
 +Bebouwing tussen de Schanswetering en de St. Teunislaan.
 +
 +Ten westen van deze wijk ontstond omstreeks 1956 een gebied met hoofdzakelijk scholen. De maaiveldhoogte van dit scholengebied varieerde van 2,80 meter +NAP tot 4,50 meter +NAP. Voor ophoging van de locatie zie ongenummerde tekeningen in dossier 49844 van de gemeente ‘s-Hertogenbosch. 
 +
 +Er werd opgehoogd tot 4,70 m en 4,90 meter +NAP met teelaarde (3700 m³) en zand (28.000 m³), bestaande sloten werden opgeschoond en er werd een nieuwe sloot gegraven. Het genodigde zand voor ophoging werd per as aangevoerd vanaf een zandwinlocatie Zuiderplas. De afdeklaag van teelaarde werd uit het werk gewonnen.
 +
 +In 1957 werd gestart met het bouwrijpmaken van het uitbreidingsplan Orthen Noord 1e fase.( Orduynenstraat e.o.). Een oude polderweg werd opgebroken en oude kavelsloten werden gedempt en nieuwe waterlopen werden gegraven. De bestaande maaiveldhoogte was voor ophogen gemiddeld 2,70 meter +NAP. Er werd opgehoogd met zand dat ???
 +
 +Na ophogen bedroeg de kruinhoogte van de wegen 3,30 meter +NAP tot 3,38 meter +NAP.
 +Ten noorden van de Orduynenstraat loopt van west naar oost een bovengrondse hoogspanningsleiding. Ten noorden van deze hoogspanningsleiding werd omstreeks 1960 een woonwijk gebouwd. Na bouwrijp maken van deze wijk bedroeg de kruinhoogte van de wegen 3,34 meter +NAP tot 3,44 meter +NAP. Waarmee werd opgehoogd is niet bekend. Ten westen, noorden en oosten van dit wijkje werd een brede waterloop aangelegd. De waterstand is deze waterloop bedraagt 1,80 meter +NAP. De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand in de gracht rondom het Fort en door de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas. De stromingrichting van het freatische grondwater wordt hierdoor sterke beïnvloed.
 +
 +In deze wijk werd een gemengd rioolstelsel aangelegd met een gemaal met overstort door de gracht rondom het Fort Orthen. 
 +
 +Tijdens het bouwrijp maken van een nieuwbouw project aan het Schaarhuispad hoek het Wielsem werd in november 1998 een verontreiniging van asbest in de ondergrond aantroffen. 
 +Na informatie van omwonende bleek dat dit terrein groot circa 3,500 m² rond 1900 een oude vijver werd aangevuld met grond, puin, bouw en sloopafval en asbest. De ontgravingen in 1998 werden opgesplitst in twee delen. Op het diepe gedeelte werd ontgraven tot 3,50 m+ NAP. Het overige deel werd ontgarven tot 5,50 meter +NAP. Er werd 1906 ton verontreinigde grond met asbest afgevoerd naar HWZ-milieu te Amsterdam. Voor de verdere uitgevoerde werkzaamheden zie het evaluatie rapport Orthenseweg / Het Wielsem M97.3070, opgesteld door BK Milieuadviesbureau BV te Velsenbroek. Tussen de nieuwbouw en de straat genaamd Orthen bevindt zich zeer waarschijnlijk nog een restverontreiniging van grond met bouw- en sloopafval en asbest.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke aangesloten is op het gemaal Orthen langs Schanswetering. Het gemaal heeft een overstort op de vijver van het fort Orthen.
 +
 +
 +====== Orthenpoort ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke in de 18e eeuw beheerd werd door het waterschap het Ertveld. In de 19e eeuw ging dit waterschap over in de gecombineerde polders De Vliert, het Ertveld, het Binnenland van Orthen de Heuf en de Muntel. Dit waterschap werd in 1942 opgeheven en ging over in het waterschap De Polders Vliert en Ertveld, welke in 1973 weer overging in het waterschap de Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseerden de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch – Utrecht, aan de zuidzijde door de Zandzuigerstraat, aan de oostzijde door de straat genaamd Orthen en aan de noordzijde door de weg genaamd Treurenburg.
 +
 +Geologisch behoren de gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen. In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit: 
 +
 +a. Kalkloze zangronden, met leemarm en zwak lemig fijn zand.
 +b. Komgeulgronden in het zandlandschap. Dit zijn oude rivierbeddingen en geulen opgevuld met zware klei, plaatselijk veen en soms vermengt met Pleistoceen zand. Deze gronden hebben vaak roestige horizonten op geringe diepte (ijzeroerbanken).
 +c. Oude bewoningsgronden.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden kalkloze beekeerdgronden en vlakvaaggronden met in de bovengrond zavel en lichte klei en plaatselijk met lemig fijn zand. Door stichting bodemkartering Wageningen werd een bodemkaart van het gebied samengesteld. Zie rapport Dr.Ir. v. Diepen 1948. De maaiveldhoogte in dit poldergebied was hier tot 1948 gemiddeld 3,00 meter +NAP. Tot 1948 waren deze gronden door de eeuwen heen ingebruik als weidegronden.
 +
 +De ontstaansgeschiedenis van Orthen staat beschreven in Orthen Moedervlek van Den Bosch. Dit boekwerk werd in 1984 uitgegeven door “De Orthense Schaar “. Op de historische kaart van Jac. Van Deventer (circa anno 1565) zien we dat deze buurt is gelegen op de westflank van het gehucht genaamd Maelstroom, behorende bij Orthen.
 +
 +Tussen 1931 en 1941 werden door de Heidemij hier grondverbeteringswerkzaamheden uitgevoerd in het kader van de werkverschaffing, genaamd Verbeteren grasland “de Orthense gemeente”. Tijdens deze werkzaamheden werden de percelen plaatselijk genaamd “Van Herpen van de Griendt weide” geëgaliseerd. De aanwezige hoogten werden afgegraven en verdeelt over de aanwezige laagten.
 +Vervolgens werd de bovengrond 35 centimeter omgespit. Door het terrein liep in oost-westelijke richting een afvoersloot voor rioolwater van de huizen gelegen aan de rijksweg Orthen.
 +
 +Langs de voormalige straat genaamd Rijksweg (heden Orthen) ontstonden langs een dijk tussen de 17e en de 20e eeuw kleinschalige bedrijven, zoals garages, timmerwerkplaatsen, opslag munitie van de N.V. Ned. Wapen en Muntiefabriek De Kruinhoorn. 
 +
 +Langs de Conraadstraat hoek Orthen en een perceel nabij Orthen 92 werden omstreeks 1992 en 1995 tijdens sloopwerkzaamheden in de bouwputten tot op grote diepte vervuilde zogenaamd “binnenstadsgrond” waargenomen. 
 + 
 +In de noordelijke punt van de buurt was langs de oude dijk de zogenaamd Slikkenwiel en iets ten zuiden hiervan was een andere wiel aanwezig. Deze twee wielen zijn vermoedelijk tijdens de werkzaamheden van de werkverschaffing in 1940 gedempt.
 +
 +In 1948 werd door de gemeente ’s-Hertogenbosch begonnen met het ophogen van grote delen van dit poldergebied. Dit ophogen geschiedde met zand dat door de NV Baggermij Bos en Kalis werd opgezogen uit de Ertveldplas (bestek 4, dienst 1947 ophogen plan West). In 1950 werd begonnen met het ontsluiten van dit uitbreidingsplan Orthen (bestek 15 dienst 1950). Na ophogen bedroeg de kruinhoogte van de wegen gemiddeld 5,70 meter +NAP. De huidige grondwaterstand is gemiddeld 2,00 + NAP. In 1974 werd begonnen met de reconstructie van Rijksweg 265 (Orthen) naar aanleiding van de reconstructie Hoogspoor met bouw van viaducten e.a. en de omlegging Orthenseweg tussen Schaarhuisplein en de Zandzuigerstraat. Langs de Rijksweg werd in 1794 het schaarhuis van de zogenaamde Borgemeestes oftewel Schaarhuismeesters van Orthen gebouwd. Dit schaarhuis werd omstreeks 1995 gesloopt.
 +
 +Het gedeelte van de buurt van Herpensweide (terrein Weenergroup) werd niet opgehoogd en heeft een maaiveldhoogte van gemiddeld 3,10 meter +NAP. De waterstand in de waterloop langs de van Herpensweide bedraagt 1,80 meter +NAP. Omstreeks 1955 werd er ter plaatse van de van Herpensweide een voetbalveld aangelegd. Tijdens grondwerkzaamheden ten behoeve van de aanleg van een hoogspoor werd op de percelen van de Herpensweide veel puin en bouw- en sloopafval waargenomen.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met een overstort op de Dieze nabij de spoorlijn ’s-Hertogenbosch – Utrecht. Het bedrijven terrein Herpensweide heeft een gescheiden rioolstelsel met een eigen gemaal. 
 +
 +
 +====== bedrijventerrein noord ======
 +
 +De buurt ligt in het bestemmingsplan Noord en was tot 1988 een poldergebied. Deze polder werd tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd door het Waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de oostzijde begrensd door de Hambakenweg en aan de noordzijde door de rijksweg A 59 en aan de westzijde door de weg Treurenburg.
 +
 +Geologisch behoren de gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen. In dit rivierenlandschap bestaan de gronden in de bovengrond uit:
 +a. komgronden dunner dan 50 cm op zand.
 +b. Bruine gebroken oude zandgraslandgronden.
 +c. Stroombeddinggronden; dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde oude rivierbeddingen met veel veen. Deze gronden hebben vaak roestige horizonten op geringe diepte. (ijzeroerbanken).
 +d. Overslaggronden.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden: 
 +a. kalkloze poldervaaggronden, zware zavel en lichte klei en zware klei en Pleistoceen zand.
 +b. Vlakvaaggronden, leemarm en zwak lemig fijn zand, met een kleidek van 15 tot 40 cm dik.
 +Tussen 1948 en 1953 werd hier door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Ten behoeve van deze ruilverkaveling werd er een kleidiktekaart Maaskant West samengesteld.
 +De maaiveldhoogte in de polder was hier tot 1964 gemiddeld 3,00 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil 1,80 meter +NAP.
 +Tot 1980 zijn deze gronden door de eeuwen heen in gebruik geweest als weidegronden.
 +In 1981 werd hier begonnen met het ontsluiten van een bedrijventerrein genaamd De Hambaken. Bestek 15 dienst 1981.
 +In 1980 werden er ten behoeve van het bouw rijp maken ter plaatse van de toekomstige wegen 38 st. grondboringen uitgevoerd.
 +Uit deze boringen blijkt dat de dikte van het kleidek sterk varieerde, namelijk van 20 cm dik tot 310 cm dik. Tevens komt er bij diverse boringen op een diepte van 3,50 m min maaiveld een veenpakket van circa 100 cm dik voor.
 +Uit enkele boringen blijkt dat er in het gebied een verveende oude rivierbedding aanwezig is. Met sterk verspoelde tussenlagen van veen en slappe klei.
 +Tussen het bouwrijpmaken werd het terrein geëgaliseerd en de vrijkomende bovenlaag van hoger gelegen delen werd op lager gelegen delen verspreid.
 +Het terrein werd met overtollige grond komende uit de riool- en wegcunetten opgehoogd. Er werd opgehoogd tot 3,30 meter +NAP. Tijdens het bouwrijp maken werd een oude waterloop gedempt met zand.
 +In 1988 werd de buurt afgewerkt en woonrijp gemaakt. Bestek 6 dienst 1988.
 +
 +De waterstand in de zuidelijk en grenzende waterloop genaamd “Het Meer” bedraagt 1,80 meter +NAP. De waterstand in de noordelijk grenzende waterpartijen bedraagt 1,80 meter +NAP en 0,70m - NAP. 
 +Een klein gedeelte van de buurt is gelegen aan de westzijde van de spoorbaan ’s-Hertogenbosch – Utrecht en wordt aan de westzijde begrensd door de weg Treurenburg. Dit laag gelegen deel wordt doorsneden door een brede waterloop genaamd “de Meersslot” 
 +Op deze waterloop loosde tot 1975 de vuilwaterriolering van een gedeelte van het gehucht Orthen, (gedeelte oude rijksweg. Ten gevolge van de lozingen is de onderwaterbodem sterk vervuild.
 +Ook is het bekend dat op de meest zuidelijke punt van dit gedeelte in het verleden illegaal afval werd gestort. De waterloop De Meersslot staat via een duiker in verbinding met de waterloop “Het Meer”.
 +Tot circa 1955 stonden deze waterlopen nog in verbinding met elkaar door middel van een doorlaatbrug onder de spoorbaan. 
 +De grondwaterstand van het eerste watervoerende pakket is noordwestelijk.
 +De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,24 m tot 2,37 meter +NAP.
 +Langs de weg Treurenburg bevindt zich een vijver met een gemaaltje ten behoeve van het spoorviaduct ’s-Hertogenbosch-Utrecht.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het gemaal Rompert.
 +
 +
 +====== De Italiaanse buurt ======
 +
 +De buurt is te onderscheiden in een gedeelte woonwijk genaamd de Italiaanse buurt en de Maaspoortplas.
 +
 +De Italiaanse buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Maaspoortweg en aan de zuidzijde door de Maaspoortplas.
 +  
 +De buurt lag in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door de Polder van de Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De maaiveldhoogte in dit poldergebied was hier tot 1977 gemiddeld 3,00 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +Tot 1977 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden. 
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze poldervaaggronden en bestaan in de bovengrond uit zware klei.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap de Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West werd door het waterschap de Polder van de Eigen en Empel een kleidiktekaart samengesteld.
 +De maaiveldhoogte in de polder varieerde tot 1977 van 2,30 meter +NAP tot 2,90 meter +NAP.
 +
 +In 1971 werden hier ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort door het laboratorium voor Grondmechanica, Delft, diverse sonderingen en grondboringen uitgevoerd.
 +Door de stichting Bodemkartering, Wageningen, werd in 1976 een rapport nr. 1295 ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort, bodemgesteldheid en bodemgeschiktheid uitgevoerd. 
 +In 1982 werd door gemeentewerken gestart met het opspuiten met zand. Dit zand werd door Boskalis opgezogen uit de toen ontstane plas Maaspoort. De bovengrond ter plaatse van de plas, bestaande uit klei en veen werd eerst afgegraven en afgevoerd naar een depot in de polder genaamd de Kerkhoek. Een gedeelte van de bovengrond werd afgevoerd naar een kleidepot ter plaatse van De Meerendonk. 
 +Voorafgaand aan de opspuiting werden enkel hoger gelegen delen van de polder geslecht en deze vrijkomende grond werd gebruikt voor het uitvullen van lager gelegen gedeelten en gebruikt voor het dempen van kavelsloten en het maken van kleikades. (Bestek 35 dienst 1981, zandophoging 3e fase). Er werd opgehoogd van 3,90 meter +NAP tot 4,00 meter +NAP. 
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen.
 +Op de Maaspoortplas zijn geen riooloverstorten aanwezig, wel bevinden er zich aan de oostkant van de plas enkele drainage aansluitingen
 +
 +Van 1982 tot 1987 werden de opgespoten gronden door de gemeente verpacht aan enkele agrariërs voor het verbouwen van gewassen. Om deze zandvlaktes geschikt te maken voor landbouw werd er enkele jaren slib opgespoten welke afkomstig was van de rioolwaterzuiveringsinstallatie “Treurenburg”van het waterschap De Dommel.
 + 
 +De grondwaterstand varieert van 2,20 meter +NAP tot 2,50 meter +NAP. De waterstand in de aanwezige waterlopen in de buurt staan in verbinding met de Maaspoortplas. De waterstand in de noordelijk van de buurt gelegen waterloop is 2,20 meter +NAP. In het deelgebied K is in de wegcunetten een drainagesysteem aangelegd welke loost op de nieuwe waterlopen. 
 +
 +De plas werd gebruikt voor zandwinning en uitgevoerd door Boskalis, bestek 35- dienst 1981, zandophoging fase 3. De maximale diepte van de plas bedraagt 13 m – NAP. De waterstand in de plas varieert tussen 1,20 meter +NAP tot 2,00 m +NAP. De waterstand in de plas wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. Deze waterstand kan bij extreme regenval en dooi zelfs oplopen tot 5,80 meter +NAP. Grenzend aan de plas is een 17e eeuwse eendenkooi aanwezig.
 +De waterstand in de kooi en de waterloop rondom de kooi bedraagt 1,80 m+NAP. De gronden in de kooi en de gronden rondom de plas zijn niet opgehoogd en de maaiveldhoogte varieert van 2,40 meter +NAP tot 2,80 meter +NAP.
 +De zuigwerkzaamheden ondervonden ernstige vertraging ten gevolge van een ijzeroerlaag in het zuidoostelijke gedeelte van de plas. Deze ijzeroerlaag had een dikte van circa 2 meter en bevond zich op een diepte van 0,00 meter +NAP. In het zuidwestelijke gedeelte van de plas werden op een diepte van circa 10 meter veel boomstronken met een dikte van 40 cm en een lengte van 15 meter opgezogen.
 +
 +Tijdens het zuigen van het zand werden op de noordelijke uitloper van een zanddonk genaamd de Empelsehut en langs het Burgemeester van Zwietenpad is in 1986 door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel een IJzertijdnederzetting en een laat Mesolithische nederzetting waargenomen.
 +In de zuidelijke punt van de Maaspoortplas, tegen de Maaspoortweg is door Cro Magnon in 1986 een IJzertijdnederzetting, een Bronstijdnederzetting en een laat Mesolithische nederzetting waargenomen. Aan de oost/zuidzijde van de plas bevinden zich tevens enkele IJzertijdnederzettingen. Ter plaatse van genoemde nederzettingen zijn tussen 1986 en 1995 diverse nood- en opgravingen uitgevoerd door diverse opgravinginstituten.
 +Tijdens deze opgravingen bleek dat er overal in de gronden ten zuiden van de Maaspoortplas veel verveende beekbeddingen aanwezig waren. Door de Rijks Geologische Dienst uit Nuenen werden deze veenbeddingen gekarteerd. 
 +
 +
 +====== Maasdal ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Maaspoort, deelgebied B, C, EZ, EW en F. Voorheen lag deze buurt in een poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss.
 +
 +Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de Maaspoortplas en het Brug. Van Zwietenpark, aan de zuidzijde door rijksweg A 59, aan de noord-oostzijde door de Maaspoortweg.
 + 
 +Geologisch behoren deze gronden grotendeels tot de jongere holocene en pleistocene rivierafzettingen. In dit rivierenlandschap bestaan deze gronden hier in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +a. Bruine gebroken oude zandgraslandgronden.
 +b. Komgronden dunner dan 50 cm op stroomrugklei.
 +c. Pleistocene zandgronden in het rivierkleilandschap.
 +d. Stroombeddinggronden, ( dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde en verveende oude beekbeddingen).
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze poldervaaggronden en bestaan hier in de bovengrond uit zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd in de buurt door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven. Ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West werd er door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een kleidiktekaart samengesteld.
 +De maaiveldhoogte in de polder was hier in 1964 gemiddeld 2,80 m+ NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 m +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +Tot 1974 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden.
 + 
 +In 1971 werden hier ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort door het laboratorium voor Grondmechanica, Delft diverse sonderingen en grondboringen uitgevoerd.
 +Door de stichting Bodemkartering, Wageningen werd in 1976 een rapport nr. 1295 ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort, bodemgesteldheid en bodemgeschiktheid uitgevoerd. 
 +In 1977 werd door gemeentewerken begonnen met het ophogen van een gedeelte van deelgebied B. (Bestek 31, dienst 1976).
 +Deelgebied B wordt aan de noordzijde begrensd door een waterloop. De waterstand in deze waterloop bedraagt 2,20meter +NAP. Ten noorden van deelgebied B bevinden zich de deelgebieden C, EZ, EW en F.
 +De waterstand in de westelijk van deze buurt gelegen plas Maaspoort varieert van 1,20
 +tot 2,00 m +NAP. Het benodigde zand voor ophoging werd opgezogen door Bos en Kalis uit het Engelermeer. De maaiveldhoogte na ophogen varieerde van 3,70 m +NAP tot 4,38 m+ NAP. 
 +In 1977 werd een gedeelte van het bestemmingsplan Maaspoort deelgebied B ontsloten. Bestek 73-dienst 1977 en werd in 1980 afgewerkt, ( bestek 45- dienst 1979 ).
 +Het restant van deelgebied B werd in 1985 afgewerkt, ( bestek 73-1985 ).
 +
 +Het perceel gelegen ten westen van de huidige straat Oudaanstede is slechts voor een klein gedeelte opgehoogd. Tot 1995 heeft op deze locatie de zogenaamd Boerderij Pels gestaan. Deze ophoging werd in 2000 en 2001 aangevuld met teelaarde van een onduidelijke afkomst. Het overige deel van bedoeld perceel is niet opgehoogd en ingericht als groenstrook met een speelwerktuig. Een perceel gelegen tussen het Geerke en de linker Maasoeverweg is niet opgehoogd en er bevinden zich twee waterpartijen. De waterstand van deze vijver bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,00 meter +NAP tot 2,25 meter +NAP. Ten gevolge van perculatiewater dat op het oude maaiveld moet afvloeien en geremd wordt door achtergebleven oude kleikades kan hier de grondwaterstand zelfs oplopen tot 3,00 m+NAP.
 +De grondwaterstand wordt hier beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. De waterstand van deze rivier is meestal 0,80 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP.
 +
 +Deelgebied Ez en Ew is ook in 1977 opgehoogd met zand, dat door aannemersbedrijf Bos en Kalis opgezogen werd uit het Engelermeer. Dit zand werd rechtstreeks op het oude maaiveld gespoten. De waterloop aan de oostzijde van deelgebied E west heeft een waterstand van 2,20m +NAP.
 +In 1982 werden de deelgebieden E west en E zuid afgewerkt. 
 +Aan het einde van de ophoging 1e en 2e fase werd in 1978 deelgebied F opgehoogd met zand dat aangevoerd werd vanaf het Engelermeer.
 +In de deelgebieden B, C, E west, E zuid en F is in de wegcunetten een drainagesysteem aangelegd welke loost op de nieuwe waterlopen.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Maaspoort.
 +
 +Ter plaatse van het niet opgehoogde perceel gelegen ten westen van de weg Oudaanstede werd in 1986 door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel en door de archeologische dienst van de gemeente een laat Mesolithische nederzetting opgegraven.
 +Op de noordelijke flank van de zanddonk genaamd de Empelsehut werden bewoningsresten uit de IJzertijd waargenomen.
 +
 +
 +====== Abdijenbuurt ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap De Polder van der Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de westzijde begrensd door de Maaspoortweg, aan de zuidzijde door de rijksweg A 59, aan de noordzijde door een waterloop langs de buurt 1004, en aan de oostzijde door de rijksweg A2.
 +
 +De maaiveldhoogte in dit poldergebied was hier tot 1977 gemiddeld 3,00 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in deze polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze percelen tot de jongere holocene rivierafzettingen met uitzondering van de gronden juist ten zuiden van de buurt, welke deel uitmaken van een zandopduiking (Donk) die in het jong Pleistoceen afgezet werden.
 +
 +Deze buurt ligt aan de noordflank van deze zanddonk en bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze poldervaaggronden en zijn grotendeels onder te verdelen in:
 +a. Jong pleistocene opduiking vermengd met rivierkleigronden.
 +b. Stroombeddinggronden in een oeverwallenlandschap. De bovengrond bestaat uit zware klei en de ondergrond uit zeer zware klei.
 +c. Kalkarme stroomruggronden met in de bovengrond bestaat deze uit zand nabij de zandopduiking. 
 +
 +In de dertiger jaren van de 20e eeuw werd er in het kader van de werkverschaffing vooral het noordelijke gedeelte van de zanddonk afgegraven.
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier nog door het waterschap de Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven. Door het waterschap De Maaskant is in het kader van de ruilverkaveling Maaskant-West in 1953 van de buurt een kleidiktekaart samengesteld.
 +In 1977 viel de buurt onder het bestemmingsplan Maaspoort. (Deelgebied A en D en E oost)
 +In 1971 werden in opdracht van de gemeente grondboringen en sonderingen ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort uitgevoerd door het laboratorium voor Grondmechanica, Delft.
 +
 +
 +In 1976 werd door stichting voor Bodemkartering, Wageningen rapport 1295, Bestemmingsplan Maaspoort, Bodemgesteldheid en bodemgeschiktheid, uitgebracht.
 +
 +Tot 1977 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik geweest als weidegronden.
 +In 1977 werd in deze buurt gestart met het ophogen van deze gronden met zand, dat door aannemersbedrijf Bos en Kalis opgezogen werd uit het Engelermeer. Dit zand werd rechtstreeks op het oude maaiveld gespoten. ( bestek 31, dienst 1976).
 +Er werd opgehoogd van 3,70 meter +NAP tot 4,38 meter +NAP.
 +In 1978 werd gestart met de ontsluiting en het bouwrijpmaken van de buurt.(bestek 51 dienst 1977). Tijdens deze werkzaamheden werden de wegcunets circa 20 cm opgehoogd met zand dat ontgraven werd uit de aangrenzende bouwterreinen. 
 +
 +Na afwerking werd er ten behoeve van bestek 47- dienst 1978 een overzichtkaart uitwerkingsgebied A en deelgebied D met goothoogten vastgesteld. (tek. 43548 van Gemeentewerken).
 +In de buurt werd er ten behoeve van een goede ontwatering van het aangebrachte zandpakket een drainagesysteem in de wegcunetten aangelegd. Deze drainage watert af op de nieuwe waterlopen.
 +De waterstand in de aanwezige waterlopen in deelgebied A, D en E oost is 2,20 meter +NAP.
 +De grondwaterstand na ophogen is gemiddeld 2,50 meter +NAP.
 +
 +De percelen tussen De Saren en de bebouwingen van de buurt Lokeren en de bebouwingen van de Abdijenbuurt was tot 1980 een poldergebied. De maaiveldhoogte van de polder was hier 2,70 meter +NAP tot 3,40 meter +NAP. In 1986 werd hier het sportpark De Saren aangelegd. Ten noorden van deze sportvelden is een speelterrein aangelegd. Ten westen en grenzend aan de sportvelden ligt een pleistocene zandopduiking genaamd de Schaapskooi. 
 +Enkele funderingsresten van een 17e eeuwse schaapskooi zijn heden nog aanwezig op de top van de zanddonk. De maaiveldhoogte van de zanddonk bedraagt 4,50 meter +NAP. De waterstand in de waterlopen rondom het sportpark bedraagt 2,20 meter +NAP. In de sportvelden is een drainage aangelegd welke loost op de waterlopen rondom het complex. Op het noordelijke gedeelte van het sportcomplex en op het huidige speelterrein heeft tijdens de ontwikkelingsfase van Maaspoort een grond- en puindepot gelegen. Tijdens de aanleg van het speelterrein en de sportvelden is dit depot grotendeels opgeruimd. Tijdens het bouwrijpmaken van het sportcomplex werd het terrein geëgaliseerd en circa 40 cm opgehoogd. 
 +De huidige maaiveldhoogte van het sportcomplex bedraagt 3,35 m +NAP.
 +Ter plaatse van het voorterrein van het wijkonderkomen Maaspoort heeft omstreeks 1968 een asfaltcentrale van de aanleg van Rijksweg A2 gestaan. Tijdens het graven van de scheidingssloot tussen het wijkonderkomen en de Burg. Godschalxstraat werd een olievervuiling van de ondergrond geconstateerd. 
 +In het jaar 2002 en 2003 is op een perceel gelegen ten noorden van het wijkonderkomen een gronddepot aanwezig.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het gemaal Maaspoort en het wijkonderkomen Maaspoort heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel.
 + 
 +De zanddonk de Schaapskooi was tot 1982 een rijksmonument. Op de donk werden in 1968 door de archeologische werkgroep de Boschboom enkele verkenningen uitgevoerd. Er werd een IJzertijdnederzetting en een Romeins inheemse nederzetting waargenomen. Tijdens de grondwerkzaamheden van de aanleg van het sportcomplex De Saren en het graven van waterlopen aan de westzijde van de donk werd in 1986 door de werkgroep Cro Magnon een IJzertijd afvalput opgegraven en er werd een Romeinsinheems huis opgegraven.
 + 
 +Op de noordelijke flanken en op de restanten van de zandopduiking genaamd De Donk, bevinden zich oude bewoningsgronden met o.a. een IJzertijdnederzetting en een Romeinsinheemse nederzetting. Deze nederzettingen werden door de archeologische werkgroep van de Boschboom in 1968 verkend en opgegraven.
 +
 +
 +====== Lokeren ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +De maaiveldhoogte in dit poldergebied varieerde tot 1977 van 2,70 meter +NAP tot 3,20 meter +NAP. 
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Maaspoort, deelgebied G en deelgebied E Noord.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 m +NAP en het winterpeil was 1,80 m +NAP.
 +Tot 1977 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden. 
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze poldervaaggronden en bestaan in de bovengrond uit zware klei, zware zavel en lichte klei.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap de Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een kleidiktekaart samengesteld.
 +De maaiveldhoogte in de polder varieerde tot 1977 van 2,30 m +NAP tot 2,90 meter +NAP.
 +
 +In 1971 werden hier ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort door het laboratorium voor Grondmechanica, Delft, diverse sonderingen en grondboringen uitgevoerd.
 +Door de stichting Bodemkartering, Wageningen, werd in 1976 een rapport nr. 1295 ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort, bodemgesteldheid en bodemgeschiktheid uitgevoerd. 
 +In 1977 werd door gemeentewerken begonnen met het ophogen van deelgebied G. (Bestek 31, dienst 1976).
 +Het benodigde zand werd opgezogen door Bos en Kalis uit het Engelermeer. De aanwezige hoogten in het terrein werden geëgaliseerd en het benodigde zand werd rechtstreeks op het oude maaiveld gespoten. De maaiveldhoogte na ophogen varieerde van 3,90 meter +NAP tot 4,43 meter +NAP. 
 +De waterstand in de waterlopen van de buurt is 2,20 m+ NAP.
 +De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,20 meter +NAP tot 2,40 meter +NAP.
 +Deze grondwaterstand wordt hier sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. Deze waterstand van de rivier de Maas bedraagt 1,00 m+ NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 m+ NAP. In de deelgebieden G en E noord is in de wegcunetten een drainage systeem aangelegd welke loost op de nieuwe waterlopen.
 +Het deelgebied E noord werd in 1978 opgehoogd. De maaiveldhoogte na ophogen varieerde van 3,90 meter +NAP tot 4,43 meter +NAP.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Maaspoort.
 +
 +
 +====== Maasstroom ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. De maaiveldhoogte in dit poldergebied varieerde tot 1977 van 2,70 m+ NAP tot 3,20 meter +NAP. 
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Maaspoort, deelgebied H, gelegen ten zuiden van de Sluisweg en deelgebied J, gelegen aan de noordzijde van de Sluisweg. 
 +
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +Tot 1977 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden. 
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze poldervaaggronden en bestaan in de bovengrond uit zware klei, zware zavel en lichte klei.
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een kleidiktekaart samengesteld.
 +De maaiveldhoogte in de polder varieerde tot 1977 van 2,30 meter +NAP tot 2,90 meter +NAP.
 +
 +In 1971 werden hier ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort door het laboratorium voor Grondmechanica Delft diverse sonderingen en grondboringen uitgevoerd.
 +Door de stichting Bodemkartering, Wageningen werd in 1976 een rapport nr. 1295 ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort, bodemgesteldheid en bodemgeschiktheid uitgevoerd. 
 +
 +In 1980 werd door gemeentewerken begonnen met het ophogen van deelgebied H en J. (Bestek 20, dienst 1980, Voltooiing ophoging 1e en 2e fase).
 +Het benodigde zand werd opgezogen door Bos en Kalis uit de Koornwaard.
 +Ten gevolge van het aantreffen van olievaten en te veel slib in het zand werden de werkzaamheden in de Koornwaard stilgelegd.
 +De aanwezig hoogten in het terrein werden geëgaliseerd en het benodigde zand werd rechtstreeks op het oude maaiveld gespoten. De maaiveldhoogte na ophogen varieerde van 3,90 meter +NAP tot 4,43 meter +NAP. 
 +De waterstand in de waterlopen van de buurt is 2,20 meter +NAP.
 +De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,20 meter +NAP tot 2,40 meter +NAP.
 +Deze grondwaterstand wordt hier sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. 
 +Deze waterstand van de rivier de Maas bedraagt meestal 1,00 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP. In de deelgebieden H en J is in de wegcunetten een drainagesysteem aangelegd welke loost op de nieuwe waterlopen.
 +
 +Aan de oostzijde van deelgebied J bevindt zich een volkstuinencomplex. Dit complex werd slechts met circa 20 cm teelaarde opgehoogd. Voor het ophogen van dit complex bevond zich hier in het zuidelijke gedeelte een landbouwkas en enkel kleine opstallen. Aan de zuidzijde van de Sluisweg bevinden zich tot op heden enkele boerderijen.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Maaspoort.
 +
 +Ter plaatse van dit volkstuinencomplex werden in 1980 door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel vele vondsten gemeld uit IJzertijd en Romeinse tijd. Het betrof hier een vondstencomplex welke tijdens de ruilverkaveling Maaskant West in 1948 hier in secundaire positie zijn gedumpt in oude kavelsloten en enkele natuurlijke laagten. Oorspronkelijk behoorden dit perceel tot een pleistocene zanddonk genaamd “de Middelste Hoek”. Deze zanddonk werd tijdens genoemde ruilverkaveling geslecht.
 +
 +
 +====== De Staatsliedenbuurt ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Maaspoort deelgebied Q en R.
 +De buurt is te onderscheiden in een woonwijk ten noorden van de Sluisweg, (deelgebied R), en een woonwijk ten zuiden van de Sluisweg, (deelgebied Q).
 +  
 +De buurt lag in een voormalig poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door De Polder van de Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas.
 +
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +Tot 1977 waren deze gronden door de eeuwen heen ingebruik als weidegronden. 
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze poldervaaggronden en kalkhoudende poldervaaggronden en bestaan in de bovengrond uit zware zavel en lichte klei en voor een gedeelte uit overslaggronden.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven.
 +Ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een kleidiktekaart samengesteld.
 +Tijdens de ruilverkaveling werd een pleistocene zanddonk, genaamd de Zilverenberg grotendeels afgegraven. Het vrijkomende zand werd verwerkt in het cunet van de Hustenweg. Ter plaatse van het huidige subcentrum stond tot 1982 een boerderij.
 +De maaiveldhoogte in de polder varieerde tot 1977 van 2,60 meter +NAP tot 3,00 meter +NAP.
 +
 +In 1971 werden hier ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort door het laboratorium voor Grondmechanica, Delft diverse sonderingen en grondboringen uitgevoerd.
 +Door de stichting Bodemkartering, Wageningen werd in 1976 een rapport nr. 1295 ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort, bodemgesteldheid en bodemgeschiktheid uitgevoerd. 
 +
 +In 1982 werd door gemeentewerken gestart met het opspuiten met zand van de deelgebieden Q en R. Dit zand werd door Boskalis opgezogen uit de toen ontstane Maaspoortplas. De bovengrond ter plaatse van de plas, bestaande uit klei en veen werd eerst afgegraven en afgevoerd naar een depot in de polder genaamd de Kerkhoek. Een gedeelte van de bovengrond werd afgevoerd naar een kleidepot ter plaatse van De Meerendonk.
 +Voorafgaand aan de opspuiting werden enkel hoger gelegen delen van de polder geslecht en deze vrijkomende grond werd gebruikt voor het uitvullen van lager gelegen gedeelten en gebruikt voor het dempen van kavelsloten en het maken van kleikades. (Bestek 35 dienst 1981, zandophoging 3e fase). Er werd opgehoogd van 3,90 meter +NAP tot 4,00 meter +NAP.
 +Van 1982 tot 1987 werden de opgespoten gronden door de gemeente verpacht aan enkele agrariërs voor het verbouwen van gewassen. Om deze zandvlaktes geschikt te maken voor landbouw werd er enkele jaren slib opgespoten welke afkomstig was van de rioolwaterzuiveringsinstallatie “Treurenburg”van het waterschap de Dommel.
 + 
 +De grondwaterstand varieert van 2,20 meter +NAP tot 2,50 meter +NAP. De waterstand in de waterloop langs de Sluisweg en Troelstradreef en de Maaspoortweg 2,20 meter +NAP. In de deelgebieden Q en R zijn in de wegcunetten een drainagesysteem aangelegd welke loost op de nieuwe waterlopen. 
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Maaspoort. Het rioolgemaal Maaspoort pompt het rioolwater verder naar de rioolwaterzuivering Treurenburg. 
 +
 +
 +====== Het Zilverpark ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Maaspoort, deelgebied M, P en T. Voorheen lag deze buurt in een poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +Geologisch behoren deze gronden grotendeels tot de jongere holocene en pleistocene rivierafzettingen. In dit rivierenlandschap bestaan deze gronden hier in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +a. Overslaggronden
 +b. Kalkhoudende poldervaaggronden
 +c. Kalkloze poldervaaggronden
 +d. Pleistocene zandgronden in het rivierkleilandschap.
 +e. Stroombeddinggronden, ( dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde en verveende oude beekbeddingen).                                                            
 +
 +Bodemkundig bestaan deze gronden in de bovengrond zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd in de buurt door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven. Ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West werd er door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een kleidiktekaart samengesteld. 
 +De maaiveldhoogte in de polder was hier in 1964 gemiddeld 2,90 m+ NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +Tot 1974 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden.
 + 
 +In 1971 werden hier ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort door het laboratorium voor Grondmechanica, Delft diverse sonderingen en grondboringen uitgevoerd.
 +Door de stichting Bodemkartering, Wageningen werd in 1976 een rapport nr. 1295 ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort, bodemgesteldheid en bodemgeschiktheid uitgevoerd. 
 +In 1988 werd door gemeentewerken begonnen met het ophogen van deelgebied M en P. ( Bestek 76, dienst 1987, ophogingsfase 4). Het benodigde zand werd opgezogen door Bos en Kalis uit de Maaspoortplas. Er werd rechtstreeks gestort op het oude maaiveld. De maaiveldhoogte na ophogen varieerde van 3,70 meter +NAP tot 4,38 m+ NAP. 
 +
 +Deelgebied P wordt aan de noordzijde begrensd door een waterloop. De waterstand in deze waterloop bedraagt 2,20 meter +NAP. De waterstand en de waterloop langs de Zwartbroekweg en de Maaspoortweg bedraagt 2,20 meter +NAP. 
 +De waterstand in de zuidelijk van deze buurt gelegen Maaspoortplas varieert van 1,20 meter +NAP
 +tot 2,00 meter +NAP. 
 +
 +Het deelgebied T werd in 1989 opgehoogd door Boskalis met zand, ( 38,836 m3) dat per as werd aangevoerd vanaf het Engelermeer. Er werd rechtstreeks gestort op het oude maaiveld.
 +
 +De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,00 m+ NAP tot 2,25 meter +NAP. Ten gevolge van perculatiewater dat op het oude maaiveld moet afvloeien en geremd wordt door achtergebleven oude kleikades kan hier de grondwaterstand zelfs oplopen tot 3,00 m+ NAP.
 +De grondwaterstand wordt hier beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. De waterstand van deze rivier is meestal 0,80 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP. In de deelgebieden M, P en T is in de wegcunetten een drainagesysteem aangelegd welke loost op de nieuwe waterlopen.
 +
 +Het perceel Empelseschans nr. 2, gelegen langs de Sluisweg hoek Empelseschans, is niet opgehoogd.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Maaspoort. Het rioolgemaal Maaspoort pompt het rioolwater verder naar de rioolwaterzuivering Treurenburg. 
 +
 +Ter plaatse van de zanddonk genaamd de Zilverenberg bevond zich een Neolithische nederzetting. Ter plaatse van het perceel Empelseschans nr. 2, bevind zich op een restant van genoemde zandonk een IJzertijdnederzetting en een Romeins- inheemse nederzetting. 
 +
 +
 +====== Maasvallei ======
 + 
 +{{ nipa:web-links:maaspoort_algemeen_02_.org.jpg?200|}}
 +
 + De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Maaspoort, deelgebied L, O en N. Voorheen lag deze buurt in een poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +Geologisch behoren deze gronden grotendeels tot de jongere holocene en pleistocene rivierafzettingen. In dit rivierenlandschap bestaan deze gronden hier in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +f. Overslaggronden
 +g. Kalkhoudende poldervaaggronden
 +h. Kalkloze poldervaaggronden
 +i. Pleistocene zandgronden in het rivierkleilandschap.
 +j. Stroombeddinggronden, ( dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde en verveende oude beekbeddingen).                                                            
 +
 +Bodemkundig bestaan deze gronden in de bovengrond zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd in de buurt door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven. Ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West werd er door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een kleidiktekaart samengesteld. 
 +De maaiveldhoogte in de polder was hier in 1964 gemiddeld 3,00 m+ NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +Tot 1982 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden.
 + 
 +In 1971 werden hier ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort door het laboratorium voor Grondmechanica, Delft diverse sonderingen en grondboringen uitgevoerd.
 +Door de stichting Bodemkartering, Wageningen werd in 1976 een rapport nr. 1295 ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort, bodemgesteldheid en bodemgeschiktheid uitgevoerd. 
 +In 1982 werd door gemeentewerken begonnen met het ophogen van een gedeelte van deelgebied L. (het zuidelijke gedeelte) ( Bestek 35, dienst 1981, ophogingsfase 3 ).
 +Het benodigde zand werd opgezogen door Bos en Kalis uit de Maaspoortplas. 
 +Enkele pleistocene zanddonken werden geslecht en de vrijkomende grond werd gebruikt voor het uitvullen van lager gelegen gedeelten en voor het dempen van kavelsloten. De maaiveldhoogte na ophogen varieerde van 3,70 meter +NAP tot 4,38 m+ NAP. 
 +
 +Deelgebied L wordt aan de westzijde begrensd door een waterloop. De waterstand in deze waterloop bedraagt 2,20 meter +NAP. De waterstand in de waterloop langs de Zwartbroekweg bedraagt 2,20 meter +NAP. 
 +Door het deelgebied N loopt een waterloop met een waterstand van 1,80 meter +NAP.
 +
 +De waterstand in de zuidelijk van deze buurt gelegen Maaspoortplas varieert van 1,20 m +NAP
 +tot 2,00 meter +NAP.
 +Van 1982 tot 1987 werden de opgespoten gronden door de gemeente verpacht aan enkele agrariërs voor het verbouwen van gewassen. Om deze zandvlaktes geschikt te maken voor landbouw werd er enkele jaren slib opgespoten welke afkomstig was van de rioolwaterzuiveringsinstallatie “Treurenburg”van het waterschap de Dommel.
 +Door de afd. Milieutoezicht van de gemeente ’s-Hertogenbosch werd in 1984 een onderzoek verricht naar de vervuilingsgraad ten gevolge van bemesting m.b.v. rioolwaterzuiveringsslib van de verpachte opgehoogde gronden in het maaspoortgebied. 
 +
 +Het restant van deelgebied L werd in 1990 door Boskalis opgehoogd. Bestek 76 dienst 1987, ophoging 4e fase). Het benodigde zand, ( 12,000 m3) werd per as aangevoerd vanaf het Engelermeer.
 +
 +Deelgebied O en N werd in 1990, (bestek 54- dienst 1990, ophogingsfase 5), door Boskalis opgehoogd met zand, ( 73,812 m3) dat per as werd aangevoerd vanaf het Engelermeer.
 +Enkele restanten van pleistocene zanddonken werden geslecht en de vrijkomende grond werd gebruikt voor het aanvullen van lager gelegen gedeelten en voor het dempen van kavelsloten.
 +
 +De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,00 meter +NAP tot 2,25 meter +NAP. Ten gevolge van perculatiewater dat op het oude maaiveld moet afvloeien en geremd wordt door achtergebleven oude kleikades kan hier de grondwaterstand zelfs oplopen tot 3,00 meter +NAP.
 +De grondwaterstand wordt hier beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. De waterstand van deze rivier is meestal 0,80 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 m+ NAP. In de deelgebieden L, O en N is in de wegcunetten een drainagesysteem aangelegd welke loost op de nieuwe waterlopen.
 + 
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Maaspoort. Het rioolgemaal Maaspoort pompt het rioolwater verder naar de rioolwaterzuivering Treurenburg.
 +
 +Ter plaatse van het voormalige percelen Hambakenweg nr,10, nr. 14 en nr. 19 ( omgeving huidige terrein van hotel Campanile) bevond zich een archeologisch monument genaamd De Armen Hoogerd. Op een pleistocene zanddonk werd reeds in 1890 vele IJzertijdurnen opgegraven. Tijdens archeologische verkenningen van 1975 tot 1988 uitgevoerd door de Archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel werden op deze locatie vele IJzertijd vondsten gemeld.
 +In 1988 werd door dezelfde werkgroep ter plaatse van een gesloopte boerderij aan de voormalige Aalstweg nr. 1 een Bronstijdnederzetting en een IJzertijdnederzetting waargenomen.
 +Na de sloopwerkzaamheden van deze drie boerderijen werd door genoemde werkgroep veel puin/mest en bouw en sloopafval in de ondergrond waargenomen. Het is bekend dat ter plaatse van het voormalige perceel Aalstweg nr,1 vanaf 1982 tot 1988 veel clandestien huisvuil, puin en bouw-en sloop afval werd gestort. In 1986 werd op een gedeelte van gebied Maaspoort L een klei en veen depot aangelegd. Deze klei en veen waren afkomstig uit diverse rioolsleuven uit het maaspoortgebied. In oktober 1989 werd een gedeelte van dit kleidepot weer afgegraven en afgevoerd.
 +
 +De buurt heeft ten noorden van de straat genaamd Lugteren een verbeterd gescheiden rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Ten zuiden van Lugteren heeft de buurt een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. 
 +Tijdens rioolwerkzaamheden in 1987, bij de aanleg van de Larenweg en de Hambakenweg werd er in de ondergrond plaatselijk een veenpakket van 3 meter dik waargenomen door de Archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel. 
 +Door genoemde werkgroep werd in 1991 tijdens het graven van de waterloop in deelgebied N langs de weg Lugteren en Schoenerstraat een IJzertijdnederzetting met o.a. een waterput opgraven.
 +
 +Door de archeologische dienst van de gemeente ’s-Hertogenbosch en door Cro Magnon werd in 1991 een gedeelte van een IJzertijdnederzetting met een afvallaag opgegraven ter plaatse van Lugteren.
 +
 +
 +====== Maasoever ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Maaspoort, deelgebied S, V en Z. Voorheen lag deze buurt in een poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +
 +Geologisch behoren deze gronden grotendeels tot de jongere holocene en pleistocene rivierafzettingen. In dit rivierenlandschap bestaan deze gronden hier in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +k. Overslaggronden
 +l. Kalkhoudende poldervaaggronden
 +m. Kalkloze poldervaaggronden
 +n. Pleistocene zandgronden in het rivierkleilandschap.
 +o. Stroombeddinggronden, ( dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde en verveende oude beekbeddingen).                                                            
 +
 +Bodemkundig bestaan deze gronden in de bovengrond zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +
 +Tussen 1953 en 1858 werd in de buurt door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven. Ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West werd er door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een kleidiktekaart samengesteld.
 +Een gedeelte van een pleistocene zanddonk genaamd de Zilverenberg werd gedeeltelijk afgegraven. 
 +De maaiveldhoogte in de polder was hier in 1990 gemiddeld 3,30 m+ NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +Tot 1990 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden.
 + 
 +In 1971 werden hier ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort door het laboratorium voor Grondmechanica, Delft diverse sonderingen en grondboringen uitgevoerd.
 +Door de stichting Bodemkartering, Wageningen werd in 1976 een rapport nr. 1295 ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort, bodemgesteldheid en bodemgeschiktheid uitgevoerd. 
 +
 +In 1990 werd door gemeentewerken begonnen met het ophogen van deelgebied S (ophogingsfase 4). Het benodigde zand, ( 142,688 m3) werd door Bos en Kalis per as aangevoerd vanaf het Engelermeer. 
 +
 +Een gedeelte van de pleistocene zanddonk, genaamd de Zilverenberg werd geslecht en de vrijkomende grond werd gebruikt voor het uitvullen van lager gelegen gedeelten en voor het dempen van kavelsloten. De maaiveldhoogte na ophogen varieerde van 3,70 meter +NAP tot 4,38 meter +NAP. 
 +
 +Deelgebied S wordt aan de zuidwestzijde en noordzijde begrensd door waterlopen. 
 +De waterstand in deze waterlopen bedraagt 2,20 meter +NAP. 
 +De waterstand in de zuidelijk van deze buurt gelegen plas Maaspoort varieert van 1,20 meter +NAP tot 2,00 meter +NAP. 
 +
 +Van 1982 tot 1987 werden de opgespoten gronden door de gemeente verpacht aan enkele agrariërs voor het verbouwen van gewassen. Om deze zandvlaktes geschikt te maken voor landbouw werd er enkele jaren slib opgespoten welke afkomstig was van de rioolwaterzuiveringsinstallatie “Treurenburg”van het waterschap de Dommel.
 +Door de afd. Milieutoezicht van de gemeente ’s-Hertogenbosch werd in 1984 een onderzoek verricht naar de vervuilingsgraad ten gevolge van bemesting m.b.v. rioolwaterzuiveringsslib van de verpachte opgehoogde gronden in het maaspoortgebied. 
 +
 +Deelgebied V, gelegen ten noorden van de Sluisweg werd in 1990/ 1991 door Boskalis opgehoogd met zand, ( 105,331 m3) dat per as werd aangevoerd vanaf het Engelermeer. Enkele restanten van pleistocene zanddonken werden geslecht en de vrijkomende grond werd gebruikt voor het aanvullen van lager gelegen gedeelten en voor het dempen van kavelsloten.
 +
 +Deelgebied V wordt omsloten door waterlopen met een waterstand van 2,20 meter +NAP.
 +
 +De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,00 meter +NAP tot 2,25 meter +NAP. Ten gevolge van perculatiewater dat op het oude maaiveld moet afvloeien en geremd wordt door achtergebleven oude kleikades kan hier de grondwaterstand zelfs oplopen tot 3,00 meter +NAP.
 +De grondwaterstand wordt hier beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. De waterstand van deze rivier is meestal 0,80 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP.
 +
 +Deelgebied Z werd door Boskalis in 1993 opgehoogd met zand dat per as werd aangevoerd vanaf het Engelermeer.(bestek 69, dienst 1992.)
 +Vanaf het Engelermeer werd aangevoerd:
 +a. vanuit de ontgronding = oostoever 310,360 m3 vast profiel
 +b. vanuit depot 1 = 29,346 m3 vast profiel
 +c. vanuit depot 2 = 135,062 m3 vast profiel.
 +d. cunet Sluisweg 5,989 m3
 +
 +De maaiveldhoogte voor het ophogen varieerde van 2,60 meter +NAP tot 3,40 meter +NAP.
 +Er werd rechtstreeks gestort op het oude maaiveld. 
 +De ophoging van Maaspoort Z heeft op het zuidelijke gedeelte een maaiveldhoogte van 4,50 meter +NAP. Het noordelijke gedeelte heeft na ophoging een hoogte van 5,90 meter +NAP. Een strook grond langs de Empelsedijk werd opgehoogd tot 7,00 meter +NAP.
 +De scheidingsgrens tussen het gebied welke opgehoogd is tot 4,50 meter +NAP en het hogere gedeelte van 5,90 meter +NAP ligt langs de huidige Schout van Haestrechtsingel.
 +De kruinhoogte van de Empelsedijk bedraagt 7,25 m+ NAP.
 +Op een perceel gelegen in de noordwesthoek van de buurt bevond zich enkele jaren een grond/puin depot van een aannemer. 
 +Op en langs de toegangsweg, vanaf de Sluisweg werd veel illegaal puin- en bouw- en sloopafval gestort. In 1993 werd dit gronddepot ontmanteld en de vrijkomende grond, puin en BSA werd afgevoerd.
 +
 +De waterstand in de waterloop langs de spoorbaan ’s-Hertogenbosch – Utrecht bedraagt 2,20 meter +NAP. In de Sluisweg bevindt zich een schuif die genoemde waterloop op een peil van 2,20 meter +NAP houdt. De spoorsloot langs de spoorbaan ‘s-Hertogenbosch- Utrecht langs het zuidelijk gelegen gebied Maaspoort U Noord en U Zuid bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +In de deelgebieden S, V en Z is in de wegcunetten een drainagesysteem aangelegd welke loost op de nieuwe waterlopen. 
 +
 +Langs een puinweggetje werd vanaf 1990 tot 1993 veel clandestien, auto- en tractorbanden , puin en grond gestort. Voorafgaand aan de ophoging werden deze stortingen afgevoerd.
 +
 +De grondwaterstand in dit gebied varieert van 0,66 meter +NAP tot 2,54 meter +NAP.
 +
 +De waterstand in de ontworpen waterloop in het centrum van deelgebied Z wordt door middel van een gemaal op het peil gehouden van 2,70 meter +NAP.
 +De grondwaterstand wordt hier sterk beïnvloed door de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas. Deze waterstand in meestal 1,00 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP.
 +
 +De buurt heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met overstorten van het regenwaterriool op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Maaspoort. Het rioolgemaal Maaspoort pompt het rioolwater verder naar de rioolwaterzuivering Treurenburg.
 +
 +In 1993 werden door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel diverse verkenningen uitgevoerd.
 +Waargenomen werden:
 +a. In het hele gebied waar waterlopen gegraven werden, bevindt zich op 1,30 meter +NAP een bewoningslaag uit de Bronstijd.
 +b. In het zuidwestelijk gedeelte bevinden zich langs de Sluisweg restanten en afvallagen van een middeleeuwse steenbakkerij.
 +c. In het noordoostelijke gedeelte werden op het oude maaiveld enkel honderden Romeinse scherven gevonden.
 +d. Op het oude maaiveld en in de uitgegraven grond uit de waterlopen werden enkele fosforgranaten en brisantgranaten gevonden. Verder werden in het hele gebied diverse ontstekingen en klein-kaliber munitie gevonden. De E.O.D. uit Culemborg verwijderden deze munitie.
 +
 +In de zuid/westelijke punt van de buurt is nog een restant van een 16e eeuwse schans aanwezig.
 +Op de Empelsedijk, tegen het viaduct onder de spoorlijn ’s-Hertogenbosch –Utrecht is een restant van een oude schans aanwezig. Op deze schans werd in de 2e Wereldoorlog door de Duitsers een Falk-stelling gebouwd met een ondergrondse bunker. Tijdens dijkverzwaringswerkzaamheden in 1990 werd hier door de M.O.D. uit Culemborg veel munitie geborgen. De betonnen bunker werd toen ook verwijderd.
 +Langs de Empelsedijk stond binnendijks ter plaatse van de scherpe bocht in de dijk bij het huidige kunstobject, op een oude schans, een 15e eeuwse boerderij genaamd het Halfhuis. Deze boerdij was een het eind van de 2e Wereldoorlog een uitvalbasis voor de Duitsers en later van de Geallieerden. Hier werd door de Duitsers en de Geallieerden veel munitie achtergelaten.
 +Deze boerderij werd omstreeks 1950 gesloopt. Tijdens de dijkverzwaringswerkzaamheden van 1990 werden deze munitie verwijderd.
 +
 +Onder het viaduct van de spoorbaan, bevindt zich in de Sluisweg de voormalige Empelse sluis. Deze sluis was tot het opheffen van de Beerse Overlaat de uitwateringssluis voor het overtollige polderwater. Het vijvertje langs de Sluisweg is een restant van de waterpartijen die hier tot 1958 nog aanwezig waren.
 +Onder en nabij de Empelse Sluis werd in het verleden veel clandestien huisvuil en bouw-en sloop afval gestort. In 1993 werd een gedeelte van dit afval verwijderd. 
 +
 +Op een groot gedeelte van Maaspoort Z werd vanaf 1994 tot 1998 veel clandestien puin, grond (circa 6000m3) en bouwen sloop afval gestort. In begin 1999 werd het gehele depot ontmanteld en afgevoerd. Tijdens het afgraven van de depots bleek dat er in het opgehoogde zand circa
 + 400 m3 klei en grond ingegraven was. Deze illegale ingraven werden ook afgevoerd.
 +
 +Er werd afgevoerd:
 +a. 585,88 ton schoon puin.
 +b. 696,28 ton vervuild puin
 +c. 555,54 ton B.S.A afval.
 +d. 19,52 ton teerhoudend asfalt
 +e. 13,78 ton asbest
 +f. 20,72 ton groenafval.
 +
 +Het uitgezeefde Cat1 zand/grond bedroeg 1050 m3 en werd in 1994 afgevoerd. 
 +Tussen 1999 en 2003 werd op dit oude depot regelmatig illegaal grond- en bouw- en sloopafval gestort. In januari 2003 werd door het Ingenieursbureau van de gemeente ’s-Hertogenbosch het illegale depot opgeschoond en er werd een hekwerk geplaatst om illegale stortingen te 
 +voorkomen.  
 +
 +
 +====== Bedrijventerrein Maaspoort ======
 +
 +De buurt is gelegen in het bestemmingsplan Maaspoort, deelgebied U zuid en U noord.
 +Het gebied is ingericht als een bedrijventerrein.
 +
 +Het gedeelte van de buurt ten westen van de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Utrecht valt onder bedrijventerrein Treurenburg. (heden genaamd industrieterrein Maaspoort west).
 +
 +Voorheen lag deze buurt in een poldergebied welke tot 1973 beheerd werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant in Oss. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +Geologisch behoren deze gronden grotendeels tot de jongere holocene en pleistocene rivierafzettingen. In dit rivierenlandschap bestaan deze gronden hier in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +p. Overslaggronden
 +q. Kalkhoudende poldervaaggronden
 +r. Kalkloze poldervaaggronden
 +s. Pleistocene zandgronden in het rivierkleilandschap.
 +t. Stroombeddinggronden, ( dit zijn in het Holoceen dichtgeslibde en verveende oude beekbeddingen).                                                            
 +
 +Bodemkundig bestaan deze gronden in de bovengrond zware zavel en lichte klei en zware klei op Pleistoceen zand.
 +Tussen 1953 en 1958 werd in de buurt door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven. Ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West werd er door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een kleidiktekaart samengesteld. Een gedeelte van een pleistocene zanddonk genaamd de Zilverenberg werd gedeeltelijk afgegraven. 
 +De maaiveldhoogte in de polder was hier in 1982 gemiddeld 2,90 meter +NAP.
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +Tot 1982 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden.
 + 
 +In 1971 werden hier ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort door het laboratorium voor Grondmechanica, Delft diverse sonderingen en grondboringen uitgevoerd.
 +Door de stichting Bodemkartering, Wageningen werd in 1976 een rapport nr. 1295 ten behoeve van het bestemmingsplan Maaspoort, bodemgesteldheid en bodemgeschiktheid uitgevoerd. 
 +
 +In 1982 werd door Boskalis begonnen met het ophogen van deelgebied U noord en U zuid (ophogingsfase 3, bestek 35, dienst 1981).
 +Het benodigde zand werd door Bos en Kalis opgezogen uit de toen ontstane Maaspoortplas. 
 +
 +Een gedeelte van de pleistocene zanddonk, genaamd de Zilverenberg werd geslecht en de vrijkomende grond werd gebruikt voor het uitvullen van lager gelegen gedeelten en voor het dempen van kavelsloten. De maaiveldhoogte na ophogen varieerde van 3,70 meter +NAP tot 4,38 meter +NAP.
 +Zijn gelegen tussen de spoorlijn ’s-Hertogenbosch – Utrecht en de voormalige rijksweg Treurenburg en zijn gelegen in een poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel. Dit waterschap ging in 1973 over in het waterschap De Maaskant gevestigd te Oss.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden grotendeels tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkarme poldervaaggronden, (zware zavel en lichte klei op Pleistoceen zand.
 +In dit rivierkleilandschap bestaan de gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit:
 +a. Pleistocene zandopduiking 
 +b. Kalkarme stroomruggronden
 +c. Kalkarme stroomruggronden vermengd met en rustend op Pleistoceen zand.
 +d. Kalkarme overslaggronden dikker dan 50 cm met kalkrijke zand of kleilaag in de ondergrond.
 +e. Kalkarme overslaggronden dunner dan 50 cm met kalkrijke zand of kleilaag in de ondergrond.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd hier door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd.
 +Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven. Door het waterschap werd een kleidiktekaart Maaskant west samengesteld.
 +De maaiveldhoogte is hier tot 2003 gemiddeld 3,00 meter +NAP. Tot 2003 zijn deze gronden door de eeuwen heen ingebruik geweest als weide- en akkergronden.
 +Het meest noordelijke gedeelte van bedoelde percelen maakte in de 17e eeuw deel uit van een ontwateringscomplex. In dit gedeelte bevonden zich vele waterpartijen, die later gedeeltelijk dichtgeslibd werden en op sommige plaatsen verveend zijn. Nabij de Empelse Sluis werd in enkele sloten tussen 1970 en 1980 clandestien huisvuil gestort. Deze vuilstortingen werden bij de aanleg van een riool in 1993 ter plaatse van de Sluisweg geconstateerd.
 +
 +In november 2003 werden tijdens grondwerkzaamheden voor de aanleg van de Verlengde Goudenheuvel 7,000 m3 klei ontgraven en afgevoerd naar het gronddepot Kloosterdonk. Circa 600 m3 slib werd ontgraven uit een watersloop en een vijver en afgevoerd naar de opslag van het waterschap de Maaskant in Oijen. Circa 1,000 m3 gerijpte slib werd afgevoerd naar het gronddepot Kloosterdonk. Tijdens de grondwerkzaamheden werd aan de oostzijde van de vijver door leden van de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel de funderingsresten van ede oude Empelse sluis ontdekt en gemeld bij de BAM. Terstond werd er een opgraving uitgevoerd door de BAM.
 +Tijdens de opgraving bleek dat deze sluis in de 16e eeuw was aangelegd in de oude Maasdijk. De volledige landhoofden van de sluis met een houten vloer bleken nog geheel aanwezig te zijn.
 +In het sluishoofd werd een huisvuilstort van rond 1973 aangetroffen. Na de opgraving zijn de resten van de sluis afgedekt met zand. Ten noorden van deze oude sluis werd tijdens het grondwerk van de uitbreiding van de vijver circa 500 m3 slib in de ondergrond verwerkt.  
 +Op de percelen werd enkel jaren rioolwaterzuiveringsslib verwerkt, welke afkomstig was van de rioolwaterzuiveringsinstallatie “Treurenburg”. 
 +De grondwaterstand is gemiddeld 2,00 meter +NAP. De waterstand in de oostelijk grenzende spoorsloot is gemiddeld 1,80 meter +NAP.
 + De grondwaterstand wordt hier sterk beïnvloed door de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas en de westelijk gelegen rivier de Dieze. De waterstand in de rivier de Dieze is meestal 2,20 meter +NAP en de waterstand in de rivier de Maas is meestal 0,50 meter +NAP. Deze waterstanden kunnen echter bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP.
 +In het zuidelijk deel bevindt zich een rioolpersleiding rond 700 mm die in 1969 werd aangelegd vanaf het rioolgemaal Maaspoort naar de rioolwaterzuiveringinstallatie “Treurenburg”.
 +
 +De riolering van een gedeelte van Orthen (Oude Rijksweg) loosde tot 1975 op de waterloop genaamd “Het Meer “. Deze waterloop staat in verbinding met de westelijk van de spoordijk gelegen waterloop. Ten gevolge van deze rioolwaterlozing raakte deze waterloop sterk vervuild.
 +Op de zuidwestelijke oever van Het Meer werd tussen 1950 en 1960 clandestien huisvuil gestort.
 +Vermoedelijk bevinden zich onder de Rijksweg Treurenburg en onder de spoorbaan nog restanten van de zogenaamd “40 ellse’brug. Tijdens het boren van de rioolpersleiding van het rioolgemaal Maaspoort naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie Treurenburg moest de boring gestaakt worden omdat men op de restanten van deze “40 ellse “brug boorden.
 +Deze “40 ellse” brug werd in het midden van de 19e eeuw aangelegd om de uitwatering van de polder ten gevolge van de Beerse Overlaat in stand te kunnen houden.
 +Zo ook bevind zich in het noordelijke gedeelte in de spoordijk de zogenaamd Empelse Sluis.
 +
 +De fundamenten van de een andere sluis met een betonnen fundering bevinden zich nog in de ondergrond, op een afstand van ongeveer 50 meter ten westen van de Empelse Sluis. Tijdens rioolwerkzaamheden in 1993 moest hier ten gevolge van deze fundamenten de riolering omgelegd worden.
 +
 +Tijdens archeologische verkenningen uitgevoerd in 1988 door de werkgroep Cro Magnon uit Empel werden tijdens het uitdiepen en verbreden van de spoorsloot aan de zijde van maaspoort U.Z. en U.N enkele IJzertijd – en Bronstijdnederzettingen waargenomen. Het is te verwachten dat op bedoelde percelen nog uitlopers van deze nederzettingen aanwezig zijn.
 +Ten gevolge van een hoge waterstand van de Dieze in 1995 werd op twee plaatsen kwel vanuit de Dieze onder de Rijksweg door naar het te ontwikkelden industrieterrein Maaspoort West waargenomen. Het gedeelte ten noorden van de Sluisweg staat regelmatig onder water ten gevolge van kwel en een slechte afwatering.
 +De waterhuishouding van dit gebied wordt door middel van een duiker onder de spoorbaan naar een waterloop in Maaspoort op peil gehouden. 
 +
 +In het deelgebied U zuid werden enkele hoogten geslecht en de vrijkomende grond werd gebruikt voor het uitvullen van lager gelegen gedeelten en voor het dempen van oude kavelsloten.
 +
 +Deelgebied U wordt aan de westzijde zuidzijde en de oostzijde begrensd door waterlopen. De waterstand in de westelijke waterloop bedraagt 1,80 meter +NAP. De waterstand in de overige waterlopen bedraagt 2,20 meter +NAP. 
 +De waterstand in de zuidelijk van deze buurt gelegen Maaspoortplas varieert van 1,20 meter +NAP
 +tot 2,00 meter +NAP. 
 +
 +Van 1982 tot 1987 werden de opgespoten gronden door de gemeente verpacht aan enkele agrariërs voor het verbouwen van gewassen. Om deze zandvlaktes geschikt te maken voor landbouw werd er enkele jaren slib opgespoten welke afkomstig was van de rioolwaterzuiveringsinstallatie “Treurenburg”van het waterschap de Dommel.
 +Door de afd. Milieutoezicht van de gemeente ’s-Hertogenbosch werd in 1984 een onderzoek verricht naar de vervuilingsgraad ten gevolge van bemesting m.b.v. rioolwaterzuiveringsslib van de verpachte opgehoogde gronden in het Maaspoortgebied. 
 +
 +De grondwaterstand in de buurt varieert van 1,00 meter +NAP tot 2,25 meter +NAP. Ten gevolge van perculatiewater dat op het oude maaiveld moet afvloeien en welke geremd wordt door achtergebleven oude kleikades, kan hier de grondwaterstand zelfs oplopen tot 3,00 meter +NAP.
 +De grondwaterstand wordt hier beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. De waterstand van deze rivier is meestal 0,80 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP.
 +
 +De maaiveldhoogte voor het ophogen varieerde van 2,60 meter +NAP tot 3,40 meter +NAP. Er werd rechtstreeks gestort op het oude maaiveld. 
 +De ophoging van Maaspoort U heeft een hoogte van 4,50 meter +NAP. In de Sluisweg bevindt zich een schuif welke de waterlopen in Maaspoort Z op een hoogte houdt van 2,20 meter +NAP. 
 +
 +De grondwaterstand wordt hier sterk beïnvloed door de waterstand in de noordelijk gelegen rivier de Maas. Deze waterstand is meestal 1,00 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP. De waterstand in het zuid -oostelijk van de buurt gelegen Maaspoortplas varieert van 1,20 meter +NAP tot 2,00 meter +NAP. In de deelgebieden U zuid en U noord is in de wegcunetten een drainagesysteem aangelegd welke loost op de nieuwe waterlopen. 
 +
 +De buurt heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met overstorten van het regenwaterriool op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Maaspoort.
 +
 +In het gebied bevonden zich enkele boerderijen langs de voormalige Hambakenweg.
 +Deze boerderijen werden in 1981 en 1982 gesloopt. Na de sloopwerkzaamheden werden er door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel veel puin en bouwen sloopafval waargenomen. 
 +
 +In 1982 werd door de archeologische dienst van de gemeente een Romeinsinheemse nederzetting opgegraven op het zuidelijke gedeelte van deelgebied U zuid (huidige Maasoeverpad), en wel op de noordelijke oever van een voormalige rivierloop.
 +In 1988 werd de spoorsloot uitgediept en verbreed de vrijkomende specie werd op de opgehoogde percelen in depot gezet. Waarheen deze baggerspecie werd afgevoerd is niet bekend.
 +Tijdens het uitgraven van deze baggerspecie werd door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel enkele huisvuilstortjes waargenomen. Het is bekend dat er ten zuiden en ten noorden van het huidige Maasoeverpad enkele jaren clandestien huisvuil werd gestort.
 +In 1991 werd door de archeologische dienst van de gemeente een archeologische verkenning uitgevoerd ter plaatse van de Larenweg en ter plaatse van een IJzertijdnederzetting.
 +In 1990 werd naar aanleiding van een melding van de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel een opgraving uitgevoerd door het IPL uit Leiden, ter plaatse van een perceel ten westen van de Larenweg. (tussen de straat Goudheuvel en de straat Mangaan).
 +Er werden de restanten van een Bronstijdnederzetting opgegraven.
 +Door genoemde werkgroep Cro Magnon werden in 1992 een huisplattegrond uit de Romeinsinheemse tijd opgegraven ter plaatse van het huidige gemaal Maaspoort. Aan de zuidzijde van een waterloop langs het Maasoeverpad werd door Cro Magnon een Romeinsinheemse nederzetting waargenomen. 
 +
 +Ter plaatse van het voormalige percelen aan de westzijde van het huidige terrein van hotel Campanile) bevond zich een archeologisch monument genaamd De Armen Hoogerd. Op een pleistocene zanddonk werd reeds in 1890 vele IJzertijdurnen opgegraven. Tijdens archeologische verkenningen van 1975 tot 1988 uitgevoerd door de Archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel werden op deze locatie vele IJzertijdvondsten gemeld.
 +In de rioolsleuven in de Larenweg werd vooral op het zuidelijke gedeelte een veenpakket van 2 tot 3 meter dik waargenomen.
 + 
 +
 +====== Oud Empel ======
 +
 +De buurt Oud Empel bestaat uit het gehucht Oud Empel, een strook grond gelegen tussen de Wasweg en de Rijksweg A2, een strook grond tussen de uitbreidingsgebieden van Maaspoort en de Empelsedijk, de zuidelijke uiterwaard van de rivier de Maas en een gedeelte van gronden behorende bij het fort Crevecoeur.
 +
 +Geologisch zijn de gronden hier te onderscheiden in:
 +
 +a. Stroomruggen of oeverwallen
 +b. Overslaggronden
 +c. Komgronden
 +d. Pleistocene zanddonken
 +e. Oude bewoningsgronden
 +f. Stroomruggronden in de uiterwaarden.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkhoudende poldervaaggronden en bestaan in de bovengrond uit zware zavel en lichte klei.
 +
 +De maaiveldhoogte van de binnendijkse gronden varieert van 2,80 meter +NAP tot 3,30 m+ NAP. De maaiveldhoogte van de buitendijkse gronden varieert van 2,70 m+ NAP tot 4,40 meter +NAP.
 +
 +Tussen 1953 en 1958 werd binnendijks door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een ruilverkaveling uitgevoerd. Tijdens deze ruilverkaveling werden oude kavelsloten gedempt en nieuwe kavelsloten gegraven. Ten behoeve van de ruilverkaveling Maaskant West werd er door het waterschap De Polder van de Eigen en Empel een kleidiktekaart samengesteld. 
 +Het zomerpeil in de polder was 1,92 meter +NAP en het winterpeil was 1,80 meter +NAP.
 +Tot op heden zijn deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden.
 +De grondwaterstand in de uiterwaarden varieert sterk ten gevolge van fluctuerende Maaswater.
 +De uiterwaarden lopen gemiddeld per jaar 2 maal onder water. Het waterpeil van de rivier de Maas is hier meestal 1,00 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,80 meter +NAP. 
 +In april 1981 werd in opdracht van de gemeente een Beheers- en inrichtingplan Uiterwaard en randgroen Maaspoort opgesteld door Kuiper compagnons. Rap. 205,407,802 PG/CvZ/ab/idj/ht.
 +De uiterwaarden zijn onder te verdelen in een natuurgebeid, een gebied voor extensieve recreatie.
 +en een agrarisch gebied (Schansgebied van Fort Crevecoeur.)
 +
 +De bovengrond van de uiterwaarden hebben een diversiteit aan bodemtypes. Te onderscheiden zijn:
 +a. lichte zavel op zware klei
 +b. lichte zavel op lichte klei
 +c. lichte zavel en lichte klei op zand
 +d. lichte klei op zand
 +e. puin –en basalt stortingen
 +
 +In de uiterwaard bevindt zich een oude maastak, welke gedeeltelijk aan het verzanden en vervenen is. De waterdiepte varieert sterk van 0,50 m tot 4,00 meter diep.
 +In de oude Maasloop zijn nog historische kribben aanwezig.
 +Bij hoge waterstanden op de Maas veroorzaakt de kwel drassige en ondergelopen terreingedeelten vlak achter de dijk.
 +
 +De toplaag in de uiterwaard bestaat uit matig tot sterk vervuild slib. (Klasse 2 tot Klasse 3)
 +Ter plaatse van de zogenaamd Bol in de uiterwaard wordt sterk beïnvloed door recreatie. Deze locatie werd in het verleden veel oorlogspuin gestort en diende als overslaglocatie voor grond en puin van baggermaatschappijen. 
 +In het westelijke gedeelte van de uiterwaard wordt onder aan een afrit en in een verveende waterloop regelmatig illegaal huisvuil, puin- bouw- en sloopafval gestort en er werden auto’s verbrand. 
 +In het gebied westelijk van het zogenaamd Halfhuis werden langs de Maas in het verleden veel puin - bouw -en sloopafval gestort. 
 +Het meest westelijke gebied behoorde in de 16e eeuw tot het fort Crevecoeur. 
 +Ten gevolge van het graven van het zogenaamd Geniehaventje en ontmanteling van de versterking die door de Duitsers in de 2e W.O werden aangebracht, zijn veel oorspronkelijke relicten van het oostelijke gedeelte van het fort verdwenen.
 +Tot ver in de 19e eeuw liep er een brede waterloop vanaf de Empelse Sluis naar het huidige Geniehaventje.
 +Ten noorden van het café Treurenburg is nog een waterkolk aanwezig. In het verleden werd deze waterkolk aan de zuidzijde gedeeltelijk gedempt met huisvuil en puin. Op deze waterloop bevindt zich een regenwaterafvoer van de huidige rotonde Treurenburg.
 +Aan de zuidzijde van het huidige parkeerterrein van Treurenburg bevond zich tot 1950 een laaggelegen deel grond. Deze verveende waterpartij werd in het verleden gedeeltelijke gedempt met puin en bouw en sloop afval.
 + 
 +In 1994 werd door Boskalis Dolman uit Dordrecht een indicatief milieukundig bodemonderzoek ten behoeve van de aanleg van de Maasboulevard uitgevoerd. Rap ,94-069
 +
 +Het gehucht Oud Empel, ontleent zijn naam aan Amba en betekent rondom het water. Geschiedschrijvers spreken over Empele, Empla, Emple, Ympel en Imple. Empel een dorp juist ten zuidwesten van het huidige Empel wordt door historici voor het eerst vermeld in 814 na Chr. 
 +In het jaar 810 werd met de bouw van de eerste kerk begonnen. Door het ijs werd deze kerk na enkele jaren verwoest en hetzelfde `jaar herbouwd.
 +In 978 verdween de tweede kerk in het water. 
 +Het 9e eeuwse dorp ontstond op een oude oeverwal van de rivier de Maas, deze oeverwal bevindt zich op een perceel genaamd De Werf en de Middelste Hoek. Al vanaf de 12 eeuw werd hier begonnen met het aanleggen van een Maasdijk. En werd ten gevolge van wateroverlast in de 14e eeuw verplaatst naar de Maasdijk.
 +
 +In ieder geval werd het waterschap De Polder van de Empel en Meerwijk opgericht voor 1315. 
 +In 1942 ging dit waterschap over in het waterschap De Polder van den Eigen en Empel. In 1973 ging dit waterschap over in het waterschap De Maaskant. Op 1 januari 2004 fuseren de Waterschappen De Aa en De Maaskant tot het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +Vele oorlogshandelingen o.a. de Tachtigjarige oorlog en overstromingen teisterden het dijkdorp. In 1504 staken de Geldersen het dorp in brand. Ook de schans in Empel werd omstreeks 1580 tot 1583 diverse malen ingenomen door de Geldersen.
 +Deze schans was gelegen nabij de voormalige Schanswiel. De Fransen trokken in 1672 onder leiding van Turenne vernielend en plunderend door het dorp.
 +
 +Bij oud Empel werd in 1622 een nieuwe schans opgeworpen waarbij de dorpskern binnen de versterking kwam te liggen. In 1862 werd ten gevolge van hoogwater de schans weggespoeld en in 1948 geslecht.
 +
 +Bij hoogwater van de rivier de maas liet men vanaf de middeleeuwen via de Beerse Overlaat water in de polder van Empel. Eerst incidenteel en vanaf de 16e eeuw fungeerde deze “traverse” steeds vaker als tweede maasloop. In 1942 werd de Beerse overlaat gesloten, maar ten gevolge van oorlogshandelingen liepen de polders tot 1946 nog regelmatig onder water. 
 + Al de bovengenoemde verwoestingen en overstromingen zijn in de ondergrond waar te nemen. Overal rondom het dijkdorp vindt men verspoelde grondlagen vermengd met puin.
 +
 +Oud Empel, het dijkdorp werd later in de Tweede Wereldoorlog grotendeels verwoest. De kerk van Empel werd op 13 november 1944 door de Duitsers opgeblazen. Omdat de verwoestingen zo groot waren, werd in 1953 besloten om een nieuw dorp te bouwen. De oorspronkelijke bebouwing van Oud Empel liep van de huidige Schansweg tot aan de Alverwiel. Op alle huidige braakliggende percelen in Oud Empel heeft tot 1950 bebouwing gestaan. De funderingen en afvallagen aan de teen van de Maasdijk zijn heden nog waar te nemen. De nieuwe dorpskern werd gebouwd op een zanddonk in de directe omgeving van het vroegere Slot. Nu het huidige dorp Empel.
 +Tijdens de ruilverkaveling 1948-1953 werden de zanddonk de werf en de zanddonk de Middelste Hoek geslecht. Het vrijkomende zand werd afgevoerd naar een wegcunet van de Hustenweg.
 +Een oude 16e eeuwse waterkolk genaamd de Schanswiel werd gedempt met grond welke vrijkwam van de Werf en de Middelste hoek. Ook een kleine waterkolk op het perceel genaamd de werf werd tijdens de ruilverkaveling gedempt. Tijdens de ruilverkavelingwerkzaamheden verdween ook in Oud Empel de binnendijks gelegen Agterstraat.
 +Ten westen van oud Empel werd in 1519/1530 aan de binnenzijde van de Maasdijk een schans opgeworpen. Deze oude schans had oorspronkelijk een gracht. Deze oude schans moet gesitueerd worden nabij de huidige scherpe bocht in de dijk vlak bij, (binnendijk )het huidige kunstobject.
 +
 +In opdracht van het waterschap De Maaskant uit Oss werd door de Technische Dienst van de gemeente ’s-Hertogenbosch een historisch onderzoek uitgevoerd naar achtergebleven munitie uit de Tweede Wereldoorlog langs de Empelsedijk.
 +In Empel waren aan het einde van de 2e W.O in totaal 14 mijnenvelden en vele loopgraven en enkele tankvallen. Voorafgaand aan de dijkverzwaringswerkzaamheden in 1988 en 1990 werden door de MOD uit Culemborg in totaal 323 kleinkaliber, 59 mijnen en granaten en springstof onklaar gemaakt. Er werd alleen in de werkstrook van de dijkverzwaringswerkzaamheden gezocht. Tussen 1945 en 1959 werden in Oud Empel in totaal 110 mijnen en granaten door de MOD onklaar gemaakt. De bestaande dijk werd verhoogd naar gemiddeld 7,44 meter +NAP.
 +
 +In de uiterwaarden werd in 1985 een riolering ten behoeve van de woningen van Oud Empel aangelegd. 
 +Tijdens de dijkverzwaringswerkzaamheden in 1999 werd er vlak achter het perceel van de Empelsedijk een nieuwe dijk aangelegd. De riolering in de uiterwaarden werd gedeeltelijk verwijderd, er werd in de oude dijk een nieuwe riolering, (gescheiden rioolstelsel) aangelegd met een nooduitlaat in de uiterwaarden en een pompput aan de zuidzijde van de oude dijk. De kruinhoogte van de nieuwe dijk bedraagt 7,14 meter +NAP. 
 +
 +In 1970 maakte de toenmalige provinciaal archeoloog G. Beex een archeologisch overzicht van de gemeente Empel en meerwijk. De toen bekende vindplaatsen in de buurt Oud Empel waren, de Werf en de Middelste Hoek met vele vondsten uit de IJzertijd en Romeinsetijd.
 +
 +Tijdens de ruilverkaveling 1948-1953 werden de vondstcomplexen van de werf en de Middelste Hoek verstoord en grotendeels afgevoerd naar de Kleine Wijken, de Koornwaard en naar de Hustenweg. Door de aanleg van de Rijksweg A2, zijn vele nederzettingssporen en sporen van een Romeinse tempel verwoest. 
 +In 1989 tot 1992 volgde door het IPP (Instituut voor Pre- en Protohistorische Archeologie van de universiteit van Amsterdam), een opgraving op het perceel genaamd de Werf. Hier werden de restanten van een IJzertijdheiligdom en een Romeinse tempel opgegraven.
 +
 +In 1992 werd er door de BAM tussen de rijksweg A2 en de Wasweg een opgraving uitgevoerd. Tijdens deze opgraving werden in dempte sloten vondsten in secundaire positie aangetroffen van het tempelcomplex van de Werf. De demping van de Schanswiel werd ook waargenomen.
 +Deze dempingen werden tijdens de ruilverkavelingswerkzaamheden van het waterschap de Maaskant tussen 1948 en 1953 uitgevoerd. 
 +Wel werden nog sporadisch sporen van vroeg middeleeuwse bewoning aangetroffen. De grondwerkzaamheden tijdens de aanleg van de Rijksweg A2 hebben veel sporen van bewoningen vernield. Op het huidige volkstuinen complex werden in 1988 veel secundaire vondsten uit de IJzertijd- en Romeinsetijd ontdekt door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel.
 +
 +Tijdens de dijkverzwaringswerkzaamheden werden door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel diverse verkenningen uitgevoerd.
 +Ter plaatse van de achterzijde van de woningen van de Empelsedijk werden vele dumpingen van huisvuil en bouw en sloopafval waargenomen. 
 +In 1985 en 1988 werden door Cro Magnon verkenningen uitgevoerd ter plaatse van de Maasoever, tussen het kunstobject en de spoorbrug ‘s-Hertogenbosch – Utrecht. Hier werden diverse nederzettingsporen uit de Middeleeuwen en uit de 17e eeuw waargenomen.
 +Tijdens het uitbaggeren van het Geniehaventje werden door de archeologische werkgroep vele 13e tot 17e eeuwse vondsten ontdekt.
 +Opgravingen in 1992 door de BAM en het IPP op een perceel gelegen langs de Wasweg en op het perceel genaamd de Werf tonen aan dat hier het gehucht Empel is ontstaan. 
 +Door stichting Raap werd in het kader van de verbreding A2, Empel Maas in 1999 een archeologische kartering uitgevoerd Er werden 4 vindplaats in dit tracé geïnventariseerd. Vindplaats 2 ligt 300 meter ten noordwesten van het knooppunt Empel met IJzertijd, Romeinsetijd en laat middeleeuwse vondsten.
 +Vindplaats 3 ligt op 100 m ten noord westen van de vinplaats van het gallo-romeinse tempelcomplex op het perceel genaamd De Werf. (ten oosten van de buurt).
 +Vindplaats 4 ligt op een perceel ter hoogte van Oud Empel. 
 +
 +
 +====== Boschveld ======
 +
 +
 +De onderzoekslocatie is gelegen in de buurt Boschveld. Deze is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1973 waterhuishoudkundig beheerd werd door het waterschap Boschveld en Maij. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Veemarktweg, aan de oostzijde de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Utrecht, aan de westzijde door de Oude Vlijmenseweg en aan de zuidzijde door Simon Stevinweg en de Christiaan Huygensweg.
 + 
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden beekeerdgronden, met leemarm en zwak lemig fijn zand en vaaggronden, ( kalkloze poldervaaggronden met in de bovengrond zavel en lichte klei).
 +In dit gebied bevinden zich ook veel moerige gronden met zavel –of kleidek en moerige tussenlaag op zand.
 +Gezien de slechte toestand van deze gronden werd hier op een groot gedeelte van deze wijk een sportcomplex gepland en aangelegd.
 +
 +In 1920 werden in de directe omgeving van de Paardskerkhofweg diverse wegen verhard met sintels afkomstig van de voormalige gasfabriek Vughterpoort. Enkele jaren later werd door de Staatsspoorwegen bij enkele wegen langs de Paralleweg ook sintels aangevoerd als verhardingsmaterialen.
 +
 +Het noordelijke deel van de buurt wordt gekenmerkt door de opstallen en gebouwen van de Grasso fabriek en ten oosten van de Parallelweg door een spoorwegracordement. Ter plaatse van dit racordement bevond zich tot omstreeks 1950 een langgerekte spoorweghaven.
 +
 +In verband met de werkzaamheden voor ophoging van een Sportpark langs de Oude Deuterseweg werd in 1925 door de werkverschaffing zand en grond aangevoerd vanaf percelen kadastraal bekend gemeente Cromvoirt sectie A nr. 189, 397, 233, 190, 191 en 222. Bedoelde percelen werden uitgelaagd tot een hoogte van 2,95 m. + N.A.P.
 +De bovenste 35 cm. werd weer op het afgegraven terrein aangebracht.
 +
 +De bestaande maaiveldhoogte van het sportterrein was gem. 2,88 m. + N.A.P.
 +
 +Langs het westelijke talud van de Paardskerkhofweg werden door enkele bedrijven uit de directe omgeving koolas en sintels gedumpt.
 +In 1942 werd in het kader van de werkverschaffing t.b.v. een uitbreiding van het sportterrein verder opgehoogd tot 3,20 m. + N.A.P.
 +Deze werkzaamheden werden t.g.v. de 2e W.O. slechts gedeeltelijk uitgevoerd.
 +In 1948 werd begonnen met het ophogen van grote gedeelten van dit poldergebied. Dit ophogen geschiedde met zand dat door de N.V. Baggermij. Bos en Kalis werd opgezogen uit de Ertveldplas. (bestek 4, dienst 1947. “Ophogen plan West”.
 +Bedoelde wijk valt grotendeels in deze ophogingswerken. Voor het ophogen werd de teelaardelaag (± 50 cm) afgegraven en afgevoerd. De bestaande waterloop rondom het sportpark werd gedempt met zand.
 +Ook werden er enkele gronddepots in de toekomstige wijk aangelegd.
 +Het maaiveld werd afgewerkt op ± 5,90 m. + N.A.P.
 +Vooral langs de Paardskerkhofweg en de Parallelweg vestigde zich diverse bedrijven.
 +
 +Het gedeelte van deze wijk, (Driehoek Koestraat en Ossenstraat), werd in 1912 tegelijk opgehoogd met het Grassocomplex, Bergmyer en N.C.B. 
 +Het bedrijventerrein van de Grasso werd in 1960 en 1981 in zuidelijke richting uitgebreid tot de huidige omvang. Het terrein en de woonwijk Koestraat en Ossenstraat werd opgehoogd met zand dat afkomstig kwam van de IJzeren Man in Vught.
 +Het is bekend dat langs de Christiaan Huygensweg vlak na de 2e W.O. huisvuil en industrieel afval werd gedumpt langs de voormalige weg naar Deuteren.( Op het zogenaamd Schaapsveld).
 +
 +Het gedeelte van de wijk Boschveld dat viel onder het sportcomplex “De Wolfsdonken” bestond geologisch gezien uit kalkloze zandgronden, leemarm en zwak lemig fijn zand en hier bevond zich veel veen en leem in de bovengrond. Dit poldergebied werd tot ± 1950 waterhuishoudkundig beheerd door het Waterschap Boschveld en May en er werden in de dertiger jaren van de vorige eeuw enkele ruilverkavelingen uitgevoerd.
 +De maaiveldhoogte in dit gebied varieerde hier tot 1947 van 2,20 m. + N.A.P. tot 2,70 m. N.A.P. Het zomerpeil in deze polder bedroeg 1,92 m.+ N.A.P. Het terrein werd opgehoogd tot 3,10 m. + N.A.P.
 +Tot 1948 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden. Het bestaande maaiveld werd 0,70 m diep omgespit.
 +De huidige grondwaterstand in dit gebied varieert van 1,60 m. + tot 2,20 m. + N.A.P. De huidige waterstand in de waterlopen in en rondom dit sportcomplex varieert van 1,80 m. + tot 2,10 m. + N.A.P.
 +In 1948 werd de woonwijk Boschveld opgehoogd. Dit ophogen geschiedde met zand dat door de N.V. Baggermij Bos en Kalis werd opgezogen uit de Ertveldplas (bestek 4, dienst 1947) “ophogen plan West”.
 +Voor het ophogen werd de teelaarde laag (± 0,50 m dik )afgegraven en afgevoerd.
 +De aanwezige baggerspecie uit de bestaande waterlopen werd afgevoerd en de sloten werden gevuld met zand.
 +
 +Aanvullend op bestek 4, dienst 1947 werd hier begonnen met de grondwerkzaamheden t.b.v. de aanleg van het sportcomplex “De Wolfsdonken”. (Gedeelte Concordia).
 +Deze werkzaamheden werden uitgevoerd in D.U.W.-verband en met vrije arbeiders onder de directe leiding van de Nederlandse Heide Mij.
 +
 +Tijdens de aanleg van de “wijk Concordia/ Westerpark” in 2000 werden de waterlopen en vijvers gedempt en er werden nieuwe waterlopen en vijvers gegraven. Het vrijgekomen slib werd afgevoerd buiten de gemeente ’s-Hertogenbosch. Het betrof slib Cat. 1 grond en niet toepasbare grond.
 +
 +De bovengrond van Concordia werd bemonsterd conform het Bouwstoffenbesluit. Het betrof hier Cat,1 / M.V.R en schone grond.  
 +De bovengrond van het gehele Concordiacomplex bestond uit geroerde grond met bijmengingen van veen en puin. De afwerkhoogte van dit plan Concordia wordt 3,30 m. + N.A.P.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke is aangesloten op het hoofdgemaal aan de Oude Engelseweg. Het hoofdgemaal heeft een overstort op de Industriehaven.
 +
 +
 +====== De Wolfsdonken ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1950 beheerd werd door het waterschap Boschveld en May. Er werden in de dertiger en vijftiger jaren enkele ruilverkavelingen uitgevoerd.
 +Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Simon Stevinweg, aan de westzijde door Grobbendoncklaan en Dertienloten, aan de zuidzijde door Vlijmenseweg en aan de oostzijde door de spoorbaan ’s-Hertogenbosch- Utrecht.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze kalkloze zandgronden beekeerdgronden en bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand, met hier plaatselijk veen en leemafzettingen in de bovengrond.
 +
 +De maaiveldhoogte in dit poldergebied was tot 1947 gemiddeld 2,70 meter +NAP.Tot 1948 waren deze gronden door de eeuwen heen in gebruik als weidegronden.
 +De buurt is onder te verdelen in het sportcomplex de wolfsdonken en het industrieterrein de wolfsdonken.
 +In 1949 werd door de gemeente ’’’s-Hertogenbosch begonnen met het ophogen van grote delen van deze buurt. Het ophogen geschiedde met zand dat door N.V. baggermij Bos en Kalis werd opgezogen uit de Ertveldplas. Voor het ophogen werd de teelaardelaag (circa 50 cm ) afgegraven en afgevoerd. Zie bestek 4, dienst 1947 “Ophogen plan West”.
 +Aanvullend op dit bestek werd hier ook begonnen met de grondwerkzaamheden ten behoeve van de aanleg van het sportcomplex “de Wolfsdonken”.
 +Deze werken werden uitgevoerd in D.U.W. verband en met vrije arbeiders onder de directe leiding van de Nederlandse Heide Mij.
 +Het bestaande maaiveld werd 70 cm diep omgespit en er werden wegen en waterlopen aangelegd.
 +Ter plaatse van toekomstige wegen werd de teelaardelaag 30 cm diep ontgraven en vervolgens aangevuld met zand.
 +In de polder bevonden zich voor het ophogen enkele waterlopen genaamd de Pomphoeksche wetering, de Puiloopsloot en de polderswetering. 
 +Ter plaatse van de sportvelden werden drainage aangebracht.
 +De bestaande maaiveldhoogte van dit sportcomplex varieerde van 2,60 m+NAP tot 3,20 meter +NAP.
 +Het industrieterrein wolfdonken werd opgehoogd tot 5,70 meter +NAP.
 +De waterstanden in de waterlopen in en rondom het sportcomplex bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +Het water in de waterlopen wordt door middel van het poldergemaal Oude Vlijmense ingelaten. 
 +De grondwaterstand in deze buurt varieert van 1,60 meter +NAP tot 2,20 m+ NAP.
 +Het regionale grondwater stroomt in noordwestelijke richting
 +In 1975 werd begonnen met de aanleg van de Simom Stevin weg.
 +
 +In 1993 werd tijdens het dempen van een waterloop langs de Sportlaan 450 ton slib klasse 4 afgevoerd naar een reiniger.
 +Tijdens de bouw in 1998 van een kantorencomplex genaamd La Tour, werd in de ondergrond op een perceel een vuilstort uit 1945 waargenomen. Deze vuilnisbelt werd ter plaatse van de bouwput afgevoerd naar de stortplaats genaamd Vlagheide in Schijndel.
 +Langs de Parallelweg hoek Branderijstraat was voor het ophogen een gronddepot aanwezig. Dit depot werd in 1948 ontgraven en geëgaliseerd. Waaruit dit depot bestond is niet bekend.
 +In het kader van een planontwikkeling Paleiskwartier wordt het bedrijventerrein De Wolfdonken in een periode van 6 tot 12 jaar herontwikkeld.
 +In het voormalige industrieterrein de Wolfdonken waren en zijn ten gevolge van de bedrijfsactiviteiten diversen bodem en grondwaterverontreinigingen aanwezig. Deze verontreinigen worden tijdens de herontwikkeling gesaneerd.
 + 
 +Ten westen van de voormalige Sportlaan (heden Onderwijsboulevard ) ontstond na 1993 een grootschalig scholen complex.
 +In 2000 werd gestart met de aanleg van een park genaamd Westerpark
 +
 +Deelgebied Wolfdonken.
 +Het Westerpark deelgebied Concordia werd in 2002 aangelegd.
 +Tijdens het bouwrijp maken van het Westerpark werd grootschalige grondverbeteringwerkzaamheden uitgevoerd. 
 +Tevens werden de bestaande waterlopen gedempt en nieuwe waterlopen gegraven. Het slib uit deze waterlopen bestond uit Klasse 0 en klasse 2 slib en werd na rijping in een depot naar een erkende verwerker afgevoerd.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Helftheuvel, met uitzondering van het Paleiskwartier welke een gescheiden rioolstelsel heeft met uitmondingen van het regenwaterriool op bestaande waterlopen.
 +
 +Tijdens een archeologische verkenning, uitgevoerd in 2001 door de archeologische werkgroep Cro Magnon in het Westerpark deelgebied Wolfsdonken en deelgebied Concordia werden enkele IJzertijd nederzettingen waargenomen. Langs de Gasseldonklaan werd een neolithische werkplaats ontdekt en een Bronstijd en een IJzertijd kampement ontdekt.
 +
 +
 +====== Willemspoort ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke beheerd werd tot 1950 door het waterschap Boschveld en May. Dit waterschap ging in 1950 over in het waterschap De Maas – en Diezepolders. De laatste ruilverkaveling in dit poldergebied werd uitgevoerd omstreek 1965. (ruilverkaveling Heusden, Vlijmen 1965).
 +Heden wordt dit gebied beheerd door het waterschap de Maaskant. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de Vlijmenseweg, aan de westzijde door de buurt 1105, aan de oostzijde door de Gementweg en aan de zuidzijde door het fietspad de Maysteeg.
 +  
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze zandgronden, beekeerdgronden. En bestaan uit leemarm en zwak lemig fijn zand met een zavel of kleidek van 15 tot 40 cm dik.
 +Aan de westzijde van de buurt bevinden zich podzolgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand in de bovengrond.
 +Meer naar het westen lopen deze podzolgronden over in moerige gronden (De Moerputten).
 +
 +De maaiveld hoogte in deze polder was tot 1930 circa 2,30 meter +NAP.
 +
 +De buurt Willemspoort bestaat uit de volgende deellocaties; het voormalige terrein van de Koning Willem I kazerne, een gedeelte van de voormalige spoorbaan Geertruidenberg/, ’s-Hertogenbosch en een klein gedeelte van de polder Vughtse Gement.
 +Ter plaatse van de buurt is de deklaag, behorende tot de Nuenengroep, circa 30 meter dik. In deze zandlaag komen zowel zandlagen evenals leem-, klei- en veenlagen voor.
 +De huidige grondwaterstand varieert van 1,60 tot 1,90 meter +NAP.
 +Als gevolg van actieve waterbeheersing (bemaling) in het gebied wordt de horizontale grondwaterstroming verwacht die gericht is naar de bestaande waterlopen.
 +Door de Nederlandse Spoorwegen werd in 1992 een historisch onderzoek uitgevoerd van de Voormalige spoorbaan Geertruidenberg/ ’s-Hertogenbosch 
 +Ter plaatse van het voormalige wachtershuis met schuur (km 44,57) werd als verdacht beschouwd.
 +De waterbodem van de waterloop ten zuiden van het voormalige kazerne terrein bestaat uit klasse 2 en uit klasse 4 slib. 
 +De waterstand in de spoorsloten en in het westelijk gelegen moerasgebied bedraagt 1,80 meter +NAP.
 +Het water in de waterlopen wordt door middel vaneen duiker onder de Vlijmenseweg afgevoerd naar een waterloop langs de Weidonklaan.
 +
 +De huidige spoordijk is in de bovengrond plaatselijk verontreinigd met zink, koper, kwik, en Pak, s.
 +In de spoordijk bevindt zich een 19e eeuws sluizencomplex, De waterbodem in de omgeving van deze sluis bestaat uit klasse 4 slib.
 +In dit sluizencomplex en in de directe omging werd tijdens een archeologische verkenning veel resten van munitie uit de 2e wereld oorlog gevonden.
 +In 1939 werd gestart met de bouw van een militair complex (Koning Willem I kazerne.
 +Aan de westzijde, grenzend aan de kazerne is in 1971 het Willem Alexander ziekenhuis gerealiseerd. Behoudens de locatie van het ziekenhuis hebben in het verleden ophogingen ter plaatse van de kazerne plaats gevonden.
 +Na het opheffen van de kazerne is hier Het Koning Willem I College gevestigd. En een tijdelijk asielzoekerscentrum (AZC) en een klein transferium gevestigd.
 +Ter plaatse van het kazerneterrein bevond zich een zuiveringsinstallatie voor de bestaande rioleringen. Deze installatie werd omstreeks 1998 gesloopt. Ter plaatse van het Koning Willem I college is recent de rioleringen vervangen en er werd een geschiedden stelsel aangelegd.
 +Overigens bevindt zich nabij de voormalige tankwerkplaast een riolering welke heden nog loost op de noordelijke spoorsloot. Tevens bevindt er zich een overstort van het regenwaterriool in de poel nabij het oude sluiscomplex in de spoordijk.
 +Door dit gebied liep voor 1939 de zogenaamd Jagtsloot. Deze sloot werd tijdens de bouw van de kazerne gedempt.
 +Op het terrein van de kazerne werd op en diepte van 25 tot 40 meter min maaiveld grondwater ontrokken ten behoeve van kunstmatige beregening van enkele sportvelden. De capaciteit van de geïnstalleerde pomp bedroeg 36 m3/per uur. Of deze omtrekking heden nog in gebruik is niet bekend.]
 +Op het voormalige kazerneterrein bevonden zich een zevental olietanks. Deze tanks zijn in het verleden gesaneerd. Ten behoeve van het schoon maken van militaire voertuigen bevond zich in gebouw K een smeerput.
 +Verder bevonden zich op het terreinen 16 tal verdacht locaties.
 +Voor verdachte locaties zie rap. 5623-42691 d.d. december 1992 opgesteld door Oranjewoud met tekening nr. 42691-S-1. 
 +Ter plaatse van het huidige asielzoekerscentrum bevindt zich heden nog een betonnen spoel- en wasplaats voor militaire voertuigen.
 +Het vermoeden bestaat dat in de ondergrond van het kazerneterrein nog oude putten en betonnen obstakels aanwezig zijn.
 +
 +Tijdens recente grootschalige verbouwingen en het vernieuwen van de rioleringen werd een oud dijkje geëgaliseerd, er werden twee ondergrondse bunkers welke door de Duitsers in het 2e wereld oorlog waren aangelegd verwijderd,
 +In 1948 werden op het kazerneterrein enkele lijken van verzetstrijders opgegraven.
 +Deze verzetsstrijders waren aan het eind van de 2e wereld oorlog door de Duitsers geëxecuteerd
 +
 +Tijdens deze grootschalige bouw en verbouwingswerkzaamheden werd veel oorlogstuig en munitie aangetroffen.
 +Enkele meters uit de zuidelijke teen van de spoordijk bevindt zich een transport rioolpersleiding rond 500, deze persleiding kruist de spoordijk nabij het huidige sportterrein en vervolgd zijn weg in de noordelijke spoorsloot langs het ziekenhuiscomplex.
 + 
 +De huidige maaiveldhoogte van de polder ten zuiden van de voormalige spoorbaan varieert van 1,87 meter +NAP tot 2,20 meter +NAP.
 +De maaiveldhoogte van de spoordijk bedraagt 7,00 meter +NAP. 
 +De maaiveldhoogte van het voormalige kazerneterrein varieert van 2,50 meter +NAP(moerasgebied) tot 6,00 meter +NAP.
 +Ter plaatse van het moerasgebied bevind zich een zeer humeuze bosveen laag met een dikte van circa 1 meter.
 + In 2003 werd dit moerasgebied ingericht als tijdelijk transferium. Er werd 7784 m3 veengrond afgevoerd naar de Vlagheide in Schijndel.
 +
 +De buurt heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel.
 +Het complex van het WAZ- ziekenhuis heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met een eigen gemaal.
 +Door de buurt loopt de rioolpersleiding Vught.
 + 
 +Door stichting Raap uit Amsterdam werd in 2002 een archeologisch onderzoek ten behoeve van de aanleg van de Randweg uitgevoerd. Het toekomstige tracé van de Randweg loopt door de buurt Willemspoort. Tijdens het boren werden er op enkele plaatsen betonnen obstakels in de ondergrond waargenomen. 
 +
 +
 +====== Deuteren ======
 +
 +De wijk is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1960 beheerd werd door het voormalige waterschap “Boschveld en Maij”. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt bevindt zich tussen de buurt Boschveld en West. De straten Simon Stevinweg, Oude Vlijmenseweg en de Vlijmenseweg begrenzen Deuteren. De gehuchten Groot en Klein Deuteren vallen heden buiten de wijk Deuteren. Groot Deuteren is gelegen langs de Deutersestraat en Klein Deuteren bestaat uit de gronden rond de boerderij op de hoek Kooikersweg/Oude Vlijmenseweg.
 + 
 +Tot 1929 maakte het gehucht Klein- en Groot Deuteren deel uit van de gemeente Cromvoirt.
 +Dit gehucht werd in 1933 bij de gemeente ’s-Hertogenbosch gevoegd. In de dertiger en vijftiger jaren van de twintigste eeuw werden hier enkele ruilverkavelingen uitgevoerd. De gemiddelde maaiveldhoogte in dit poldergebied van 2,20 tot 2,50 meter +NAP. De grondwaterstand was hier tot 1960 gemiddeld 1,90 meter +NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen, hier met een licht kleidek op Pleistoceen zand. De gehuchten Groot en Klein Deuteren liggen op een natuurlijke zandrug.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze kalkloze zandgronden, beekeerdgronden met leemarm en zwak lemig fijn zand met een kleidek van 15 tot 40 centimeter. Deze gronden werden door de eeuwen heen gebruikt als weidegronden. Van het gehucht Deuteren was al sprake van in 1329 toen door het stadsbestuur van ’s-Hertogenbosch met instemming van Hertog Jan 111 het bos onder Deuteren mocht uitbreiden. In mei 1629 werden op een kaart van Prempart een kelder vermeld door middel van “La Cave”op de huidige locatie van Klein Deuteren. De Staatsen troepen hebben toen in de dekzandrug een kelder gegraven voor de opslag van munitie.
 +
 +In 1932 ontstond er aan de noordzijde van de huidige Oude Vlijmenseweg de eerste lintbebouwing.
 +De lintbebouwing aan de zuidzijde van de Oude Vlijmenseweg ontstond hier omstreeks 1935.
 +
 +Met het bouwrijpmaken van de buurt werd in 1948 door de gemeente 's Hertogenbosch gestart.
 +Ten behoeve van de ophoging van de buurt werd door de N.V. Baggermij. Bos Kalis zand opgezogen uit de toen ontstane Ertveldplas (Bestek 4 dienst 1947, ophogen plan West).
 +
 +Voor het ophogen werd de aanwezige teelaardelaag (circa 40 centimeter), ontgraven en afgevoerd in depots gelegen binnen de buurt. Deze depots werden later gebruikt voor het afdekken van taluds en grondstroken. De in de buurt aanwezige waterlopen genaamd de Jagtsloot, de Polderwetering en een gedeelte van de Pomphoekse wetering werden gedempt en gedeeltelijk verlegd. In het ophoogbestek staat vermeld dat alle bestaande waterlopen moeten worden gebaggerd en de baggerspecie moet worden verwijderd, waarna de sloten met zand moeten worden gedempt. De Oude Deuterseweg zal worden afgegraven, de vrijkomende grond zal voor egaliseringwerk in de laaggelegen gedeelten worden verwerkt. De te kort komende grond werd geladen uit een bestaand depot langs de nieuwe Deuterseweg. Het kruinhoogten na ophogen varieert van 4,57 meter +NAP tot 5,23 meter +NAP. De kruinhoogten van de Oude Vlijmenseweg varieert heden van 4,69 meter +NAP tot 5,23 meter +NAP. 
 +
 +De waterstand in de 1948 ontstane waterpartij tussen de Weidonklaan en de Vlijmenseweg bedraagt heden 1,80 meter +NAP. De huidige waterstand in de waterlopen van de buurt de Wolfdonken bedraagt 1,80 meter +NAP. In de laaggelegen strook grond ten zuiden van de Oude Vlijmenseweg bevindt zich heden nog een volkstuinen complex. De maaiveldhoogte van deze lage strook bedraagt heden circa 3,50 meter +NAP. Het is bekend dat er op het noord/oostelijk gedeelte van deze lage strook sloop en kleinschalige bedrijfsactiviteiten hebben plaats gevonden. Het slib in de waterloop langs de Weidonklaan werd door de gemeente ’s-Hertogenbosch, afdeling BOR in 2002 onderzocht en het betrof klasse 1 en 2 slib.
 +
 +De huidige grondwaterstand bedraagt gemiddeld 2,50 meter +NAP. De globale stromingsrichting van het ondiepe grondwater is overwegend noordwestelijk.
 +
 +Langs de Vlijmenseweg hoek Gasseldonklaan is het tankstation Vismale aanwezig. In 1987 en 1999 werd de ondergrond van deze locatie onderzocht. Tijdens deze onderzoeken werd plaatselijk een sterke verontreiniging van minerale olie, xylenen en benzeen en lichte verontreiniging van tolueen waargenomen. 
 +
 +In 1989 werd circa 400 m³ grond verontreinigd met vluchtige aromatische koolwaterstoffen afgevoerd naar de stortplaats de Vlagheide in Schijndel. Ook werd er in 1989 een grondwatersanering uitgevoerd.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Helftheuvel.
 +
 +
 +====== De Moerputten ======
 +
 +De buurt is gelegen in een poldergebied welke tot 1953 werd beheerd door het waterschap De Ham en Rijskampen en ging later over het het waterschap De Dommel. ”. 
 +De polder wordt tegenwoordig beheerd door het waterschap De Maaskant. Op 1 januari 2004 wordt de buurt beheerd door het waterschap Aa en Maas.
 +
 +Het gebied wordt doorsneden door een spoordijk “Geertruidenberg / ’s-Hertogenbosch”. Het zogenaamde halve zolenlijntje werd aangelegd in 1890.
 +
 +Het zomerpeil in het gedeelte ten noorden van de spoorbaan had een zomerpeil van 1,80 meter +NAP en een winterpeil van 1,50 meter +NAP. 
 +De gemiddelde maaiveldhoogte varieert sterk van 2,20 meter +NAP tot 4,00 meter +NAP.
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen, hier met veel veen en veenhoudend leem in de ondergrond. In het Pleistoceen ontstond een bodemdaling in het centrale gedeelte van Noord-Brabant. Ten gevolge van stagnatie van het water ontstonden toen grote oppervlakken veen. De Moerputten zijn dus in het Pleistoceen ontstaan. Vanuit de centrale slenk van Noord – Brabant ontstaat er in de Moerputten kwel.
 +
 +Het overtollige water dat via de Beerse overlaat ( anno1569), ( de Beerse Maas), in dit gebied kwam moest zijn weg vinden via de Moerputten en de Vughtse Gement naar de Bergse Maas. De Bergse Maas werd in 1905 gegraven. In 1942 werd de Beerse overlaat gesloten.
 +De overlaten, die ook hun water in het verleden loosde in de polder, waren de Bokhovense en Baardwijkse. Deze overlaten zijn verdwenen sinds de ruilverkaveling van 1964.
 +
 +Het hart van de wijk bestaat uit de Moerputten met veel water en verveende laaggelegen delen.
 +
 +Bodemkundig noemen we de Moerputten, moerige gronden en rauwveengronden. 
 +Het is een laagveen gebied in het maasdal, met rivierduintjes in de ondergrond.
 +De huidige waterstand in de Moerputten is niet bekend.
 +
 +In het begin van het Holoceen was dit gebied ten gevolge van een zeer rijke fauna en flora aantrekkelijk voor de mens, vooral in het Mesolithicum en Bronstijd en IJzertijd ontstonden er op diverse plaatsen nederzettingen en jachtkampen.
 +
 +Ter plaatse van de Deutersestraat liep in het Pleistoceen een zandrug, welke tegenwoordig nog aanwezig is. Deze zandrug bestaat bodemkundig uit podzolgronden, met leemarm fijn zand.
 +In de IJzertijd ontstonden er diverse nederzettingen. De bewoning op en langs deze langwerpige donk kwam vooral in bloei in de 14e tot de 19e eeuw. Dit gehucht was genaamd Groot Deuteren. In dit gehucht werd in de 20e eeuw een kerk met pastorie gebouwd. De kerk is inmiddels gesloopt en de pastorie is nog aanwezig. Het pand Deutersestraat nr. 4 is een rijksmonument. Op het perceel van Deutersestraat nr. 4 bevond zich in het verleden een kleine waterkolk. Deze waterkolk is in het verleden gedempt. In de 20e eeuw ontstonden hier enkele kleinschalige bedrijven en er werd een subcentrum aangelegd, een gemeentewerf en een milieustraat van de afvalstoffendienst.
 +De maaiveldhoogte van deze zanddonk bedraagt circa 4,00 meter +NAP. Omstreeks 1948 werden langs de Deutersestraat en langs de Vlijmenseweg ophogingwerkzaamheden uitgevoerd.
 +Langs de Deutersestraat werd in 1974 een eterniet riooltransport leiding rond 500 van de gemeente Vught aangelegd. De grondwaterstand rondom de Deutersestraat is gemiddeld 2,50 meter +NAP.
 +
 +De zuidelijk van de Deutersestraat gelegen spoorsloot heeft een waterstand van 2,30 meter +NAP. Bij de spoorwegovergang van het halve zolenlijntje bevindt zich nog een 19e eeuws spoorwegoverganghuisje.
 +
 +Langs de Vlijmenseweg bevindt op een pleistocene zanddonk volkstuinencomplex, hier stond in de 19e eeuw een boerderij. 
 +Al in 1396 werd er een vaart gegraven door het Loon, Drunen en Helvoirt om een aansluiting op de toen al aanwezige Bossche Sloot, die onder Engelen uitmondde op de Dieze. Hierdoor ontstond er een vaarroute om goederen en turf af te voeren naar ’s-Hertogenbosch. Vanuit het veengebied de Brand onder Udenhout werd eeuwen lang veen en turf afgevoerd naar ‘s-Hertogenbosch. Voor de aanleg van het Drongelense kanaal voerde het riviertje de Zandleij zijn overtollige water af in deze polder naar de Bossche Sloot. De aanleg van het Drongelense kanaal met een lage waterstand veroorzaakte verdroging van de gronden rondom de Moerputten.
 +
 +Sinds de aanleg van het Drongelense Kanaal loopt er bij hoge waterstanden van de rivieren de Dommel en de Aa niet meer vrij in deze polder. In het begin van de 19e eeuw werd ten gevolge van vervuiling en vervening de Bossche Sloot uitgediept. In de 17e eeuw stagneerde de turfvaart op ’s-Hertogenbosch en verlandde de Bossche Sloot.
 +Het is bekend dat vanaf de 14e eeuw hier kleinschalig moer en turf werd gestoken. Omdat het veen te nat was, werd het eerst op hoge ruggen geworpen, waar het werd aangetrapt en ingedroogd.(Turfhoofden).
 +De laatste turfwinning was tot 1920. De hoge stroken opgeworpen turf zijn in de Moerputten nog waar te nemen. Het ingedroogde veen werd via de waterlopen, de uitgegraven Steeg, de Hamsloot of Doode wetering en de de Kruissteeg en de Vliet per schip afgevoerd naar de Bossche sloot richting Dieze.
 +Sinds 1953 zijn de Moerputten een staats natuurgebied.
 +
 +Het waterpeil van de gronden rondom de Moerputten wordt op peil gehouden door water in te laten via het gemaal Bossche Sloot nabij Gementweg nr. 5 bij het Drongelense Kanaal.
 +Het gedeelte van de polder tot aan de Gementweg wordt op een peil van 2,60 meter +NAP gehouden.
 +Het overige gedeelte van de polder wordt door middel van een stuw nabij Gementweg nr. 5 op een peil van 1,90 meter +NAP gehouden.
 + In de Moerputten zijn nog delen van de waterlopen De Kruissteeg, De Vliet, de Hamsloot of Doode wetering, de Tochtsloot, de Poldervliet en de Bossche sloot aanwezig. Het overtollige water van deze polder loost bij een lage waterstand van de Maas vrij in de rivier de Maas bij het gemaal Groenendaal (anno 1965). Het gemaal is gelegen langs de Maasdijk tussen Bokhoven en Hedikhuizen. Bij een hoge waterstand van de rivier de Maas pompt dit gemaal het water in de Maas
 +Ten westen van het huidige woonwagen centrum bevindt zich een gemaal langs de Moerputtenweg. Dit gemaal werd hier geprojecteerd om de waterstand in de Moerputten op peil te houden. Door vandalen werd dit gemaal enkele jaren geleden opgeblazen. Tegenwoordig werkt dit gemaal niet.
 +De waterstand in de Bossche sloot nabij de Moerputtenweg is heden 1,70 meter +NAP.
 +In 1944 werd het toenmalige gemaal nabij de Moerputten opgeblazen door de Duitsers de exacte plaats van dit gemaal is niet bekend. Op een kaart Def. Plan van wegen en waterlopen van de cultuurtechnische dienst (R.V.K. Heusden-Vlijmen 11-5-1966), staat ter plaatse van het huidige woonwagencentrum een gemaal geprojecteerd. Rondom de Moerputten hadden de Duitsers in de 2e W.O. bij toegangsweg en naar de Moerputten en aan weerzijden van de Moerputtenbrug versterkingen aangebracht. De versterkingen langs de Moerputtenbrug werden in 1945 door de Duitsers opgeblazen. Deze versterkingen met wachtposten werden opgericht om de moeilijk te controleren Moerputten af te sluiten voor onderduikers en illegale verzetsgroepen.
 +In 1937 ontstond ten zuiden van de buurt, daar waar het huidige woonwagencentrum ligt, een vuilnisbelt. Deze vuilnisbelt werd in 1953 afgevlakt en het huidige woonwagencentrum werd hier in 1954 opgericht.
 +Ten gevolge van klachten van de gemeente Vlijmen en omwonende werd het stort in 1942 gesloten. De klachten waren, stofvorming, stank en vervuiling van het water in de omliggende waterlopen die uitmondde in de zweminrichting van de gemeente Vlijmen.
 +In 1937 werd door de gemeente ‘s-Hertogenbosch het water van de Bossche sloot en de zweminrichting onderzocht. Het onderzoek had betrekking op zuurstof, ammoniumion, nitrietion, nitraation en een bacteriologisch onderzoek. De voormalige stortplaats bevind zich uit over het hele woonwagencentrum. De dikte van de stortplaats is circa 3 meter dik. Het stort werd na sluiting uitgevlakt en afgedekt met grond. 
 +Het woonwagencentrum is sinds 1947 als zodanig ingebruik.
 +Het zuidelijke terrein was ingericht als sloopplaats van auto, s e.d. In 1980 werd een hoeveelheid cyanide verontreinigde grond aangetroffen. De waterloop genaamd De Vliet werd tijdens het stort gedempt.
 +
 +Buiten het huidige woonwagencentrum bevindt zich in het gebied langs de Moerputtenweg nog een oud hoogspanningsgebouw. Dit gebouw is sterk vervallen en rondom vervuild met bouw - en sloopafval. Op een luchtfoto van 1992 zien we langs de Moerputtenweg aan de noordzijde hiervan, nabij het woonwagencentrum, enkele opslagplaatsen van containers e.d.
 +Langs de Vlijmenseweg bevindt zich juist ten oosten van de ingang van het woonwagencentrum een oud waterpompstation van de gemeente Vlijmen. Dit pompstation is al enkele tientallen jaren niet meer in gebruik. Naast dit gebouw bevindt zich nog een oude waterkolk. Het gemaal de May gelegen in de Vughtse Gement pompt overtollig kwelwater in de polder rondom de Moerputten.
 + 
 +Het woonwagencentrum heeft een gemengd rioolstelsel welke is aangesloten op de buurt De Kruiskamp. Het rioolwater loost op het gemaal Helftheuvel.
 + 
 +Door het waterschap De Maaskant werd in 2001 een onderzoek ingesteld om de vervuiling van de Moerputten vast te stellen. Uit dit onderzoek blijkt de het overgrote deel van de Moerputten uit slib klasse 1 bestaat. Onder de stalen Moerputtenbrug is er slib klasse 4 aanwezig.
 +De vervuiling bestaat uit PAK, s, zink en lood.
 +
 +
 +====== De Schutskamp ======
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied genaamd “Boschveld en May”en werd tot 1960 dor dit waterschap waterhuishoudkundig beheerd. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De gemiddelde maaiveldhoogte van in deze polder 2,40 meter +NAP tot 2,90 meter +NAP.
 +De waterstanden in deze waterlopen hadden in de polder een zomerpeil en winterpeil van 1,92 meter +NAP.
 +De grondwaterstand was hier tot 1960 circa 2,00 meter +NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we ze, in de bovengrond, kalkloze zandgronden, zogenaamde beekeerdgronden en bestaan uit leemarm fijn zand, met een kleidek van 15 tot 40 cm.
 +Juist ten zuiden van de buurt bevinden zich moerige gronden en rauwveengronden (De Moerputten) en podzolgronden met enkele zanddonken. 
 +
 +Ten plaatse van de Helftheuvel is ook een zanddonk aanwezig, genaamd Hooge Helft. Deze donk is door de rijksdienst voor monument aangemerkt als een archeologisch rijksmonument.
 +Tussen de huidige Vlijmenseweg en de Hoeflaan zijn ook enkele hoge zanddonken aanwezig.
 +Dit gebied heeft een grote cultuurhistorische waarden. Op enkele donken was en zijn nog bebouwingen aanwezig.
 +De gronden werden door de eeuwen heen gebruikt als weidegronden.
 +
 +In 1929 werden grote delen van het voormalige gehucht Klein Deuteren (gemeente Cromvoirt) door de gemeente ’s-Hertogenbosch geannexeerd.
 +Ter plaatse van de voormalige herberg in Klein Deuteren bevindt zich een in de Middeleeuwen opgeworpen zanddonk.
 +Hier werd in 1993 door de bouwhistorische dienst de gemeente ’s-Hertogenbosch een archeologisch onderzoek uitgevoerd. In deze voormalige herberg werd primair 14e eeuws metselwerk waargenomen. Rondom de donk Klein Deuteren werden door de archeologische werkgroep Cro Magnon in 1993 en 1999 diverse bewoningsresten uit de IJzertijd en het Neolithische waargenomen. 
 +In 1964 werd begonnen met het ontsluiten en bouwrijpmaken van de wijk (Uitbreidingsplan West II De Kruiskamp, bestek 83, dienst 1963.
 +Ten behoeve van dit bestek werden ter plaatse van de wegcunets de teelaardelaag en het aanwezige kleidek ontgraven en gedeponeerd op de toekomstig bouwkavels. De kruinhoogte van de wegen werd geprojecteerd op circa 2,90 meter +NAP.
 +Tijdens en na de aanleg van rioleringen werden grote zettingen in de Helftheuvelweg en in de Kooikersweg waargenomen. Na het bouwrijpmaken werden enkele van deze oude veenputten ontgraven en aangevuld met zand.
 +De huidige grondwaterstand varieert van 1,30 meter +NAP tot 1,80 meter +NAP.
 +De algemene stromingrichting van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht.
 +De waterstand in de waterloop langs de Vlijmenseweg bedraagt 1,80 m+ NAP. Voor de overige waterlopen in de wijk is de waterstand 1,30 meter +NAP. De verontreiniging van de onderwaterbodems in deze wijk varieert sterk tussen Klasse 1 en Klasse 4.
 +Vooral bij overstorten van de regenwaterriolen en van de vuilwaterriolen is de verontreiniging van het slib klasse 4. Ook de vervuiling van de waterlopen in de noordelijke gelegen buurt De Rietvelden Zuid beïnvloedt de vervuilingsgraad.
 +Het water van de waterlopen wordt ingelaten vanuit de Dieze ter plaatse van het gemaal Boschveld bij de Graaf van Solmsweg. Bij extreme regenval en dooi wordt het overtollige water in de wijk afgepompt naar de Dieze door middel van het gemaal Boschveld. 
 +Het is bekend dat het opgezogen veegzand in de buurt dat door de afdeling Beheer Openbare Ruimte verzameld wordt, sterk verontreinigd is met koper. 
 +
 +Het noordelijke gedeelte van de buurt werd in 1971 grotendeels ingericht als een sportcomplex genaamd De Schutskamp. Ter plaatse van het huidige wooncentrum de Taling bevond zich een eendenkooi.
 +De grondslag van deze voormalige eendenkooi wordt gekenmerkt door veel moerige gronden en veel veen en kleiigveen in de ondergrond. Tijdens en na de bouw van dit wooncentrum en het herinrichten van het park rondom dit complex werden extreme zettingen waargenomen. De waterlopen rondom dit sportpark werden in 1998 en 2001 uitgebaggerd. Het betrof hier gedeelte klasse 2 en klasse 4 slib.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Het riool water loost op het gemaal helftheuvel.
 +
 +
 +====== De Kruiskamp ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied genaamd “Boschveld en May” en werd tot 1960 door dit waterschap beheerd. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De gemiddelde maaiveldhoogte van de polder was 2,30 meter +NAP tot 3,00 meter +NAP.
 +De grondwaterstand was hier tot 1960 circa 2,00 meter +NAP.
 +Het zomer en winterpeil in de polder was 1,92 meter +NAP.
 +In de dertiger en vijftiger jaren van de 20e eeuw werden hier enkele ruilverkavelingen uitgevoerd.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere Holoceen rivierafzettingen. Bodemkundig noemen we ze in de bovengrond kalkloze zandgronden (beekeerdgronden), en bestaan uit leemarm fijn zand, met een kleidek van 15 tot 40 cm.
 +Juist ten zuiden van de buurt bevinden zich moerige gronden en rauwveengronden, (De Moerputten), en podzolgronden met enkele zanddonken.
 +
 +Tussen de rijksweg A59 en de westelijke bebouwing van de wijk bevinden zich nog enkele zogenaamde wielen. Deze zijn ontstaan in de 17e eeuw ten gevolge van dijkdoorbraken van een dijkje die ten westen van dit gebied lag.
 +De gronden werden door de eeuwen heen gebruikt als weidegronden.
 +
 +In 1937 ontstond ten zuiden van de buurt, daar waar het huidige woonwagencentrum ligt, een vuilnisbelt. Deze vuilnisbelt werd in 1953 afgevlakt en het huidige woonwagencentrum werd hier in 1954 opgericht.
 +Ten gevolge van klachten van de gemeente Vlijmen en omwonende werd het stort in 1942 gesloten. De klachten waren, stofvorming, stank en vervuiling van het water in de omliggende waterlopen die uitmondde in de zweminrichting van de gemeente Vlijmen.
 +In 1937 werd door de gemeente ‘s-Hertogenbosch het water van de Bossche sloot en de zweminrichting onderzocht. Het onderzoek had betrekking op zuurstof, ammoniumion, nitrietion, nitraation en een bacteriologisch onderzoek.
 +
 +In 1964 werd begonnen met het bouwrijpmaken ten behoeve van het uitbreidingsplan West II (De Kruiskamp)” (bestek 83, dienst 1963).
 +Er werden ter plaatse van de te graven waterlopen en wegcunetten de teelaardelaag en het aanwezige kleidek ontgraven en op de toekomstige bouwkavels gedeponeerd.
 +
 +Door de buurt liep een oude waterloop genaamd de Hamsloot (o.t.w. de Doode wetering), aan de westzijde van de waterloop bevond zich een dijkje de zogenaamde Slijksteeg. Dit dijkje werd tijdens grondwerkzaamheden in 1940 geslecht en uitgespreid over de naast gelegen kavels.
 +De Doode wetering werd gedempt met vrijkomende klei.
 +De kruinhoogte van de wegen werd geprojecteerd op 2,90 meter +NAP. Tijdens de aanleg van rioleringen en wegen werden grote zettingen in de Helftheuvel en Kooikersweg waargenomen. Na het bouwrijpmaken werden enkele van deze oude veenputten ontgraven en aangevuld met zand.
 +De huidige grondwaterstand varieert van 1,30 meter +NAP tot 1,80 meter +NAP.
 +De algemene stromingsrichting van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht. Ten gevolge van het verwijderen van oude veenputten is op veel plaatsen in de wijk geen eenduidige grondwaterstroming van het freatische grondwater.
 +De waterstand in de waterloop langs de Vlijmenseweg bedraagt 1,80 meter +NAP. 
 +De waterstand in het westelijk deel van de buurt gelegen Bossche sloot bedraagt 1,30 meter +NAP. en wordt door middel van een vaste stuw nabij de Jan Speijkstraat geregeld. De waterstand in de overige waterlopen in de wijk bedraagt 1,30 meter +NAP.
 +De verontreiniging van de onderwaterbodems varieert sterk tussen klasse 1 en klasse 4. Vooral bij overstorten van de regenwaterriolen en bij overstorten van het vuilwaterriool is de verontreiniging klasse 4. Ook de vervuiling van de waterlopen in de noordelijk gelegen wijk de Rietvelden West beïnvloedt de vervuilingsgraad. Uit recent onderzoek blijkt dat de waterlopen langs de Luxemburgsingel en langs de Hedikhuizerweg bestaat uit klasse 4 slib.
 +Het water van de waterlopen wordt ingelaten vanuit de Dieze ter plaatse van het gemaal Boschveld bij de graaf van Solmsweg. Bij extreme regelval en dooi wordt het overtollige water van de waterlopen afgepompt naar de Dieze door het gemaal Boschveld.
 +
 +Het is bekend dat het opgezogen veegzand in de buurt, dat door de afdeling beheer openbare ruimte verzameld wordt, sterk verontreinigd is met koper.
 +De buurt wordt ten westen begrensd door een geluidswal van de rijksweg A59.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. De riolering is aangesloten op het gemaal Helftheuvel gelegen aan de Helftheuvelweg. Dit gemaal heeft een overstort op de aangelegen waterloop.
 +
 +
 +====== Rietvelden Oost ======
 + 
 +De onderzoekslocatie is gelegen in de buurt Rietvelden Oost. Deze is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1960 beheerd werd door het voormalige waterschap “Boschveld en Maij”. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +In 1929 werden grote delen van de buurt, dat deel uitmaakte van het gehucht Klein-Deuteren (gemeente Cromvoirt) door de gemeente ‘s-Hertogenbosch geannexeerd.
 +In de dertiger en vijftiger jaren van de 20e eeuw werden enkele ruilverkavelingen uitgevoerd.
 +De gemiddelde maaiveldhoogte in dit poldergebied was 2,20 meter +NAP tot 2,50 meter +NAP.
 +De grondwaterstand was hier tot 1960 circa 1,90 meter +NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen, hier met een licht kleidek op Pleistoceen zand. 
 +
 +Bodemkundig noemen we deze kalkloze zandgronden, beekeergronden, leemarm en zwak lemig fijn zand met een kleidek van 15 tot 40 cm.
 +Deze gronden werden door de eeuwen heen gebruikt als weidegronden.
 +
 +In 1961 werd hier door de gemeente ’s-Hertogenbosch begonnen met het ophogen met zand.
 +Het zand werd door Boskalis N.V.Baggermaatschappij uit Sliedrecht, opgezogen uit de Ertveldplas. Voor het ophogen werd de teelaarde laag met een dikte van 40 cm grotendeels afgegraven en in depot gezet en oude kavelsloten werden gedempt met klei. De aanwezige waterloop genaamd de Pomphoekse wetering werd in het kader van de ophoging gedempt met klei. Enkele te handhaven waterlopen werden tijdelijk verlegd naar de waterloop genaamd Den Nieuwen Bak gelegen nabij Ketelaarskampweg 23. 
 +
 +Veel teelaarde werd in kades in depot gezet en het vermoeden bestaat dat veel van deze kades nog in de ondergrond aanwezig zijn. Ten gevolge van deze kades en het niet verwijderen van de oude teelaarde laag werd de grondwaterstand hierdoor sterk beïnvloed. Net boven de nog aanwezige oude maaiveld bevindt zich een schijngrondwaterstandspiegel. In het zuidwestelijke talud van de Koenendelseweg is het uittreden van deze schijngrondwaterstandspiegel waar te nemen. Ten gevolge van de aanwezigheid van veel humus en ijzer, in en op het oude maaiveld, treedt hier veel ijzer en olieachtig lijkend grondwater uit. 
 +Vooral in de directe omgeving van de Ketelaarskampweg en de Docterskampweg wordt deze schijngrondwaterspiegel sterk waarneembaar, door extreme hoge grondwaterstanden. 
 +In deze laaggelegen polder bevonden zich vele ontwateringgreppels. Tijdens het ophogen werden deze greppels gedempt met klei. 
 +Na het ophogen was de gemiddelde maaiveldhoogte circa 5,57 meter +NAP.
 +De huidige grondwaterstand varieert sterk en wordt beïnvloed door de waterstand in de industriehaven en de waterstand in De Dieze. Deze waterstand is meestal 2,20 meter +NAP maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 meter +NAP.
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater is globaal van noordoost naar zuidwest. 
 +De stromingsrichting van het eerste watervoerende pakket is van noord naar zuid gericht.
 +In 1962 werd gestart met de aanleg van wegen en rioleringen. Dit industrieterrein heeft een gescheiden stelsel. Dit betekent dat het regenwater uitmondt op de aanwezige waterlopen.
 +Het vuilwaterriool gaat rechtstreeks naar het rioolgemaal Helftheuvel. Er bevinden zich in de wijk enkele riooloverstorten van de vuilwaterriolering.
 +De waterhuishouding van de aanwezige waterlopen wordt gevoed met water dat via het gemaal Boschveld vanaf de Dieze wordt ingelaten.
 +De buurt wordt aan de noordoostzijde begrensd door de industriehaven. In deze haven bevindt zich een overstort van het hoofdrioolgemaal Oude Engelenseweg. In het verleden loosden diverse bedrijven gelegen aan de Oude Engelenseweg in deze haven. Het slib in de industriehaven is sterk verontreinigd. ( Klasse 4).
 +Aan de zuidwestzijde wordt deze buurt begrensd door een waterloop langs het sportcomplex Schutskamp. Deze waterstand in de waterloop bedraagt 1,30 meter +NAP. Het slib in deze waterloop is plaatselijk sterkt verontreinigd met koper en minerale olie. Vooral bij de overstorten van het vuilwaterriool is het slib sterk verontreinigd (Klasse 4). Het rioolgemaal aan de Helfheuvelweg heeft ook een overstort welke loost in de waterloop langs de Koenendelseweg. Op het gemaal Helftheuvel wordt via een persleiding de vuilwaterriolering van de gemeente Vught geloosd.
 +De buurt kenmerkt zich met grootschalige bedrijven die vanaf het bouwrijpmaken hier ontstonden.
 +Hierdoor is op vele plaatsen de ondergrond en het grondwater plaatselijk sterk verontreinigd. Ten gevolge van foute rioolaansluitingen kwam in het verleden veel verontreiniging via overstorten in de waterlopen. Tevens blijkt dat het veegzand in de buurt, welke in het verleden door de reinigingsdienst en heden door de afdeling Beheer Openbare Ruimte hier werd en wordt opgeveegd, sterk is verontreinigd is met koper en minerale olie.
 +Juist grenzend en ten zuidwesten van de buurt bevond zich tot 1960 een eendenkooi. De grondslag van de eendenkooi en de directe omgeving is sterk veenhoudend. Ten gevolge van extreme zettingen in de Helftheuvelweg en Kooikersweg werden omstreeks 1965 diverse veenputten ontgraven en gedempt met zand. Tijdens de aanleg van de buurt De Schutskamp werd de eendenkooi verwijderd.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Helftheuvel.
 +
 +
 +====== Rietvelden West ======
 +
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1950 beheerd werd door het voormalige waterschap “Boschveld en May”. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +In 1929 werden grote delen van deze buurt, welke del uitmaakte van het gehucht Klein-Deuteren (gemeente Cromvoirt) door de gemeente ’s-Hertogenbosch geannexeerd. In de dertiger en vijftiger jaren van de 20e eeuw werden enkele ruilverkavelingen uitgevoerd.
 +De gemiddelde maaiveldhoogte in het poldergebied was 2,20 meter +NAP tot 2,50 meter +NAP.
 +De grondwaterstand was hier circa 1,90 meter +NAP. Deze laag gelegen polder kenmerkte zich door vele ontwateringgreppels.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen, hier met een licht kleidek op Pleistoceen zand.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze kalkloze zandgronden, beekeerdgronden, leemarm en zwak lemig fijn zand met een kleidek van 15 tot 40 cm en kalkloze poldervaaggronden welke zich heeft ontwikkeld in zavel en lichte klei met Pleistoceen zand.
 +
 +De stromingsrichting van het freatische grondwater stroomt van noordoost naar zuidwest.
 +De overheersende stromingsrichting van het eerste watervoerend pakket is van noord naar zuid gericht. Juist boven het oude maaiveld bevindt, na het ophogen van dit gebied, zich een schijngrondwaterspiegel.
 +Deze gronden werden door de eeuwen heen gebruikt als weidegronden. 
 +In 1961 werd door de gemeente ’s-Hertogenbosch begonnen met het ophogen met zand.
 +Het zand werd door Boskalis N.V. Baggermaatschappij uit Sliedrecht, opgezogen uit de Ertveldplas. (bestek 5- 1960 van de dienst Gemeentewerken).
 +Voor het ophogen werd de oude teelaardelaag met een dikte van 40 cm grotendeels afgegraven en in depot gezet en oude kavelsloten werden gedempt met klei.
 +Veel teelaarde en veenhoudende grond werd in kades gezet en het vermoeden bestaat dat veel van deze kades nog in de ondergrond aanwezig zijn. Ten gevolge van deze kades en het niet overal verwijderen van de oude teelaardelaag werd de grondwaterstand sterk beïnvloed. Net boven de nog plaatselijk aanwezige maaiveld en het aanwezig zijn van aangebrachte kades bevindt zich een schijngrondwaterspiegel. In het zuidwestelijke talud van de Koenendelseweg is het uittreden van deze grondwaterspiegel waar te nemen. Ten gevolge van veel ijzer en humus in en op het oude maaiveld treedt hier veel ijzerhoudend grondwater en een olieachtige lijkende grondwater uit.
 +Na het ophogen was de gemiddelde maaiveldhoogte 5,60 meter +NAP.
 +De huidige grondwaterstand varieert sterk en wordt beïnvloed door de waterstand van de Dieze en de Rietveldenhaven. Deze waterstand is zomers meestal 2,20 meter +NAP maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 meter +NAP. 
 +In de buurt zijn ten gevolge van diepe grond - en sloopwerkzaamheden verstoringen van het oude maaiveld aanwezig. Op die plaatsen is een sterke inzijging van het freatische grondwater waar te nemen.
 +
 +In 1962 werd gestart met de aanleg van wegen en rioleringen. Dit industrieterrein heeft een gescheiden rioolstelsel. 
 +Dit betekent dat de regenwaterriolen uitmonden op de aanwezige waterlopen. Het vuilwaterriool gaat rechtstreeks naar het rioolgemaal Helftheuvel. In de buurt bevinden zich enkele overstorten van dit rioolwaterstelsel.
 +De waterhuishouding van de buurt wordt gevoed met water dat via het gemaal Boschveld vanuit de Dieze wordt ingelaten.
 +De buurt wordt in het noordoosten begrensd door de Dieze en Ertveldplas en in het noordwesten door de rijksweg A59. Langs de Graaf van Solmsweg bevindt zich een waterloop, genaamd de Bossche Sloot, met een waterstand van 1,30 meter +NAP.
 +In eind 1997 werd de onderwaterbodem van deze sloot gesaneerd. Het betrof slib welke ernstig verontreinig was met metalen en minerale olie ( klasse 4 slib ).
 +In het talud van de rijksweg A 59 is een regenafvoer van deze weg aanwezig. 
 +Uit recent onderzoek van de onderwaterbodem van de waterloop langs de Hedikhuizerweg blijkt dat het slib grotendeels klasse 4 betreft. In genoemde waterloop bevinden zich enkele overstorten van het gemengde rioolstelsel. Vooral de overstort van het rioolgemaal Helftheuvel is hier debet aan.
 +De wijk kenmerkt zich met grootschalige bedrijven die vanaf het bouwrijpmaken hier ontstonden. Hierdoor is op vele plaatsen de ondergrond en het grondwater plaatselijk sterk verontreinigd.
 +Ten gevolge van foute rioolaansluitingen kwam in het verleden veel verontreiniging via overstorten in de waterlopen. Tevens blijkt dat het veegzand dat in het verleden door de Reinigingsdienst en heden door de afdeling Beheer Openbare Ruimte word opgeveegd, sterk is verontreinigd is met koper en minerale olie.
 +De Rietveldenhaven werd in het verleden enkele keren uitgediept ten gevolge van slibaanwas. Het betrof grotendeels klasse 2 slib.
 +Tussen de Graaf van Solmsweg en de Bossche Sloot bevindt zich in de ondergrond een oud kleidepot. Op dit depot werd omstreeks 1970 tot 1995 veel illegaal afval gestort. Tijdens het verleggen van de Bossche Sloot in 1997 werd veel van dit illegaal gestort materiaal afgevoerd. 
 +Juist naast ten noorden van het terrein van Huiskes bevond zich een gemaal en een uitmondingconstructie naar de Dieze. De zogenaamde Pomphoeksche wetering welke voor het ophogen door dit industrieterrein liep monde uit bij deze sluis. Deze sluis met gemaal werd omstreeks 1999 tijdens saneringswerkzaamheden in de ondergrond waargenomen. In 1961 werd deze sluis en gemaal ontmanteld en er werden enkele tijdelijk te handhaven waterlopen aangesloten op de bestaande waterloop genaamd Den nieuwen Bak. Er werd een nieuwe uitmonding gemaakt aan de Kettelaarskampweg. ( ter plaatse van de waterloop Den Nieuwen Bak.)
 +Het bedrijventerrein van v.Geel Beton gelegen aan de Ketelaarskampweg hoek werd tijdens de ophogingswerkzaamheden in 1961 wegens eigendomsverhoudingen niet opgehoogd. De huidige maaiveldhoogte is circa 3,50 meter +NAP.
 +In 1967 werd door de gemeente ’s-Hertogenbosch langs de Ketelaarskampweg een pompgemaal ten behoeve van de ontwatering van dit bedrijventerrein aangelegd. 
 +
 +De buurt heeft een verbeterd gescheiden rioolstelsel met overstorten van het regenwaterriool op de waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Helftheuvel.
 +
 +
 +====== Veemarktkwartier ======
 +
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen met stroomruggronden van de rivieren De Aa en De Dommel in de Centrale Slenk.
 +De buurt is grotendeels gelegen op en in de zuidelijke oever van de voormalige rivier de Dieze.
 +
 +Deze buurt was gelegen in een voormalig poldergebied en werd waterhuishoudkundig beheerd door het voormalige Waterschap Boschveld en May. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De gemiddelde maaiveldhoogte in de polder varieerde van ± 2,50 m. + tot 3,00 m. + N.A.P.
 +Het zomerpeil in deze polder bedroeg 1,92 m.+ N.A.P.
 +Boven genoemde twee rivieren vloeiden tot de 14e eeuw, iets ten westen van deze wijk samen in de voormalige rivier De Dieze.
 +
 +Bodemkundig noemen wij deze gronden kalkloze poldervaaggronden, (zavel en lichte klei op natuurlijke omgewerkte pleistocene ondergrond, ofwel oudere grofzandige stroomruggronden).
 +Deze gronden zijn door de eeuwen heen gebruikt als weidegronden. De grondwaterstand in dit voormalige poldergebied was ± 2,00 m. + N.A.P.
 +
 +Rond 1920 werd in opdracht van de gemeente ‘s-Hertogenbosch begonnen met het ophogen van dit gebied. Dit ophogen geschiedde met zand dat werd opgezogen uit de toen ontstane Engelsegat. Deze werkzaamheden werden door van Hattem en Blankevoort en gedeeltelijk uitgevoerd door N.V. Aannemingsmaatschappij “Den Bosch”
 +Er werd grotendeels rechtstreeks op het bestaande maaiveld gespoten. Na ophogen was de gemiddelde maaiveldhoogte ± 6,00 + N.A.P.
 +In 1922 werd hier begonnen met de aanleg van rioleringen en wegen.
 +In 1917 werd door de gemeente een plan opgesteld voor de aanleg van de Industriehaven met spoordam.
 +In 1921 werd door aannemingsmaatschappij “Den Bosch” door de Nederlandse Spoorwegen gemachtigd om ophogings- en baggerwerken uit te voeren ten behoeve van het plan “Het Bossche Veld”. Het vrijgekomen zand werd gedeeltelijk verwerkt op het industrieterrein. In juli 1998 werd de aanwezige slib in de noordelijke tak van de Industriehaven door Haskoning onderzocht.
 +De huidige hoogte van de toen ontstane landtong bedraagt 3,00 m. + tot 3,50 m. + N.A.P.
 +
 +De waterstand van de Industriehaven en de Dieze in gemiddeld 2,20 m. + N.A.P. maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,00 m. + N.A.P.
 +Bij de hoge waterstand in dec. 1995 bedroeg de waterstand in de Dieze en in de Industriehaven circa 4,80 m. + N.A.P.
 +
 +Op dit industrieterrein werden tussen 1922 en 1933 diverse bedrijven gevestigd. O.a. De Brabanthallen, De Gruyter-complex, Fa. v. Swaay-Gips, Depot N.V. I.P.C., Bataafse Petroleummaatschappij en Purfina Rotterdam.
 +
 +Omstreeks 1950 werd de rivier De Dieze ten noorden van deze wijk gedempt en verlegd. De aanwezige schutssluis werd gesloopt. De voormalige sluiswachterwoning is nog op het huidige veemarktterrein aanwezig.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel welke loost op het hoofdrioolgemaal Oude Engelseweg. Bij dit hoofdrioolgemaal bevinden zich overstorten op de Industriehaven.
 +
 +
 +====== Ertveld ======
 + {{ :nipa:web-links:west_algemeen_02_.org.jpg?200|}}
 +
 +De buurt Ertveld is onder te verdelen in de Ertveld en in de Kerkhoek.
 +
 +**Ertveld** 
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied genaamd “De polders Vliert en Ertveld”. Dit waterschap ging in 1973 over in het Waterschap de Maaskant. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De maaiveldhoogte in dit gebied was tot 1946 gemiddeld 2,25 meter +NAP.
 +Het gebied wordt gekenmerkt door holocene rivierafzettingen van de rivier de Aa en de Dommel.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden klakloze poldervaaggronden met in de bovengrond zware klei. Deze gronden liggen in een delta gebied van de rivieren de Aa en de Dommel. 
 +Er bevinden zich hier vele oude rivierbeddingen die in het Holoceen weer opgevuld zijn met overspoeld zand/ klei en veen.
 +Deze twee rivieren vloeiden tot de 14e eeuw iets ten zuidoosten van deze percelen samen in de voormalige rivier de Dieze.
 +
 +In het midden van de 15e eeuw werd de oude loop dan de rivier de Dieze regelmatig gebaggerd. Ten gevolge van verzandingen werd besloten om de oude diezeloop genaamd het Zwarte water te dempen en een nieuwe diezeloop te graven. Het zogenaamd Zwarte water liep door Orthen richting Franse wielen.
 +De nieuwe Dieze loop werd gegraven zoals hij heden nog grotendeels aanwezig is.
 +In november 1900 werd er door de Genie ter plaatse van de monding van de Dommel op de Dieze springstof aangebracht om een oerbank in de diezeloop ter kunnen verwijderen. Deze oerlaag met een dikte van 0,50 m belemmerde de scheepvaart. Er waren 220 springladingen nodig om deze oerlaag te kunnen verwijderen door middel van een baggermolen. 
 +Ten gevolge van een te lage dijk langs deze polder liepen deze moerige gronden ieder jaar diverse keren onder water. Ten gevolge van het vergraven van de diezeloop in 1902 werd er een dijk langs deze polder aangelegd.
 +In deze vergraven diezeloop werd omstreeks 1902 een schutsluis en een keersluis ter plaatse van de huidige Brabanthallen aangelegd. Deze keersluis en schutsluis werd in 1956 gesloopt. 
 +
 +Door het gebied liep voor het ontstaan van de Ertveldplas de waterloop genaamd de Vliertse wetering. Deze wetering werd tijdens het aanbrengen van het stort gedempt met huisvuil en fabrieksafval.
 +
 +De Ertveldplas ontstond in 1948. De vrijkomende specie werd gebruikt in de ophogingen west I en west II.
 +
 +In eerste instantie was de maximale diepte van de plas 25 meter diep.
 +In 1975 werd er door de baggermij Bos en Kalis gezogen tot een diepte van 32 meter.
 +Ten gevolge van deze ontgronding ontstond er in de noordelijke oever van de plas een grondafschuiving. De baggerwerkzaamheden werden hierdoor stilgelegd en er werd gestart met grond/ puin aanvullingen ter plaatse van de afschuiving.
 +
 +In de plas bevond zich een stortlocatie van slib. Het is bekend van vanaf het ontstaan van de plas tot 1982 in de Ertveldplas circa 1,5 miljoen m3 slib werd gestort. Dit slib kwam vrij uit de rivier de Aa, de rivier de Dommel en uit de Zuid-Willemsvaart en uit Binnenhaven van ’s-Hertogenbosch. 
 +In 1987 werd hier baggerspecie afkomstig van de nieuwe uitwateringssluis Crevecoeur gestort. Op last van de provincie Noord-Brabant werden deze stortactiviteiten toen stilgelegd. Sindsdien werd er geen baggerspecie meer gestort in de Ertveldplas. De huidige diepte van de Ertveldplas is niet bekend. 
 +De huidige Ertveldplas is ten gevolge van de grote diepte een vergaarbak van aangespoeld slib uit de Dieze, de rivier de dommel en de rivier de Aa geworden.
 +
 +In 1941 werd hier begonnen met het storten van huisvuil en industrieel afval ter plaatse van de polder genaamd Jan Toonenland (later genaamd stort Ertveld). Ten gevolg van de 2e wereldoorlog werd echter van 1942 tot 1945 niet gestort. Pas in 1945 werd grootschalig begonnen met het storten van huisvuile fabriekafval.
 +Daar dit gebied moerassig was en er veel klei en veen aanwezig was werd voorafgaande aan het storten het aanwezige veen en klei niet ontgraven.
 +Ten gevolge van hoge waterstanden van de rivier de Dieze liep dit terrein regelmatig onder water.
 +Zodoende werd er in de wintermaanden rechtstreeks in het water gestort.
 + Er werd dus niet, zoals gebruikelijk was in die tijd de aanwezige teelaardelaag ontgraven.
 +Het huisvuil en fabrieksafval werden gestort tot een hoogte van 6,50 m+ NAP.
 +Tijdens de aanleg van de Zandzuigerstraat en de Trierbrug werd bij het maken van het cunet het stort ter plaatse van het cunet ontgraven en gestort in de Ertveldplas. De huidige maaiveldhoogte van het terrein varieert van 6,00 + NAP tot 7,00 m+ NAP,
 +Onder de gehele buurt is deze stortplaats met een dikte van circa 5 meter aanwezig.
 +Het is bekend dat het fabriekafval grootschalig werd gestort en gescheiden werd gehouden van het huisvuil. De stortplaats werd beheerd door de voormalige reinigingsdienst van de gemeente ’s-Hertogenbosch. Er werd hier gestort tot omstreeks 1965 en het stort werd afgedekt van een laag grond/zand en puin.
 +
 +Op de zuidoostelijke deel van de huidige buurt Ertveld is de stortlaag waarschijnlijk aanzienlijk dikker, omdat er voor 1941 de Ertveldplas groter was. De diepte van de stortlaag is hier niet bekend.
 +Ter plaatse van de meest zuidelijke punt van de buurt bevindt zich een gebouw met een regenwater overstort op de Dieze. Tevens is hier een rioolzinker van het vuilwaterriool aanwezig.
 +Na het beëindigen van de officieel stortingen werd er vanaf 1968 tot 1998 veel illegaal gestort op het terrein en in de Ertveldplas. 
 +In 1980 werd ter plaatse van de Ertveldweg het regenwater en de vuilwaterriolering vervangen. Tijdens deze werkzaamheden kon ten gevolge van de aanwezigheid van heterogeen stortmateriaal geen bronnering worden toegepast. Besloten werd door middel van een openbemaling de rioleringen te vervangen. Er werd gemiddeld 1 buisdeel per dag aangelegd. Het vrijkomende stortmateriaal werd afgevoerd. En de rioolsleuf werd grotendeels gevuld met zand.
 +Na het beëindigen van de stortactiviteiten ontstonden er langs de Ertveldweg een industrieterrein.
 +In 2001 werd op het voormalige stort een carnavalshal gebouwd. Hier werd een leeflaag van 1 meter dikte aangebracht.
 +In het voormalige stort is naast de nieuwe carnavalshal een riooloverstortleiding van het regenwaterriool aanwezig, welke uitmondt in de Ertveldplas.
 +
 +Voor de aard, omvang en diepte van de stortlaag, zie rapport, Onderzoek riooltracé Ertveld, dd. 24 september 2002, rapport nummer 539243 opgesteld door Royal Haskoning in opdracht van stadsbedrijven, ingenieursbureau ’s-Hertogenbosch.
 +
 +De grondwaterstand in de Ertveld wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de Dieze. De waterstand van de Ertveldplas en de Dieze is meestal 2,20 m+ NAP. en kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,20 m+ NAP. De waterstand van de Ertveldplas wordt geregeld d.m.v de ontwateringsluis in de oude Dieze bij fort Crevecoeur.
 +
 +Aan de noordzijde van de Ertveldplas bevinden zich diverse woonboten. Deze woonboten zijn niet aangesloten op een rioolstelsel.
 +
 +De buurt heeft een gescheiden rioolstelsel met overstorten op de Ertveldplas. Het rioolwater loost op het gemaal Oude Engelseweg.
 +
 +In de IJzertijd en de Romeinsetijd waren er langs de oostzijde van de huidige Ertveldplas kleine bewoningen aanwezig.
 +In 1955 werden er langs de Ertveldplas diverse Keltische munten gevonden.
 +
 +**Kerkhoek**
 +
 +Voor bodemkundige gegevens Zie Ertveld.
 +Het gedeelte van deze buurt ten noorden van de Engelsedijk werd beheerd door het waterschap De Polder van den Eigen en de polder Empel en Meerwijk. Dit waterschap ging in 1973 over naar het waterschap de Maaskant. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De maaiveldhoogte in de polder genaamd de Kerkhoek varieert van 2,40 meter + NAP tot 4,00 meter + NAP. De Kerkhoek is aan de zuidzijde begrensd door een ringdijk met een hoogte van 4,90 meter +NAP. Aan de noordzijde wordt de Kerkhoek begrensd door de rijksweg A59. Door de Kerkhoek loopt in het noordelijke gedeelte de Engelsedijk met een hoogte van 5,60 meter + NAP. Langs de Engelsedijk ontstond in de 16e eeuw een lintbebouwing met een kerk. Deze kerk werd in 1956 gesloopt. De zogenaamde Kerkwiel en de Kleine Kerkwiel zijn heden nog aanwezig langs de oude rijksweg. De Engelsedijk werd in de 19e eeuw ter plaatse van het ontworpen gemaal Dieskant omgelegd. Dit schepradstoomgemaal werd in 1879 gebouwd ter plaatse van de Ploossche wetering.
 +Tevens waren hier al twee uitwateringssluizen in de Engelsedijk aanwezig.
 +
 +Het gemaal kreeg in 1944 veel oorlogsschade en in 1955 werd door het waterschap besloten om dit gemaal te slopen. Er werd geprobeerd om met springstof de funderingsresten van dit enorme gebouw te slopen. Deze pogingen mislukten en vandaag de dag bevinden zich nog vele funderingsresten in de ondergrond. Ten gevolge van de ontgronding in de ontstane Ertveldplas werd de zogenaamd. Ertveldse sluis gesloopt en in de zuidelijke ringdijk werd een overstortsluisje aangelegd. Door het slopen van de Ertveldse sluis werd de waterhuishouding in deze polder verslechterd. Het waterschap legde in de zuidelijke ringdijk van de Kerkhoek een uitwateringduiker in de Ertveldse wetering aan. Deze duiker functioneerde slecht en door klachten van de grondeigenaren werd in 1999 deze duiker gerenoveerd.
 +
 +De grondwaterstand van deze polder wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de Ertveldplas en de Dieze. Tevens is hier sprake van kwel vanuit de Ertveldplas en de Dieze. De waterstand van de Ertveldplas en de Dieze is meestal 2,20 meter +NAP en kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,20 meter +NAP. De waterstand van de Dieze wordt geregeld door de ontwateringsluis (gebouwd in 1880) in de oude Dieze bij fort Crevecoeur. De ontwateringssluis werd in 1987 gesloopt en vernieuwd. In 1995 is ten gevolge van de hoge watertand van de Dieze deze polder ondergelopen.
 +
 +Ten gevolge van dijkdoorbraken in de 15e en 16e eeuw ontstonden in deze polder de zogenaamde Fransche wielen. Ter plaatse van de Fransche wielen was voor de dijkdoorbraken reeds een oude rivierbedding van de rivier de Dieze aanwezig. Vandaar de langgerekte vorm van de Fransche wielen. De Meerwijkse sluis maakte onderdeel uit van de Fransche wielen. In de Fransche wielen zijn nog kelders en funderingsresten van deze sluis aanwezig. In het beleg van ’s-Hertogenbosch in 1629 waren deze waterpartijen van strategisch belang voor de waterhuishouding rondom ’s-Hertogenbosch.
 +
 +In de zuidwestelijke punt van de Kerkhoek bevinden zich nog restanten van een oud grond/puindepot.
 +Hier werd in de periode 1950 tot 1960 veel binnenstadsgrond gestort. In 2000 werd een gedeelte van dit depot geëgaliseerd en er werd een slibdepot aangelegd. Dit slib betrof klasse 2 baggerspecie en werd opbaggert uit de Rietveldenhaven. Juist ten noorden van het oude depot werd in 1981 een gronddepot aangelegd. De bovengrond van de toen ontstane Maaspoortplas werd hier opgeslagen. Dit kleidepot werd omstreeks 1989 ontmanteld. Door de polder lopen een transportleiding van de Gasunie en een riooltransportleiding naar de rioolzuiveringsinstallatie van het waterschap de Maaskant. Langs de Ploossche wetering is heden nog een volkstuinencomplex aanwezig. In het noordwesten gedeelte van de Ertveldplas is de jachthaven van W.V. Viking aanwezig.
 +
 +In de Kerkhoek zijn in 1992 tijdens een archeologische verkenning door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel enkele vondsten IJzertijd en Romeinsetijd ontdekt. In de toplaag van de omgeploegde akker werden ook veel 16e en 17e eeuwse vondsten geborgen.
 +
 +
 +====== Engelen ======
 + 
 +De buurt kom Engelen is gelegen in en poldergebied, welke tot 1970 beheerd werd door het waterschap de binnenpolder van Engelen. Dit waterschap ging in 1970 over in het waterschap De Maas en Dieze Polders en wordt heden beheerd door het waterschap de Maaskant. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de noodwestzijde begrensd door de in 2000 aangelegde golfbaan Hoogveld, aan de noordoostzijde door het kanaal Henriettewaard en de Dieze. Aan de zuidzijde wordt de buurt begrensd door het industrieterrein de Vutter en de weg de Haverleij.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van de rivier de maas en de Dieze. Bodemkundig noemen we deze gronden klakloze poldervaag gronden met in de bovengrond zavel en lichte klei op Pleistoceen zand. De maaiveldhoogte in dit poldergebied was hier gemiddeld 3,30 meter +NAP. De maaiveldhoogte van de oude kern varieert van 3,80 m+ NAP tot 5,00 m+ NAP. De kruinhoogte van de dijk genaamd Graaf van Solmsweg varieert van 5,70 meter +NAP tot 6,80 meter +NAP. Tot 1972 werden de gronden buiten de oude dorpskern door de eeuwen heen gebruikt als weidegronden.
 +
 +De oude kern van Engelen ligt op een dekzandrug. Over de ontstaansgeschiedenis van Engelen is weinig bekend. Historische bronnen gaan terug tot 815 na Chr. De oudste vermelding van de kerk dateert echter uit 1147 na Chr. Uit opgravingen blijkt dat er reeds in de 10e eeuw na Chr. ter plaatse van de oude kerk van Engelen een nederzetting aanwezig was.  In 1372 trokken de Bosschenaren de Bosschesloot over naar Engelen en brandden alles plat. Ten zuiden van de oude kerk ligt de schans van Engelen welke in de 16e eeuw werd opgeworpen als verdedigings fort. Oorspronkelijk lag er een gegraven gracht rondom dit fort. Langs de zuidzijde is nog een restant van deze gracht aanwezig. Deze schans heeft op de top een maaiveldhoogte van 7,00 meter +NAP. De kern van Engelen wordt aan het zuiden begrensd door een strook met een polderlandschap. In deze strook is een oude terp genaamd de Woerd aanwezig. Uit opgravingen uit de 19e en 20e eeuw blijkt dat er een IJzertijdnederzetting en een Romeinse nederzetting op en op de flanken van deze terp aanwezig is.
 + 
 +Tussen de straat De Vlacie en de vijver genaamd de Vlacie is heden nog de oude vuilstort uit de 20e eeuw van Engelen aanwezig. 
 +
 +Langs de Graaf van Solmsweg is een kerkhof en een galvaniserings bedrijf aanwezig. Langs de straat genaamd Engelerschans bevind zich het rioolgemaal Engelen. In 1961 werd rondom de oude kern van het dorp de eerste uitbreiding uitgevoerd (Hoenderland). In 1971 werd de gemeente Engelen opgeheven en door de gemeente ’s-Hertogenbosch geannexeerd. In 1972 werd door de gemeente ‘s-Hertogenbosch gestart met de aanleg van rioleringen in het gedeelte uitbreidingsplan Engelen-Hofveld (heden genaamd Engelen –Hoogveld.In dit uitbreidingsplan werd de overtollige teelaarde en grond uit de rioolsleuven en wegcunets over diverse bouwpercelen en toekomstige groenstroken uitgespreid. Ook werden oude kavelsloten met deze overtollige grond gedempt.
 +
 +In 1988 werd door de gemeente gestart met het uitbreidingsplan Engelen. Deze nieuwe wijk is gelegen ten westen van de achttuinen van de Zonneweide en ligt ten zuiden van de Leunweg.
 +Voorheen was deze polder ingebeukt als weidegrond. De maaiveldhoogte was voor het ophogen circa 2,90 meter +NAP. De grond werd opgehoogd met zand dat vrijkwam uit de rioolcunetten en het verder benodigde zand werd gewonnen uit het Engelermeer. De ophogingslag is gemiddeld 1,00 m dik. De kleiige/venige deklaag ( 0,25 m), werd ontgraven en ook gebruikt voor het ophogen en vervolgens met het aangebrachte zand doorgespit. Er werd opgehoogd van 3,40 meter +NAP tot 4,20 meter +NAP.
 +
 +In 1994 werd door de gemeente gestart met het bouwrijp maken van het uitbreidingsplan Hoogveld 2.
 +De grond welke ontgraven werd uit de cunetten en waterlopen werd gebruikt als ophoogzand. Vooraf het ophogen werd het terrein geëgaliseerd en de grond die niet geschikt was voor het ophogen werd in depot gezet. De dikte van de aanwezige kleilaag varieert tussen 0,50m en 2,20 m. Voor ophogen varieerde de bestaande maaiveldhoogte van 2,95 meter +NAP tot 3,40 meter +NAP. De nieuwe terreinhoogten werden nabij de Leunweg 3,40 meter +NAP en bij de teen van de Diezedijk 4,20 meter +NAP. De ophoginglaag varieert hier van 0,50m tot 1,00 m dik. Het te kort aan ophoogzand werd aangevuld met zand uit het Engelermeer. De waterstand in de waterlopen bedraagt resp. 2,00 meter +NAP in de zomer en 1,30 meter +NAP in de winter. In het nieuwe plan werd de waterstand in het waterlopenstelsel op een peil gehouden van 1,90 m +NAP. De grondwaterspiegel bevond zich voor het ophogen op een diepte van 1,4 m min maaiveld.
 +
 +Aan de zuidzijde wort de buurt begrensd door de Bosschesloot. De Bosschesloot heeft een waterstand van 2,12 meter +NAP. Bij de zogenaamd “De Bak”werd ter plaatse van de uitmonding van de Bossche sloot in 1911 een tweelingsluis aangelegd. Het noordelijke gedeelte van die sluis diende voor de waterinlaat ten behoeve van de polder De Algemene Omkading. Het zuidelijke gedeelte van de sluis verving de bak in de Bossche sloot en de functie werd veranderd van uitwateringsluis naar inlaatsluis. Deze inlaatsluis werd in 1944 door de Duitsers verwoest.
 +
 +De grondwaterstand van de poldergronden rondom de kern wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de rivier de Dieze en de rivier de Maas. De waterstand van de Dieze is normaal 2,20 m+ NAP. maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,20 m+NAP. De waterstand in de waterloop langs het Maasoeverpad bedraagt 2,12 m+ NAP. De waterstand in de waterlopen in de zuidelijke/oostelijke polder van de kern Engelen bedraagt 2,00 meter +NAP. De waterstand in de zuidwestelijke polder bedraagt 1,66 + NAP. De waterstand in de vijver de Vlacie bedaagt 2,12 meter +NAP.
 +
 +De kern Engelen heeft een gemengd rioolstelsel en de uitbreidingen hebben een verbeterd gescheiden rioolstelsel. Het rioolwater loost op het gemaal Engelerschans.
 +
 +Op een luchtfoto van de geallieerden van oktober 1944 zijn er ter plaatse van de schans langs de Dieze ingravingen waar te nemen. Uit informatie van bewoners van Engelen blijken dit benzine opslagplaatsen te zijn welke door de Duitsers afgedekt werden met camouflagenetten. 
 +
 +
 +====== De Vutter ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1950 beheerd werd door het waterschap “De binnen polder van Engelen” en ging daarna over in het waterschap “Maas en Dieze Polders” en vervolgens in waterschap “de Maaskant”. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap “Aa en Maas”. 
 +
 +De buurt wordt aan de noordzijde begrensd door de straat genaamd De Bloemendaal en de straat genaamd De Vutter, aan de westzijde door de weg genaamd De Haverlij en aan de oostzijde door de rijksweg A 59.
 + 
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere hococene rivier afzettingen van de rivieren de Dommel, de Dieze en de Maas. Bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze poldervaaggronden met in de bovengrond zavel en lichte klei. Tot 1970 waren deze gronden ingebruik als weide- en landbouwgronden.
 +
 +Tot 1930 lag er ter plaatse van de huidige straat De Beverspijken, langs de Aardappelendijk, het zogenaamde Duivelswiel.
 +
 +In de jaren 1970 tot 1980 is hier een industrieterrein ontwikkeld. De percelen van het industrieterrein zijn opgehoogd met zand, afkomstig uit het Engelermeer. De dikte van de ophooglaag is circa 1,00 meter. De huidige maaiveldhoogte bedraagt circa 3,50 meter +NAP tot 4,20 meter +NAP. De oude teelaardelaag met een dikte van 1,40 meter tot 1,60 meter klei werd plaatselijk verwijderd. Op een diepte van circa 2,00 meter –mv bevindt zich een veenlaag. De grondwaterstand in 1999 bedroeg 1,80 meter –mv. De waterstand in de waterloop langs de rijksweg A59 bedaagt 2,12 meter +NAP.
 +In 1990 heeft ter plaatse van het bedrijf C.W.S. Nederland b.v. (De Beverspijken 16) een grote brand gewoed. Ter plaats van een bedrijf aan De Beverspijken 3 heeft in 1991 een zilver en nikkelcalamiteit plaatsgevonden. Deze verontreinigen zijn in het verleden gesaneerd. 
 +
 +Uit de diverse verkennende bodemonderzoeken welke uitgevoerd zijn op dit industrieterrein blijkt dat de grondwaterstand hier sterk varieert van 1,00 meter tot 2,40 meter –mv. De stromingrichting van het grondwater in het eerste watervoerende pakket is globaal noordwestelijk gericht. De grondwaterstand bedroeg in 1977 circa 2,50 meter –mv.
 +
 +De grondwaterstand in deze buurt wordt sterk beïnvloed door de waterstand in de rivier de Dieze. Deze waterstand is meestal 2,20 m+ NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,20 meter +NAP.
 +
 +De buurt heeft een gemengd rioolstelsel met overstorten op bestaande waterlopen. Het rioolwater loost op het gemaal Engelerschans.
 +
 +Tijdens een archeologische verkenning door de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel werd in 1980 tijdens het graven van waterlopen rondom de Vutter enkele ijzertijd nederzettingen waargenomen. Langs de A59, onder een hoogspanningsmast werden in 1980 in het talud van deze weg de restanten van een 16e eeuwse windmolen waargenomen.
 +
 +====== Henriettewaard ======
 +
 +De onderzoekslocatie is gelegen in de Henriëttewaard. Deze buurt is gelegen in een poldergebied dat tot 1973 beheerd werd door het waterschap de binnenpolder van Engelen. Nadien ging dit waterschap over in het waterschap de Maaskant. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +Het zomerpeil in de polder is 1,80 meter +NAP en het winterpeil is 1,60 meter +NAP of lager.
 +
 +De buurt ligt ingeklemd tussen de weg Treurenburg in het oosten en de Dieze en het kanaal Henriettewaard in het westen. Aan de noordzijde ligt de rivier de Maas en aan de zuidzijde de rijksweg 59.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere rivierafzettingen van de rivieren de Dieze en de Maas.
 +
 +Bodemkundig noemen we het zuidelijke gedeelte Kalkloze poldervaag gronden, en bestaan in de bovengrond uit zware zavel en lichte klei. In de Henriettewaard worden deze gronden kalkhoudende ooivaaggronden genoemd en bestaan in de bovengrond uit zware zavel en lichte klei. 
 +Het zuidelijke gedeelte van de Henriettewaard noemen we kalkloze poldervaaggronden en bestaan in de bovengrond uit zavel en lichte klei. De gronden rondom de huidige rioolzuivering van het waterschap de Maaskant bestaat uit overslaggronden.
 +
 +In het zuidelijke gedeelte bevindt zich de Engelsedijk, die overgaat in de Gemaalweg. De kruinhoogte van deze dijk bedraagt 6,40 meter +NAP. De maaiveldhoogte van het zuidelijke gedeelte rondom de rioolzuivering varieert van 2,30 meter +NAP tot 3,00 meter +NAP.
 +
 +Langs de Dieze bevindt zich een oud haventje met een scheepswerf. Dit oude haventje is een restant van de Plooische sluis, dat uitmondde via het zogenaamde Molengat naar de Dieze. Binnendijks bevinden zich in dit poldertje nog een viertal 16e eeuwse wielen. Langs de Gemaalweg bevindt zich nog een boerderij (waarschijnlijk Gemaalweg 1/1A).
 +
 +De rioolwaterzuivering werd hier bebouwd in 1972, en wordt beheerd door het waterschap Aa en Maas. De zuivering wordt gevoed door een rioolpersleiding vanaf de Kerkhoek. Tevens loopt er een rioolpersleiding van Maaspoort (Maasoverpad naar de zuivering). Het gereinigde water wordt geloosd in de Dieze.
 +
 +Het Engelsgat werd omstreeks 1920 door van Hattem en Blankevoort tot een diepte van circa 7 meter ontgrond. Het vrijkomende zand werd opgespoten naar het in ontwikkeling zijnde industrieterrein van ’s-Hertogenbosch. Langs het Engelsgat werd rond 1957 een legerplaats van de Genie aangelegd.
 +Het is bekend dat in 1985 in het Engelsgat slib en puin werd gestort.
 +
 +De maaiveldhoogten in de polder de Henriettewaard varieert van 3,10 meter +NAP tot 4,80 meter +NAP. De ringdijk om de Henriettewaard het heeft een kruinhoogte van 5,40 tot 7,00 meter +NAP.
 +In de meest westelijke punt van deze polder bevindt zich een boerderij. De maaiveldhoogte rondom deze boerderij bedraagt 5,40 meter +NAP. In een oostelijk strook grond, langs de Dieze bevindt zich een langgererkte hoogte. De maaiveldhoogte is hier 4,70 meter +NAP. Wanneer deze strook is opgehoogd is niet bekend. De dijk grenzend aan deze verhoging werd door het stadsgewest in 1993 onderzocht. Hier werd veel puin in de dijk waargenomen.
 +
 +De polder de Henriettewaard wordt aan het noorden begrensd door een dijk en de waterloop Oude Dieze. In deze Oude Dieze bevond zich een spuisluis. Deze sluis (Stonysluis) werd hier in 1860 gebouwd en in 1988 gesloopt en vervangen door een nieuwe spuisluis. De huidige naam van dit afvoerkanaal suggereert dat het de voormalige Oude Dieze betreft. Dit is echter niet het geval, omdat dit een gegraven kanaal is. De oude loop van de rivier de Dieze liep door het fort Crevecoeur. Ten noorden van de Oude Dieze bevindt zich het 16e eeuwse fort Crevecoeur. Dit fort werd door de Staatsen in 1587 gebouwd. Door het fort werd in 1735 een schutssluis gebouwd. Deze werd in 1860 vernieuwd en in 1944 door de Duitsers opgeblazen. Omstreeks 1950 werd de sluiskom door de genie gedempt. De kademuren zijn in de ondergrond nog aanwezig. Op het 16e eeuwse fort bevonden zich een kerk, kazematten met bij gebouwen.
 +
 +De grondraveelwerken en verveende grachten zijn grotendeels rondom het fort nog aanwezig.
 +In 1994 werd door de oorspronkelijke uitmonding van de rivier de Dieze gedempt en iets ten noorden hiervan een nieuwe haven aangelegd. Tijdens het uitgraven van deze haven en het afwerken van de maasoever werd veel puin in de ondergrond waargenomen.
 +
 +De maaiveldhoogte binnen het fort varieert sterk van 5,30 tot 7,70 meter +NAP. Tijdens de verbreding van de weg den Bosch–Hedel in 1945 werd het fort in twee delen gesplitst. In 1975 werd door de Genie op het fort enkele 19e eeuwse bruggen en 16e eeuwse waterpartijen gedempt. 
 +
 +Tijdens de bouw van de nieuwe spuisluis Crevecoeur werd een gedeelte van de voormalige rivier de Dieze afgedampt.
 +
 +In 1876 werd langs de Gemaalweg (zijde huidige terrein Genie) een bochtafsnijding van de Dieze gegraven. De loop van de Oude Dieze langs de gemaalweg werd gedempt. Rond 1950 werd het huidige Genieterrein aangelegd. Toen omstreeks 1950 de schutsluis in Crevecoeur gedempt werd, werd ten zuiden van de sluis de rivier de Dieze voor een gedeelte met puin en grond gedempt. In het afgedamde gedeelte van de in 1988 afgedamde Dieze bevond zich van 1950 tot 1975 een loswal voor zand en wegfunderings materialen. Hier is in de ondergrond nog veel puin aanwezig. Het is bekend dat er ter plaatse van deze loswal rond 1960 een asfaltcentrale aanwezig was.
 +
 +Het overtollige water van deze polder kan zijn water lozen visa een duikersluis in de dijk van de Henriettewaard naar het afvoerkanaal naar de Maas. Deze inlaat en uitwateringssluis werden gebouwd in 1899. De inlaatfunctie werd in 1995 tijdens een renovatie verwijderd.
 + 
 +De waterstand in de polder bedraagt meestal 2,20 meter +NAP. De waterstand in het afvoerkanaal naar de Maas bedraagt onder normale omstandigheden 0,80 meter +NAP. De waterstand in de Dieze boven de spuisluis Crevecoeur bedraat 2,20 meter +NAP. De waterstanden in het afvoerkanaal en de Dieze kunnen echter bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,20 meter +NAP.
 +   
 +Langs deze dijk bevonden zich in het verleden enkele boerderijen. Heden zijn nog een bungalow en enkele boerdijen aanwezig. Langs het uitwateringskanaal bevond zich een boerderij (Henriettewaard 4-5), welke omstreeks 1985 gesloopt werd. In deze boerderij woonde een beroepsvisser, die zijn visnetten en boten rond om zijn werf conserveerde met afgewerkte olie en chemische conserverings-middelen. Dwars door dit poldertje loopt een doodlopend weggetje, welke in het verleden naar een voetveer in de het kanaal Henriettewaard liep. De veerstoep in Engelen is heden nog aanwezig. Dit voetveer is heden niet meer in gebruik. In het noordwestelijke gedeelte bevindt zich in het in 1902 gegraven kanaal Henriettewaard zich de schutsluis Engelen.
 + 
 +De woningen, boerderijen en bedrijven in de Dieskant zijn niet aangesloten op een rioolstelsel.
 +
 +====== de Haverleij ======
 + 
 +
 +De buurt is gelegen in een poldergebied welke waterhuishoudkundig beheerd wordt door het waterschap de Maaskant. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De buurt wordt aan de oostzijde begrensd door het dorp Engelen, aan de zuidzijde door De weg genaamd de Haverleij en aan de westzijde door de wegen Hoederland en Hennenweide. 
 +De gemiddelde maaiveldhoogte varieert van 2,70 m+NAP tot 3,80 meter +NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere Holoceen rivierafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we de gronden gelegen aan de noordzijde van de buurt, kalkhoudende ooivaaggronden en bestaan in de bovengrond uit zware zavel en lichte klei.
 +
 +Bodemkundig noemen we de overige gronden in de buurt kalkloze poldervaaggronden en bestaan in de bovengrond uit zavel, zware zavel, lichte klei en zware klei.
 +
 +Door de eeuwen heen zijn deze gronden in gebruik als gras- en bouwland.
 +Het grondwater van het eerste watervoerend pakket stoomt naar de noordelijk van dit gebied gelegen rivier de Maas.
 +
 +Het waterpeil van de rivier de Maas bedraagt gemiddeld 0,50 meter +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi echter oplopen tot 5,50 meter +NAP.
 +Bij deze hoge maasstand zal er een verandering optreden van de stromingsrichting van het grondwater. Ten gevolge van ondiepe stoorlagen in dit gebied zal de grondwaterstand hierdoor sterk beïnvloed worden. De waterstand in de waterlopen varieert van 1,90 meter +NAP tot 2,00 meter +NAP.
 +
 +De waterstand in de waterpartijen rondom de recent gebouwde kastelen van de Haverleij varieert van 1,90 meter +NAP tot 2,00 meter +NAP. Bedraagt. De waterstand van de waterpartijen ter plaatse van de golfbanen varieert ook van 1,90 meter +NAP tot 2,00 meter +NAP. Het peil van de zuidelijk van dit gebied gelegen Engelermeer heeft een waterstand van 1,60 meter +NAP.
 +
 +Deze binnendijkse gronden lozen hun overtollige water middels gemalen op de rivier de Maas. Het voert water af op de Hedikhuizensche Maas, waar het gemaal Groenendaal het overtollige water in de Maas pompt.
 +Ten behoeve van het plan Haverleij zijn de volgende rapporten met betrekking tot hydrologie en waterhuishouding opgesteld.
 +a. waterhuishoudings- en rioleringsplan, rapport Grontmij 12 oktober 1998.
 +b. Egohydrologisch onderzoek plangebied Haverleij, rapport Grontmij 14 oktober 1998.
 +c. Structuurplan waterhuishouding, rapport Grontmij, oktober 1997.
 +d. Milieu- aspecten Haverleij, rapport Grontmij oktober 1997.
 +In de buurt staan peilbuizen welke in het kader van de ontgrondingvergunning van het Engelermeer, om de veertien dagen gemonitoort worden 
 + 
 +In het westelijke gedeelte is er langs de weg Hoenderland de voormalige Dronkemanswiel aanwezig. Omstreek 1950 werd deze wiel volgestort met huisvuil en industrieel afval.
 +Op een perceel gelegen langs Hoederland hoek Leunweg werd in 1985 grond afkomstig uit de rioolsleuven van de oude kern Bokhoven gestort en uitgevlakt.
 +
 +De buurt valt in het plangebied Haverleij. In 1999 werd hier gestart met het bouwrijp maken van deelgebieden.
 +Ten behoeve van het grondverzet binnen het plan Haverleij werd er in opdracht van de gemeente door de Grontmij een bodemkwaliteit kaart opgesteld. Rapport 7 juli 1999.
 +Ten behoeve van het bouwrijpmaken van het bouwplan Haverleij werd er zand aangevoerd vanaf het depot Engelermeer. 
 +
 +De bouwblokken van het plan Haverleij hebben een gescheiden rioolstelsel met een eigen gemaaltje.
 +De vuilwaterrioleringen worden door middel van pompputten naar gemaal Engelerschans gepompt.
 +
 +In het jaar 2000 werd ter plaatse van de inmiddels aangelegd golfbaan door de archeologische dienst van de gemeente ’s-Hertogenbosch een laatneolithische en een vroeger bronstijd nederzetting opgegraven.
 +
 +
 +====== Gehucht Bokhoven ======
 + 
 +De buurt is gelegen in een poldergebied welke waterhuishoudkundig beheerd wordt door het waterschap de Maaskant. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De maaiveld hoogte in het gehucht Bokhoven varieert van 3,70 m+NAP tot 4,80 m +NAP. 
 + 
 +De buurt wordt aan de oostkant begrensd door het plan gebied de Haverleij, aan de noordkant door rivier de Maas en het Henriettekanaal, aan zuidwestzijde door de weg genaamd De Omloop en aan het westen door de gemeente grens van Vlijmen.
 +De maaiveldhoogte van de polder ten zuiden van het gehucht Bokhoven varieert van 2,40 m+NAP tot 3,30 m+NAP.
 +
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen.
 +Bodemkundig noemen we de gronden in het noordelijke gedeelte van de polder, Kalkhoudende ooivaaggronden met in de bovengrond zware zavel en lichte klei.
 +De rest van de polder bestaat uit kalkloze poldervaaggronden en bestaan in de bovengrond uit zware zavel en lichte klei.
 +
 +Het waterpeil van de rivier de Maas bedraagt gemiddeld 0,50 m +NAP, maar kan bij extreme regenval en dooi echter oplopen tot 5,50 m+NAP.
 +Bij deze hoge maasstand zal er een verandering optreden van de stromingsrichting van het grondwater. Ten gevolge van ondiepe stoorlagen in dit gebied zal de grondwaterstand hierdoor strek beïnvloed worden. De waterstand in de waterlopen varieert en heeft een zomerpeil van 1,10 m +NAP en een winterpeil van 0,81 m +NAP.
 +
 +Het gehucht Bokhoven is ontstaan op een oude oeverwal en de eerste historische vermelding is uit 1307. Bokhoven was een heerlijkheid, vanaf 1499 een baronie en vanaf 1640 een graafschap. Pas in 1805 werd dit gebied bij Brabant gevoegd. In 1922 werd de gemeente Bokhoven opgeheven en bij Engelen gevoegd. In 1971 werd Engelen door de gemeente ’s-Hertogenbosch geannexeerd.
 +In Bokhoven bevinden zich nog de restanten van een 14e eeuw kasteel. Dit kasteel met gracht werd in de 15e en 16e eeuw diverse keren verwoest en gedeeltelijk weer hergebouwd. 
 +In 1986 werd er een archeologisch onderzoek ter plaatse van de hoofdburcht uitgevoerd. Een tweede onderzoek heeft in 1988 plaatsgevonden In dit onderzoek werd vastgesteld dat de rivier de Maas in de Middeleeuwen ten zuiden van het kasteel moet hebben gestroomd.In de eerste helft tot het midden van de 15e eeuw wordt het kasteel terrein aan de westzijde uitgebreid door middel van het storten van een kleipakket. Hierdoor werd de loop van de Maas iets opgeschoven.
 +
 +Ten westen van Bokhoven, langs de Baron van der Aaweg werd in 1986 een 16e eeuwse versterkt huis met gracht opgegraven. Uit de opgraving bleek dat dit versterkte huis binnendijks heeft gelegen en slechte enkel tientallen jaren heeft bestaan.
 +
 +In 1985 werd de riolering in Bokhoven vervangen en tijdens een archeologische waarneming van de archeologische werkgroep Cro Magnon uit Empel werd ter plaatse van de rioleringssleuf een ophogingspakket van 3 meter waargenomen. In dit pakket bevonden zich stortingen van een oude 15 eeuwse pannenfabriek, tevens werden veel kool en sintel resten waargenomen. Doe overtollige grond uit deze rioolsleuven werden gestort op een perceel gelegen langs de weg Hoederland, hoek Leunweg. De grond werd hier uitgevlakt.
 +Het overgrote deel van de vrijkomende grond werd gestort in een uitgelaagd perceel langs de Haarsteegseweg in de gemeente Haarsteeg. Deze percelen werden door de steenfabriek in Bokhoven ontgrondt ten behoeve van kleiwinning. 
 +In Bokhoven lag bij het Driekoningenplein een oud haventje langs de Maas. Dit haventje was tot ver in de 20e eeuw nog ingebruik. Vermoedelijk is dit haventje vlak na de 2e wereld oorlog gedempt. Volgens bewoners van Bokhoven werden in dit haventje veel munitie en wapens gedumpt.
 +Juist grenzend aan dit haventje liep een dijkje naar een veerpontje.
 +In het oosten van Bokhoven stond een veerhuis met een veerpont over de Maas naar Ammerzoden.
 +
 +Ter plaatse van de Bokhovense Maasdijk werd in 1997 door de MOD een onderzoek ingesteld naar stellingen en munitiedumpingen uit het einde van de 2e wereld oorlog.
 +Ter plaatse en iets ten westen van het plan Bokhovensemaasdijk nr. 1 werden twee stellingen uit de 2e wereld oorlog ontdekt in het binnendijkse talud van de dijk. Er werden in de teen van de dijk mortiergranaten ontdekt. Het was de bedoeling om de stellingen verder te onderzoeken tijdens de Verbetering van de Bokhovense maasdijk. Deze werkzaamheden zijn echter niet uitgevoerd.
 +Ten oosten van het perceel Bokhovensemaasdijk is langs binnendijks langs de dijk nog een kleidepot aanwezig.Ten behoeve van deze dijkverbetering werkzaamheden werden er vanaf het Engelermeer 16,000 m3 klei aangevoerd en verwerkt in de afwerking van de taluds en ten westen van de voormalige veerstoep Bokhoven /Ammerzoden werd op een uitgevlagd perceel 6545 m3 klei aangevoerd. Door het gebied en door het gehucht Bokhoven loopt een NATO leiding.
 +
 +De buurt heeft een gescheiden rioolstelsel. Alleen het vuilwater wordt door middel van een persleiding verpompt naar het gemaal Engelerschans.
 +
 +
 +====== Engelermeer en de Bellaard ======
 +
 +
 +De buurt is gelegen in een voormalig poldergebied welke tot 1950 beheerd werd door het waterschap De Binnenpolder van Engelen. Dit waterschap ging over in het waterschap De Maas en Diezepolders. Vanaf 1 januari 2004 wordt het waterhuishoudkundig beheerd door het waterschap Aa en Maas. 
 +
 +De laatste ruilverkaveling in deze polder was “ruilverkaveling Heusden, Vlijmen 1965”.
 +Geologisch behoren deze gronden tot de jongere holocene rivierafzettingen van de rivieren de Maas en de Dieze.
 +In dit rivierkleilandschap bestaan deze gronden in de bovengrond hoofdzakelijk uit kalkarme stroomrug gronden. In het Holoceen zijn de bovenstaande afzettingen bedekt met rivierafzettingen, bestaande uit een afwisseling van zand en klei, met incidentele veenafzettingen.
 +
 +Bodemkundig noemen we deze gronden kalkloze poldervaaggronden, met zavel en lichte klei in de bovengrond.
 +Juist ten westen van het Engelemeer bevind zich vlakvaaggronden met in de bovengrond leemarm en zwak lemig fijn zand. Het westelijke gedeelte wordt gekenmerkt door kalkloze poldervaaggronden met in de bovengrond zware klei en moerig materiaal beginnend dieper dan 80 cm en doorgaand tot dieper dan 120 cm. 
 +
 +Deze binnendijks gelegen gronden lozen hun overtollige water middels gemalen op de rivier de Maas. Het gebied ten westen van Engelen watert af op de Hedikhuizensche Maas, waar het gemaal Groenendaal het overtollige water in de Maas pompt.
 +
 +De waterstand in deze polder varieert momenteel van 2,12 meter +NAP in de zomer, tot 1,48 meter +NAP in de winter. Het gemiddelde peil in Engelermeer Noord heeft een waterstand van 1,60 m +NAP. 
 +Het Engelermeer Noord staat in verbinding via een slootje met het Engelermeer Zuid. De waterpeilen in beide plassen zijn derhalve bij benadering gelijk. In het oude Engelermeer wordt het water vanuit De Dieze ingelaten. Het streefpeil voor deze plas is 2,12m +NAP. Ten zuiden van het Engelermeer ligt de Vlijmende endenkooi. Het waterpeil van de eendenkooi wordt d.m.v een klein pompgemaaltje op een peil gehouden van 2,12 m+NAP.
 +De waterstand in de polder genaamd de Bellaard heeft ten oosten van de waterloop genaamd de luishoekse wetering een zomerpeil van 1,52 meter +NAP en een winterpeil van 1,37 m +NAP.
 +Ten westen van de Luishoekse wetering heeft de polder een zomerpeil van 1,10 m +NAP en een winterpeil van 0,81 m +NAP. 
 +De waterstand in de rivier de Dieze bedraagt gemiddeld 2,20 meter +NAP, maat kan bij extreme regenval en dooi oplopen tot 5,30 m +NAP.
 +De waterstand in de rivier de Maas bedraagt gemiddeld 0,50 m +NAP, met een maximale waterstand van 6,00 m +NAP.
 +De natuurlijke verhanglijn van het grondwater is richting de Maas. Een omkering in de richting van het Engelermeer is bij een hoge maasstand reëel.
 +Ten behoeve van het plan Haverleij zijn de volgende rapporten met betrekking tot hydrologie en warmtehuishouding opgesteld.
 +
 +a. Waterhuishoudings- en rioleringsplan, rapport Grontmij 12 oktober 1998.
 +b. Egohydrologisch onderzoek plangebeid Haverleij, rapport grontmij 14 oktober 1998.
 +c. Structuurplan waterhuishouding, Rapport Grontmij, oktober 1997.
 +d. Milieuaspecten Haverleij, rapport Grontmij oktober 1997.
 +
 +De laagst bekende grondwaterstand in de periode 1973-1977 was hier 1,33 m. + NAP.
 +De hoogst bekende waterstand in deze periode was 2,32 meter +NAP.
 +Door de provincie zijn er ten aanzien van het ontgronden beperkingen opgesteld met betrekking tot de periode dat er gezogen mag worden. De grondwaterstand rond om het Engelermeer wordt heden nog om de 14 dagen gemonitoort.
 +
 +De polder wordt gevoed door een inlaatgemaal welke is gelegen langs de Dieze.
 +
 +Dit poldergebied is door de eeuwen heen in gebruik geweest als weide – en akkergronden.
 +De kern van dit polderlandschap wordt gekenmerkt door de oude plas Het Meer een de Vlijmense eendenkooi.
 +
 +Het nieuwe Engelermeer betreft een zandwinplas die deels een recreatieve functie heeft. Het meer is feitelijk hydrologisch geïsoleerd, er wordt geen water ingelaten. Het peil is afhankelijk van de hydrologische omstandigheden en wordt gereguleerd door middel van een stuw aan de westzijde van het meer. Het zomerpeil – en winterstreefpeil zijn vastgesteld op 1,60meter +NAP respectievelijk 1,48 m+NAP.  Deze plas werd vanaf 1952 uitgebreid ten behoeve van zandwinning.
 + Ten gevolge van deze zandwinning werden veel oude wielen ten gevolge van illegale dempingen door derde werden veel oude waterkolen volgestort met afval en puin. Tevens werd ten gevolge van de laatste ruilverkavelingen de restanten van oude zomerdijken (o.A. De Zeedijk) geslecht.)Er zijn nog steeds geruchten dat ten plaatse van Het Meer op een kleine verhoging een kasteel gestaan heeft. (Kasteel Bloemendaal). Oude luchtfoto suggereren dit ook. Er is geen onderzoek verricht om de plaats van dit kasteel aan te tonen. 
 +
 +Ten westen van het Engelenmeer bevindt zich nog een restant van een 16e eeuwse zomerdijk. Heden genaamd Hoenderland. (fietspad). Aan de noordelijke van deze dijk lag een waterkolk genaamd Dronkmanswiel. Deze wiel werd tot circa 1960 gebruikt als huisvuilstortplaats van de voormalige gemeente Engelen.
 +
 +De maaiveldhoogte in de buurt varieert van 2,10 m+ NAP tot 3,50 m+NAP.
 +De dikte van de deklaag varieert van 0,50 m tot 3,00 m. De deklaag bestaat uit matig fijn zand tot matig grof zand, zavel en klei.In de ondergrond bevinden zich slecht doorlatende lagen met daartussen grofzandige stoorlagen. Er treed hier ten gevolge van deze lagen in de zomermaanden een verdroging van de landbouwgronden op. In de zomer vallen de sloten vaak droog.
 +Bij een hoge maasstand treedt er via bovengenoemde stoorlagen een sterke tijdelijke kwel op.Ten noorden van het oude Engelermeer is in het plan Haverleij een verlaagd rietland geprojecteerd. 
 +
 +De buurt valt gedeeltelijk in het plangebied Haverleij. In 1999 werd hier gestart met het bouwrijp maken van deel gebieden.
 +
 +Het toekomstige rietland zal worden ontgraven tot NAP. De waterpartijen in de noordelijk van deze buurt geplande golfbaan worden tot – 0,50m –NAP ontgraven.
 +
 +Tussen het Engelermeer Noord, het oude Engelermeer en het rietland wordt in de toekomst een dijk aangebracht met een hoogte van 2,40 m+ NAP. Het rietland wordt ingericht als hydrologisch geïsoleerd natuurgebeid met een niet beheerst waterpeil.
 +In het plangebied Haverleij worden bebouwde gebieden, een golfbaan en groene gebieden aangelegd. In de golfbanen zijn twee waterpartijen gepland met een beheerst waterpeil van 2,10 m+ NAP. Deze waterpartijen worden op de bodem aangevuld met overtollige klei en leem uit het plangebied.
 +
 +Ten behoeve van het grondverzet binnen het plan werd er voor de gemeente in 1999 door Grontmij een bodemkwaliteitskaart opgesteld. Rapport 7 juli 1999.
 +
 +Het toekomstige peil van het Engelermeer wordt 1,60 meter +NAP.
 +
 +Juist ten noorden van het oude Engelermeer werd vanaf 1975 op een perceel grenzend aan de plas illegaal grond, puin slib, en bouw en sloop afval gestort. Vanaf 1996 werd hier tevens grond afkomstig vanuit het plangebied gestort. Het betrof circa 15,000 m3 grond/puin.
 +Dit illegale gronddepot werd door de gemeente in het jaar 2001 afgevoerd en opgeheven.
 +Op een perceel gelegen op de hoek Langekamp hoek De Steembeemden, (zogenaamd Paardenbak werd door de gemeente in het verleden een grondssanering uitgevoerd.
 +
 +Ten westen van dit depot werd in 1973 een zand- en gronddepot aangelegd. Dit depot, waarop heden een bos groeit, is nog gedeeltelijk aanwezig. Op dit depot werd ook clandestien puin en grond gestort. 
 +
 +De boerderijen in de buurt zijn niet aangesloten op een rioolstelsel. Door de buurt loopt de rioolpersleiding van Heusden-Vlijmen, welke aangesloten is op de rioolzuivering Treurenburg.
 + 
 +Ter plaatse van het zuidelijk deel van de buurt bij het geplande helofytenfilter en rietland werd in 200 en 2002 een opgraving uitgevoerd. 
 +
 +Hier werd op een grote dekzandrug een rijke vindplaats uit het laat neolicicum en vroege bronstijd aangetroffen. De gemeente is voornemens om deze vindplaats als gemeentelijk archeologisch monument aan te merken.
 +In het Noordelijk gedeelte van het plangebied Haverleij werd in 2000 en 2001 op een uitloper van een dekzandrug een laat Neolithisch en vroege Bronstijd nederzettingen opgegraven.
 +
 +Tijdens de ontgronding van het zogenaamd Blauwmeer en het Engelermeer werden door de archeologische werkgroep Cro magnon uit Empel diverse IJzertijd nederzettingen waargenomen. Op het opgespoten zanddepot van de ontgronding werden tevens door deze werkgroep vondsten uit het Neolithicum en uit het oud Paleolithicum geborgen. Opvallend was tevens de vondsten de grote hoeveelheid wolharige neushoorn botten uit het Pleistoceen.
 +
 +
 +
 +
  

Donate Powered by PHP Valid HTML5 Valid CSS Driven by DokuWiki